Compulsar novem dictionarios de interlingua

Piet Cleij, le IED, etc. Modo de empleo. Creative Commons License Menu de inter­lingua.
Alsi majusculas Solo entratas Parolas integre 2k5
Sin exemplos Alsi linea previe / proxime Liga­mine para­metri­sate
ia‑en (IED) en‑ia (G&B) en‑ia (S&G)
ia‑nl nl‑ia fr‑ia de‑ia es‑ia eo‑en
Postfiltro (exclude ):

a, io arrivara (arrivara) ~ quatro horas : ik zal om vier uur aankomen
a, io da le libro ~ mi amico (amico) : ik geef het boek aan mijn vriend
a /prep/ : (inter (inter) certe ADJECTIVOS e INFINITIVOS)
a /prep/ : (inter (inter) certe VERBOS e INFINITIVOS)
a, machina (machina) ~ scriber : schrijfmachine, etc., etc.
abaca (abaca) /sub/ : BOTANICA abaca
abaca (abaca) /sub/ : BOTANICA manillahennep
abaco (abaco) /sub/ : telraam, rekenraam, rekenkast, abacus
abaco (abaco) /sub/ : ARTE DE CONSTRUER abacus, dekplaat van een kapiteel
abandonar, ~ un hypothese (hypothese) (-esis) : een hypothese opgeven
abandonar, ~ un urbe al inimico (inimico) : een stad aan de vijand prijsgeven
abandonar, ~ un idea (idea) : een denkbeeld laten varen, zich losmaken van een denkbeeld
abassamento, ~ del oculos/palpebras (palpebras) : neerslaan van de ogen
abassar, ~ le palpebras (palpebras) : de oogleden neerslaan
abassar, ~ le capite (capite)/testa : het hoofd laten hangen
abatter, un nube de pulvere se ha abattite super (super) le placia : een wolk van stof sloeg neer op het plein
abbatia (abbatia) /sub/ : abdijschap
abbatia (abbatia) /sub/ : abtsgebied
abbatia (abbatia) /sub/ : abdij
abbatia (abbatia), ~ de benedictinos : benedictijnenabdij
abbreviamento, ~ (del tormentos) del agonia (agonia) : stervensbekorting
abece (abece) /sub/ : abc, alfabet
abece (abece) /sub/ : eerste beginselen (van wetenschap, vak, etc.), abc
abece (abece), ille ignora le ~ del mestiero : hij is niet op de hoogte van de eerste beginselen van het vak
abece (abece), le ~ del pictura : het abc van de schilderkunst
abiogenese (abiogenese) (-esis) /sub/ : abiogenese, spontane generatie
abiotrophia (abiotrophia) /sub/ : MEDICINA abiotrofie
abjuration, le ~ del heresia (heresia) : de afzwering van de ketterij
ablactation, periodo (periodo) de ~ : speentijd
ablation, ~ del amygdalas (amygdalas) : wegneming van de amandelen
abnegation, spirito (spirito) de ~ : opofferingsgezindheid
abominar, io abomina le hypocrisia (hypocrisia) : ik verfoei schijnheiligheid
abonamento, ~ de essayo (essayo) : proefabonnement
abortamento, lege super (super) le ~ : abortuswet
abortive, remedio/pharmaco (pharmaco) ~ : vruchtafdrijvend middel
abside (abside) /sub/ : ARTE DE CONSTRUER abside, absis
absolute, valor ~ de un numero (numero) real : absolute waarde van een reëel getal
absolute, empleo (empleo) ~ de un verbo transitive : absoluut gebruik van een overgankelijk werkwoord
absorber, su multiple (multiple) activitates le absorbe integremente : zijn vele bezigheden nemen hem geheel in beslag
absorption, dynamometro (dynamometro) de ~ : remdynamometer
abstracte, le blancor es un idea (idea) ~ : witheid is een abstract idee
abstrusitate, ~ de un theoria (theoria) : duisterheid van een theorie
abulia (abulia) /sub/ : PSYCHOLOGIA willoosheid, wilszwakte, aboulie
abundantia, economia (economia) de ~ : economie van de overvloed
abundar, ille abunda in anecdotas (anecdotas) : hij weet altijd een massa anecdotes te vertellen
abusar, ~ de un juvena (juvena) : een meisje misbruiken
abuso, ~ de bibitas (bibitas) alcoholic : drankmisbruik
abuso, le abuso de somniferos (somniferos) es periculose : misbruik van slaapmiddelen is gevaarlijk
abysmo, il ha un enorme ~ inter (inter) ille duo : er gaapt een diepe kloof tussen die twee
acaju (acaju) /sub/ : cashew
acaju (acaju), nuce de ~ : cashewnoot
acaju (acaju) /sub/ : mahonie
acanthisflammee (acanthisflammee) /sub/ : ZOOLOGIA barmsijsje, paapje
acanthocephalo (acanthocephalo) /sub/ : ZOOLOGIA haakworm
acanthopanax (acanthopanax) /sub/ : BOTANICA stekelboompje
acaro (acaro) /sub/ : ZOOLOGIA mijt
acaro (acaro), ~ de caseo : kaasmijt
acaro (acaro), ~ elephantin : olifantsluis
acarophobia (acarophobia) /sub/ : MEDICINA acarofobie, schurftvrees
acatalepsia (acatalepsia) /sub/ : PHILOSOPHIA acatalepsie
acaule (acaule) /adj/ : BOTANICA stengelloos, zittend
acaule (acaule), plantas ~ : stengelloze planten
acaule (acaule), gentiana ~ : stengelloze gentiaan
acaule (acaule), cirsio ~ : aarddistel
accalmia (accalmia) /sub/ : METEO korte windstilte
acceder, il es difficile de ~ al litteratura super (super) iste subjecto : tot de macht komen, aan het bewind komen
accelerar, ~ le rhythmo cardiac (cardiac) : de hartslag versnellen
accelerative, premer/pulsar super (super) le ~ : gas geven (auto)
accelerative, appoiar super (super) le ~ : het gaspedaal indrukken
accelerographo (accelerographo) /sub/ : versnellingsmeter
accelerometro (accelerometro) /sub/ : versnellingsmeter
accender, ~ un flammifero (flammifero) : een lucifer aansteken
accentuar, ~ le vocal ante le ultime (ultime) consonante in interlingua : accentueren, benadrukken, beklemtonen, de nadruk leggen op
accentuar, ~ un syllaba (syllaba) : de klemtoon op een lettergreep leggen
accentuate, syllaba (syllaba) ~ : lettergreep die de klemtoom heeft
acceptabile, illa habeva un alibi (alibi) multo ~ : ze had een zeer acceptabel alibi
acceptar, ~ un theoria (theoria) : een theorie aanvaarden
acceptate, methodo (methodo) ~ : aanvaarde/gangbare methode
acceptation, credito (credito) de/per ~ : acceptkrediet
acceptor, ~ de hydrogeno (hydrogeno) : waterstofacceptor
accesso, ~ de furia/furor/ira/rabie/rage/cholera (cholera) : uitbarsting van woede
accesso, ~ de hysteria (hysteria) : aanval van hysterie
accesso, ~ de follia (follia) : aanval van waanzin
accessori, idea (idea) ~ : bijkomstig idee
accessori, phenomeno (phenomeno) ~ : begeleidingsverschijnsel
accessori, empleo (empleo) ~ : nevenbetrekking/baan, bijbetrekking/baan
accompaniamento, littera (littera) de ~ : begeleidend schrijven
accompaniamento, ~ de organo (organo) : orgelbegeleiding
accompaniar, ~ un persona al cinema (cinema) : met iemand naar de bioscoop gaan
accompaniar, ~ un persona a su ultime (ultime) reposo : iemand naar zijn laatste rustplaats brengen
accompaniar, iste numero (numero) es accompaniate de un supplemento : bij dit nummer hoort een bijvoegsel
accompaniar, accompaniate de su modo de empleo (empleo) : met gebruiksaanwijzing
accompaniar, littera (littera) accompaniante : begeleidend schrijven
accopular, ~ duo ideas (ideas) disparate : twee niet bij elkaar passende ideeën verenigen
accordar, ~ un credito (credito) : een krediet verlenen
accostumar, ~ se a scriber su litteras (litteras) in interlingua : zich er aan gewennen zijn brieven in interlingua te schrijven
accular, ~ le inimico (inimico) al mar : de vijand naar de zee terugdringen
accumulation, ~ de catastrophes (catastrophes) : opeenstapeling van rampen
accumulation, theoria (theoria) del ~ del capital : accumulatietheorie
accusar, 2 ~ reception de un littera (littera) : de ontvangst berichten van een brief
accusation, jectar un ~ al testa/capite (capite) de un persona : iemand een beschuldiging naar het hoofd slingeren
accusatori, digito (digito) ~ : beschuldigende vinger
accusatori, littera (littera) ~ : beschuldigende brief
acephalia (acephalia) /sub/ : ZOOLOGIA koploosheid
acephalos (acephalos) /sub/ : ZOOLOGIA koploze dieren
aceras (aceras) /sub/ : BOTANICA poppenorchis
acere, cortice (cortice) de ~ : esdoornbast
acetimetro (acetimetro) /sub/ : acetometer, azijnmeter
achene (achene) /sub/ : schaalvrucht
achillea (achillea) /sub/ : BOTANICA achillea, duizendblad
achillea (achillea), ~ ptarmic : velddragon, wilde bertram
Achilles (Achilles) /sub/ : MYTHOLOGIA Achilles
Achilles (Achilles), calce/talon de ~ : Achilleshiel
Achilles (Achilles), tendon/tendine de ~ : Achillespees
Achilles (Achilles), invulnerabilitate de ~ : onkwetsbaarheid van Achilles
achondroplasia (achondroplasia) /sub/ : MEDICINA achondroplasie
achromatope (achromatope) /adj/ : kleurenblind (voor alle kleuren) 
achromatopsia (achromatopsia) /sub/ : kleurenblindheid (voor alle kleuren) 
achylia (achylia) /sub/ : MEDICINA achylie, afwezigheid van maagsap
achyranthes (achyranthes) /sub/ : BOTANICA kafbloem
acidimetria (acidimetria) /sub/ : acidimetrie, zuurmeting
acidimetro (acidimetro) /sub/ : acidimeter, zuurweger, zuurmeter
acidolyse (acidolyse) (-ysis) /sub/ : CHIMIA acidolyse
acidose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA acidose, zuurvergiftiging
acieria (acieria) /sub/ : staalfabriek, staalgieterij
aciero, funderia (funderia) de ~ : staalgieterij
aciero, lamina (lamina) de ~ : staalblik, dun staalplaat
aciero, skeleto (skeleto) de ~ : staalskelet
acino (acino) /sub/ : BOTANICA vruchtje (van verzamelvrucht), druif
acino (acino) /sub/ : ANATOMIA klierblaasje, klierkwabje, acinus
acme (acme) /sub/ : hoogtepunt, top(punt)
acme (acme) /sub/ : MEDICINA acme, crisis (in ziekteverloop) 
acne (acne) /sub/ : MEDICINA acne, vetpuistje
acne (acne), ~ juvenil : jeugdpuistjes
aco, ~ de machina (machina) : machinenaald
aco, ~ de essayo (essayo) : proefnaald
acologia (acologia) /sub/ : MEDICINA acologie
acolyt (acolyt)(h)o /sub/ : CATHOLICISMO acoliet
acolyt (acolyt)(h)o /sub/ : helper, hulpje, maat, handlanger
aconito (aconito) /sub/ : BOTANICA akoniet, monnikskap
acoro (acoro) /sub/ : BOTANICA kalmoes, zwanebrood
acoro (acoro), tinctura de ~ : kalmoestinctuur
acquirer, ~ nove energia (energia) : nieuwe energie opdoen
acquirer, syndrome (syndrome) de immunodeficientia acquirite : AIDS
acribometro (acribometro) /sub/ : acribometer
acrobata (acrobata) /sub/ : acrobaat, kunstenmaker
acrobata (acrobata), ~s de un circo : acrobaten van een circus
acrobata (acrobata), ~ aeree : stuntvlieger
acrobatia (acrobatia) /sub/ : acrobatiek, acrobatenkunst, acrobatentoer(en)
acrobatia (acrobatia), ~ aeree : stuntvliegerij
acrocephalia (acrocephalia) /sub/ : MEDICINA acrocefalie, torenschedel, punthoofd
acrocephalo (acrocephalo) /sub/ : ZOOLOGIA karekiet
acrocephalo (acrocephalo), ~ palustre : bosrietzanger, wilgesijsje
acrocyanose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA acrocyanose
acrolitho (acrolitho) /sub/ : acroliet
acromegalia (acromegalia) /sub/ : MEDICINA acromegalie, te zwaar beenderstelsel
acromial, apophyse (apophyse) (-ysis) ~ : schouderbladuitsteeksel
acronymo (acronymo) /sub/ : acroniem, letterwoord
acropathia (acropathia) /sub/ : MEDICINA acropathie
acropathologia (acropathologia) /sub/ : MEDICINA acropathologie
acrophobia (acrophobia) /sub/ : acrofobie, hoogtevrees
actea (actea) /sub/ : BOTANICA Christoffelkruid
actea (actea), ~ spicate : zwarte gifbes
actinic, conjunctivitis (conjunctivitis) ~ : lasogen
actinitis (actinitis) /sub/ : MEDICINA huidontsteking door zonlicht
actinium (actinium) /sub/ : CHIMIA actinium
actinographia (actinographia) /sub/ : actinografie
actinologia (actinologia) /sub/ : MEDICINA actinologie, stralingswetenschap
actinometria (actinometria) /sub/ : PHYSICA actinometrie, stralingsmeting
actinometro (actinometro) /sub/ : MEDICINA actinometer, stralingsmeter
actinomorphia (actinomorphia) /sub/ : BOTANICA actinomorfie
actinomycose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA actinomycose, straalzwamziekte
actinotherapia (actinotherapia) /sub/ : MEDICINA actinotherapie, bestralingstherapie
action, mitter/poner foris (foris) de/foras (foras) de ~ : buiten werking stellen
actionista, assemblea (assemblea) de ~s : aandeelhoudersvergadering
activar, ~ un machina (machina) : een machine aanzetten
activar, analyse (analyse) (-ysis) per ~ : activeringsanalyse
acto, ~ de pirateria (pirateria) ferroviari : treinkaping
acto, ~ delictuose/illegitime (illegitime) : onrechtmatige daad
acto, ~s del Apostolos (Apostolos) : Handelingen der Apostelen
acto, ~ de vendita (vendita) : verkoopakte
acto, le ultime (ultime) ~ de un conflicto : de slotscène van een conflict
actual, principe (principe)/prince ~ : regerend vorst
actualitate, ideas (ideas) que conserva lor ~ : ideeën die blijven gelden
acumetro (acumetro) /sub/ : gehoorscherptemeter
acustic, viscosimetro (viscosimetro) ~ : akoestische viscosimeter
acustic, interferometro (interferometro) acustic : akoestische interferometer
acustic, altimetro (altimetro) ~ : akoestische hoogtemeter
acustic, radiometro (radiometro) ~ : akoestische stralingsmeter
acustic, physiologia (physiologia) ~ : toonfysiologie
acute, maladia (maladia)/morbo ~ : acute ziekte
acute, leucemia (leucemia) ~ : acute leukemie
acute, colitis (colitis) ~ : acute colitis
acutiar, machina (machina) a/de ~ : slijpmachine
acutiar, ~ le spirito (spirito) : de geest scherpen
acyclic, composito (composito) ~ : acyclische verbinding
adactyle (adactyle) /adj/ : zonder vingers
adactyle (adactyle), crustaceo ~ : vingerloos schaaldier
adaptometria (adaptometria) /sub/ : adaptometrie
addax (addax) /sub/ : ZOOLOGIA addax
additive, termino (termino) ~ : door plusteken voorafgegane vorm
adductor, ~ del pollice (pollice) : aanvoerder van de duim
adelphogamia (adelphogamia) /sub/ : BOTANICA adelfogamie
adenalgia (adenalgia) /sub/ : MEDICINA pijn in de klieren
adeniforme, appendice (appendice) ~ : kliervormig aanhangsel
adenitis (adenitis) /sub/ : MEDICINA (lymf)klierontsteking
adenographia (adenographia) /sub/ : adenografie
