Compulsar octo dictionarios de interlingua

Piet Cleij e le IED. Modo de empleo. Creative Commons License Menu de inter­lingua.
Alsi majusculas Solo entratas Parolas integre 2k5
Sin exemplos Alsi linea previe / proxime Liga­mine para­metri­sate
nl‑ia ia‑nl en‑ia (G&B) en‑ia (S&G) ia‑en (IED) de‑ia es‑ia eo‑en
Postfiltro:

calco, iste parola es un -- del germano : dit woord is klakkeloos uit het Duits overgenomen
caso, le germano ha quatro --s : het Duits heeft vier naamvallen
cosino, -- german/in prime grado : volle neef
epopeia (epopeia), -- germanic : Germaanse epos
est-german /adj/ : Oostduits
est-germanic /adj/ : Oostgermaans
est-germanic, linguas -- : Oostgermaanse talen
est-germano /sub/ : Oostduitser
franco-german /adj/ : Frans-Duits
franco-german, guerra -- : Frans-Duitse oorlog
german (I) /adj/ : Duits
german (I), lingua -- : Duitse taal
german (II) /adj/ : JURIDIC vol (mbt familie)
german (II), cosino -- : volle neef
Germania /sub/ : Duitsland
Germania, -- Occidental/del West : West-Duitsland
Germania, -- Oriental/del Est : Oost-Duitsland
Germania, le reunification de -- : de hereniging van Duitsland
germanic /adj/ : Germaans
germanic, tribos -- : Germaanse stammen
germanico /sub/ : Germaans
germanisar /v/ : verduitsen
germanisar, -- un pais : een land de Duitse cultuur en bestuursvorm opleggen
germanisation /sub/ : verduitsing
germanismo /sub/ : germanisme
germanista /sub/ : germanist
germanistic /adj/ : germanistisch
germanistica /sub/ : germanistiek
germanium (germanium) /sub/ : CHIMIA germanium
germano /sub/ : Duitser
germano /sub/ : Duits (taal)
germanomane /adj/ : germanomaan
germanomania (germanomania) /sub/ : germanomanie
germanophile /adj/ : pro-Duits, Duits gezind, germanofiel
germanophilia (germanophilia) /sub/ : pro-Duitse gezindheid
germanophilo (germanophilo) /sub/ : iemand die Duits gezind is
germanophobe (germanophobe) /adj/ : anti-Duits
germanophobia (germanophobia) /sub/ : anti-Duitse gezindheid, germanofobie
germanophobo (germanophobo) /sub/ : iemand die anti-Duits gezind is
germanophone /adj/ : Duitssprekend
germanophone, paises -- : Duitssprekende landen
germanophono (germanophono) /sub/ : Duitssprekende
indogermanic /adj/ : Indogermaans
iris (iris), -- germanic : duitse lis
judeogerman /adj/ : Duits-Joods
judeogermano /sub/ : Duitse Jood
kronprinz /sub GERMANO/ : kroonprins (in Duitsland voor 1918)
lingua, --s germanic : Germaanse talen
mytho, le -- del superioritate germanic : de mythe van de Germaanse superioriteit
palatino /sub/ : HISTORIA GERMAN paltsgraaf
pangerman /adj/ : pangermaans
pangermanismo /sub/ : pangermanisme
pangermanista /sub/ : pangermanist
pangermanista /adj/ : pangermanistisch
progerman /adj/ : pro-Duits
protogermanico /sub/ : Protogermaans
reunification, le -- de Germania : de hereniging van Duitsland 
scholar, germano -- : schoolduits 
studente, -- de germano : student Duits 
studiante, -- de germano : student Duits