Compulsar octo dictionarios de interlingua

Piet Cleij, le IED, etc. Modo de empleo. Creative Commons License Menu de inter­lingua.
Alsi majusculas Solo entratas Parolas integre 2k5
Sin exemplos Alsi linea previe / proxime Liga­mine para­metri­sate
ia‑en (IED) en‑ia (G&B) en‑ia (S&G) Cela indication del dictionario
ia‑nl nl‑ia fr‑ia de‑ia es‑ia eo‑en
Postfiltro (exclude ):

[ia-nl] :abandonar, ~ un idea (idea) : een denkbeeld laten varen, zich losmaken van een denkbeeld
[ia-nl] :abatter, ~ un cavallo vulnerate : een gewond paard afmaken
[ia-nl] :abbreviar /v/ : verkorten, afkorten, inkorten, bekorten, korter maken, samenvatten, uittrekken
[ia-nl] :ablandar /v/ : verzachten, zacht maken, week maken
[ia-nl] :abonar(II) /v/ : verbeteren, beter maken
[ia-nl] :abusar, ~ del amicitate : misbruik maken van de vriendschap
[ia-nl] :accender /v/ : aansteken (vuur, licht), aanmaken (vuur)
[ia-nl] :accendimento /sub/ : het aansteken (vuur), het aanmaken (vuur), ontsteking
[ia-nl] :accurtar /v/ : verkorten, inkorten, afkorten, korter maken
[ia-nl] :acerbar /v/ : verzuren, zuur maken, verbitteren, bitter maken
[ia-nl] :acidificante /adj/ : zuurmakend
[ia-nl] :acidulante /adj/ : een beetje zuur makend
[ia-nl] :acidulation /sub/ : het lichtelijk zuur maken, aanzuring
[ia-nl] :actualisar, ~ un manual scholar : een schoolboek up to date maken
[ia-nl] :affirmar /v/ : stevig maken, stevigheid geven aan, verstevigen
[ia-nl] :affrontar, ~ un cosa con grande serietate : ernst met iets maken
[ia-nl] :aggrandir /v/ : groter maken, vergroten, uitbreiden, doen (aan)groeien, verruimen
[ia-nl] :aggrandir, ~ un apertura : een opening groter maken
[ia-nl] :alleviar /v/ : verlichten, lichter maken, verzachten (pijn, etc.)
[ia-nl] :amarisar /v/ : bitter maken
[ia-nl] :ameliorar /v/ : beter maken, beter worden, verbeteren
[ia-nl] :ampliar /v/ : vergroten, groter maken, verruimen, uitbreiden, versterken
[ia-nl] :animadverter /v/ : aanmerkingen maken op, afkeuren, kritiseren
[ia-nl] :ankylosar /v/ : de gewrichten verstijven/stijf maken
[ia-nl] :annullar /v/ : annuleren, vernietigen, te niet doen, afzeggen, ongedaan maken, intrekken, ongeldig verklaren
[ia-nl] :annunciar /v/ : aankondigen, doen weten, mededelen, bekend maken
[ia-nl] :apostilla, poner ~s : kanttekeningen maken
[ia-nl] :apostillar /v/ : apostilleren, kanttekeningen maken
[ia-nl] :apprestar, ~ se pro le viage : aanstalten maken voor de reis
[ia-nl] :appropriabile /adj/ : dat geschikt is te maken
[ia-nl] :apte, facer un cosa ~ pro : iets bruikbaar maken voor
[ia-nl] :aqua, facer ~ : water maken, lekken
[ia-nl] :aqua, facer ~ : water maken, lekken
[ia-nl] :artificialisar /v/ : artificiëel maken, gekunsteld/onnatuurlijk maken
[ia-nl] :assurdar, producer un strepito (strepito)/fracasso/ruito assurdante : een oorverdovend lawaai maken
[ia-nl] :attemperar /v/ : geschikt maken, schikken, voegen
[ia-nl] :attentori /adj/ : inbreuk makend, schendend, die/dat aantast
[ia-nl] :augmentar /v/ : groter maken/worden, vermeerderen, toenemen, toenemen, verhogen, doen stijgen
[ia-nl] :balanciar, ~ un budget : een begroting sluitend maken
[ia-nl] :basificar /v/ : CHIMIA in een base omzetten, basisch maken
[ia-nl] :beatificante /adj/ : zaligmakend
[ia-nl] :beatificante, unicamente ~ : alleenzaligmakend
[ia-nl] :beneficio, realisar/obtener ~s : winsten maken/behalen
[ia-nl] :blanchimento /sub/ : het witten, het wit maken
[ia-nl] :bottilia, nos va finir/terminar le ~ : we zullen de fles maar leegmaken
[ia-nl] :breve, esser ~ e curte : het kort maken
[ia-nl] :budget, equilibrar un ~ : een begroting sluitend maken
[ia-nl] :capite (capite), facer tornar le ~ a un persona : iemand duizelig maken
[ia-nl] :carcerari /adj/ : met de gevangenis te maken hebbend, van de gevangenis
[ia-nl] :cartelisar /v/ : tot een kartel maken
[ia-nl] :caso, facer multe ~ de : veel ophef/drukte maken van
[ia-nl] :cena, preparar/apprestar/facer le ~ : het avondeten klaarmaken
[ia-nl] :centuplar /v/ : verhonderdvoudigen, honderd maal groter maken, met honderd vermenigvuldigen
[ia-nl] :centuplicar /v/ : verhonderdvoudigen, honderd maal groter maken, met honderd vermenigvuldigen
[ia-nl] :cholera (cholera), mitter in ~ : kwaad maken
[ia-nl] :clauder /v/ : dichtstoppen, sluiten, dichtmaken, verstoppen
[ia-nl] :cognoscer, facer ~ su intentiones : zijn bedoelingen kenbaar maken
[ia-nl] :combinar, iste sapores combina ben : deze smaken zijn goed te combineren/gaan goed samen
[ia-nl] :commission, facer parte de un ~ : deel uitmaken van een commissie
[ia-nl] :committer, ~ un error : een fout maken, zich vergissen
[ia-nl] :compactar /v/ : samenbinden, samenpakken, samenpersen, verdichten, compact maken, condenseren
[ia-nl] :compatibilisar, ~ systemas : systemen compatibel maken
[ia-nl] :compensar /v/ : vergoeden, schadeloos stellen, goed maken, vereffenen, compenseren
[ia-nl] :completar, adjunger un detalio pro ~ le insimul (insimul) : een detail toevoegen om het geheel volledig te maken
[ia-nl] :complicar /v/ : ingewikkeld(er) maken, moeilijk(er) maken, compliceren, verwarren, duister maken
[ia-nl] :componer /v/ : samenstellen, vervaardigen, maken, vormen
[ia-nl] :concluder /v/ : afsluiten, beëindigen, een eind maken aan, besluiten
[ia-nl] :confection /sub/ : het vervaardigen, het samenstellen, het bereiden (van gerechten), het maken, vervaardiging, bereiding
[ia-nl] :confectionar /v/ : vervaardigen, samenstellen, maken, bereiden (van gerechten)
[ia-nl] :confectionar, facer ~ un vestimento : een kledingstuk laten maken
[ia-nl] :conservar, ~ fructos : vruchten houdbaar maken
[ia-nl] :consolidar /v/ : versterken, steviger maken, stutten, duurzaam maken, blijvend doen worden, consolideren MILITAR
[ia-nl] :consolidation /sub/ : het versterken, het steviger maken, het stutten, versterking, consolidatie, consolidering
[ia-nl] :constituer, ~ le essentia de : het belangrijkste deel uitmaken van
[ia-nl] :constituer, ~ le essential : het belangrijkste deel uitmaken
[ia-nl] :constitutionalisar /v/ : constitutionaliseren, constitutioneel/grondwettig/grondwettelijk maken
[ia-nl] :contexto, traher le signification del ~ : uit de samenhang van de zin de betekenis opmaken
[ia-nl] :coperte, alluder ~mente a un cosa : in bedekte/verhulde termen toespelingen maken op iets
[ia-nl] :copiar, ~ un obra de arte : een kunstwerk namaken
[ia-nl] :corte, facer le ~ a un prince : zijn opwachting maken bij een vorst
[ia-nl] :corte, facer le ~ a : het hof maken
[ia-nl] :cortesar /v/ : het hof maken
[ia-nl] :costume, facer de un cosa un ~ : van iets een gewoonte maken
[ia-nl] :cruce, facer le signo del ~ : het kruisteken maken
[ia-nl] :curar, ~ un persona : iemand beter maken
[ia-nl] :curtar /v/ : korten, kort(er) maken
[ia-nl] :curte, esser breve e ~ : het kort maken