adenologia (adenologia) /sub/ : MEDICINA adenologie, leer der klieren, klierkunde
adenopathia (adenopathia) /sub/ : MEDICINA adenopathie, (lymf)klieraandoening
adenovirus (adenovirus) /sub/ : adenovirus
adeo (adeo) /interj/ : vaarwel, tot ziens, goeiedag
adeo (adeo), dicer ~ : afscheid nemen, dag zeggen
adeo (adeo) /sub/ : vaarwel, afscheid
adeo (adeo), visita (visita) de ~ : afscheidsbezoek
adeo (adeo), littera (littera) de ~ : afscheidsbrief
adeo (adeo), discurso de ~ : afscheidsrede
adeo (adeo), dinar de ~ : afscheidsdiner
adeo (adeo), spectaculo de ~ : afscheidsvoorstelling
adeo (adeo), dar un basio de ~ a un persona : iemand vaarwel kussen
adequate, therapia (therapia) ~ : aangewezen therapie
adequate, trovar un empleo (empleo) ~ : een passende werkkring vinden
adherente, numero (numero) de ~s : ledental
adherente, perdita (perdita) de ~s : ledenverlies
adherer, le cortice (cortice) de iste arbore adhere fortemente al ligno : de bast van deze boom zit stevig vast aan het hout
adhesion, ~ de Svedia al Union Europee (Europee) : toetreding van Zweden tot de Europese Unie
adhesive, littera (littera) ~ : plakletter
ad hoc, judice (judice) ~ : speciaal met dit geval belaste rechter
adieu, visita (visita) de ~ : afscheidsbezoek
adieu, littera (littera) de ~ : afscheidsbrief
adipe (adipe) /sub/ : lichaamsvet, dierlijk vet
adipolyse (adipolyse) (-ysis) /sub/ : BIOLOGIA adipolyse
adipopexia (adipopexia) /sub/ : BIOLOGIA adipopexie
adiposis (adiposis) /sub/ : MEDICINA adipositas, vetzucht, zwaarlijvigheid
adito (adito) /sub/ : ingang, toegang
adito (adito), le corridor da ~ al corte : de gang geeft toegang tot de binnenplaats
adito (adito), le diploma da ~ al universitate : het diploma geeft toegang tot de universiteit
adjuncte, taxa super (super) le valor ~ , TVA : belasting op de toegevoegde waarde, BTW
adjuncte, vide/vider le littera (littera) ~ : zie bijgaande brief
adjustar, ~ un machina (machina) : een machine afstellen
adjustar, machina (machina) a ~ : justeermachine
adjuta, ~ inter (inter) vicinos : burenhulp
administration, ~ del ultime (ultime) sacramentos : het voorzien van de sacramenten der stervenden
admission, limite (limite) de ~ de adherentes/membros/socios : ledenstop
admonitori, littera (littera) ~ : vermaanbrief
adolescente, camera (camera) de ~ : tienerkamer
adolescential, crise/crisis (crisis) ~ : puberteitscrisis
Adonis (Adonis) /sub/ : MYTHOLOGIA Adonis
adonis (adonis) /sub/ : BOTANICA adonis(roosje)
adonis (adonis), ~ vernal : voorjaarsadonis
adonis (adonis), ~ autumnal : herfstadonis
adonis (adonis) /sub/ : dandy, knappe jongeman, fat, pronker
adoptar, ~ un idea (idea) : een idee overnemen
adoptar, ~ le theorias (theorias) de un philosopho (philosopho) : de theorieën van een filosoof overnemen
adorar, io adora ir al cinema (cinema) : ik ga ontzettend graag naar de film
adorator, iste femina (femina) ha numerose ~es : die vrouw heeft vele aanbidders
adornar, ~ un camera (camera) : een kamer verfraaien
adrenotherapia (adrenotherapia) /sub/ : adrenotherapie
adressar, machina (machina) a/de ~ : adresseermachine
adresse, scriber le ~ super (super) le inveloppe : het adres op de enveloppe schrijven
adressographo (adressographo) /sub/ : adresseermachine
adultera (adultera) /sub/ : echtbreekster
adultero (adultero) /sub/ : pleger van echtbreuk/overspel, echtbreker
adultero (adultero), esser ~ : overspel plegen
advenimento, ~ del Messia (Messia) : komst van de Messias
adverbial, empleo (empleo)/uso ~ : bijwoordelijk gebruik
advertimento, isto es un ultime (ultime) ~ : ik waarschuw je voor de laatste keer
advertir, ~ le policia (policia) : de politie waarschuwen
advocateria (advocateria) /sub/ : advocatenstreek
advocato, ~ del diabolo (diabolo) : advocaat van de duivel
adynamia (adynamia) /sub/ : MEDICINA zwakte (van spier), adynamie
aerar, ~ le camera (camera) : de kamer luchten
aerate, camera (camera) mal ~ : bedompte kamer
aere (aere) /sub/ : lucht, buitenlucht
aere (aere), ~ libere/exterior : buitenlucht
aere (aere), ~ fresc : frisse lucht, buitenlucht
aere (aere), ~ del vespera (vespera)/vespere : avondlucht
aere (aere), ~ nocturne/de nocte : nachtlucht
aere (aere), ~ salubre/salutar : gezonde lucht
aere (aere), ~ marin/de mar : zeelucht
aere (aere), ~ polar : polaire lucht, poollucht
aere (aere), ~ pestilential : pestlucht, peststank
aere (aere), ~ oceanic : oceaanlucht
aere (aere), ~ de montania : berglucht
aere (aere), ~ del boscos : boslucht
aere (aere), ~ primaveral : lentelucht
aere (aere), ~ del citate : stadslucht
aere (aere), ~ vitiate : bedorven lucht
aere (aere), pumpa a/de ~ : luchtpomp
aere (aere), ~ comprimite : perslucht
aere (aere), pumpa a/de ~ comprimite, compressor a/de ~ : luchtperspomp
aere (aere), fusil/carabina a/de ~ comprimite : luchtbuks
aere (aere), ~ conditionate : airconditioning
aere (aere), conditionamento del ~ : airconditioning
aere (aere), conditionator del ~ : airconditioningsapparaat
aere (aere), motor a ~ cal(i)de : heteluchtmotor
aere (aere), filtro a/de ~ : luchtfilter
aere (aere), vesicula a ~ : luchtblaas (van vis)
aere (aere), bulla de ~ : luchtbel
aere (aere), prisa de ~ : luchtinlaat
aere (aere), camera (camera) a ~ : luchtkamer, luchtband
aere (aere), refrigeration per ~ : luchtkoeling
aere (aere), a refrigeration per ~ : luchtgekoeld
aere (aere), refrigerante/refrigerator de ~ : luchtkoeler
aere (aere), cossino de ~ : luchtkussen
aere (aere), fuga de ~ : luchtlek
aere (aere), pirata del ~ : vliegtuigkaper
aere (aere), pollution/contamination del ~ : luchtverontreiniging
aere (aere), mal del ~ : luchtziekte
aere (aere), vibration del ~ : luchttrilling
aere (aere), resistentia del ~ : luchtweerstand
aere (aere), columna/colonna de ~ : luchtkolom
aere (aere), prender le ~, prender un buccata de ~ : een luchtje scheppen
aere (aere), jectar in le ~ : in de lucht gooien, omhoog gooien
aere (aere), refrescar le ~ : de lucht verversen
aere (aere), facer castellos in le ~ : luchtkastelen bouwen
aere (aere), currente de ~ : tocht
aere (aere), a proba/prova de ~, impermeabile al ~ : luchtdicht
aere (aere), appurator de ~ : luchtreiniger
aere (aere), tubo de ~ : luchtbuis
aere (aere), entrata de ~ : luchttoevoer
aere (aere), museo (museo) al ~ libere : openluchtmuseum
aere (aere), schola al ~ libere : openluchtschool
aere (aere), joco al ~ libere : openluchtspel
aere (aere), sport (A) al ~ libere/in plen aere : openluchtsport, buitensport
aere (aere), theatro al ~ libere : openluchttheater
aere (aere), representation al ~ libere : openluchtvoorstelling
aere (aere), piscina in plen ~ : buitenbad
aere (aere), parlar in le ~ : onzin praten, zwammen
aere (aere), un sufflo de ~ : een zuchtje wind
aere (aere), viver del ~ : van de wind leven, arm zijn
aere (aere), iste idea (idea) es in le ~ : dit denkbeeld zit in de lucht
aere (aere) /sub/ : air, uiterlijk, voorkomen, houding, manieren
aere (aere), dar se ~s : zich een air geven
aere (aere), dar se ~ de importantia : gewichtig doen
aere (aere), ille ha le ~ de facer un cosa : hij schijnt iets te willen doen
aere (aere), haber le ~ triste/felice, etc. : er bedroefd/gelukkig, etc. uitzien
aere (aere), ~ digne : waardige houding
aere (aere), ~ de interramento : begrafenisgezicht, doodbiddersgezicht
aere (aere), ~ de martyre : martelaarsgezicht
aere (aere), ~ de fatuitate : verwaand air
aere (aere), haber un ~ distincte : iets aparts hebben
aere (aere), haber le ~ de un imbecille : voor joker/gek staan
aere (aere) /sub/ : melodie, wijs, deun(tje), lied(je)
aere (aere), io me memora le parolas de iste canto, ma io ha oblidate le ~ : melodie, wijs, deun(tje), lied(je)
aeree, armea (armea)/fortias ~ : luchtmacht, luchtstrijdkrachten
aeree, suprematia (suprematia) ~ : overmacht in de lucht
aeree, catastrophe (catastrophe) ~ : vliegramp
aeree, pirateria (pirateria) ~ : luchtpiraterij
aeree, photographia (photographia) ~ : 1. luchtfotografie, 2. luchtfoto
aeree, circuito (circuito) ~ : rondvlucht
aeree, acrobatia (acrobatia)/acrobatismo ~ : luchtacrobatiek, stuntvliegerij
aeree, acrobata (acrobata) ~ : luchtacrobaat, stuntvlieger
aeree, ferrovia (ferrovia) ~ : luchtspoorweg
aeree, compania (compania)/societate de navigation ~ : luchtvaartmaatschappij
aeree, cartographia (cartographia) ~ : luchtkartering
aerobiologia (aerobiologia) /sub/ : aërobiologie
aerobiose (-osis (-osis)) /sub/ : BIOLOGIA aërobiose, zuurstof vergend leven
aerodromo (aerodromo) /sub/ : luchthaven, vlieghaven, vliegveld
aerodromo (aerodromo), personal de servicio del ~ : grondpersoneel
aerodromo (aerodromo), direction del ~ : luchthavendirectie
aerodynamic, carrosseria (carrosseria) ~ : stroomlijncarrosserie
aerogastria (aerogastria) /sub/ : opgeblazen maag, aërogastrie
aerographia (aerographia) /sub/ : aërografie, dampkringsluchtbeschrijving
aerographo (aerographo) /sub/ : verfspuit, luchtpenseel, aërograaf
aerolitho (aerolitho) /sub/ : aëroliet, meteoorsteen
aerologia (aerologia) /sub/ : METEO aërologie, weerkunde van de hogere luchtlagen
aerologo (aerologo) /sub/ : METEO aëroloog
aeromantia (aeromantia) /sub/ : aëromantie (waarzegkunst uit de luchtverschijnselen) 
aerometria (aerometria) /sub/ : aërometrie
aerometro (aerometro) /sub/ : aërometer, luchtmeter
aeronomia (aeronomia) /sub/ : aëronomie
aerophagia (aerophagia) /sub/ : MEDICINA aërofagie (luchtdoordringing in de maag) 
aeropharo (aeropharo) /sub/ : luchtbaken op vliegveld
aerophobe (aerophobe) /adj/ : luchtschuw
aerophobia (aerophobia) /sub/ : PSYCHOLOGIA aerofobie (vrees voor tocht, wind, lucht), luchtschuwheid
aerophobia (aerophobia) /sub/ : aerofoon
aerophotographia (aerophotographia) /sub/ : luchtfotografie
aerophotographia (aerophotographia) /sub/ : luchtfoto
aerophyto (aerophyto) /sub/ : BOTANICA aërofyt
aeroplancton (aeroplancton) /sub/ : aëroplankton
aeroportate, infanteria (infanteria) ~ : luchtinfanterie
aerostato (aerostato) /sub/ : aërostaat, luchtschip, (bestuurbare) luchtballon
aerotherapia (aerotherapia) /sub/ : aërotherapie
aerotransportate, infanteria (infanteria) ~ : luchtinfanterie
aerovia (aerovia) /sub/ : luchtcorridor
affaire, littera (littera) de ~s : zakenbrief
affectate, juvena (juvena) ~ : nuf
affection, termino (termino) de ~ : liefkozend woord
affection, ~ cardiac (cardiac) : hartaandoening
affidavit (affidavit) /sub/ : affidavit, beëdigde gerechtelijke verklaring
affiger, ~ un poster (A) super (super) le muro con cimices (cimices) : met punaises een poster op de muur prikken
affilacultellos (affilacultellos) /sub/ : messenslijper
affilar, machina (machina) a/de ~ : slijpmachine
affilastilos (affilastilos) /sub/ : puntenslijper
affinitate, ~ intellectual/spiritual/de spirito (spirito) : geestverwantschap
affinitate, nos ha ~ de character (character) : onze karakters lijken op elkaar
affixar, ~ un poster (A) super (super) le muro con cimices (cimices) : met punaises een poster op de muur prikken
affluentia, le ~ de productos super (super) le mercato : de produkttoevoer op de markt
affluer, le cholera (cholera) face ~ le sanguine al visage : woede doet het bloed naar het gezicht vloeien
affretamento, compania (compania) de ~ : chartermaatschappij
affundar, ~ le naves inimic (inimic) : de vijandelijke schepen tot zinken brengen
agame (agame) /adj/ : Vide: agamic 
agameto (agameto) /sub/ : BIOLOGIA agameet
agami (agami) /sub/ : ZOOLOGIA agami, trompetvogel
agamia (agamia) /sub/ : BIOLOGIA agamie
agamogenese (agamogenese) (-esis) /sub/ : BIOLOGIA agamogenese, geslachtloze voortplanting
agamogonia (agamogonia) /sub/ : BIOLOGIA agamogonie
agape (agape) /sub/ : RELIGION agape, liefdemaal (bij de eerste christenen)
agape (agape) /sub/ : vriendenmaal, feestmaal
agata (agata) /sub/ : agaat
agata (agata), ~ venate : golfagaat
agata (agata), ~ nigre : rookagaat
agata (agata), ~ arborisate : boomagaat
agave (agave) /sub/ : BOTANICA agave
agenesia (agenesia) /sub/ : MEDICINA agenesie
agente, ~ maritime (maritime) : scheepsagent
agente, ~ de policia (policia) : politie-agent
agentia, ~ maritime (maritime) : scheepsagentuur
ager, ~ in le spirito (spirito) de un persona : in iemands geest handelen
agerato (agerato) /sub/ : BOTANICA ageratum, tuinbalsem, geurkruid
agglutinogeno (agglutinogeno) /sub/ : BIOCHIMIA agglutinogeen
aggreder, ~ un inimico (inimico) non preparate : een onvoorbereide vijand aanvallen
aggressive, technicas de vendita (vendita) ~ : agressieve verkooptechnieken
agilitate, ~ del digitos (digitos) de un pianista : vingervaardigheid van een pianist
agio, theoria (theoria) del ~ : agiotheorie
agno, macelleria (macelleria) de ~s : lamsslagerij
agnosia (agnosia) /sub/ : MEDICINA agnosie
agnosia (agnosia), ~ perceptive : waarnemingsagnosie
agnosia (agnosia), ~ visual/optic : visuele/optische agnosie
agnosia (agnosia), ~ auditive verbal congenital : aangeboren doofstomheid
agnosia (agnosia) /sub/ : PHILOSOPHIA agnosie
agone (agone) /sub/ : agone
agonia (agonia) /sub/ : doodstrijd, zieltoging, het op sterven liggen
agonia (agonia), sudor de ~ : doodszweet
agonia (agonia), abbreviamento (del tormentos) del ~ : stervensbekorting
agonia (agonia), esser in ~ : op sterven liggen, zieltogen
agonia (agonia) /sub/ : folterende pijn, zielepijn
agora (agora) /sub/ : HISTORIA GREC agora, centraal plein in oudgriekse steden
agoraphobe (agoraphobe) /adj/ : betrekking hebbend op pleinvrees, pleinvrees...