[ia-nl] :deducer, ~ le senso de un parola per le contexto : de betekenis van een woord uit de kontekst opmaken
[ia-nl] :demolir /v/ : afbreken, slopen, slechten, verwoesten, kapot maken
[ia-nl] :demolition /sub/ : het afbreken, het slopen, het slechten, het verwoesten, het kapot maken, afbraak, sloop, slechting, verwoesting
[ia-nl] :densificar /v/ : verdichten, dichter maken
[ia-nl] :derider /v/ : bespotten, bespottelijk maken, honen
[ia-nl] :detergente /adj/ : schoonmakend, reinigend, zuiverend
[ia-nl] :detergentia /sub/ : het schoonmaken, het reinigen
[ia-nl] :deterger /v/ : schoonmaken, reinigen, zuiveren
[ia-nl] :deteriorar /v/ : beschadigen, bederven, vernielen, defect maken, schaden, verslechteren, slecht(er) maken
[ia-nl] :deteriorar, ~ un apparato : een apparaat stukmaken
[ia-nl] :detersion /sub/ : reiniging, zuivering, het schoonmaken
[ia-nl] :devastar /v/ : verwoesten, vernielen, vernietigen, slechten, te gronde richten, met de grond gelijk maken
[ia-nl] :devocalisar /v/ : PHONETICA stemloos maken
[ia-nl] :devocalisation /sub/ : PHONETICA het stemloos maken
[ia-nl] :diagnosticar /v/ : de diagnose stellen van, de diagnose opmaken van, diagnosticeren
[ia-nl] :diffamar /v/ : (be)lasteren, zwartmaken, beledigen, smaden, in opspraak brengen, honen
[ia-nl] :differentiar, ~ iste duo nuances (F) es difficile : het is moeilijk onderscheid te maken tussen die twee nuances
[ia-nl] :dirimente /adj/ : JURIDIC ongeldig makend, teniet doend, vernietigend, annulerend
[ia-nl] :dirimente, impedimento ~ : verhinderend/ongeldig makend beletsel
[ia-nl] :disaerar /v/ : TECHNICA ontluchten, luchtvrij maken (beton)
[ia-nl] :disaeration /sub/ : TECHNICA het ontluchten, het luchtvrij maken (beton)
[ia-nl] :disassemblage /sub/ : het uiteennemen, het uiteenhalen, het losmaken, het demonteren, demontage
[ia-nl] :disassemblar /v/ : uiteennemen, uiteenhalen, losmaken, demonteren
[ia-nl] :disblocar /v/ : losmaken, loszetten, losdraaien, vrijmaken, vrijgeven, deblokkeren
[ia-nl] :discampamento /sub/ : het uit de voeten maken, het snel vertrekken
[ia-nl] :discatenar /v/ : (anque FIGURATE) de kettingen/ketens losmaken, ontketenen
[ia-nl] :discompletar, le perdita (perdita) de iste pecia ha discompletate su collection : incompleet maken
[ia-nl] :disconnecter /v/ : losmaken, loskoppelen, verbreken (van verbinding), uitschakelen, uitdraaien, uitdoen
[ia-nl] :discontentar /v/ : ontstemmen, ontevreden maken
[ia-nl] :discrete, facer un uso ~ de : een gepast gebruik maken van
[ia-nl] :disinebriar /v/ : ontnuchteren, nuchter maken
[ia-nl] :disinteressar /v/ : de belangstelling doen verliezen, onverschillig maken
[ia-nl] :disobstruer /v/ : (een buis) ontstoppen, doorsteken, vrijmaken
[ia-nl] :disodorante /adj/ : reukloos makend, reuk verdrijvend
[ia-nl] :disoxydar, ~ un catena : een ketting roestvrij maken
[ia-nl] :disoxydation, le ~ de un catena : het roestvrij maken van een ketting
[ia-nl] :distender /v/ : losser maken, ontspannen
[ia-nl] :distinguer, ~ inter (inter) le possibile e le probabile : onderscheid maken tussen het mogelijke en het waarschijnlijke
[ia-nl] :diverter /adj/ : afleiding/ontspanning bezorgen, vermaken, opvrolijken
[ia-nl] :diverter, ~ se agradabilemente : zich aangenaam vermaken/ontspannen/amuseren
[ia-nl] :domar /v/ : temmen, tam maken
[ia-nl] :domesticabile /adj/ : tot huisdier te maken
[ia-nl] :domesticar /v/ : temmen, tam/mak maken, tot huisdier maken
[ia-nl] :domestication /sub/ : het temmen, het tam/mak maken, het tot huisdier maken, domesticatie
[ia-nl] :dulcificar /v/ : zoeten, verzoeten, zoet maken
[ia-nl] :dulcificar, ~ aqua : water zacht maken, water ontharden
[ia-nl] :eclipsar /v/ : FIGURATE eclipseren, verduisteren, onzichtbaar maken
[ia-nl] :emendar /v/ : verbeteren, beter maken, corrigeren, emenderen
[ia-nl] :emolliente /adj/ : verzachtend, weekmakend, verwekend
[ia-nl] :emollir /v/ : verzachten, week maken
[ia-nl] :emover, sin ~ se : zonder zich druk te maken, kalm, gelaten, onbewogen
[ia-nl] :emulsionabile /adj/ : geschikt om er een emulsie van te maken
[ia-nl] :emulsor /sub/ : toestel om emulsies te maken, emulgeertrommel, emulgator
[ia-nl] :enervante /adj/ : verzwakkend, krachteloos makend, afmattend
[ia-nl] :epigrammatisar /v/ : puntdichten/epigrammen maken
[ia-nl] :epitomar /v/ : resumeren, samenvatten, een uittreksel/overzicht/résumé maken van
[ia-nl] :equilibrar, ~ un budget : een begroting sluitend maken
[ia-nl] :error, committer un ~ : een vergissing maken, een fout begaan
[ia-nl] :error, corriger/rectificar un ~ : een vergissing herstellen, een fout goed maken
[ia-nl] :establimento /sub/ : het opstellen, het vaststellen, het opmaken, het vastleggen
[ia-nl] :establir /v/ : opstellen, vaststellen, opmaken, vastleggen
[ia-nl] :eternisar /v/ : vereeuwigen, onsterfelijk maken
[ia-nl] :eternisar, iste discoperta eternisara (eternisara) le memoria de iste grande scientista : vereeuwigen, onsterfelijk maken
[ia-nl] :eternisar, ~ le nomine de un poeta : de naam van een dichter onsterfelijk maken
[ia-nl] :evalutar, ~ le costos : een schatting van de kosten maken, de kosten ramen
[ia-nl] :exaggerar /v/ : overdrijven, te ver gaan, opblazen, groter maken
[ia-nl] :exasperar /v/ : zeer ergeren, woedend maken, buiten zichzelf brengen, tot wanhoop brengen, radeloos maken
[ia-nl] :executar, ~ un rotation/un giration : een omwenteling maken
[ia-nl] :expiar /v/ : boeten voor, boete doen voor, weer goedmaken, RELIGION verzoenen
[ia-nl] :exploitar /{plwa}/ : ontginnen, exploiteren, winstgevend maken, rentegevend maken, rendabel maken
[ia-nl] :exploitar /{plwa}/ : uitbuiten, misbruiken, misbruik maken van, exploiteren
[ia-nl] :exponer, ~ su intentiones : zijn bedoelingen kenbaar maken
[ia-nl] :extincte, facer un impression ~ : een uitgebluste indruk maken
[ia-nl] :extranee, esser ~ a un cosa : niets te maken hebben met iets
[ia-nl] :extricabile /adj/ : ontwarbaar, los te maken
[ia-nl] :fardar, ~ se discretemente : zich bescheiden opmaken
[ia-nl] :fatigante /adj/ : (moe makend) vermoeiend
[ia-nl] :fecundar /v/ : bevruchten, vruchtbaar maken
[ia-nl] :felicitar /v/ : gelukwensen, feliciteren, complimenten, een compliment maken
[ia-nl] :felonia (felonia) /v/ : vervilten, tot vilt maken/worden
[ia-nl] :fenestrar /v/ : vensters aanbrengen, vensters/openingen maken in
[ia-nl] :fertilisante /adj/ : vruchtbaar makend, bemestend, groeizaam
[ia-nl] :firmar /v/ : vast maken, stevig maken, stabiel maken
[ia-nl] :fluidificabile /adj/ : vloeibaar te maken
[ia-nl] :forar /v/ : een gat/gaten maken in, boren, aanboren, uitboren, doorboren
[ia-nl] :formar, ~ parte de : deel uitmaken van
[ia-nl] :fortificar /v/ : sterk(er) maken, versterken
[ia-nl] :fugir, ~ a tote velocitate : zich snel uit de voeten maken
[ia-nl] :fundamental /adj/ : fundamenteel, de grondslag uitmakend, essentieel, grond...