agoraphobia (agoraphobia) /sub/ : pleinvrees, straatvrees, ruimtevrees, agorafobie
agoraphobo (agoraphobo) /sub/ : iemand die aan pleinvrees lijdt
agrapha (agrapha) /sub/ : agrafa (mondeling overgeleverde uitspraken van Jezus) 
agraphia (agraphia) /sub/ : agrafie, verlies van het schrijfvermogen
agrari, machina (machina) ~ : landbouwmachine
agricola (agricola) /sub/ : landbouwkundige, landbouwer
agricole, crise/crisis (crisis) ~ : landbouwcrisis
agricole, credito (credito) ~ : landbouwkrediet
agricole, chimia (chimia) ~ : landbouwscheikunde
agricole, machina (machina) ~ : landbouwmachine
agricole, banca de credito (credito) ~ : boerenleenbank
agricole, economia (economia) ~ : landbouweconomie
agricole, colonia (colonia) ~ : landbouwkolonie
agricole, excedente/surplus (surplus) (F)~ : landbouwoverschot
agricultural, credito (credito) ~ : landbouwkrediet
agricultural, crise/crisis (crisis) ~ : landbouwcrisis
agricultural, economia (economia) ~ : landbouweconomie
agricultural, chimia (chimia) ~ : landbouwscheikunde
agriocharis (agriocharis) /sub/ : ZOOLOGIA
agriocharis (agriocharis), ~ ocellate : pauwkalkoen
agrobiologia (agrobiologia) /sub/ : agrobiologie
agrobiologo (agrobiologo) /sub/ : Vide: agrobiologista
agrochimia (agrochimia) /sub/ : agrochemie, landbouwscheikunde
agrogeologia (agrogeologia) /sub/ : agrogeologie
agrogeologo (agrogeologo) /sub/ : agrogeoloog, bodemkundige
agrologia (agrologia) /sub/ : agrologie, bodemkunde
agrometeorologia (agrometeorologia) /sub/ : agrometeorologie, landbouwmeteorologie/weerkunde
agronomia (agronomia) /sub/ : agronomie, landbouwkunde, landbouweconomie
agronomic, technologia (technologia) ~ : landbouwtechnologie, cultuurtechniek
agronomista /sub/ : Vide: agronomo (agronomo)
agronomista, ~ maritime (maritime) : zeekweek
agrostis (agrostis),agrostide /sub/ : BOTANICA struisgras, veldgras
agrostis (agrostis),agrostide, ~ blanc : fioringras
agrotechnologia (agrotechnologia) /sub/ : landbouwtechnologie, landbouwtechniek
agulia, ~ de phonographo (phonographo) : grammofoonnaald
agulia, testa/capite (capite) del ~ : naaldenkop
ailurophilia (ailurophilia) /sub/ : ailurofilie, overdreven voorliefde voor katten
ailurophobia (ailurophobia) /sub/ : ailurofobie, ziekelijke angst voor katten
ajuga (ajuga) /sub/ : BOTANICA zenegroen
ala, ~ de un armea (armea) : vleugel van een leger
alacre (alacre) /adj/ : levendig, opgewekt
alarmante, phenomeno (phenomeno) ~ : onrustbarend verschijnsel
albatros (albatros) /sub/ : ZOOLOGIA albatros
albiflor, spirea (spirea) ~ : sneeuwspirea
albricoc, pastisseria (pastisseria) al albricoches : abrikozengebak/taart
albricoc, gelea (gelea) de albricoches : abrikozengelei
album (album) /sub/ : album
album (album), ~ de photo(graphia (graphia))s : fotoalbum
album (album), ~ de bandas designate : stripalbum
album (album), ~ philatelic/de timbros (postal) : postzegelalbum
album (album), ~ de esbossos : schetsboek
album (album), ~ de discos : platenalbum
albumina (albumina) /sub/ : BIOCHIMIA albumine
albumina (albumina), papiro a ~ : albuminepapier
albumina (albumina), fabrica de ~ : albuminefabriek
albuminometro (albuminometro) /sub/ : albuminometer
alcaic (alcaic) /adj/ : alcaïsch
alcaic (alcaic), verso/strophe ~ : alcaïsch vers
alcali (alcali) /sub/ : CHIMIA alkali
alcali (alcali), ~ volatile : ammonia, geest van salmiak
alcali (alcali), sapon sin ~ : alkalivrije zeep
alcalimetria (alcalimetria) /sub/ : CHIMIA alkalimetrie
alcalimetro (alcalimetro) /sub/ : CHIMIA alkalimeter
alcalose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA alkalose, alkalivergiftiging
alchimia (alchimia) /sub/ : alchemie
alchimia (alchimia), le chimia (chimia) ha nascite del ~ : de scheikunde is uit de alchemie geboren
alcohol, thermometro (thermometro) a/de ~ : alcoholthermometer
alcohol, bibitas (bibitas) exempte de ~/sin ~ : alcoholvrije dranken
alcoholemia (alcoholemia) /sub/ : MEDICINA alcoholemie, alcoholgehalte, alcoholpromillage
alcoholic, cirrhose (-osis (-osis)) ~ : alcoholische levercirrose
alcoholisate, bibitas (bibitas) ~ : alcoholica, alcoholische dranken
alcoholisate, bibitas (bibitas) non ~ : alcoholvrije dranken
alcohologia (alcohologia) /sub/ : alcohologie
alcoholometria (alcoholometria) /sub/ : alcoholometrie
alcoholometro (alcoholometro) /sub/ : alcoholmeter
Aleutas (Aleutas) /sub/ : Aleoeten
alexia (alexia) /sub/ : MEDICINA alexie, leesblindheid, woordblindheid
algebra (algebra) /sub/ : algebra
algebra (algebra), ~ tensorial : tensorwiskunde
algebra (algebra), ~ commutative : commutatieve algebra
algebra (algebra), ~ a division : verdelingsalgebra
algebra (algebra), ~ superior : hogere algebra
algebraic, numeros (numeros) ~ : algebraische getallen
algebric, numeros (numeros) ~ : algebraïsche getallen
algerian, le Sahara (Sahara) ~ : de Algerijnse Sahara
algesia (algesia) /sub/ : MEDICINA pijngevoel
algesimetro (algesimetro) /sub/ : algesimeter
algia (algia) /sub/ : MEDICINA algie, pijngevoel
algia (algia), ~ intestinal : darmpijn
algia (algia), ~ tendinose : peespijn
algia (algia), ~ vertebral : wervelpijn
algohallucinose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA fantoompijnen
algologia (algologia) /sub/ : algologie, studie der algen
algologo (algologo) /sub/ : iemand die de algen bestudeert, algoloog
algometria (algometria) /sub/ : PSYCHOLOGIA algometrie
algometro (algometro) /sub/ : PSYCHOLOGIA algometer
alia, inter (inter) ~, i.a. : onder andere(n), o.a.
alias (alias) /adv/ : alias, anders genoemd
alias (alias), Ramona, ~ le leona : Ramona, alias de leeuwin
alias (alias) /adv/ : op een andere manier
alias (alias) /adv/ : op een andere tijd
alibi (alibi) /adv/ : ergens anders, elders
alibi (alibi) /sub/ : alibi
alibi (alibi), ~ de ferro : waterdicht alibi
alibi (alibi), procurar/fornir se un ~ : zich een alibi verschaffen
alibi (alibi) /sub/ : excuus, uitvlucht, voorwendsel
alibi (alibi), fabricar se un ~ : een smoes bedenken
alicubi (alicubi) /adv/ : ergens
alien, nihil (nihil) del humano le es ~ : niets menselijks is hem vreemd
alienation, ~ mental/del spirito (spirito) : verstandsverbijstering
alimentar, le patatas alimenta minus (minus) que le ris : aardappelen voeden minder dan rijst
alimentar, ~ un machina (machina) : een machine van brandstof voorzien
alimentari, technologia (technologia) ~ : levensmiddelentechnologie
alinear, ~ un compania (compania) : een compagnie richten
alipede (alipede) /adj/ : ZOOLOGIA handvleugelig, met gevleugelde voeten
aliphatic, compositos (compositos) ~ : alifatische verbindingen
alique (alique) /pron/ : iets
alique (alique) /adv/ : enigszins, wat
alisee (alisee), 1 vento ~ : passaat(wind) 
aliseo (aliseo) /sub/ : passaat(wind)
aliseo (aliseo), ~ austral : zuidoostpassaat
aliseo (aliseo), ~ del hemispherio nord : noordoostpassaat
allargar, ~ su spirito (spirito) : zijn geest verruimen
allassotherapia (allassotherapia) /sub/ : MEDICINA allassotherapie
allegoria (allegoria) /sub/ : allegorie, zinnebeeldige voorstelling
allegoria (allegoria), le ~ del caverna in "Le Republica" de Platon : de allegorie van de grot in "De Republiek" van Plato
allelopathia (allelopathia) /sub/ : BIOLOGIA allelopathie
alleluia (alleluia) /sub/ : halleluja
allergene (allergene) /adj/ : allergeen
allergene (allergene), substantia ~ : allergene stof
allergene (allergene) /sub/ : allergeen, allergene stof
allergia (allergia) /sub/ : MEDICINA allergie, overgevoeligheid
allergia (allergia), ~ de contacto : contactallergie
allergia (allergia), ~ hereditari : aangeboren allergie
allergia (allergia), ~ al pulvere : allergie voor stof
allergic, phenomenos (phenomenos) ~ : allergische verschijnselen
allergic, maladia (maladia) ~ : allergische ziekte
allergologia (allergologia) /sub/ : MEDICINA allergologie
allergologo (allergologo) /sub/ : MEDICINA allergoloog, allergiespecialist
allergopathia (allergopathia) /sub/ : MEDICINA allergopathie
alligato, ~ de funderia (funderia) : gietlegering
allio, capite (capite)/testa de ~ : knoflookbolletje
allio, butyro (butyro) al ~ : knoflookboter
allobiologia (allobiologia) /sub/ : allobiologie
allobiose (-osis (-osis)) /sub/ : allobiose
allobrogo (allobrogo) /sub/ : HISTORIA allobroge (volk in Gallia Narbonensis)
allobrogo (allobrogo) /sub/ : bewoner van Piemont en Savoye
allochtono (allochtono) /sub/ : allochtoon
allogame (allogame) /adj/ : BOTANICA allogaam
allogamia (allogamia) /sub/ : BOTANICA kruisbestuiving, allogamie
allogene (allogene) /adj/ : allogeen
allogene (allogene), persona ~ : medelander
allogio, un bon salario con ~ gratuite (gratuite) : een goed salaris benevens vrije woning
allometria (allometria) /sub/ : BIOLOGIA allometrie
allonymo (allonymo) /sub/ : alloniem
allopathe (allopathe) /sub/ : MEDICINA allopaat
allopathia (allopathia) /sub/ : MEDICINA allopathie
allopathic, methodo (methodo) ~ : allopathische methode
allorhythmia (allorhythmia) /sub/ : MEDICINA alloritmie
allotrope (allotrope) /adj/ : CHIMIA allotropisch
allotrope (allotrope), stato ~ : allotropische toestand
allotropia (allotropia) /sub/ : CHIMIA allotropie
allotropic /adj/ : Vide: allotrope (allotrope) 
allotropo (allotropo) /sub/ : CHIMIA allotroop, allotropische toestand
allusive, le linguage del poesia (poesia) es ~ : het poëtisch taalgebruik zit vol zinspelingen
alluvial, deposito (deposito) ~ : alluviale afzetting
almanac (almanac) /sub/ : almanak, kalenderboekje, dagwijzer, jaarboekje
almanac (almanac), ~ de Enkhuizen : Enkhuizer almanak
almanac (almanac), ~ de tasca : zakalmanak
almosneria (almosneria) /sub/ : aalmoezeniersverblijf, aalmoezenierswoning
alno, cortice (cortice) de ~ : elzenbast/schors
alogia (alogia) /sub/ : PSYCHOLOGIA alogie, onmogelijkheid tot spreken
alpaca (alpaca) /sub/ : alpaca (bergschaap)
alpaca (alpaca) /sub/ : alpacawol
alpaca (alpaca) /sub/ : alpaca (legering) 
alphabetic, catalogo (catalogo) ~ : alfabetische catalogus
alphanumeric, codice (codice) ~ : alfanumerieke code
alsi (alsi) /adv/ : ook, eveneens
alsi (alsi) /adv/ : evenzo, insgelijks, verder, voorts
Altai (Altai) /sub/ : Altai (bergen, streek) 
alte, marea (marea) ~ : hoog water, vloed
altere, nihil (nihil) ~ : niets anders
altere, con/in ~ parolas/terminos (terminos) : met andere woorden
alternative, periodos (periodos) ~ de calor e de frigido : afwisselende perioden van warmte en koude
alterubi (alterubi) /adv/ : ergens anders, elders
althea (althea) /sub/ : BOTANICA heemst, witte maluw, althaea
althea (althea), ~ rosee : stokroos, herfstroos
altiamento, ~ de spatulas/de humeros (humeros) : het schouderophalen
altiar, ~ le spatulas/humeros (humeros) : de schouders ophalen
altiar, ~ le capite (capite)/le testa/le oculos : opkijken
altimetria (altimetria) /sub/ : altimetrie, hoogtemeting
altimetro (altimetro) /sub/ : hoogtemeter
altimetro (altimetro), ~ acustic : akoestische hoogtemeter
altoparlator, ~ de larynge (larynge) : strottehoofdluidspreker, keelluidspreker
alumineria (alumineria) /sub/ : aluminiumfabriek
aluminium (aluminium) /sub/ : aluminium
aluminium (aluminium), folio/papiro de ~ : aluminiumfolie
aluminium (aluminium), bronzo al ~ : aluminiumbrons
aluminium (aluminium), alligato de ~ : aluminiumlegering
aluminium (aluminium), filo de ~ : aluminiumdraad
aluminium (aluminium), silicato de ~ : aluminiumsilicaat
aluminium (aluminium), sulfato de ~ : aluminiumsulfaat
aluneria (aluneria) /sub/ : aluinfabriek
alveolate, cauchu (cauchu) ~ : schuimrubber
alveolo (alveolo) /sub/ : alveole, holte, blaasje
alveolo (alveolo), ~ pulmonar : longblaasje
alveolo (alveolo), plachetta a ~s : doordrukstrip
alveolo (alveolo), imballage a ~s : doordrukverpakking, blisterverpakking
alveolo (alveolo) /sub/ : tandkas
alveolo (alveolo) /sub/ : honingraat
alyte (alyte) /sub/ : ZOOLOGIA kettingpad, vroedmeesterpad
amabilitate, haberea (haberea) vos le ~ de : zou u zo vriendelijk willen zijn om
amalgama (amalgama) /sub/ : amalgaam, kwiklegering
amalgama (amalgama), ~ de zinc : zinkamalgaam
amalgama (amalgama), ~ de argento : zilveramalgaam
amalgama (amalgama), ~ de auro : goudamalgaam
amalgama (amalgama), ~ de cupro : koperamalgaam
amalgama (amalgama), ~ de stanno : tinamalgaam
amandola (amandola) /sub/ : amandel
amandola (amandola), ~ de terra : aardamandel
amandola (amandola), ~ tostate : gebrande amandel
amandola (amandola), ~ amar : bittere amandel
amandola (amandola), ~ dulce : zoete amandel
amandola (amandola), ~ sucrate : gezoete amandel
amandola (amandola), ~ salate : gezouten amandel
amandola (amandola), ~s decorticate : gepelde amandelen
amandola (amandola), ~s e uvas sic : studentenhaver
amandola (amandola), torta de ~s : amandeltaart
amandola (amandola), pastisseria (pastisseria) de ~s : amandelgebak
amandola (amandola), oleo de ~ : amandelolie
amandola (amandola), pasta de ~s : amandelpers/spijs
amandola (amandola), panetto al pasta de ~s : amandelbroodje
amandola (amandola), imitation de pasta de ~s : banketbakkersspijs
amandola (amandola), decorticar ~s : amandels pellen
amar, bibita (bibita) ~ : bittere drank
amar, ironia (ironia) ~ : bijtende spot
amar, ~ su proximo (proximo) : zijn naaste liefhebben
amaranthaceas (amaranthaceas) /sub/ : BOTANICA amaranthaceae, amarantaceeën, amarantenfamilie
amaryllis (amaryllis),amaryllide /sub/ : BOTANICA amaryllis
amateur, photographo (photographo) ~ : amateurfotograaf
amateur, meteorologo (meteorologo)/meteorologista ~ : weeramateur
amator, ~ de cinema (cinema) : filmliefhebber
amatori, poesias (poesias) ~ : liefdesgedichten
amaurose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA zwarte staar, amaurose
amaxophobia (amaxophobia) /sub/ : MEDICINA wagenvrees
amazon, costume/habito (habito) de ~ : rijkostuum (voor dames) 
ambidextria (ambidextria) /sub/ : ambidextrie, links- en rechtshandigheid, dubbelhandigheid
ambiophonia (ambiophonia) /adj/ : ambiofonie
ambito (ambito) /sub/ : omtrek, circuit
ambito (ambito), ~ de action : actieradius
ambivalente, character (character) ~ : tweeslachtig karakter
amblyopia (amblyopia) /sub/ : MEDICINA gezichtszwakte, amblyopie, lui oog
ambulante, skeleto (skeleto) ~ : wandelend geraamte
ambulante, pharmacia (pharmacia) ~ : veldapotheek
ambulante, encyclopedia (encyclopedia) ~ : wandelende encyclopedie
ambulatura, ~ digitigrade (digitigrade) : teengang
amebiasis (amebiasis) /sub/ : MEDICINA amebiasis
ameiose (-osis (-osis)) /sub/ : BIOLOGIA ameiose
amen (amen) /interj/ : amen, het zij zo
amen (amen), dicer ~ a toto : op alles ja en amen zeggen
amene (amene) /adj/ : vriendelijk, beminnelijk, aardig
amento, ~ de salice (salice) : wilgekatje
americanophobe (americanophobe) /adj/ : Amerikahatend
americanophobo (americanophobo) /sub/ : Amerikahater
americium (americium) /sub/ : CHIMIA americium
ametropia (ametropia) /sub/ : MEDICINA ametropie
amic (amic) /adj/ : vriendschappelijk, bevriend
amic (amic), nation ~ : bevriende natie
amic (amic), chef de stato de nation ~ : bevriend staatshoofd
amic (amic), pais ~ : bevriend land
amic (amic), familia ~ : bevriende familie
amic (amic), relation ~ : bevriende relatie
amic (amic), ~ del ordine : ordelievend
amic (amic), ~ del libertate : vrijheidlievend
amica (amica) /sub/ : vriendin
amica (amica), ~ de schola : schoolvriendin
amica (amica), ~ intime (intime) : boezemvriendin
amica (amica), ~ de infantia/de juventute : jeugdvriendin
amica (amica), circulo de ~s : vriendinnenkring, dameskransje
amicitate, ~ intime (intime) : boezemvriendschap
amicitate, ~ reciproc (reciproc) : wederzijdse vriendschap
amico (amico) /sub/ : vriend
amico (amico), ~ de casa : huisvriend
amico (amico), ~ de infantia/de juventute : jeugdvriend
amico (amico), ~ de schola : schoolvriend
amico (amico), ~ intime (intime)/del corde : boezemvriend
amico (amico), ~ loyal/fidel : trouwe vriend
amico (amico), ~ del natura : natuurvriend
amico (amico), ~ de tote le mundo : allemansvriend
amico (amico), ~ del populo : volksvriend
amico (amico), ~s inseparabile : onafscheidelijke vrienden
amico (amico), a precio de ~ : tegen een vriendenprijs
amico (amico), servicio de ~ : vriendendienst
amico (amico), circulo de ~s : vriendenkring
amico (amico), precio de ~ : vriendenprijs
amico (amico), consilio de ~ : vriendenraad
amico (amico), fidelitate/loyalitate de un ~ : vriendentrouw
amidogeno (amidogeno) /sub/ : CHIMIA amidogeen
aminophenol (aminophenol) /sub/ : CHIMIA aminophenol
amita (amita) /sub/ : tante
amitose (-osis (-osis)) /sub/ : BIOLOGIA amitose
ammoniac (ammoniac) /adj/ : CHIMIA ammoniak...