[ia-nl] :fundamental, sono ~ : fundamenteel, de grondslag uitmakend, essentieel, grond...
[ia-nl] :galantear /v/ : het hof maken
[ia-nl] :gasification /sub/ : het omzetten in gas, vergassing, het gasvormig maken
[ia-nl] :genuflecter /v/ : knielen, een knieval maken
[ia-nl] :giration, executar un ~ : een omwenteling maken
[ia-nl] :glossar /v/ : glosseren, aantekeningen maken bij, van opmerkingen voorzien
[ia-nl] :gratia, ~ justificante : rechtvaardigmakende genade
[ia-nl] :gratia, ~ sanctificante : heiligmakende genade
[ia-nl] :hastar, ille se hasta de terminar le travalio : hij haast zich het werk af te maken
[ia-nl] :hebetar /v/ : doen afstompen (van geest/intelligentie), dom maken
[ia-nl] :homage, presentar su ~s a un persona : iemand eerbiedig begroeten, bij iemand zijn opwachting maken
[ia-nl] :homogeneisar, ~ componentes de diverse natura : componenten van diverse aard homogeen maken
[ia-nl] :hydrofugar /v/ : waterafstotend/waterdicht maken
[ia-nl] :idolatrar, multe populos antique idolatrava le fortias del natura : verafgoden, een afgod maken van
[ia-nl] :imitabile, su signatura es facilemente ~ : zijn handtekening is gemakkelijk na te maken
[ia-nl] :imitation /sub/ : het imiteren, imitatie, het namaken, namaak, namaking, het navolgen, navolging, het nabootsen, nabootsing
[ia-nl] :immaterialisar /v/ : immaterieel maken, vergeestelijken
[ia-nl] :immortalisar /v/ : onsterfelijk maken, vereeuwigen
[ia-nl] :immunisar /v/ : MEDICINA onvatbaar maken (voor infectieziekten), immuun maken, immuniseren
[ia-nl] :impejorar /v/ : slechter maken/worden, verslechteren
[ia-nl] :imperfectibile /adj/ : niet te volmaken, niet voor verbetering vatbaar
[ia-nl] :impermeabilisar /v/ : waterafstotend/waterdicht maken
[ia-nl] :impermeabilisar, ~ un texito : een weefsel water-dicht maken
[ia-nl] :impermeabilisation /sub/ : het waterafstotend/waterdicht maken
[ia-nl] :impermeabilisation, le ~ de un texito : het water-dicht maken van een weefsel
[ia-nl] :impotentia, reducer al ~ : machteloos maken
[ia-nl] :impovrir, le crise/crisis (crisis) agricole/agricultural ha impovrite le campania : arm maken, verarmen
[ia-nl] :impregnar /v/ : bevruchten, zwanger maken
[ia-nl] :impregnation /sub/ : het bevruchten, bevruchting, het zwanger maken
[ia-nl] :inadvertentia, facer un error per ~ : door onachtzaamheid een fout maken
[ia-nl] :incurrer, ~ expensas : kosten maken
[ia-nl] :indiscrete, disvelar indiscretemente un secreto : op indiscrete wijzen een geheim openbaar maken
[ia-nl] :inebriante /adj/ : dronken makend, bedwelmend, benevelend, koppig
[ia-nl] :inexpiabile /adj/ : onvergeeflijk, niet goed te maken, niet te verzoenen, onverzoenlijk
[ia-nl] :inferer /v/ : infereren, afleiden, besluiten, opmaken
[ia-nl] :inferibile /adj/ : afleidbaar, op te maken
[ia-nl] :inferno, converter le vita de un persona in un ~ : het leven van iemand tot een hel maken
[ia-nl] :infestar /v/ : (mbt ongedierte/plunderaars) teisteren, onveilig maken
[ia-nl] :infirmar /v/ : ontkrachten, verzwakken, krachteloos maken, ontzenuwen (argumenten)
[ia-nl] :infirmar /v/ : JURIDIC vernietigen, nietig verklaren, te niet doen, ongeldig verklaren, ongedaan maken
[ia-nl] :ingrassiar /v/ : vet(ter) maken/worden, dikker worden, vetmesten
[ia-nl] :ingrossar /sub/ : dik(ker)/groter maken/worden
[ia-nl] :inquietar /v/ : verontrusten, ongerust maken, bezorgd maken
[ia-nl] :insinuar /v/ : insinueren, bedekte toespelingen maken, bedekt te kennen geven, bedekt te verstaan geven
[ia-nl] :inspissar /v/ : dikker maken, indikken, dichter maken
[ia-nl] :inspissation /sub/ : het dikker maken, het indikken, het dichter maken, verdikking, indikking, verdichting
[ia-nl] :institutionalisar /v/ : institutionaliseren, tot een officiële instelling maken
[ia-nl] :institutionalisation /sub/ : institutionalisering, het tot instelling worden/maken
[ia-nl] :instrumentar /v/ : JURIDIC instrumenteren, akten opmaken
[ia-nl] :integrante, facer/formar parte ~ de : een integrerend deel uitmaken van
[ia-nl] :integrar /v/ : integreren, (als bestanddeel) invoegen, (in 't geheel) opnemen, tot één geheel maken
[ia-nl] :intelligibile, render un cosa ~ a un persona : iets duidelijk voor iemand maken
[ia-nl] :intensive, utilisar intensivemente un cosa : druk gebruik maken van iets
[ia-nl] :intentar /v/ : JURIDIC (een proces) aanspannen, aanhangig maken, aandoen, aanleggen, instellen
[ia-nl] :intentar, ~ un processo : een proces aanhangig maken
[ia-nl] :intentar, ~ un causa contra un persona : een rechtszaak tegen iemand aanhangig maken
[ia-nl] :intention, ~es : zijn bedoelingen kenbaar maken
[ia-nl] :intertener /v/ : onderhouden, vermaken, amuseren
[ia-nl] :intimar /v/ : (van hogerhand) gelasten/bekend maken
[ia-nl] :invalidabilitate /sub/ : mogelijkheid tot ongeldig maken/verklaren
[ia-nl] :invalidar /v/ : krachteloos maken, ontzenuwen
[ia-nl] :invalidation /sub/ : het krachteloos maken, het ontzenuwen, ontzenuwing
[ia-nl] :ironisar /v/ : ironiseren, spottende opmerkingen maken
[ia-nl] :irremediabile /adj/ : onherstelbaar, ongeneeslijk, zonder uitweg, hopeloos, niet meer ongedaan te maken
[ia-nl] :irreparabile, pronunciar parolas ~ : dingen zeggen die niet ongedaan zijn te maken
[ia-nl] :irrider /v/ : bespotten, belachelijk maken
[ia-nl] :irritar /v/ : irriteren, prikkelen, boos maken, ergeren
[ia-nl] :japonisation /sub/ : het geven van een Japans karakter aan, het Japans maken
[ia-nl] :justificante /adj/ : rechtvaardigmakend
[ia-nl] :justificante, gratia ~ : rechtvaardigmakende genade
[ia-nl] :laciar /v/ : dichtrijgen (met veter), vastmaken
[ia-nl] :legar /v/ : legateren, vermaken, nalaten
[ia-nl] :legiferar /v/ : wetten maken