ammoniac (ammoniac), gumma ~ : ammoniakgom
ammoniac (ammoniac), aqua ~ : ammoniakwater, ammonia
ammoniac (ammoniac), gas ~ : ammoniak(gas)
ammoniac (ammoniac), sal ~ : salmiak
ammoniaco (ammoniaco) /sub/ : CHIMIA ammoniak (NH3)
ammoniaco (ammoniaco), ~ (liquide) : ammonia
ammoniaco (ammoniaco), fabrica de ~ : ammoniakfabriek
ammoniaco (ammoniaco), invenenamento/intoxication per ~ : ammoniakvergiftiging
ammoniaco (ammoniaco), odor de ~ : ammoniaklucht
ammoniaco (ammoniaco) /sub/ : ammoniakgom
ammonium (ammonium) /sub/ : CHIMIA ammonium
ammonium (ammonium), chloruro/chlorido de ~ : ammoniumchloride, salmiak
ammonium (ammonium), carbonato de ~ : ammoniumcarbonaat
ammonium (ammonium), nitrato de ~ : ammoniumnitraat
ammonium (ammonium), sulfato de ~ : ammoniumsulfaat
ammonium (ammonium), composito (composito) de ~ : ammoniumverbinding
ammophila (ammophila) /sub/ : BOTANICA (zand)helm
ammophila (ammophila) /sub/ : ZOOLOGIA zandwesp
amnesia (amnesia) /sub/ : geheugenverlies, geheugenzwakte, amnesie
amnesia (amnesia), ~ lacunar/lacunose : lacunaire amnesie
amnestia (amnestia) /sub/ : amnestie, generaal pardon
amniocentese (amniocentese) (-esis) /sub/ : MEDICINA vruchtwaterpunctie
amnioscopia (amnioscopia) /sub/ : MEDICINA vruchtwateronderzoek, amnioscopie
amok (amok) /sub/ : amok
amok (amok), currer/facer ~ : amok maken, als een bezetene te keer gaan
amonta, ~ maxime (maxime) : hoogste bedrag
amor, ~ al proximo (proximo) : naastenliefde
amor, littera (littera) de ~ : liefdesbrief
amorose, littera (littera) ~ : liefdesbrief
amorose, poesia (poesia) ~ : minnepoësie, liefdespoësie
amorphia (amorphia) /sub/ : amorfe toestand, vormloosheid
amortisar, ~ un debita (debita) : een schuld aflossen
amortisar, ~ un perdita (perdita) : een verlies delgen
amortisation, termino (termino)/periodo (periodo) de ~ : aflossingstermijn
amortisation, ~ del debitas (debitas) : schulddelging
amortisation, pro le ~ del machinas (machinas) : voor afschrijving van de machines
amovibile, prothese (prothese) (-esis) dentari/dental ~ : uitneembaar kunstgebit
ampelographia (ampelographia) /sub/ : studie van de wijnstok
ampelopsis (ampelopsis) /sub/ : BOTANICA wilde wingerd
ampelopsis (ampelopsis), ~ oriental : kamerwingerd
ampere (ampere) /sub/ : ampère (eenheid van stroomsterkte) 
ampere-hora (ampere-hora) /sub/ : ampère-uur (eenheid van hoeveelheid energie) 
ampere-torno (ampere-torno) /sub/ : ampèrewinding
amperometro (amperometro) /sub/ : ampèremeter
ampex (ampex) /sub/ : TELEVISION ampex
amphibiologia (amphibiologia) /sub/ : amfibieënkunde, amfibiologie
amphibiologo (amphibiologo) /sub/ : amfibioloog
amphibolia (amphibolia) /sub/ : amfibolie
amphibologia (amphibologia) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA PHILOSOPHIA amfibologie, ambiguïteit, dubbelzinnigheid
amphibologic, termino (termino) ~ : dubbelzinnige term
amphibracho (amphibracho) /sub/ : amfibrachys (versvoet), trippelmaat
amphictyonia (amphictyonia) /sub/ : HISTORIA amfictyonie
amphimixia (amphimixia) /sub/ : BIOLOGIA amfimixis
amphimixis (amphimixis) /sub/ : BIOLOGIA amfimixis
amphioxo (amphioxo) /sub/ : ZOOLOGIA
amphioxo (amphioxo), ~ lanceolate : lancetvisje
amphora (amphora) /sub/ : amfora, amfoor, kruik
ample, camera (camera) ~ : ruime kamer
ample, biographia (biographia) ~ : uitvoerige biografie
amplexicaule (amplexicaule) /adj/ : BOTANICA stengelomvattend
amplexicaule (amplexicaule), folios ~ : stengelomvattende bladeren
amplexicaule (amplexicaule), lamio ~ : hoenderbeet
ampliar, ~ un camera (camera) : een kamer vergroten
ampliar, ~ le numero (numero) de membros a octo : het aantal leden uitbreiden tot acht
ampliation, ~ de un photo(graphia (graphia)) : vergroting van een foto
amplificar, le crise/crisis (crisis) economic se amplifica : de economische crisis wordt steeds dieper
amplificator, ~ de microphono (microphono) : microfoonversterker
amygdala (amygdala) /sub/ : ANATOMIA amandel
amygdala (amygdala), ~ palatin : verhemelteamandel
amygdala (amygdala), ~ pharyngee (pharyngee) : keelholteamandel
amygdala (amygdala), ablation/extirpation del ~s : verwijdering van de amandelen
amygdalectomia (amygdalectomia) /sub/ : MEDICINA (keel)amandeloperatie, tonsillectomie
amygdalitis (amygdalitis) /sub/ : MEDICINA amandelontsteking, amygdalitis
amygdalotomia (amygdalotomia) /sub/ : MEDICINA tonsillotomie
amylose (-osis (-osis)) /sub/ : CHIMIA amylose (component van zetmeel) 
amyotrophia (amyotrophia) /sub/ : MEDICINA amyotrofie, spieratrofie
anacamptis (anacamptis) /sub/ : BOTANICA hondskruid
anacreontic, poesia (poesia) ~ : anacreontische poësie
anacrusis (anacrusis) /sub/ : MUSICA voorslag, opslag, opmaat
anagallis (anagallis) /sub/ : BOTANICA guichelheil
anagallis (anagallis), ~ arvense : akkerguichelheid
anagogia (anagogia) /sub/ : THEOLOGIA symbolische bijbelverklaring
anagrammista, sphincter (sphincter) ~ : sluitspier van de anus
analepsis (analepsis) /sub/ : analepsis, terugkeer van de krachten na een ziekte
analeptic, pharmaco (pharmaco) ~ : analeptisch middel
analgesia (analgesia) /sub/ : MEDICINA gevoelloosheid voor pijn, analg(es)ie
analgesic, pharmaco (pharmaco) ~ : pijnstillend middel, pijnstiller
analgia (analgia) /sub/ : MEDICINA gevoelloosheid voor pijn, analg(es)ie
analoge (analoge) /adj/ : analoog, gelijksoortig, vergelijkbaar, overeenkomstig
analoge (analoge), punctos de vista ~ : overeenkomstige visies
analoge (analoge), declarationes ~ : overeenkomende verklaringen
analoge (analoge) /adj/ : (van apparaten) analoog
analoge (analoge), calculator ~ : analoge rekenmachine
analoge (analoge), computator/computer (A) ~ : analoge computer
analogia (analogia) /sub/ : analogie, overeenkomst, overeenstemming
analogia (analogia), offerer/presentar ~s : overeenkomst vertonen
analogia (analogia), ~ de spirito (spirito) : geestverwantschap
analogia (analogia), ~ de character (character) : karakterovereenkomst
analogia (analogia), ~ inter (inter) le linguas romanic : verwantschap tussen de Romaanse talen
analogia (analogia), rationar per ~, applicar le ~ : bij analogie redeneren, analogiseren
analogia (analogia), rationamento per ~ : redenering bij analogie
analogic, methodo (methodo) ~ : analoge methode
analysar, ~ un periodo (periodo) : periode onderzoeken
analyse (analyse) (-ysis) /sub/ : analyse, ontleding, ontbinding, onderzoek
analyse (analyse) (-ysis), ~ stilistic : stijlanalyse
analyse (analyse) (-ysis), ~ economic : economische analyse
analyse (analyse) (-ysis), ~ structural : structurele analyse
analyse (analyse) (-ysis), ~ thematic : thematische analyse
analyse (analyse) (-ysis), ~ textual/de texto : tekstanalyse
analyse (analyse) (-ysis), ~ graphologic : schriftexpertise
analyse (analyse) (-ysis), ~ de systemas : systeemanalyse
analyse (analyse) (-ysis), ~ qualitative : kwalitatieve analyse
analyse (analyse) (-ysis), ~ quantitative : kwantitatieve analyse
analyse (analyse) (-ysis), ~ spectral : spectraalanalyse
analyse (analyse) (-ysis), ~ calorimetric : calorimetrische analyse
analyse (analyse) (-ysis), ~ del travalio : werkanalyse
analyse (analyse) (-ysis), ~ logic/syntactic : redekundige ontleding
analyse (analyse) (-ysis), ~ grammatical/morphologic : taalkundige ontleding
analyse (analyse) (-ysis), ~ del sonos : klankanalyse
analyse (analyse) (-ysis), ~ combinatori : combinatierekening
analyse (analyse) (-ysis), ~ harmonic : harmonische analyse
analyse (analyse) (-ysis), ~ del comportamento/del conducta : gedragsanalyse
analyse (analyse) (-ysis), ~ marginal : randanalyse
analyse (analyse) (-ysis), ~ factorial : factoranalyse
analyse (analyse) (-ysis), ~ del mercato : marktonderzoek
analyse (analyse) (-ysis), ~ del solo : bodemonderzoek
analyse (analyse) (-ysis), ~ del sanguine : bloedonderzoek
analyse (analyse) (-ysis), ~ del polline : stuifmeelonderzoek
analyse (analyse) (-ysis), per via de ~ : langs analytische weg
analyse (analyse) (-ysis), in le ultime (ultime) ~ : in wezen, in laatste instantie, tenslotte
analytic, chimia (chimia) ~ : analytische scheikunde
analytic, geometria (geometria) ~ : analytische meetkunde
analytic, psychologia (psychologia) ~ : analytische psychologie
analytic, methodo (methodo) ~ : analytische methode
analytic, spirito (spirito) ~ : analytische geest
anamnese (-esis (-esis)) /sub/ : MEDICINA (voor)geschiedenis (van een ziekte), anamnese
anamorphose (-osis (-osis)) /sub/ : vertekend beeld (in gebogen spiegel), vervorming, drogbeeld, anamorfose
ananas (ananas) /sub/ : BOTANICA ananas
ananas (ananas), ~ de mar : zeeananas
ananas (ananas), cocktail (A) de ~ : ananascocktail
ananas (ananas), compota de ~ : ananascompote
ananas (ananas), crema dulce al ~ : ananaspudding/vla
ananas (ananas), confectura/confitura al ~ : ananasjam
ananas (ananas), succo de ~ : ananassap
ananas (ananas), gusto de ~ : ananassmaak
anaphora (anaphora) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA anafoor, stijlfiguur die bestaat uit de herhaling van het beginwoord
anaphrodisiac (anaphrodisiac) /adj/ : de geslachtsdrift verminderend
anaphrodisiaco (anaphrodisiaco) /sub/ : anafrodisiacum, middel dat de geslachtsdrift vermindert
anarchia (anarchia) /sub/ : POLITICA anarchie
anarchia (anarchia) /sub/ : wanorde, wetteloosheid, anarchie
anastomose (-osis (-osis)) /sub/ : BIOLOGIA anastomose (natuurlijke verbinding) 
anastrophe (anastrophe) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA woordomzetting, anastrofe
anatase (anatase) /sub/ : MINERALOGIAERALOGIA anataas
anate (anate) /sub/ : eend
anate (anate), ~ clypeate : lepeleend
anate (anate), ~ mascule : woerd
anate (anate), ~ salvage : wilde eend
anate (anate), ~ penelope : smient
anate (anate), ~ acute : pijlstaarteend
anate (anate), ~ mandarin : mandarijneend
anate (anate), ~ de esca/de appello : lokeend, roepeend
anate (anate), ovo de ~ : eendenei
anate (anate), pata de ~ : eendenpoot
anate (anate), nido de ~ : eendennest
anate (anate), stagnetto de ~s : eendenkom
anate (anate), racia de ~s : eendenras
anate (anate), chassa (sj) de ~s : eendenjacht
anate (anate), chassator (sj) de ~s : eendenjager
anate (anate), volo de ~s : toom eenden
anathema (anathema) /sub/ : RELIGION anathema, banvloek, excommunicatie
anathema (anathema), lancear un ~ : een vloek uitspreken, vervloeken
anathema (anathema), levar le ~ a un persona : iemand van de ban ontslaan
anatomia (anatomia) /sub/ : anatomie, ontleedkunde
anatomia (anatomia), ~ pathologic : pathologische anatomie
anatomia (anatomia), ~ teratologic : teratologische anatomie
anatomia (anatomia), ~ macroscopic : macroscopische anatomie
anatomia (anatomia), ~ microscopic : microscopische anatomie
anatomia (anatomia), ~ comparative : vergelijkende anatomie
anatomia (anatomia), ~ descriptive : beschrijvende anatomie
anatomia (anatomia), laboratorio de ~ : anatomisch laboratorium
anatomic, atlas (atlas) ~ : atlas der anatomie
anatomopathologia (anatomopathologia) /sub/ : MEDICINA pathologische anatomie
anatrope (anatrope) /adj/ : BOTANICA anatroop
ancia (ancia) /sub/ : MUSICA riet(je) (van blaasinstrument) 
ancora (ancora) /sub/ : anker
ancora (ancora), ~ flottante : drijfanker
ancora (ancora), ~ de fluxo : vloedanker
ancora (ancora), ~ de reserva : noodanker
ancora (ancora), ~ de terra : landanker
ancora (ancora), esser al ~ : voor anker liggen
ancora (ancora), levar le ~ : het anker lichten/hieuwen/ophalen
ancora (ancora), jectar le ~ : het anker werpen
ancora (ancora), catena de ~ : ankerketting
ancora (ancora), cablo de ~ : ankertros
ancora (ancora), anello de un ~ : ankerring
ancora (ancora), horologio de/ad ~ : ankerhorloge
Andalusia (Andalusia) /sub/ : Andalusië
andes (andes) /sub/ : Andes (gebergte)
andes (andes), Cordillera del ~ : Andesgebergte
andragogia (andragogia) /sub/ : andragogie
andragogo (andragogo) /sub/ : andragoog
Andreas (Andreas) /sub/ : Andreas, André
Andreas (Andreas), cruce de Sancte ~ : Andreaskruis
androgenese (androgenese) (-esis) /sub/ : BIOLOGIA androgenese
androgynia (androgynia) /sub/ : tweeslachtigheid, androgynie
androgyno (androgyno) /sub/ : tweeslachtig dier/plant
andrologia (andrologia) /sub/ : MEDICINA andrologie
andromeda (andromeda) /sub/ : BOTANICA rotsbes, lavendelheide
Andromeda (Andromeda) /sub/ : LITTERATURA,  ASTRONOMIA Andromeda
Andromeda (Andromeda), Nebulosa de ~ : Andromedanevel
androphobia (androphobia) /sub/ : mensenvrees
anecdota (anecdota) /sub/ : anekdote
anecdota (anecdota), ~ spiritual : geestige anekdote
anello, ~ de un ancora (ancora) : ankerring
anemia (anemia) /sub/ : MEDICINA bloedarmoede, anemie
anemia (anemia), ~ perniciose : pernicieuze anemie
anemographia (anemographia) /sub/ : METEO anemografie
anemographo (anemographo) /sub/ : METEO zelfregistrerende wind(snelheids)meter, anemograaf
anemologia (anemologia) /sub/ : METEO anemologie
anemometria (anemometria) /sub/ : METEO anemometrie