[ia-nl] :legifere /adj/ : wetten makend
[ia-nl] :ludificar /v/ : belachelijk/bespottelijk maken
[ia-nl] :marginar /v/ : kanttekeningen maken bij
[ia-nl] :massacrar /v/ : afslachten, afmaken, vermoorden
[ia-nl] :matar /v/ : mat maken, matteren, dof maken
[ia-nl] :materialisar /v/ : stoffelijk maken of voorstellen, materialiseren, verwerkelijken, verwezenlijken
[ia-nl] :materialisation /sub/ : het stoffelijk maken of voorstellen, het materialiseren, materialisering, verwezenlijking, verwerkelijking
[ia-nl] :meliorar /v/ : beter maken, verbeteren
[ia-nl] :melioration /sub/ : het beter maken, het verbeteren, verbetering
[ia-nl] :minuta, facer le ~ de : minuteren, de minuut maken van
[ia-nl] :mitrar /v/ : de mijter opzetten, tot bisschop maken
[ia-nl] :mixtura, ~ refrigerante/frigorific/cryogene : koudmakend mengsel
[ia-nl] :mollificar /v/ : zacht maken, verzachten, week maken, weken
[ia-nl] :musca, facer de un ~ un elephante : van een mug een olifant maken
[ia-nl] :mutual, facer se reproches {sj}  ~ : elkaar over en weer verwijten maken
[ia-nl] :nanificar /v/ : (m.b.t. planten) de groei verhinderen, de groei onmogelijk maken
[ia-nl] :necessitar, iste operation necessita un grande maestria del technica : noodzakelijk maken, nodig maken, vereisen
[ia-nl] :necessitate, facer de ~ virtute : van de nood een deugd maken
[ia-nl] :neutralisar /v/ : neutraliseren, krachteloos maken, onschadelijk maken, onzijdig maken
[ia-nl] :nomenclar /v/ : de naamlijst opstellen van, de nomenclatuur maken van
[ia-nl] :nota, prender ~s : aantekeningen maken
[ia-nl] :notar /v/ : opschrijven, optekenen, noteren, aantekeningen maken
[ia-nl] :obscurar /v/ : verduisteren (anque FIGURATE), donker/duister maken
[ia-nl] :obscuration /sub/ : (anque FIGURATE) het verduisteren, het duister maken, verduistering
[ia-nl] :obviar, ~ le necessitate de un cosa : iets overbodig maken
[ia-nl] :occidentalisar /v/ : westers maken, verwestersen
[ia-nl] :organisar, ~ le empleo (empleo) del tempore : een werkschema maken
[ia-nl] :original /adj/ : origineel, oorspronkelijk, de oorsprong of de oudste vorm uitmakend
[ia-nl] :parte, facer/formar ~ de : deel uitmaken van, (be)horen bij
[ia-nl] :permitter /v/ : mogelijk maken, in staat stellen
[ia-nl] :permitter, le epicyclo ha permittite al grecos de explicar le movimento del planetas : mogelijk maken, in staat stellen
[ia-nl] :petra, non lassar ~ super (super) ~ : geen steen op de andere laten, met de aardbodem gelijkmaken
[ia-nl] :pirouettar /{oe}/ : een pirouette/pirouettes maken, pirouetteren
[ia-nl] :placer /v/ : behagen, tevreden stellen, naar de zin maken
[ia-nl] :placia, aperir ~ : ruimte maken
[ia-nl] :poema, facer/scriber ~s : gedichten maken
[ia-nl] :prender, ~ notas : aantekeningen maken
[ia-nl] :prescholar, activitates ~ : bezigheden die jonge kinderen schoolrijp moeten maken
[ia-nl] :pretender, 3 ~ a : aanspraak maken op, opeisen
[ia-nl] :proficiente /adj/ : vorderingen makend
[ia-nl] :profitar, ~ del occasion/opportunitate : van de gelegenheid gebruik maken
[ia-nl] :profito, realisar ~s : winsten maken
[ia-nl] :prolongar /v/ : langer laten duren, verlengen, langer maken
[ia-nl] :prolongar /v/ : de lengte vergroten, verlengen, langer maken
[ia-nl] :prosternar,prosterner /v/ : machteloos maken
[ia-nl] :prosternar,prosterner, ~ se : neerknielen, een voetval maken, zich ter aarde werpen, in het stof knielen
[ia-nl] :prostituer /v/ : FIGURATE vergooien, te grabbel gooien, te schande maken, verlagen
[ia-nl] :prostrar /v/ : machteloos maken
[ia-nl] :public, vergoniar publicamente un persona : iemand publiekelijk te schande maken
[ia-nl] :pyrotechnica /sub/ : pyrotechniek, kunst om vuurwerk te maken
[ia-nl] :querelar /v/ : twisten, ruzie maken
[ia-nl] :rasar /v/ : slechten, met de grond gelijk maken
[ia-nl] :reactualisar /adj/ : weer actueel/up-to-date maken
[ia-nl] :reactualisar, ~ un dictionario : een woordenboek weer up-to-date maken
[ia-nl] :reactualisation /sub/ : het weer actueel/up-to-date maken
[ia-nl] :reactualisation, ~ de un dictionario : het weer up-to-date maken van een woordenboek
[ia-nl] :realisar /v/ : realiseren, uitvoeren, verwezenlijken, bewerkstelligen, tot stand brengen, waar maken
[ia-nl] :realisar, ~ su promissas : zijn beloften waar maken
[ia-nl] :realisar, ~ beneficios/profitos : winsten maken
[ia-nl] :realisar /v/ : te gelde maken, verzilveren, verkopen
[ia-nl] :realisation /sub/ : realisatie, het te gelde maken, verkoop
[ia-nl] :reciproc (reciproc), facer se reproches {sj} ~ : elkaar over en weer verwijten maken
[ia-nl] :reclamar, ~ contra : protesteren tegen, reclameren tegen, bezwaar maken tegen, protest aantekenen tegen
[ia-nl] :recommitter, ~ le mesme error : weer dezelfde fout maken
[ia-nl] :rediger /v/ : redigeren, (op)stellen, schrijven, opmaken
[ia-nl] :reduplar /v/ : verdubbelen, sterker maken, versterken, vermeerderen
[ia-nl] :refecundar /v/ : opnieuw bevruchten, weer vruchtbaar maken
[ia-nl] :referer, ~ se subtilmente a un cosa : een bedekte toespeling op iets maken
[ia-nl] :refrigerante, mixtura ~ : koudmakend mengsel
[ia-nl] :reificar /v/ : PHILOSOPHIA omzetten in of beschouwen als een concreet ding, (iemand) tot een object maken
[ia-nl] :reimpermeabilisar /v/ : weer waterafstotend/waterdicht maken
[ia-nl] :reimpermeabilisation /sub/ : (het) weer waterafstotend/waterdicht maken
[ia-nl] :remitter /v/ : overhandigen, overdragen, verzenden, zenden, overmaken
[ia-nl] :remonstrar /v/ : tegenwerpingen maken, tegenwerpen, protesteren
[ia-nl] :reobscurar /v/ : weer verduisteren/donker maken
[ia-nl] :reparar /v/ : repareren, herstellen, weer in orde brengen, maken
[ia-nl] :reparar, ~ un omission : een verzuim herstellen/goedmaken
[ia-nl] :repasto, preparar/apprestar/facer le ~ : de maaltijd bereiden, het eten klaarmaken/koken
[ia-nl] :restab(i)lir, 2 ~ le sanitate de : gezond maken, genezen
[ia-nl] :restab(i)lir, ~ le sanitate de un persona : iemand beter maken/genezen
[ia-nl] :revelar, ~ su intentiones : zijn bedoelingen kenbaar maken
[ia-nl] :rimar /v/ : rijmen, dichten, verzen maken
[ia-nl] :roborar /v/ : versterken, sterk maken
[ia-nl] :rotation, executar un ~ : een omwenteling maken
[ia-nl] :rubefaciente /adj/ : MEDICINA (huid) roodmakend, een brandend gevoel veroorzaken (in de huid)
[ia-nl] :salate /adj/ : zout, gezouten, zout bevattend, naar zout smakend
[ia-nl] :salvar, ~ se : vluchten, zich uit de voeten maken, er snel van door gaan
[ia-nl] :sanar, ~ un persona : iemand beter maken
[ia-nl] :sanctificante, 1 gratia ~ : heiligmakende genade
[ia-nl] :sanguificar /v/ : in bloed omzetten, aanmaken van bloed
[ia-nl] :sasir /v/ : grijpen, vangen, zich meester maken van, aangrijpen, aanvatten, waarnemen, gebruik maken van
[ia-nl] :schizzar /{ts} v/ : schetsen, tekenen, een schets/schetsen maken van
[ia-nl] :serietate, affrontar un cosa con grande ~ : ernst met iets maken, iets ernstig aanpakken
[ia-nl] :sigillar /v/ : vastzetten, vastmaken
[ia-nl] :signalisar, ~ su intentiones : zijn bedoelingen kenbaar maken
[ia-nl] :signar, 3 ~ se : een kruisteken maken, een kruis slaan
[ia-nl] :significar /v/ : mededelen, te kennen geven, kenbaar maken, beduiden
[ia-nl] :signification /sub/ : het mededelen, het te kennen geven, het kenbaar maken, het beduiden
[ia-nl] :sonorisar /sub/ : PHONETICA (een medeklinker) stemhebbend maken
[ia-nl] :sonorisation /sub/ : PHONETICA het stemhebbend maken (van een medeklinker)
[ia-nl] :spiritualisar /v/ : vergeestelijken, geestelijk maken
[ia-nl] :spissar /v/ : dichter maken, dichter worden
[ia-nl] :stabilir /v/ : stevig/stabiel maken
[ia-nl] :sterilisar /v/ : steriliseren, onvruchtbaar maken
[ia-nl] :sterilisar /v/ : steriliseren, steriel/kiemvrij maken
[ia-nl] :sterilisation /sub/ : het steriliseren, het onvruchtbaar maken, sterilisatie, onvruchtbaarmaking
[ia-nl] :sterilisation /sub/ : het steriliseren, het kiemvrij maken, sterilisatie
[ia-nl] :strepente /adj/ : lawaai makend, rammelend
[ia-nl] :striar /v/ : strepen zetten/maken
[ia-nl] :subalternar /v/ : ondergeschikt maken
[ia-nl] :subalternation /sub/ : het ondergeschikt maken
[ia-nl] :sublevar, ~ objectiones : tegenwerpingen maken/opwerpen
[ia-nl] :submitter, ~ un cosa a un tribunal : iets bij de rechtbank aanhangig maken
[ia-nl] :subtil, referer se subtilmente a un cosa : een bedekte toespeling op iets maken
[ia-nl] :superflue, facer costos ~ : onnodige kosten maken
[ia-nl] :supputar /v/ : ramen, schatten, begroten, een schatting maken van
[ia-nl] :surprendente, facer progressos ~ : verrassend goede vorderingen maken
[ia-nl] :tappar /v/ : bedekken, (toe)stoppen, afsluiten, dichtmaken, kurken
[ia-nl] :tepidar /v/ : lauw maken, de kou afhalen van
[ia-nl] :terminar /v/ : beëindigen, een einde maken aan, besluiten, afsluiten
[ia-nl] :terrer /v/ : angst/schrik aanjagen, verschrikken, afschrikken, bang maken
[ia-nl] :terrificar /v/ : angst/schrik aanjagen, bang maken, verschrikken, afschrikken
[ia-nl] :terrose, haber un gusto ~ : gronderig smaken
[ia-nl] :testa, facer tornar le ~ a un persona : iemand duizelig maken
[ia-nl] :testamento, facer un ~ : een testament maken
[ia-nl] :testamento, legar per ~ : per testament vermaken
[ia-nl] :testar (I) /v/ : testeren, een testament maken
[ia-nl] :teutomania (teutomania) /sub/ : streven om Duitsland oppermachtig te maken
[ia-nl] :timite, facer se ~ : zich gevreesd maken
[ia-nl] :toastar /{oo}/ : roosteren, toost maken van
[ia-nl] :toilette /sub/ : toilet (handeling om zich te kappen/te kleden en op te maken)
[ia-nl] :toilette, facer su ~ : zijn toilet maken
[ia-nl] :tornar, facer ~ le testa/capite (capite) a un persona : iemand duizelig maken
[ia-nl] :totalisar /v/ : optellen, bijeentellen, samentellen, het totaal opmaken van, alles optellen
[ia-nl] :traher, ~ le signification del contexto : uit de samenhang van de zin de betekenis opmaken
[ia-nl] :transformar, ~ un castello in hotel : van een kasteel een hotel maken
[ia-nl] :transmitter /v/ : overbrengen, overdragen, overleveren, overmaken, doen toekomen, (TELEVISION, RADIO) uitzenden
[ia-nl] :ultimar /v/ : ten einde brengen, voltooien, afmaken
[ia-nl] :uso, facer un ~ discrete de : een gepast gebruik maken van
[ia-nl] :veracitate, demonstrar le ~ de un cosa : iets aannemelijk maken
[ia-nl] :versar (II), ~ le amonta juste : het juiste bedrag overmaken
[ia-nl] :vilipender /v/ : beschimpen, afgeven op, verguizen, verachtelijk handelen, door het slijk sleuren, uitmaken voor alles wat mooi en lelijk is
[ia-nl] :virtute, facer de necessitate ~ : van de nood en deugd maken
[ia-nl] :vivificante, gratia ~ : levenmakende genade
[nl-ia] :aanspraak, ten onrechte ~ maken op : arrogar se
[nl-ia] :aanstalten, ~ maken om te : preparar se a/pro
[nl-ia] :aanstalten, ~ maken voor de reis : apprestar se pro le viage
[nl-ia] :aanstalten, geen ~ maken om : non monstrar le intention de
[nl-ia] :aantekening, ~en maken : prender notas, notar
[nl-ia] :afdichten /WW/ : clauder hermeticamente, obturar, (waterdicht maken) impermeabilisar
[nl-ia] :akte, (instrumenteren) ~n opmaken : instrumentar
[nl-ia] :attent, iemand op iets ~ maken : (at)traher le attention de un persona verso/sur un cosa, facer remarcar un cosa a un persona
[nl-ia] :batterij, de ~ schietklaar maken : preparar le batteria
[nl-ia] :bedwelmend /BN/ : stupefactive, stupefaciente, hypnotic, anesthetic, narcotic, (dronken makend) inebriante