anemometro (anemometro) /sub/ : METEO wind(snelheids)meter, anemometer
anemophilia (anemophilia) /sub/ : BOTANICA windbestuiving, windbloemigheid, anemofilie
aneroide, barometro (barometro) ~ : aneroide barometer
anesthesia (anesthesia) /sub/ : MEDICINA verdoving, narcose
anesthesia (anesthesia), ~ local : plaatselijke verdoving
anesthesia (anesthesia), ~ total : algehele verdoving
anesthesia (anesthesia), ~ superficial : lichte verdoving
anesthesia (anesthesia), ~ spinal : verdoving in het ruggemerg
anesthesiologia (anesthesiologia) /sub/ : MEDICINA anesthesiologie, narcoseleer
angaria (angaria) /sub/ : JURIDIC angarie
angaria (angaria), derecto de ~ : recht van angarie, recht van beslagneming op vreemde schepen
angela (angela) /sub/ : Angela
angelo (angelo) /sub/ : engel
angelo (angelo), ~ de Deo : engel Gods
angelo (angelo), ~ tutelar/custode : beschermengel, schutsengel, engelbewaarder
angelo (angelo), ~ del pace : vredesengel
angelo (angelo), ~ consolatori : troostende engel
angelo (angelo), ~ de morte : doodsengel
angelo (angelo), ~ exterminatori : engel des verderfs
angelo (angelo), patientia de ~ : engelengeduld
angelo (angelo), capillos de ~ : engelenhaar
angelo (angelo), visage de ~ : engelengelaat
angelo (angelo), choro de ~s : engelenkoor
angelo (angelo), missa del ~s : engelenmis
angelo (angelo), cohortes de ~s : legioenen van engelen
angelolatria (angelolatria) /sub/ : engelenverering
angelologia (angelologia) /sub/ : engelenleer, angelologie
angelus (angelus) /sub/ : (gebed) angelus
angelus (angelus) /sub/ : angelusklok
angelus (angelus) /sub/ : ZOOLOGIA
angelus (angelus), ~ prunari : iepentakvlinder
angiocardiographia (angiocardiographia) /sub/ : MEDICINA angiocardiografie
angiocardiopathia (angiocardiopathia) /sub/ : MEDICINA angiocardiopathie, hart- en vaatziekte
angiographia (angiographia) /sub/ : MEDICINA angiografie, beschrijving van de bloedvaten
angiologia (angiologia) /sub/ : MEDICINA angiologie, leer van de bloedvaten
angiologo (angiologo) /sub/ : MEDICINA angioloog
angiopathia (angiopathia) /sub/ : MEDICINA vaatziekte
anglomania (anglomania) /sub/ : anglomanie
anglomaniac (anglomaniac) /adj/ : anglomaan
anglomaniaco (anglomaniaco) /sub/ : anglomaan
anglomano (anglomano) /sub/ : anglomaan
anglophilia (anglophilia) /sub/ : anglofilie, pro-engelse gezindheid
anglophobe (anglophobe) /adj/ : afkerig van al wat engels is, anti-engels
anglophobia (anglophobia) /sub/ : anglofobie
anglophobo (anglophobo) /sub/ : iemand die afkerig is van al wat engels is, anti-engels gezind persoon
anglophono (anglophono) /sub/ : engelstalige, engelsprekende
anglosaxono (anglosaxono) /sub/ : Angelsakser
anglosaxono (anglosaxono) /sub/ : Angelsaksisch, Oudengels
angostura, cortice (cortice) de ~ : angosturabast
angulo (angulo) /sub/ : hoek
angulo (angulo), ~ acute : scherpe hoek
angulo (angulo), con ~s acute : scherphoekig
angulo (angulo), ~ obtuse : stompe hoek
angulo (angulo), ~ recte : rechte hoek
angulo (angulo), ~ oblique : scheve hoek
angulo (angulo), ~ platte/plan : gestrekte hoek
angulo (angulo), ~ interne/interior : binnenhoek
angulo (angulo), ~ superior : bovenhoek
angulo (angulo), ~ inferior : benedenhoek
angulo (angulo), ~ externe/exterior : buitenhoek
angulo (angulo), ~s alterne interne : verwisselende binnenhoeken
angulo (angulo), ~s alterne externe : verwisselende buitenhoeken
angulo (angulo), ~s correspondente : overeenkomstige hoeken
angulo (angulo), ~ contigue/adjacente : aanliggende hoek, nevenhoek
angulo (angulo), ~ complementari : complementshoek
angulo (angulo), ~ supplementari : supplementaire hoek
angulo (angulo), ~ del vertice (vertice) : tophoek
angulo (angulo), ~ de base : basishoek
angulo (angulo), ~ polyhedre : veelvlakshoek
angulo (angulo), ~ visual : gezichtshoek
angulo (angulo), ~ de polarisation : polarisatiehoek
angulo (angulo), ~ de tiro : schootshoek
angulo (angulo), ~ del bucca : mondhoek
angulo (angulo), ~ remote : uithoek
angulo (angulo), ~ de 30 grados : hoek van 30 graden
angulo (angulo), divider un ~ in duo, bisecar un ~ : een hoek in tweeën delen
angulo (angulo), ~ optic : beeldhoek
angulo (angulo), ~ facial : gelaatshoek
angulo (angulo), ~ de incidentia : hoek van inval
angulo (angulo), ~ de reflexion : hoek van terugkaatsing
angulo (angulo), ~ de refraction : brekingshoek
angulo (angulo), ~ de inclination : hellingshoek
angulo (angulo), ~ rotatori/giratori : draaiingshoek
angulo (angulo), ~ intime (intime) : zithoek, zitje
angulo (angulo), ~ horari de un astro : uurhoek van een ster
angulo (angulo), mesurator de ~s : hoekmeter, gradenboog
angulo (angulo), tornar (circum) le ~ : de hoek omgaan
angulo (angulo), domo/casa de ~ : hoekhuis
angulo (angulo), muro de ~ : hoekmuur
angulo (angulo), poste de ~ : hoekpaal
angulo (angulo), sofa de ~ : hoeksofa
angulo (angulo), turre de ~ : hoektoren
angulo (angulo), petra de ~ : hoeksteen
angulo (angulo), colpo de ~ : hoekslag/schop, corner
angulo (angulo), sutura de ~ : hoeknaad
angulo (angulo), supporto de ~ : hoeksteun
angulometro (angulometro) /sub/ : hoekmeter
angulose, character (character) ~ : hoekig karakter
anhydre (anhydre) /adj/ : CHIMIA watervrij
anhydrose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA anhydrose, sterke vermindering van de zweetafscheiding
aniconic, symbolo (symbolo) ~ : aniconisch symbool
anima (anima) /sub/ : ziel, geest
anima (anima), ~ de poeta : dichterziel
anima (anima), ~ infantil : kinderziel
anima (anima), ~ human : mensenziel
anima (anima), ~ popular : volksziel
anima (anima), ~ heroic : heldenziel
anima (anima), ~ del populo : volksziel
anima (anima), salvation del ~ : heil van de ziel
anima (anima), tranquillitate de ~ : zielerust, gemoedsrust
anima (anima), pastor de ~ : zieleherder
anima (anima), cura de ~ : zielzorg
anima (anima), immortalitate del ~ : onsterfelijkheid van de ziel
anima (anima), immaterialitate del ~ : onstoffelijkheid van de ziel
anima (anima), movimento de ~ : gemoedsbeweging
anima (anima), render le ~ : de geest geven
anima (anima), stato de ~ : gemoedstoestand
anima (anima), migration/transmigration del ~ : zielsverhuizing
anima (anima), nulle ~ vive : geen levende ziel
anima (anima), excitar le ~s : de gemoederen in beroering brengen
anima (anima), dar ~ a : bezielen
anima (anima), dar se ~ e corpore a un cosa : zich met hart en ziel aan iets wijden
anima (anima), ille esseva le ~ del conspiration : hij was de ziel van de samenzwering
anima (anima) /sub/ : MILITAR stootbodem (van een kanon)
anima (anima) /sub/ : stapel (van muziekinstrument) 
animal, psychologia (psychologia) ~ : dierenpsychologie
animal, physiologia (physiologia) ~ : dierfysiologie
animal, epopea (epopea) ~ : dierenepos
animo (animo) /sub/ : animo, energie, lust
anion (anion) /sub/ : PHYSICA anion
anion (anion), excambio de ~es : anionenwisseling
anis, bibita (bibita)/biberage al ~ : anijsdrank
anisogamia (anisogamia) /sub/ : BOTANICA ongelijkslachtigheid, heterogamie
anisometropia (anisometropia) /sub/ : MEDICINA anisometropie
anisotrope (anisotrope) /adj/ : PHYSICA anisotroop, met verschillende eigenschappen in verschillende richtingen
anisotrope (anisotrope), infiltration/percolation ~ : anisotrope kwel
anisotrope (anisotrope), solo ~ : anisotrope grond
anisotrope (anisotrope), material ~ : anisotroop materiaal
anisotrope (anisotrope), conolidation ~ : anisotrope consolidatie
anisotropia (anisotropia) /sub/ : PHYSICA anisotropie
anisotropia (anisotropia), ~ uniaxe/uniaxial : eenassige anisotropie
ankylose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA ankylose, gewrichtsverstijving
ankylostoma (ankylostoma) /sub/ : mijnworm
ankylostomiasis (ankylostomiasis) /sub/ : MEDICINA mijnwormziekte
annexe, camera (camera) ~ : zijkamer
anniversario, le cinquantesime (cinquantesime) ~ de lor maritage/matrimonio : zijn verjaardag vieren
anno, ultime (ultime) die del ~ : oudejaar(sdag)
anno, le ~ proxime (proxime) : volgend jaar
annual, reunion/assemblea (assemblea) ~ : jaarvergadering
annullar, ~ per telephono (telephono) : afbellen
annunciar, ~ su visita (visita) : zijn bezoek aankondigen
ano, sphincter (sphincter) del ~ : sluitspier van de anus
anodo (anodo) /sub/ : ELECTRICITATE anode
anodo (anodo), currente de ~ : anodestroom
anodo (anodo), batteria de ~ : anodebatterij
anomalia (anomalia) /sub/ : afwijking, onregelmatigheid
anomalia (anomalia), ~s psychotic : psychotische afwijkingen
anomalia (anomalia) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA anomalie
anomia (anomia) /sub/ : wetsloochening, wetteloosheid, wetsverkrachting, anomie
anonyme (anonyme) /adj/ : anoniem, onbekend, naamloos
anonyme (anonyme), autor ~ : onbekend schrijver, anonymus
anonyme (anonyme), pamphletario ~ : anonieme pampfletist
anonyme (anonyme), littera (littera) ~ : ongetekende brief, anonieme brief
anonyme (anonyme), libro ~ : anoniem boek
anonyme (anonyme), compania (compania)/societate ~ : naamloze vennootschap
anonymo (anonymo) /sub/ : anonymus, onbekende
anorganic, chimia (chimia) ~ : anorganische scheikunde
anorgasmia (anorgasmia) /sub/ : anorgasmie
anormalitate, ~ de un organo (organo) : afwijking van een orgaan
anosmia (anosmia) /sub/ : MEDICINA anosmie, gebrek aan reukvermogen
anoxemia (anoxemia) /sub/ : MEDICINA anoxemie, ontbreken van zuurstof in slagaderlijk bloed
anoxia (anoxia) /sub/ : MEDICINA zuurstofgebrek, anoxie
Antarctica (Antarctica) /sub/ : Zuidpoolgebied
antecamera (antecamera) /sub/ : voorvertrek, wachtkamer (van dokter, etc.)
antecamera (antecamera), facer ~ : in de wachtkamer wachten, antichambreren
antecamera (antecamera), le ~ del inferno : het voorportaal van de hel
antedata, ~ de un littera (littera) : antidatering van een brief
antedatar, ~ un littera (littera) : een brief antidateren
antepenultima (antepenultima) /sub/ : op twee na laatste lettergreep
antepenultime (antepenultime) /adj/ : op twee na laatst
antepenultime (antepenultime), syllaba (syllaba) ~ : op twee na laatste lettergreep
anthemis (anthemis) /sub/ : BOTANICA Roomse kamille
anthemis (anthemis), ~ arvense : akkerkamille
anthemis (anthemis), ~ austriac : Oostenrijkse kamille
anthese (-esis (-esis)) /sub/ : BOTANICA het ontluiken, ontluiking
anthographia (anthographia) /sub/ : anthografie
anthologia (anthologia) /sub/ : anthologie, bloemlezing
anthologia (anthologia), compilar un ~ : een bloemlezing samenstellen
anthrace (anthrace) /sub/ : MEDICINA negenoog, steenpuist, karbunkel, bloedzweer
anthrace (anthrace), ~ maligne : kwaadaardige steenpuist
anthrace (anthrace) /sub/ : miltvuur (veeziekte)
anthrace (anthrace), epidemia (epidemia) de ~ : miltvuurepidemie
anthrace (anthrace), bacillo de ~ : miltvuurbacil
anthracometro (anthracometro) /sub/ : antracometer
anthracose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA ant(h)racose, stoflong door steenkool, koollong
anthrax (anthrax) /sub/ : Vide: anthrace
anthropobiologia (anthropobiologia) /sub/ : antropobiologie
anthropocentric, philosophia (philosophia) ~ : antropocentrische filosofie
anthropocentric, theoria (theoria) ~ : antropocentrische theorie
anthropode (anthropode) /adj/ : ZOOLOGIA de geleedpotigen betreffend
anthropodo (anthropodo) /sub/ : ZOOLOGIA geleedpotige
anthropodo (anthropodo), anthropodos : anthropoda, geleedpotigen
anthropogenese (anthropogenese) (-esis) /sub/ : antropogenese
anthropogenia (anthropogenia) /sub/ : antropogenie
anthropogeographia (anthropogeographia) /sub/ : antropogeografie
anthropographia (anthropographia) /sub/ : antropografie
anthropologia (anthropologia) /sub/ : antropologie
anthropologia (anthropologia), ~ biologic : antropobiologie
anthropologo (anthropologo) /sub/ : antropoloog
anthropometria (anthropometria) /sub/ : antropometrie
anthropometria (anthropometria), ~ judiciari : gerechtelijke antropometrie
anthropomorphologia (anthropomorphologia) /sub/ : antropomorfologie
anthroponymia (anthroponymia) /sub/ : antroponymie, naamgeving
anthroponymo (anthroponymo) /sub/ : antroponiem, persoonsnaam
anthropophage (anthropophage) /adj/ : mensenetend
anthropophage (anthropophage), tribo ~ : kannibalenstam
anthropophagia (anthropophagia) /sub/ : antropofagie, kannibalisme
anthropophago (anthropophago) /sub/ : menseneter, kannibaal
anthropophobia (anthropophobia) /sub/ : antropofobie
anthropopitheco (anthropopitheco) /sub/ : ZOOLOGIA aapmens, anthropopithecus
anthroposcopia (anthroposcopia) /sub/ : antroposcopie
anthroposophe (anthroposophe) /adj/ : antroposofisch
anthroposophia (anthroposophia) /sub/ : antroposofie
anthroposopho (anthroposopho) /sub/ : antroposoof
anthropotomia (anthropotomia) /sub/ : antropotomie, anatomie van het menselijk lichaam
anthyllis (anthyllis) /sub/ : BOTANICA
anthyllis (anthyllis), ~ vulnerari : wondklaver
antiacne (antiacne) /adj/ : tegen acne, antiacne...