[nl-ia] :begroting, een ~ sluitend maken : equilibrar/balanciar un budget
[nl-ia] :beslechten /WW/ : (vlak maken) applanar, equalisar
[nl-ia] :bespottelijk, ~ maken : render ridiculo, ridiculisar, derider, irrider, ludificar
[nl-ia] :beter, een zieke ~ maken : sanar/curar un malado
[nl-ia] :beter, (verbeteren) ~ maken : (a)meliorar, emendar
[nl-ia] :bevestigbaar /BN/ : (vast te maken) fixabile
[nl-ia] :bevestigen /WW/ : (sterker maken) reinfortiar, confirmar, (met bewijs) corroborar
[nl-ia] :bevestiging /ZN/ : (het sterker maken) reinfortiamento, confirmation, (met bewijs) corroboration
[nl-ia] :bevruchten /WW/ : (zwanger maken) impregnar
[nl-ia] :bitter, ~ maken : amarisar
[nl-ia] :bont, het al te ~ maken : exaggerar le cosas
[nl-ia] :boogsprong, een korte ~ maken : curvettar
[nl-ia] :bouwrijp, een terrein ~ maken : render un terreno edificabile
[nl-ia] :buiteling, ~en maken : gambadar
[nl-ia] :buitensluiten /WW/ : (onmogelijk maken) excluder, precluder, render impossibile
[nl-ia] :captie, (tegenstribbelen) ~s maken : esser recalcitrante, resister
[nl-ia] :concentreren /WW/ : (sterker maken) concentrar, condensar
[nl-ia] :diagnose, de ~ stellen/opmaken van : formular/facer le diagnose, diagnosticar
[nl-ia] :dichten /WW/ : (dichtmaken) tappar, obturar, (met stopverf/kit) masticar
[nl-ia] :dichten /WW/ : (gedichten maken) poetisar, rimar, versificar, facer/scriber/componer versos, scriber poesia (poesia)
[nl-ia] :doorbijten /WW/ : (stukmaken, verdelen) morder, rumper con le dentes
[nl-ia] :doorsteken /WW/ : (een opening maken in) perciar, transperciar, perforar
[nl-ia] :drinkbaar, water ~ maken : potabilisar aqua
[nl-ia] :drukte, ~ maken : agitar se
[nl-ia] :duister, ~ maken : obscurar
[nl-ia] :duister, het ~ maken : obscuration
[nl-ia] :emulsie, geschikt om er een ~ van te maken : emulsionabile
[nl-ia] :emulsie, toestel om ~s te maken : emulsor
[nl-ia] :falsificeren /WW/ : (valselijk opstellen/opmaken etc.) falsificar
[nl-ia] :gebaren /WW/ : gesticular, facer gestos, (om iets duidelijk te maken) dar signo
[nl-ia] :gebruik, van iemands diensten ~ maken : acceptar le servicios de un persona
[nl-ia] :gedachtensprong, een ~ maken : facer un salto mental de un idea (idea) a un altere
[nl-ia] :geld, te ~e maken : vender
[nl-ia] :gelijktrekken /WW/ : (de laagste gelijk maken aan de hoogste) equal(is)ar, nivellar
[nl-ia] :geneigd, ~ zijn om fouten te maken : esser pron de facer errores
[nl-ia] :gewoonte, een ~ van iets maken : facer de un cosa un costume
[nl-ia] :grondwettelijk, ~ maken : constitutionalisar
[nl-ia] :haasten, hij haast zich het werk af te maken : ille se hasta de terminar le travalio/labor
[nl-ia] :hatelijk, ~e opmerkingen maken : facer remarcas/commentarios odiose
[nl-ia] :haten, zich gehaat maken bij : facer se odiar de/per
[nl-ia] :hechten /WW/ : u(vastmaken) attachar {sj}, fixar, affixar, affiger
[nl-ia] :herstellen /WW/ : (weer gezond/beter maken) restab(i)lir, (weer gezond/beter worden) restab(i)lir se
[nl-ia] :honderd, ~ maal groter maken, met ~ vermenigvuldigen : centuplar, centuplicar
[nl-ia] :houdbaar, vruchten ~ maken : conservar fructos
[nl-ia] :immaterieel, ~ maken : immaterialisar
[nl-ia] :impregneren /WW/ : impregnar, (waterdicht maken) impermeabilisar
[nl-ia] :inkorten /WW/ : (korter maken) accurtar, abbreviar
[nl-ia] :inmaakfruit /ZN/ : (fruit om in te maken) fructos pro conserva
[nl-ia] :inmaakgroente /ZN/ : (groente om in te maken) verduras/legumines pro conserva
[nl-ia] :inmaakuitjes /ZN MV/ : (uitjes om in te maken) parve cibollas pro conserva
[nl-ia] :innaaien /WW/ : (korter maken) accurtar, (nauwer maken) restringer
[nl-ia] :inrichten /WW/ : (gereed maken voor gebruik/bewoning) arrangiar, equipar, (huis) mobilar
[nl-ia] :inruimen /WW/ : (ruimte maken) ceder, liberar
[nl-ia] :instelling, tot een ~ maken : institutionalisar
[nl-ia] :instelling, het tot een ~ maken, het tot ~ worden : institutionalisation
[nl-ia] :integreren /WW/ : (volledig maken) integrar, completar
[nl-ia] :integrerend, een ~ deel uitmaken van : formar parte integrante/integral de
[nl-ia] :intensief, ~ gebruik maken van iets : facer un uso intensive de un cosa, usar un cosa intensivemente
[nl-ia] :kachel, de ~ aansteken/aanmaken : accender le estufa
[nl-ia] :kanttekening, ~en maken bij een brief : apostillar un littera (littera)
[nl-ia] :kanttekening, kritische ~en plaatsen/maken bij : facer observationes super (super)
[nl-ia] :kartel (kartel), een ~ vormen, tot een ~ maken : cartelisar, formar un cartel
[nl-ia] :keten, de ~s losmaken : discatenar
[nl-ia] :kisten /WW/ : (beplanking voor betonwerk maken) incoffrar
[nl-ia] :kledingstuk, een ~ laten maken : facer confectionar un vestimento
[nl-ia] :korten /BN/ : (korter maken) curtar, accurtar
[nl-ia] :krachteloos, argumenten ~ maken : invalidar argumentos
[nl-ia] :kruisteken, het ~ maken : facer le signo del cruce, signar se
[nl-ia] :laten, ik heb me ~ wijsmaken dat : io me ha lassate dicer que
[nl-ia] :leren /WW/ : (zich een gewoonte eigen maken) apprender
[nl-ia] :lospeuteren /WW/ : (met moeite losmaken) distachar {sj} con difficultate
[nl-ia] :louteren /WW/ : (FIG) (moreel beter maken) purificar
[nl-ia] :machteloos, iemand ~ maken : paralysar un persona, reducer un persona al impotentia
[nl-ia] :matten /WW/ : (dof maken) matar
[nl-ia] :meester, zich ~ maken van : prender possession/controlo de, sasir
[nl-ia] :mesten /WW/ : (vruchtbaar maken) ingrassiar, fertilisar, abonar, (a)meliorar
[nl-ia] :mesten /WW/ : (vee vet maken) ingrassiar
[nl-ia] :min, ik tracht zo ~ mogelijk fouten te maken : io essaya de committer le minor (minor) quantitate possibile de errores.
[nl-ia] :nestelen /WW/ : (een nest maken) facer un nido, nidificar, annidar
[nl-ia] :noemen /WW/ : (een naam/hoedanigheid geven) appellar, nominar, denominar, (betitelen) qualificar (de), (uitmaken (voor)) tractar (de)
[nl-ia] :nut, zich iets ten ~te maken : profitar de un cosa
[nl-ia] :offerte, een ~ maken/doen : facer/presentar un offerta
[nl-ia] :omreis, wegens de oorlog heeft hij een grote ~ moeten maken : a causa del guerra ille ha debite facer un grande deviation
[nl-ia] :ondoorlatend, ~ maken : impermeabilisar
[nl-ia] :ondoorlatend, het ~ maken : impermeabilisation
[nl-ia] :onnodig, ~e kosten maken : facer costos/expensas inutile/superflue
[nl-ia] :onsterfelijk, ~ maken : render immortal, immortalisar, eternisar
[nl-ia] :onsterfelijk, zich ~ belachelijk maken : render se incredibilemente ridicule
[nl-ia] :ontbloten /WW/ : (bloot maken) denudar, discoperir
[nl-ia] :ontluisteren /WW/ : (einde maken aan mystificatie) demystificar
[nl-ia] :ontnuchteren /WW/ : (nuchter maken) disebriar, disinebriar
[nl-ia] :ontstemd, ~ maken : discontentar
[nl-ia] :ontstemmen /WW/ : (ontevreden maken) discontentar
[nl-ia] :ontvetten /WW/ : (vetvrij maken) disgrassar
[nl-ia] :oorspronkelijk /BN/ : (de oorsprong of de oudste vorm uitmakend) original, originari, primitive, prime, primordial
[nl-ia] :opborstelen /WW/ : (schoonmaken) brossar
[nl-ia] :opensplijten /WW/ : (een opening maken in) finder
[nl-ia] :oplichten /BN/ : (geld/goed afhandig maken) fraudar, defraudar
[nl-ia] :opnemen /WW/ : (ergens deel van laten uitmaken) incorporar (in), integrar (in)
[nl-ia] :opschieten /WW/ : (voortmaken) hastar se
[nl-ia] :opschuiven /WW/ : (opschikken om plaats te maken) serrar se, facer loco
[nl-ia] :opspuiten /WW/ : (hoger maken) elevar le nivello (de un terreno) con sablo/arena
[nl-ia] :opstarten /WW/ : (bedrijfsklaar maken) preparar
[nl-ia] :opwachting, bij de minister zijn ~ maken : presentar su homages/respectos al ministro
[nl-ia] :over, elkaar ~ en weer verwijten maken : facer se reproches {sj} reciproc (reciproc)/mutue/mutual
[nl-ia] :overstemmen (overstemmen) /WW/ : (meer geluid maken) coperir, dominar
[nl-ia] :pasfoto, een ~ laten maken : facer facer un photo(graphia) de identitate
[nl-ia] :pasje, korte ~s maken : marchar {sj} a parve passos
[nl-ia] :pirouette, een ~/~s maken : facer un pirouette/pirouettes, pirouettar {oe}
[nl-ia] :plagen /WW/ : (trachten boos te maken) vexar
[nl-ia] :pletten /WW/ : (plat maken) applattar, applanar
[nl-ia] :portefeuillekwestie, een ~ van iets maken : poner le question de confidentia de un cosa
[nl-ia] :promotie, ~ maken : obtener un promotion, avantiar, ascender, (carrière maken) facer carriera
[nl-ia] :publiekelijk, iemand ~ te schande maken : vergoniar publicamente un persona
[nl-ia] :punten /WW/ : (een punt maken aan) taliar/appunctar
[nl-ia] :raming, een ~ van de kosten maken : facer un estimation del costos
[nl-ia] :ratelen /WW/ : (lawaai maken) streper
[nl-ia] :realisatie /ZN/ : (het te gelde maken) realisation
[nl-ia] :recepteren /WW/ : (klaarmaken) preparar medicamentos
[nl-ia] :remitteren /WW/ : (overmaken) remitter, transferer
[nl-ia] :rentegevend, ~ maken : render rentabile, rentabilisar
[nl-ia] :rentegevend, het ~ maken : rentabilisar
[nl-ia] :richten /WW/ : (recht maken) poner recte
[nl-ia] :roosteren /WW/ : (toost maken van) toastar {oo}, tostar
[nl-ia] :samenhang, uit de ~ van de zin de betekenis opmaken : deducer/traher le signification del contexto
[nl-ia] :samenspannen, alles spant samen om mij ongelukkig te maken : toto conspira pro render me infelice
[nl-ia] :sappel, zich te ~ maken : effortiar se multo, facer se problemas
[nl-ia] :schande, iemand te ~ maken : facer vergonia a un persona, jectar le opprobio super (super) un persona
[nl-ia] :schande, zijn familie ~ aandoen/te ~ maken : dishonorar/disgratiar su familia, facer vergonia a su familia, jectar dishonor/infamia super (super) su familia
[nl-ia] :schatting, een ~ van de kosten maken : evalutar le costos
[nl-ia] :schoolrijp, bezigheden die het jonge kind ~ moeten maken : activitates prescholar
[nl-ia] :schorten /WW/ : (korter maken) accurtar
[nl-ia] :simplificeren /WW/ : (eenvoudig voorstellen) simplificar, schematisar, reducer al essential, (gemakkelijker maken) facilitar
[nl-ia] :slechten /WW/ : (vlak maken) applanar, equalisar, (op hetzelfde niveau brengen) nivellar
[nl-ia] :sluiten /WW/ : (dichtmaken) clauder
[nl-ia] :sluitend, een begroting ~ maken : equilibrar un budget (E)
[nl-ia] :smelten /WW/ : (vloeibaar maken) funder, liquefacer
[nl-ia] :smetten /WW/ : (vuilmaken) macular, polluer
[nl-ia] :snel, zich ~ uit de voeten maken : fugir a tote velocitate
[nl-ia] :spotten, (belachelijk maken) ~ met : mocar, derider, irrider, ludificar, ridiculisar, render ridicule
[nl-ia] :spottend, ~e opmerkingen maken : ironisar
[nl-ia] :stampen /WW/ : (door stoten kleiner maken/mengen) triturar, pulverisar
[nl-ia] :stel, op ~ maken : mitter in ordine
[nl-ia] :stemhebbend, ~ maken : sonorisar
[nl-ia] :stemhebbend, het ~ maken : sonorisation
[nl-ia] :stemloos, ~ maken : devocalisar
[nl-ia] :stemming, ~ maken voor iemand : facer propaganda pro un persona
[nl-ia] :stemmingmakerij, zich schuldig maken aan ~ : manipular le opinion public
[nl-ia] :steriel, ~ maken : sterilisar
[nl-ia] :steriel, het ~ maken : sterilisation
[nl-ia] :steriel, ~ maken : sterilisar
[nl-ia] :sterilisatie /ZN/ : (het vrijmaken van ziektekiemen) sterilisation, disinfection
[nl-ia] :steriliseren /WW/ : (onvruchtbaar maken) sterilisar
[nl-ia] :sterk, ~(er) maken : fortificar
[nl-ia] :sterksmakend /BN/ : forte
[nl-ia] :sterksmakend, ~e boter : butyro (butyro) rancide
[nl-ia] :stevig, ~ maken : stabilir, firmar
[nl-ia] :stevig, iets ~ vastmaken : attachar {sj} un cosa solidemente
[nl-ia] :stijgen /WW/ : (toenemen, groter maken/worden) augmentar, crescer, accrescer, montar, altiar
[nl-ia] :storten /WW/ : (overmaken) versar, pagar, deponer, transferer, depositar (in un banca)
[nl-ia] :strik, een ~ in zijn veters maken : nodar su lacettos
[nl-ia] :tegenwerping, ~en maken : sublevar objectiones, objectar, remonstrar
[nl-ia] :temmen /WW/ : (tam maken) domar
[nl-ia] :temmen /WW/ : (tot huisdier maken) domesticar
[nl-ia] :tempo, ~ maken! : plus rapide!