antiaeree, artilleria (artilleria)/cannones ~ : luchtdoelartillerie, luchtdoelgeschut
antiaeree, batteria (batteria) ~ : luchtafweerbatterij
antiarabe (antiarabe) /sub/ : adj. anti-Arabisch
antiarabe (antiarabe) /sub/ : s. anti-Arabische houding
antibiose (-osis (-osis)) /sub/ : BOTANICA antibiose, parasitisme waarbij een van de partners te gronde gaat
anticathodo (anticathodo) /sub/ : anticathode
anticholeric /adj/ : tegen de cholera (cholera)
antichrese (antichrese) (-esis) /sub/ : antichrese, antichresis, pandgenot
anticlimax (anticlimax) /sub/ : anticlimax
anticoagulante, pharmaco (pharmaco) ~ : de bloedstolling vertragend middel
antidemocrate (antidemocrate) /sub/ : antidemocraat
antidoto (antidoto) /sub/ : tegengif
antiexopero (antiexopero) /adj/ : antistakings...
antiexopero (antiexopero), lege ~ : antistakingswet
antigeno (antigeno) /sub/ : BIOLOGIA antigeen
antiheroe (antiheroe) /sub/ : antiheld
antihistaminic, pharmaco (pharmaco) ~ : middel tegen histamine
Antilibano (Antilibano) /sub/ : Anti-Libanon
antilogia (antilogia) /sub/ : antilogie, tegenstrijdigheid
antilope (antilope) /sub/ : antiloop
antilope (antilope), ~ silvatic : bosantiloop
antimilitarista, ideologia (ideologia) ~ : antimilitaristische ideologie
antinomia (antinomia) /sub/ : antinomie, innerlijke tegenstrijdigheid, tegenspraak
Antiochia (Antiochia) /sub/ : Antiochië
antipathia (antipathia) /sub/ : antipatie, afkeer
antipathia (antipathia), ~ instinctive : gevoelsmatige afkeer
antipathia (antipathia), inspirar ~ : antipathie opwekken
antipathic, puero (puero) ~ : akelige jongen
antiperiodo (antiperiodo) /sub/ : MATHEMATICA antiperiode
antiperistase (antiperistase) (-asis) /sub/ : antiperistasis, werking van twee tegenovergestelde elkander versterkende eigenschappen
antiphona (antiphona) /sub/ : ECCLESIA antifoon, beurtzang, wisselzang, tegenzang
antiphrase (antiphrase) (-asis) /sub/ : antifrase
antipode (antipode) /sub/ : tegenvoeter
antipode (antipode) /sub/ : tegendeel, tegenovergestelde
antipollution, policia (policia) ~ : milieupolitie
antipsychiatria (antipsychiatria) /sub/ : antipsychiatrie
antipulices (antipulices) /adj/ : tegen de vlooien
antipulices (antipulices), collar ~ : vlooien(hals)band
antiqualia, camera (camera) de ~s : rommelkamer
antiquitate, vendita (vendita) public/auction de ~s : antiekveiling
antiradar (antiradar) /adj/ : antiradar
antiradar (antiradar), systema ~ : antiradarsysteem
antiradar (antiradar) /sub/ : antiradar
antireligiose, spirito (spirito) ~ : antigodsdienstige geest
antirheumatic, pharmaco (pharmaco) ~ : middel tegen reuma
antisatellita (antisatellita) /adj/ : antisatelliet...
antisatellita (antisatellita), arma ~ : antisatellietwapen
antisepsis (antisepsis) /sub/ : MEDICINA antisepsie, antisepsis
antisymmetria (antisymmetria) /sub/ : antisymmetrie, scheefsymmetrie
antithese (antithese) (-esis) /sub/ : het tegenover elkaar stellen, antithese, tegenstelling
antithese (antithese) (-esis) /sub/ : RHETORICA antithese
antitypo (antitypo) /sub/ : antitype, tegenbeeld, pendant, tegenhanger
antivirus (antivirus) /sub/ : MEDICINA antivirus
antonyme (antonyme) /adj/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA tegengesteld
antonymia (antonymia) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA antonymie, tegenstelling
antonymo (antonymo) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA antoniem, woord met tegengestelde betekenis
anular, digito (digito) ~ : ringvinger
aortitis (aortitis) /sub/ : MEDICINA aortitis, ontsteking van de aorta
apagogia (apagogia) /sub/ : apagogische redenering, redenering uit het ongerijmde
aparte (aparte) /sub/ : THEATRO terzijde
aparte (aparte), le ~s es frequente in le comedias : de terzijdes komen veel voor in blijspelen
apathia (apathia) /sub/ : apatie, lusteloosheid, onverschilligheid
ape, ~ matre/regina/femina (femina) : koningin
apepsia (apepsia) /sub/ : MEDICINA apepsie
aperibottilias (aperibottilias) /sub/ : flesopener
aperilattas (aperilattas) /sub/ : blikopener
aperilitteras (aperilitteras) /sub/ : briefopener
aperiodicitate, ~ de un phenomeno (phenomeno) : aperiodiciteit van een verschijnsel
aperiostreas (aperiostreas) /sub/ : oestermes(je) 
aperir, ~ un littera (littera) : een brief openen
aperir, ~ le palpebras (palpebras) : de oogleden opslaan
aperir, ~ le parenthese (parenthese)(s) : de haakjes openen
aperte, littera (littera) ~ : open brief
aperte, syllaba (syllaba) ~ : open lettergreep
aperte, character (character) ~ : open karakter
apertura, ceremonia (ceremonia) de ~ : openingsplechtigheid
aphanes (aphanes) /sub/ : BOTANICA leeuwenklauw
aphasia (aphasia) /sub/ : MEDICINA afasie
apheresis (apheresis) /sub/ : PHONETICA aferesis, weglating van een letter aan het begin van een woord
aphonia (aphonia) /sub/ : MEDICINA verlies van stem, volkomen heesheid, afonie
aphrodisiac (aphrodisiac) /adj/ : zinnenprikkelend
aphrodisiaco (aphrodisiaco) /sub/ : afrodisiacum, middel dat de geslachtsdrift prikkelt, minnedrank
aphyllia (aphyllia) /sub/ : BOTANICA bladerloosheid
apice (apice) /sub/ : top, toppunt
apice (apice), ~ del pulmon : longtop
apice (apice), ~ del corde : hartpunt
apice (apice), ~ foliar : bladpunt
apice (apice), ~ radicular : wortelpunt
apice (apice), angulo del ~ : tophoek
apice (apice), arrivar al ~ : de top bereiken
apice (apice), esser al ~ del gloria : op het toppunt van zijn roem staan
apice (apice), esser al ~ del carriera : op de top van zijn carrière staan
apice (apice), esser al ~ de su poter : op het toppunt van zijn macht zijn
apnea (apnea) /sub/ : MEDICINA ademstilstand, apneu
apocalyptic, symbolos (symbolos) ~ : apocalyptische symbolen
apocope (apocope) /sub/ : PHONETICA apocope, afkapping van een letter aan het einde van een woord
apocryphe (apocryphe) /adj/ : apocrief, niet-autentiek
apocryphe (apocryphe), documento ~ : niet-autentiek document/stuk
apocryphe (apocryphe) /adj/ : ECCLESIA apocrief
apocryphe (apocryphe), evangelios ~ : apocriefe evangeliën
apocrypho (apocrypho) /sub/ : apocrief geschrift
apocrypho (apocrypho), ~s : apocriefen, apocriefe boeken van de bijbel
apode (apode) /adj/ : zonder voet, zonder poot
apode (apode), vaso ~ : vaas zonder voet
apode (apode) /adj/ : ZOOLOGIA zonder poten, pootloos
apode (apode), larva ~ : pootloze larve
apodose (apodose) (-osis) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA apodose
apogamia (apogamia) /sub/ : BOTANICA apogamie, zaadvorming uit een andere cel dan de eicel van de embryozak
apogee (apogee) /adj/ : het toppunt betreffend, van het toppunt
apogee (apogee) /adj/ : ASTRONOMIA het apogeum betreffend
apogee (apogee), distantia ~ : apogeumafstand
apogeo (apogeo) /sub/ : hoogtepunt, toppunt
apogeo (apogeo), ~ de su gloria : hoogtepunt van zijn roem
apogeo (apogeo) /sub/ : ASTRONOMIA apogeum
apographo (apographo) /sub/ : apograaf
apologia (apologia) /sub/ : apologie, verdedigingsrede, verweerschrift
apologia (apologia), le ~ de Socrates (Socrates) : de apologie van Socrates
apologo (apologo) /sub/ : apoloog (fabel met moraal) 
apomecometro (apomecometro) /sub/ : apomecometer, afstandsmeter
apomeisose (-osis (-osis)) /sub/ : BIOLOGIA apomeiose
apomixia (apomixia) /sub/ : BOTANICA apomixie, voortplanting zonder bevruchting
aponeurose (-osis (-osis)) /sub/ : aponeurose
apophonia (apophonia) /sub/ : PHONETICA klankwisseling, ablaut
apophonia (apophonia), ~ qualitative : kwalitatieve klankwisseling
apophonia (apophonia), ~ quantitative : kwantitatieve klankwisseling
apophyse (apophyse) (-ysis) /sub/ : ANATOMIA apofyse, beenuitsteeksel
apophyse (apophyse) (-ysis), ~ spinose : doornuitsteeksel
apophyse (apophyse) (-ysis), ~ coracoide : ravenbeksuitsteeksel
apophyse (apophyse) (-ysis), ~ transverse : dwarsuitsteeksel
apophyse (apophyse) (-ysis), ~ zygomatic : jukbeenuitsteeksel
apoplexia (apoplexia) /sub/ : apoplexie, beroerte, hersenbloeding, attaque
apoplexia (apoplexia), attacco de ~ : beroerte
apoplexia (apoplexia), colpate de ~ : door een beroerte getroffen
aporetic, philosophos (philosophos) ~ : aporetische filosofen
aporia (aporia) /sub/ : PHILOSOPHIA aporie
aposiopese (-esis (-esis)) /sub/ : LITTERATURA (het plotseling afbreken van een zin) aposiopesis, verzwijging
apostasia (apostasia) /sub/ : RELIGION apostasie, afval, geloofsverzaking
apostata (apostata) /sub/ : RELIGION apostaat, afvallige, geloofsverzaker, renegaat
apostolic, littera (littera) ~ : apostolische brief
apostolic, cancelleria (cancelleria) ~ : apostolische/pauselijke kanselarij
apostolo (apostolo) /sub/ : apostel
apostolo (apostolo), Actos del ~s : Handelingen der Apostelen
apostolo (apostolo), ~ del gentiles : apostel der heidenen
apostolo (apostolo), ~ del pace : vredesapostel
apostrophe (apostrophe) /sub/ : apostroof, aanspreking, boze uitval
apostropho (apostropho) /sub/ : apostroof, afkappingsteken, weglatingsteken
apotheose (-osis (-osis)) /sub/ : HISTORIA vergoddelijking, apotheose
apotheose (-osis (-osis)) /sub/ : apotheose, grandioos slottoneel, hoogtepunt
apparato, ~ de oxygeno (oxygeno) : zuurstofapparaat
apparato, ~ photographic/de photographia (photographia) : fotocamera, fototoestel
apparato, ~ telephonic/de telephono (telephono) : telefoontoestel
apparato, ~ telegraphic/de telegrapho (telegrapho) : telegraaftoestel
apparente, diametro (diametro) ~ del sol : schijnbare diameter van de zon
apparentia, non le minime (minime) ~ de : geen spoor van
apparer, in iste obra appare le maestria (maestria) del artista : in dit werk wordt het meesterschap van de kunstenaar zichtbaar
apparition, ~ de un phenomeno (phenomeno) : optreden van een verschijnsel
appartamento, ~ de duo cameras (cameras) : tweekamerflat
appendice (appendice) /sub/ : aanhangsel, toevoegsel, appendix (van boek, etc.)