[nl-ia] :terneerdrukken /ZN/ : (bedrukt maken) deprimer, dismoralisar
[nl-ia] :terugdraaien /WW/ : (ongedaan maken) annullar, cancellar
[nl-ia] :terugschroeven /WW/ : (ongedaan maken) annullar, cancellar, revocar
[nl-ia] :testament, een ~ maken : facer un testamento, testar
[nl-ia] :testament, per ~ vermaken : disponer/legar per testamento
[nl-ia] :testeren /WW/ : (een testament maken) disponer per testamento, testar
[nl-ia] :testeren /WW/ : (bij beschikking vermaken) legar
[nl-ia] :tetteren /WW/ : (muziek maken) trompettar
[nl-ia] :toegankelijk, een winkel beter ~ maken : render plus accessibile un magazin
[nl-ia] :toespeling, een bedekte ~ op iets maken : referer se subtilmente a un cosa, facer un allusion velate a un cosa
[nl-ia] :toilet /ZN/ : (handeling om zich te kappen/te kleden en op te maken) toilette (F)
[nl-ia] :totaliseren /WW/ : (tot een totaliteit maken) totalisar, integrar
[nl-ia] :trekbank /ZN/ : (om metaaldraad te maken) filiera
[nl-ia] :tuiten /WW/ : (tot een tuit maken) avantiar
[nl-ia] :uiteten /WW/ : (arm maken) exploitar {plwa}
[nl-ia] :uitgifte /ZN/ : (het in druk bekend maken) publicar
[nl-ia] :uitleggen /WW/ : (vergroten) extender, aggrandir, (breder/wijder maken) allargar, (langer maken) allongar
[nl-ia] :uitmaken, de koning en de ministers maken de regering uit : le rege e le ministros forma/constitue le governamento
[nl-ia] :uitmaken, dat is moeilijk uit te maken : isto es difficile a determinar
[nl-ia] :uitputten /WW/ : (opmaken, legen) exhaurir, vacuar
[nl-ia] :uitputten /WW/ : (puttend leegmaken) disaquar
[nl-ia] :uitschieten /WW/ : (plotselinge beweging maken) derapar
[nl-ia] :uitsluiten /WW/ : (onmogelijk maken) excluder, precluder
[nl-ia] :up-to-date, een schoolboek ~ maken : actualisar un manual scholar
[nl-ia] :vastkitten /WW/ : attachar {sj} con mastico, masticar, (met lijm vastmaken) collar
[nl-ia] :verankeren /WW/ : (stevig vastmaken) ancorar, fixar solidemente
[nl-ia] :verbeteren /WW/ : (beter maken) (a)meliorar, (perfectioneren) perfectionar
[nl-ia] :verbreden /WW/ : (meer omvattend maken) extender
[nl-ia] :verdichten /WW/ : (dichter maken) comprimer, condensar, densificar, compactar, spissar, inspissar
[nl-ia] :verdienstelijk, zich ~ maken : render se utile
[nl-ia] :verduisteren /WW/ : (donker maken) privar de luce/lumine, occultar le luces/lumines, obscurar, (ASTRON) eclipsar, occultar, (benevelen) offuscar
[nl-ia] :verduistering /ZN/ : (het duister maken) obscuration, (beneveling) offuscation, offuscamento
[nl-ia] :vereelten /WW/ : (eeltig maken) render callose, (FIG) indurar
[nl-ia] :vereeuwiging /ZN/ : (het onsterfelijk maken) immortalisation, eternisation, (van toestand) perpetuation
[nl-ia] :vergroten /WW/ : (groter maken) aggrandir, allargar, ampliar, amplificar, extender, incrementar
[nl-ia] :vergroting /ZN/ : (het groter maken/worden/zijn) aggrandimento, amplification, incremento, allargamento, allargation
[nl-ia] :verhaal, om een lang ~ kort te maken : pro esser breve
[nl-ia] :verhitten /WW/ : (warm maken) calefacer
[nl-ia] :verkorten /WW/ : (korter maken) accurtar, abbreviar, reducer, condensar
[nl-ia] :verlichten /WW/ : (minder zwaar maken) alleviar, (FIG ook) relevar, facilitar
[nl-ia] :vermeerderen /WW/ : (groter maken) augmentar, extender, accrescer, incrementar, majorar, adjunger a, adder a, multiplicar, ampliar
[nl-ia] :verpesten /WW/ : (bederven, in de war sturen, kapot maken) guastar
[nl-ia] :verslechteren /WW/ : (slechter maken) (im)pejorar, aggravar, degradar, deteriorar
[nl-ia] :versplinteren /WW/ : (tot splinters maken) rumper in fragmentos, fracassar, fragmentar, (FIG) fractionar, fragmentar
[nl-ia] :versteedsen /WW/ : (steeds maken) conferer le mentalitate del citate/urbe a
[nl-ia] :verstenen /WW/ : (tot steen maken) converter in petra, petrificar, fossilisar, (GEOL) lapidificar, (FIG) indurar
[nl-ia] :verstevigen /WW/ : (steviger maken) reinfortiar, fortificar, consolidar, affirmar
[nl-ia] :verstijven /WW/ : (steviger maken) rigidir, reinfortiar, fortificar
[nl-ia] :verwateren /WW/ : (waterig maken) diluer
[nl-ia] :verwestersen /WW/ : (westers maken) occidentalisar
[nl-ia] :verzachten /WW/ : (minder hard maken) amollir, emollir, mollificar, ablandar, dulcificar
[nl-ia] :verzachten /WW/ : (minder krachtig maken) attenuar, (van geluid) assurdar
[nl-ia] :verzachtend /BN/ : (weekmakend) emolliente, mollificante, ablandante
[nl-ia] :verzilten /WW/ : (zout/brak maken) render salin/salmastre
[nl-ia] :verzoeten /WW/ : (zoet maken) dulcificar, edulcorar, adulciar
[nl-ia] :verzuim, een ~ herstellen/goedmaken : reparar/rectificar/corriger un omission/oblido
[nl-ia] :verzwaren /WW/ : (FIG) (sterker maken) reinfortiar, aggravar
[nl-ia] :vet, ~(ter) maken/worden : ingrassiar
[nl-ia] :vilten /WW/ : (tot vilt maken) feltrar
[nl-ia] :visite, ~s maken/afleggen : facer visitas
[nl-ia] :vloeibaar, ~ te maken : fluidificabile
[nl-ia] :vocaliseren /WW/ : (stemhebbend maken) vocalisar
[nl-ia] :voorbereiden /WW/ : (van te voren klaarmaken) preparar, apprestar
[nl-ia] :voorstelling, ergens een ~ van maken : representar/depinger un cosa
[nl-ia] :voorstelling, zich een ~ van iets maken : facer se un idea/imagine de un cosa, imaginar se un cosa
[nl-ia] :vrijmaken, iemand van een verplichting trachten vrij te maken : essayar de liberar un persona de un obligation
[nl-ia] :vuurwerk, kunst om ~ te maken : pyrotechnica
[nl-ia] :waar, zijn beloften ~ maken : realisar su promissas
[nl-ia] :water, (lekken) ~ maken : facer aqua
[nl-ia] :waterafstotend, ~ maken : impermeabilisar, hydrofugar
[nl-ia] :waterafstotend, het ~ maken : impermeabilisation
[nl-ia] :waterdicht, ~ maken : impermeabilisar, hydrofugar
[nl-ia] :waterdicht, het ~ maken : impermeabilisation
[nl-ia] :waterpas, ~ maken : nivellar
[nl-ia] :waterproef, ~ maken : impermeabilisar
[nl-ia] :waterproef, het ~ maken : impermeabilisation
[nl-ia] :wenteling, drie ~en maken : facer tres tornos
[nl-ia] :westers, ~ maken : occidentalisar
[nl-ia] :wet, ~ten maken : legiferar
[nl-ia] :wet, ~ten makend : legifere
[nl-ia] :winstkans /ZN/ : (kans om winst te maken) possibilitate de beneficio/de profito
[nl-ia] :ziektebrengend /BN/ : Zie: ziekmakend-1
[nl-ia] :ziekteveroorzakend /BN/ : Zie: ziekmakend-1
[nl-ia] :ziekteverspreidend /BN/ : Zie: ziekmakend-1
[nl-ia] :zoeten /WW/ : (zoet maken) sucrar, saccharar, dulcificar, edulcorar
[nl-ia] :zout, ~ bevattend, naar ~ smakend : salate
[nl-ia] :zuiveren, water ~ : epurar/depurar/purificar aqua, (drinkbaar maken) potabilisar le aqua
[nl-ia] :zwart, (belasteren) ~ maken : denigrar, detraher
[nl-ia] :zwarten /WW/ : (zwart maken) nigrar