appendice (appendice), ~ bibliographic : bibliografische appendix
appendice (appendice) /sub/ : ANATOMIA
appendice (appendice), ~ (vermiforme/vermicular) : appendix, wormvormig aanhangsel van de blinde darm
appendice (appendice), ~ adeniforme : kliervormig aanhangsel
appendicectomia (appendicectomia) /sub/ : MEDICINA verwijdering van de appendix, blindedarmoperatie
appendicitis (appendicitis) /sub/ : MEDICINA blindedarmontsteking
appendicitis (appendicitis), gemaskeerde ~ : appendicitis larvate
appendicitis (appendicitis), acute ~ : appendicitis acute
applaudimetro (applaudimetro) /sub/ : applausmeter
applicabile, methodo (methodo) ~ : bruikbare methode
applicar, ~ un theoria (theoria) : een theorie toepassen
applicate, chimia (chimia) ~ : toegepaste scheikunde
application, methodo (methodo) de ~ : toepassingsmethode
application, mitter un theoria (theoria) in ~ : een theorie toepassen
appoialibros (appoialibros) /sub/ : boekensteun
appoiar, ~ super (super) le button : op de knop drukken, de knop indrukken
appoiar, ~ super (super) le accelerator : het gaspedaal indrukken
appoio (appoio) /sub/ : het steunen, het leunen, steun, stut
appoio (appoio), prestar un ~ financiari : een geldelijke steun verlenen
appoio (appoio), offerer su ~ : zijn steun aanbieden
appoio (appoio), adjutar un persona con ~ e consilios : iemand met raad en daad ter zijde staan
appoio (appoio), demandar le ~ de un persona : iemands steun vragen
appoio (appoio), obtener le ~ de un persona : iemands steun verwerven, iemand op zijn hand krijgen
appoio (appoio), ~ moral : morele steun
appoio (appoio), muro de ~ : schoormuur
appoio (appoio), puncto de ~ : steunpunt, MILITAR basis
appoio (appoio), puncto de ~ pro le pede : voetensteun
appoio (appoio), vocal de ~ : hulpklinker
appoio (appoio), ~ de fenestra : vensterbank
appoio (appoio), ~ in le dorso : ruggesteun
appoio (appoio), pilastro de ~ : steunbeer
appoio (appoio), al ~ de : ter ondersteuning van
appoio (appoio) /sub/ : steun(verlening), hulp, bijstand
apponer, ~ un affiche [F] super (super) un muro : een affiche op een muur aanbrengen
apporto, le ~ de nove ideas (ideas) : het aandragen van nieuwe ideeën
apporto, ~ de oxygeno (oxygeno) : zuurstoftoevoer
apposite (apposite) /adj/ : geschikt, voegzaam, passend, relevant
approbar, ~ le ideas (ideas) de un persona : iemands ideeën onderschrijven
approbation, excepte ~ ultime (ultime) : behoudens nadere goedkeuring
approbation, meritar le ~ general/unanime (unanime) : ieders instemming verdienen
approbative, signo de testa/capite (capite) ~ : goedkeurend knikje
approchar , le tempesta de tonitro (tonitro) approcha : het onweer komt opzetten
appropriate, termino (termino) ~ : geijkte term
approvisionamento, ~ de energia (energia) : energievoorziening
approvisionamento, ~ del armea (armea) : bevoorrading van het leger
approvisionar, ~ le armea (armea) : het leger bevoorraden
approvisionar, ~ se de bibitas (bibitas) : drank inslaan
approximar, le tempesta de tonitro (tonitro) se approxima : het onweer komt opzetten
approximation, methodo (methodo)/maniera de ~ : benaderingswijze
approximative, exprimer se in terminos (terminos) ~ : zich in vage bewoordingen uiten
apraxia (apraxia) /sub/ : MEDICINA apraxie
apside (apside) /sub/ : ASTRONOMIA apsis
apside (apside), linea del ~s : grote as van een planetenbaan, apsidenlijn
apside (apside) /sub/ : ARTE DE CONSTRUER abside, absis, koornis
apterologia (apterologia) /sub/ : apterologie, studie van de ongevleugelde insekten
apterologo (apterologo) /sub/ : apteroloog, kenner van de ongevleugelde insekten
apteros (apteros) /sub/ : ZOOLOGIA ongevleugelde insecten
apteryx (apteryx) /sub/ : ZOOLOGIA kiwi
apud (apud) /prep/ : bij
apyre (apyre) /adj/ : onontvlambaar, onbrandbaar, vuurvast
apyrexia (apyrexia) /sub/ : MEDICINA koortsvrije toestand
aqua, pulice (pulice) de ~ : watervlo
aqua, serreria (serreria) ad ~ : zaagmolen
aqua, le ~s del utero (utero) : vruchtwater
aquariologia (aquariologia) /sub/ : aquariologie
aquatic, pulice (pulice) ~ : watervlo
aquila (aquila) /sub/ : ZOOLOGIA arend, adelaar
aquila (aquila), nido de ~s : arendsnest
aquila (aquila), ovo de ~ : adelaarsei
aquila (aquila), oculo de ~ : adelaarsoog
aquila (aquila), pluma de ~ : adelaarsveer
aquila (aquila), ala de ~ : adelaarsvleugel
aquila (aquila), ungula de ~ : adelaarsklauw
aquila (aquila), ~ marin/de mar : zeearend
aquila (aquila), ~ piscator : visarend
aquila (aquila), ~ de Bonelli : haviksarend
aquila (aquila), ~ audace : wigstaartarend
aquila (aquila), ille non es un ~ : hij is geen hoogvlieger
aquila (aquila) /sub/ : HERAL adelaar
aquila (aquila), ~ imperial : keizerlijke adelaar
aquila (aquila), ~ regal/royal : koninklijke adelaar
aquila (aquila), ~ bicephale/bicipite : dubbele adelaar
aquilin, filice (filice) ~ : adelaarsvaren
arabe (arabe) /adj/ : Arabisch
arabe (arabe), lingua ~ : Arabische taal, Arabisch
arabe (arabe), scriptura ~ : Arabisch schrift
arabe (arabe), numeros (numeros) ~ : Arabische cijfers
arabe (arabe), arte ~ : Arabische kunst
arabe (arabe), religion ~ : Arabische godsdienst
arabe (arabe), cavallo ~ : Arabier, paard van Arabisch ras
arabe (arabe), stallon ~ : Arabische hengst
arabe (arabe), Emiratos Arabe Unite : Verenigde Arabische Emiraten
arabe (arabe) /sub/ : Arabier
arabe (arabe) /sub/ : Arabisch (taal) 
arabidopsis (arabidopsis) /sub/ : BOTANICA zandraket
arabis (arabis) /sub/ : BOTANICA scheefkelk, randjesbloem, arabis
arabis (arabis), ~ arenose : zandscheefkelk
arabis (arabis), ~ hirsute : ruige scheefkelk
arabis (arabis), ~ sagittate : pijlscheefkelk
arachide, butyro (butyro) de ~ : pindakaas
arachnologia (arachnologia) /sub/ : ZOOLOGIA arachnologie, studie van spinnen
arak, distilleria (distilleria) de ~ : arakstokerij
aramaic (aramaic) /adj/ : Aramees
aramaico (aramaico) /sub/ : (taal) Aramees
arameo (arameo) /sub/ : Aramees (bewoner)
arameo (arameo) /sub/ : Aramees (taal) 
arbitro (arbitro) /sub/ : scheidsrechter, arbiter, TENNIS umpire
arbitro (arbitro), error de ~ : scheidsrechterlijke dwaling
arbitro (arbitro), submitter un question al decision de ~s : een zaak aan arbitrage/een scheidsrechterlijke beslissing onderwerpen
arbore, ~ a cauchu (cauchu) : rubberboom
arbore, cortice (cortice) de ~ : boomschors
arbore, chirurgia (chirurgia) de ~ : boomchirurgie
arbore, limite (limite) del zona del ~s : boomgrens
arbore, ~ del helice (helice) : schroefas
arboree, erica (erica) ~ : boomheide
arboree, limite (limite) del vegetation ~ : boomgrens
arborescente, filice (filice) ~ : boomvaren
arborescente, limite (limite) del vegetation ~ : boomgrens
archaic (archaic) /adj/ : archaïsch, verouderd
archaic (archaic), arte ~ : archaïsche kunst
archangelic, anima (anima) ~ : aartsengelachtige ziel
archangelo (archangelo) /sub/ : aartsengel
archeologia (archeologia) /sub/ : archeologie, oudheidkunde
archeologia (archeologia), ~ prehistoric : prehistorische archeologie
archeologia (archeologia), ~ egyptian : Egyptische archeologie
archeologia (archeologia), ~ oriental : oosterse archeologie
archeologia (archeologia), ~ grec : Griekse archeologie
archeologia (archeologia), ~ medieval : middeleeuwse archeologie
archeologia (archeologia), ~ submarin : onderwaterarcheologie
archeologia (archeologia), museo (museo) de ~ : oudheidkundig museum
archeologo (archeologo) /sub/ : archeoloog, oudheidkundige
archetypo (archetypo) /sub/ : archetype, oerbeeld, oervorm, grondvorm
archidiacono (archidiacono) /sub/ : aartsdiaken
archidiocese (-esis (-esis)) /sub/ : RELIGION aartsdiocees, aartsbisdom
archiepiscopo (archiepiscopo) /sub/ : aartsbisschop
Archimedes (Archimedes) /sub/ : Archimedes
Archimedes (Archimedes), principio de ~ : hydrostatische wet
Archimedes (Archimedes), axioma de ~ : Archimedisch axioma
Archimedes (Archimedes), spiral de ~ : Archimedische spiraal
Archimedes (Archimedes), vite de ~ : tonmolen
archipelago (archipelago) /sub/ : archipel, eilandengroep
archipelago (archipelago), ~ indonesian : Indonesische Archipel
archipresbytero (archipresbytero) /sub/ : aartspriester
archipresbytero (archipresbytero), dignitate de ~ : aartspriesterschap
architectura, photographia (photographia) de ~ : architectuurfotografie
archivo, deposito (deposito) de ~s : archiefdepot
archivo, numero (numero) de ~ : archiefnummer
arctotaphylos (arctotaphylos) /sub/ : BOTANICA beredruif
ardente, esser super (super) carbones ~ : op hete kolen zitten
arenavirus (arenavirus) /sub/ : MEDICINA arenavirus
arenicola (arenicola) /sub/ : ZOOLOGIA
arenicola (arenicola), ~ marin : zeepier
areola (areola) /sub/ : ANATOMIA tepelhof, areola, bruin kringetje om een tepel
areometria (areometria) /sub/ : PHYSICA areometrie, bepaling van het soortelijk gewicht van vloeistoffen
areometro (areometro) /sub/ : PHYSICA areometer
Areopago (Areopago) /sub/ : HISTORIA GREC Areopagus, hoogste gerechtshof in het oude Athene
areostilo (areostilo) /sub/ : ARTES PLASTIC zuilengang met veel ruimte tussen de zuilen
ares (ares) /sub/ : MYTHOLOGIA Ares
argenteria (argenteria) /sub/ : verzameling zilveren voorwerpen, zilverwerk
argenteria (argenteria), ~ de tabula : tafelzilver
argenteria (argenteria), ~ sacrate : offerzilver
argenteria (argenteria), vitrina de ~s : zilverkast
argento, composito (composito) de ~ : zilververbinding
argento, amalgama (amalgama) de ~ : zilveramalgaam
argilla, masca/mascara (mascara) de ~ : kleimasker
argon (argon) /sub/ : CHIMIA argon
argotic, parola/termino (termino) ~ : argotwoord
argumentar, ~ in favor de un these (-esis (-esis)) : een pleidooi houden voor een stelling
argumento, ~ contrari/opposite (opposite) : tegenargument
argus (argus),argos (argos) /sub/ : HISTORIA GREC honderdogige wachter
argus (argus),argos (argos), oculos de ~ : argusogen
argyrophylle (argyrophylle) /adj/ : BOTANICA met zilverwitte bladeren, zilverbladig
arhythmia (arhythmia) /sub/ : verstoord hartritme, ritmestoornis (van het hart), aritmie, hartblok
arhythmia (arhythmia), suffrer de ~ : een onregelmatige polsslag hebben
arian, heresia (heresia) ~ : ariaanse ketterij
aridicola (aridicola) /sub/ : BOTANICA op dorre plaatsen groeiende plant
aries (aries) /sub/ : ASTRONOMIA Aries, Ram
aristocrate (aristocrate) /sub/ : aristocraat
aristocratia (aristocratia) /sub/ : (vorm van bestuur) aristocratie
aristocratia (aristocratia) /sub/ : (personen) aristocratie
aristocratia (aristocratia), le ~ de Francia : de aristocratie van Frankrijk
aristocratia (aristocratia), le ~ anglese : de Engelse aristocratie
aristocratia (aristocratia), 3 FIGURATE ~ del sentimentos : aristocratie der gevoelens
aristotelic, philosophia (philosophia) ~ : aristotelische filosofie
arithmetica, methodo (methodo) de ~ : rekenmethode
arithmographo (arithmographo) /sub/ : HISTORIA aritmograaf, rekenmachine
arithmologia (arithmologia) /sub/ : getallenleer
arithmomantia (arithmomantia) /sub/ : waarzeggerij uit getallen, aritmomancie
arithmometro (arithmometro) /sub/ : HISTORIA rekenmachine
arma, deposito (deposito) de ~s : wapendepot
arma, detention illicite (illicite) de ~s : onrechtmatig wapenbezit
armator, compania (compania)/societate de ~es : rederij
armatori, compania (compania)/societate ~ : rederij
armatorial, compania (compania)/societate ~ : rederij
armea (armea) /sub/ : leger, legercorps, krijgsmacht
armea (armea), ~ permanente/active : staand leger
armea (armea), ~ terrestre/de terra : landleger
armea (armea), ~ federal : bondsleger
armea (armea), ~ de mestiero : beroepsleger
armea (armea), ~ aeree : luchtmacht
armea (armea), ~ inimic : vijandelijk leger
armea (armea), ~ auxiliar : hulpleger
armea (armea), ~ de occupation : bezettingsleger
armea (armea), ~ expeditionari : expeditieleger
armea (armea), ~ de invasion : invasieleger
armea (armea), ~ de succurso : hulpleger
armea (armea), ~ de liberation : bevrijdingsleger
armea (armea), ~ mercenari : huurleger
armea (armea), ~ de voluntarios : vrijwilligersleger
armea (armea), ~ regular : geregeld/regulier leger
armea (armea), ~ de disimbarcation : landingsleger
armea (armea), ~ celeste : hemelse legerscharen
armea (armea), Armea Rubie : Rode Leger
armea (armea), ala de un ~ : vleugel van een leger
armea (armea), tenta de ~ : legertent
armea (armea), bulletin de ~ : legerbericht
armea (armea), commandante de ~ : legercommandant
armea (armea), unitate del ~ : legeronderdeel
armea (armea), servicio de informationes del ~ : legervoorlichtingsdienst
armea (armea), fortia numeric/potentia de un ~ : sterkte van een leger
armea (armea), museo (museo) del ~ : legermuseum
armea (armea), base del ~ : legerbasis
armea (armea), truck (A) del ~ : legertruck
armea (armea), commandar un ~ : een leger aanvoeren
armea (armea), equipar un ~ : een leger uitrusten
armea (armea), recrutar/formar/levar un ~ : een leger op de been brengen
armeniaca (armeniaca) /sub/ : abrikoos
armeria (armeria) /sub/ : wapenkamer, rustkamer
arnoseris (arnoseris) /sub/ : BOTANICA korensla
aromate (aromate) /sub/ : aroma, aromaat, aromatische stof
aromatic, compositos (compositos) ~ : aromatische verbindingen
aromatisar, ~ un bibita (bibita) : een drank aromatiseren
aromatisation, ~ de un bibita (bibita) : aromatisering van een drank
aromorphose (-osis (-osis)) /sub/ : BIOLOGIA aromorfose
arrangiar, ~ un camera (camera) : een kamer in gereedheid brengen
arrentamento, durata/duration del termino (termino)/periodo (periodo) de ~ : pachtduur
arrestar, ~ le hemorrhagia (hemorrhagia) : de bloeding tot staan brengen
arresto, ~ cardiac (cardiac)/del corde : hartstilstand
arretrate, mente/spirito (spirito) ~ : achterlijkheid
arrhenathero (arrhenathero) /sub/ : BOTANICA glanshaver
arrivar, ~ al apice (apice) : ten top stijgen
arsenico, composito (composito) de ~ : arsenicumverbinding
arsenicophago (arsenicophago) /sub/ : arsenicumeter
arsenium (arsenium) /sub/ : arsenicum
arsenium (arsenium), mineral de ~ : arsenicumerts
arsenium (arsenium), composito (composito) de ~ : arsenicumverbinding
arsenium (arsenium), invenenamento/intoxication per ~ : arsenicumvergiftiging
arte, ~ archaic (archaic) : archaïsche kunst
arte, ~ del broderia (broderia) : borduurkunst
arte, ~ del aurifice (aurifice) : goudsmeedkunst
arte, catalogo (catalogo) de ~ : kunstcatalogus
arte, photographia (photographia) de ~ : kunstfotografie
arte, galeria (galeria) de ~ : kunstgalerij
arte, vendita (vendita) public de objectos de ~ : kunstveiling
arte, obra/opera (opera) de ~ : kunstwerk
artemisia, ~ maritime (maritime) : zeealsem
arterial, sclerose (-osis (-osis)) : aderverkalking
arterial, hemorrhagia (hemorrhagia) ~ : slagaderlijke bloeding
arteriographia (arteriographia) /sub/ : arteriografie
arteriola (arteriola) /sub/ : kleine arterie/slagader
arteriologia (arteriologia) /sub/ : MEDICINA arteriologie
arteriopathia (arteriopathia) /sub/ : MEDICINA arteriopathie
arteriosclerose (-osis (-osis)) /sub/ : arteriosclerosis, aderverkalking
arteriotomia (arteriotomia) /sub/ : MEDICINA incisie van een slagader
arteritis (arteritis) /sub/ : MEDICINA slagaderontsteking
arthralgia (arthralgia) /sub/ : MEDICINA gewrichtspijn
arthritis (arthritis) /sub/ : MEDICINA artritis, gewrichtsontsteking
arthritis (arthritis), ~ del hanca : ontsteking van het heupgewricht
arthritis (arthritis), ~ acute o chronic : acute of chronische artritis
arthritis (arthritis), ~ rheumatic : reumatische artritis
arthritis (arthritis), ~ deformante : "arthritis deformans"
arthrographia (arthrographia) /sub/ : MEDICINA gewrichtsbeschrijving
arthrologia (arthrologia) /sub/ : MEDICINA artrologie
arthropathia (arthropathia) /sub/ : MEDICINA gewrichtsaandoening
arthroplastica, ~ del hanca con prothese (prothese) (-esis) total : total hip
arthropodo (arthropodo) /sub/ : ZOOLOGIA geleedpotige
arthroscopia (arthroscopia) /sub/ : artroscopie
arthrotomia (arthrotomia) /sub/ : gewrichtsoperatie
arthtrose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA artrose
articular, tuberculose (-osis (-osis)) ~ : gewrichtstuberculose
articulate, tramvia (tramvia) ~ : gelede tramwagen
articulation, ~ del genu (genu)/geniculo : kniegewricht
articulation, ~ del digito (digito) : vingergewricht
articulation, ~ scapulohumeral/del spatula/del humero (humero) : schoudergewricht
articulo, ~s de brosseria (brosseria) : borstelwaren
articulo, ~s de phantasia (phantasia) : galanterieën
artifice (artifice) /sub/ : (kunstzinnige) vakman
artificial, cauchu (cauchu) ~ : kunstrubber
artificial, pista super (super) glacie ~ : kunstijsbaan
artificial, satellite (satellite) ~ : aardsatelliet (kunstmaan)
artilleria (artilleria) /sub/ : artillerie, geschut
artilleria (artilleria), ~ de campania : veldartillerie, veldgeschut
artilleria (artilleria), ~ naval : scheepsgeschut
artilleria (artilleria), ~ antiaeree : luchtdoelartillerie
artilleria (artilleria), ~ costari : kustartillerie
artilleria (artilleria), foco/tiro de ~ : artillerievuur
artilleria (artilleria), ~ legier : lichte artillerie
artilleria (artilleria), ~ pesante : zwaar geschut
artiodactyle (artiodactyle) /adj/ : evenhoevig, evenvingerig
artiodactylos (artiodactylos) /sub/ : ZOOLOGIA evenhoevigen
artisaneria (artisaneria) /sub/ : ambachtelijk werk, handwerk
artista, exito (exito) del ~s : artiestenuitgang
artistic, photographia (photographia) ~ : kunstfotografie
asaro (asaro) /sub/ : BOTANICA mansoor, hazelwortel
asbestose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA asbestziekte, asbestkanker, asbestose
ascaridiose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA ascaridiose, wormziekte
ascendente, marea (marea) ~ : opkomend tij
ascendente, su ~ super (super) illa : zijn macht over haar
asclepiades (asclepiades) /sub/ : BOTANICA zijdeplant
asclepiades (asclepiades), ~ tuberose : knolzijdeplant
ascolta, indice (indice)/index (index) de ~ : luisterdichtheid
ascophyllo (ascophyllo) /sub/ : BOTANICA
ascophyllo (ascophyllo), ~ nodose : knotswier
asepsis (asepsis) /sub/ : MEDICINA asepsis, aseptie(k), steriliteit
asineria (asineria) /sub/ : ezelachtigheid, ezelachtige streek
asino (asino) /sub/ : ezel
asino (asino), ~ neonate : ezelsveulen
asino (asino), pelle de ~ : ezelsvel
asino (asino), ~ de carga/basto : pakezel
asino (asino), ponte de ~ : ezelsbruggetje
asino (asino), un ~ (elevate) al quadrato : een ezel in het kwadraat
asparago (asparago) /sub/ : asperge
asparago (asparago), ~ plumose : pluimasperge, sierasperge
asparago (asparago), ~ falcate : sikkelasperge
asparago (asparago), puncta de ~ : aspergekop/punt
asparago (asparago), turiones del ~ : winterknoppen van de asperge
asparago (asparago), platto de ~s : aspergeschotel/gerecht
asparago (asparago), suppa a/de ~s : aspergesoep
asparago (asparago), cultura de ~s : aspergeteelt
asparago (asparago), excavar ~s : asperges steken
aspera (aspera) /sub/ : BOTANICA windhalm
aspericaule (aspericaule) /adj/ : BOTANICA ruwstengelig
asperitate, ~ del character (character) : stugheid van karakter
aspermia (aspermia) /sub/ : BOTANICA zaadloosheid
asphyxia (asphyxia) /sub/ : verstikking, asfyxie
asphyxia (asphyxia), ~ per strangulation : verstikking door wurging
asphyxia (asphyxia), morir de ~ : de verstikkingsdood sterven
asphyxia (asphyxia), morte per ~ : verstikkingsdood
asphyxiar, ~ per le emanationes de oxydo (oxydo) de carbon : door kolendamp stikken
aspirar, Sparta aspirava al hegemonia (hegemonia) super (super) tote le Grecia : er naar streven beroemd te worden
aspirar, ~ un bibita (bibita) con un palea : een drankje met een rietje opzuigen
aspirator, nettar le camera (camera) con le ~ : de kamer stofzuigen
assagaya (assagaya) /sub/ : assagaai
assaltar, le inimico (inimico) nos ha assaltate : de vijand viel ons aan
assatis (assatis) /adv/ : genoeg
assatis (assatis) /adv/ : nogal, tamelijk, vrij
assecurantia, societate/compania (compania) de ~s : verzekeringsmaatschappij
assecurantia, inspector (de un compania (compania)/societate) de ~s : verzekeringsmaatschappij
assecurantia, polissa (polissa) de ~ : verzekeringspolis
assecurantia, ~ de mercantias (mercantias) : goederenverzekering
assecurantia, ~ maritime (maritime) : zeeverzekering
assecurantia, ~ super (super) le vita : levensverzekering
assecurantia, Lege General super (super) le Assecurantia del Viduas e del Orphanos : de verzekering dekt de schade
assecurantia, compania (compania)/societate de ~s super (super) le vita : levensverzekeringsmaatschappij
assecurator, ~ maritime (maritime) : zeeverzekeraar
assedio, artilleria (artilleria) de ~ : belegeringsgeschut
assedio, batteria (batteria) de ~ : belegeringsbatterij
assemblea (assemblea) /sub/ : vergadering, bijeenkomst, zitting
assemblea (assemblea), ~ plenari : plenaire vergadering
assemblea (assemblea), ~ de actionistas : aandeelhoudersvergadering
assemblea (assemblea), ~ federal : bondsvergadering
assemblea (assemblea), ~ consultative : raadgevende vergadering
assemblea (assemblea), ~ constitutive/constituente : oprichtingsvergadering
assemblea (assemblea), ~ popular : volksvergadering
assemblea (assemblea), ~ general : algemene vergadering
assemblea (assemblea), ~ extraordinari : buitengewone vergadering
assemblea (assemblea), ~ annual : jaarvergadering
assemblea (assemblea), ~ conventual : convent (vergadering van kloosterlingen)
assemblea (assemblea), deliberationes de un ~ : beraadslagingen van een vergadering
assemblea (assemblea), decisiones de un ~ : besluiten van een vergadering
assemblea (assemblea), presidente de un ~ : voorzitter van een vergadering
assemblea (assemblea), convocar un ~ : een vergadering uitschrijven
assemblea (assemblea), prorogar un ~ : een vergadering verdagen
assemblea (assemblea), esser reunite in un ~ : in vergadering bijeen zijn
assemblea (assemblea), ante le session plenari del ~ : voor beide kamers in vergadering bijeen
assentir, ~ con le testa/capite (capite) : goedkeurend/instemmend knikken
assertion, ~ gratuite (gratuite) : onbewezen bewering
assi (assi) /adv/ : zó, aldus, op die manier, even(eens)
assi (assi), un libro ~ belle : zo'n mooi boek
assi (assi), ~ es le vita : zo is het leven nu eenmaal
assi (assi), ~ bon como belle : even goed als mooi
assignar, ~ limites (limites) a un activitate : grenzen stellen aan een activiteit
association, ~ de ideas (ideas) : gedachtenassociatie
assurdar, producer un strepito (strepito)/fracasso/ruito assurdante : een oorverdovend lawaai maken
assyrie, epigraphia (epigraphia) ~ : Assyrische epigrafie
assyriologia (assyriologia) /sub/ : assyriologie
assyriologo (assyriologo) /sub/ : assyrioloog
astatic, galvanometro (galvanometro) ~ : astatische galvanometer
astatium (astatium) /sub/ : CHIMIA astatium
asthenia (asthenia) /sub/ : MEDICINA zwakte
asthenia (asthenia), ~ primaveral/de primavera : voorjaarsmoeheid
asthenosphera (asthenosphera) /sub/ : GEOLOGIA asthenosfeer
astigmometro (astigmometro) /sub/ : OPTICA astigmometer
astragalo (astragalo) /sub/ : BOTANICA hokjespeul
astragalo (astragalo) /sub/ : ANATOMIA sprongbeen
astragalo (astragalo) /sub/ : ARTE DE CONSTRUER astragaal
astrea (astrea) /sub/ : sterkoraal
astrobiologia (astrobiologia) /sub/ : astrobiologie, ruimtebiologie
astrochimia (astrochimia) /sub/ : astrochemie
astrogeologia (astrogeologia) /sub/ : astrogeologie
astrographia (astrographia) /sub/ : astrografie, sterrenbeschrijving
astrographo (astrographo) /sub/ : astrograaf
astrolatria (astrolatria) /sub/ : astrolatrie, steraanbidding
astrologia (astrologia) /sub/ : astrologie, sterrenwichelarij
astrologo (astrologo) /sub/ : astroloog, sterrenwichelaar
astrometria (astrometria) /sub/ : ASTRONOMIA astrometrie
astrometria (astrometria), ~ photographic : fotografische astrometrie
astronomia (astronomia) /sub/ : astronomie, sterrenkunde
astronomia (astronomia), ~ physic : fysische astronomie
astronomic, atlas (atlas) ~ : astronomische atlas
astronomo (astronomo) /sub/ : astronoom, sterrenkundige
astrophotographia (astrophotographia) /sub/ : astrofotografie
astrophotometria (astrophotometria) /sub/ : astrofotometrie
astrophotometro (astrophotometro) /sub/ : astrofotometer
astrophyto (astrophyto) /sub/ : BOTANICA stercactus
astrophyto (astrophyto), ~ capricorne : geitehoorncactus
Asturias (Asturias) /sub/ : Asturië
astutia, le ~ del diabolo (diabolo) : de sluwheid van de duivel
asymbolia (asymbolia) /sub/ : asymbolie
asymbolia (asymbolia), ~ optic : optische asymbolie
asymmetre (asymmetre) /adj/ : asymmetrisch
asymmetria (asymmetria) /sub/ : asymmetrie
asymptote (asymptote) /sub/ : MATHEMATICA asymptoot
asynchrone, machina (machina) ~ : asynchrone machine
asyndeton (asyndeton) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA asyndeton
asynergia (asynergia) /sub/ : MEDICINA asynergie
asystolia (asystolia) /sub/ : MEDICINA asytolie
ataraxia (ataraxia) /sub/ : PHILOSOPHIA gemoedsrust, zielsrust, stoïcijnse onverstoorbaarheid, ataraxie
atavo (atavo) /sub/ : voorvader, voorouder
ataxia (ataxia) /sub/ : MEDICINA ataxie, stoornis in de spierwerking, onzekere gang
atele (atele) /sub/ : slingeraap
Athenas (Athenas) /sub/ : Athene
atheneo (atheneo) /sub/ : letterkundige club
atheneo (atheneo) /sub/ : atheneum (school) 
Atheneo (Atheneo) /sub/ : HISTORIA GREC, HISTORIA ROMAN Atheneum, illustere school
athrepsia (athrepsia) /sub/ : MEDICINA athrepsie (voedingsstoornis bij zuigelingen) 
atlante, ~ e axis (axis) : atlas en draaier
atlas (atlas) /sub/ : atlas
atlas (atlas), ~ linguistic : taalatlas
atlas (atlas), ~ botanic : plantenatlas
atlas (atlas), ~ nautic/maritime (maritime) : zeeatlas
atlas (atlas), ~ topographic : topografische atlas
atlas (atlas), ~ hydrographic : stroomatlas
atlas (atlas), ~ hydrologic : hydrologische atlas
atlas (atlas), ~ lunar/del luna : maanatlas
atlas (atlas), ~ del camminos : wegenatlas
atlas (atlas), ~ anatomic : altas der anatomie
atlas (atlas), ~ astronomic : astronomische atlas
atlas (atlas), ~ historic : historische atlas
atlas (atlas), ~ scholar : schoolatlas
atlas (atlas), ~ portative/de tasca : zakatlas
atlas (atlas), ~ de mappas : kaartenatlas
atlas (atlas) /sub/ : MYTHOLOGIA Atlas
atlas (atlas) /sub/ : GEOLOGIA Atlas (gebergte) 
atmolyse (atmolyse) (-ysis) /sub/ : CHIMIA atmolyse
atmometro (atmometro) /sub/ : CHIMIA atmometer, verdampingsmeter
atmospheric, phenomeno (phenomeno) ~ : luchtverschijnsel
atomic, theoria (theoria) ~ : atoomtheorie
atomic, orbita (orbita) ~ : atoombaan
atomic, chronometro (chronometro) ~ : atoomklok
atomic, essayo (essayo)/prova/proba ~ : atoomproef
atomic, testa/capite (capite) ~ : atoomkop, kernkop
atomic, energia (energia) ~ : atoomenergie, kernenergie
atomic, phenomenos (phenomenos) ~ : atomaire verschijnselen
atomic, spectographia (spectographia) ~ : atoomspectografie
atomistic, theoria (theoria) ~ : atomistische theorie
atomo (atomo) /sub/ : atoom
atomo (atomo), ~ de carbon : koolstofatoom
atomo (atomo), ~ stabile : stabiel atoom
atomo (atomo), fission/disintegration del ~ : atoomsplitsing
atomoacceptor (atomoacceptor) /sub/ : acceptor-atoom
atomo-gramma (atomo-gramma) /sub/ : CHIMIA gramatoom
atonia (atonia) /sub/ : MEDICINA atonie, weefselverslapping
atonia (atonia), ~ muscular : slapheid van de spieren
atonia (atonia), ~ fecal : trage stoelgang
atonia (atonia) /sub/ : PHONETICA het onbeklemtoond zijn, atonie
atrabile (atrabile) /sub/ : melancholie, zwartgalligheid, humeurigheid, nurksheid
atrabile (atrabile) /sub/ : MEDICINA zwarte gal
atrabiliari, character (character) ~ : zwartgallig karakter
atresia (atresia) /sub/ : MEDICINA atresie
atriplex (atriplex) /sub/ : BOTANICA melde
atriplex (atriplex), ~ littoral : strandmelde
atriplex (atriplex), semine de ~ : meldezaad
atropa (atropa) /sub/ : BOTANICA wolfkers
atrophe (atrophe) /adj/ : MEDICINA atrofisch, uitterend
atrophia (atrophia) /sub/ : MEDICINA het wegkwijnen, atrofie, verschrompeling
atrophia (atrophia), ~ muscular/de un musculo : atrofie van een spier
atrophia (atrophia), ~ de un organo (organo) : verschrompeling van een orgaan
atrophia (atrophia), ~ del hepate (hepate)/ficato : leveratrofie
atrophic, organo (organo) ~ : atrofisch orgaan
attacco, ~ de hysteria (hysteria) : hysterische aanval
attacco, ~ cardiac (cardiac) : hartaanval
attacco, ~ de apoplexia (apoplexia) : beroerte
atterrage, ~ super (super) le/de ventre : buiklanding
atterrage, ~ super (super) le luna : maanlanding
attingibilitate, io dubita (dubita) del ~ de su propositiones : ik betwijfel of zijn voorstellen wel haalbaar zijn
attitude, ~ equivoc (equivoc) : dubbelzinnig gedrag
attraction, exercer un grande ~ super (super) : een grote aanttrekkingskracht uitoefenen op
attraher, ~ le inimico (inimico) in un imboscada : de vijand in een hinderlaag lokken
attrappaguttas (attrappaguttas) /sub/ : druppelvanger
attrappamuscas (attrappamuscas) /sub/ : vliegenvanger
attrappar, ~ un maladia (maladia) : een ziekte oplopen
attrappar, facer se ~ per le policia (policia) : door de politie gepakt worden
attribuer, ille se ha attribuite meritos (meritos) particular : hij heeft zichzelf bijzondere verdiensten toegeschreven
attribution, ~ de creditos (creditos) : toewijzing van kredieten
atypia (atypia) /sub/ : afwijking van de norm
atypic, maladia (maladia) ~ : (van de norm) afwijkend ziektegeval
auction, catalogo (catalogo) del ~ : veilingcatalogus
audace, these (-esis (-esis)) ~ : gewaagde stelling
audibilitate, limite (limite) de ~ : gehoorgrens
audientia, nivello/index (index)/indice (indice) de ~ : kijkcijfer
audiologia (audiologia) /sub/ : MEDICINA audiologie
audiologo (audiologo) /sub/ : audioloog
audiometria (audiometria) /sub/ : gehoormeting, audiometrie
audiometro (audiometro) /sub/ : audiometer, gehoormeter
audiometro (audiometro), ~ semiautomatic : halfautomatische audiometer
audiophono (audiophono) /sub/ : gehoorapparaat, audiofoon
audioprothese (audioprothese) (-esis) /sub/ : gehoorprothese
audiovisual, methodos (methodos) ~ de inseniamento : audiovisuele onderwijsmethoden
auditive, organo (organo) ~ : gehoororgaan
audito, perdita (perdita) del ~ : verlies van het gehoor
audito, organo (organo) del ~ : gehoororgaan
augias (augias) /sub/ : Augias
augias (augias), stallas de ~ : Augiasstal
augmentation, ~ del venditas (venditas) : omzetvergroting
augurio, mi optime (optime) ~s pro le Anno Nove : mijn beste wensen voor het nieuwe jaar
augustinian, monachos (monachos) ~ : Augustijner monniken
aureola (aureola) /sub/ : aureool, stralenkrans, ring, kring
aureola (aureola), ~ del luna : maankrans
aureola (aureola), ~ de virtute : aureool van deugdzaamheid
auricular, (digito (digito)) auricular : pink
auricular, maladia (maladia) ~ : oorziekte
aurifice (aurifice) /sub/ : goudsmid
aurifice (aurifice), martello de ~ : goudsmidshamer
aurifice (aurifice), furno de ~ : goudsmidoven
aurifice (aurifice), officina de ~ : edelsmidse
aurifice (aurifice), arte del ~ : goudsmeedkunst
auro, amalgama (amalgama) de ~ : goudamalgaam
auro, pignoration super (super) ~ : goudbelening
auspice (auspice) /sub/ : HISTORIA auspex, voorspeller, waarzegger
auster, judice (judice) ~ : gestrenge rechter
australopitheco (australopitheco) /sub/ : ANTHROPOLOGIA australopithecus
austriac (austriac) /adj/ : Oostenrijks
austriac (austriac), governamento ~ : Oostenrijkse regering
austriac (austriac), le guerra de Succession ~ : de Oostenrijkse Successieoorlog
austriaco (austriaco) /sub/ : Oostenrijker
austrohungare, monarchia (monarchia) ~ : Oostenrijks-Hongaarse monarchie
autarchia (autarchia) /sub/ : autarchie, onafhankelijk zelfbestuur
autarkia (autarkia) /sub/ : autarkie, zelfvoorziening
auto, ~ de policia (policia) : politieauto
auto, ~ de essayo (essayo) : testauto
auto, numero (numero) de ~ : autonummer
auto, carrosseria (carrosseria) de ~ : autocarrosserie, koetswerk
autoanalyse (autoanalyse) (-ysis) /sub/ : zelfanalyse
autobiographia (autobiographia) /sub/ : autobiografie
autobiographo (autobiographo) /sub/ : autobiograaf
autobus, interprisa/compania (compania) de ~es : busonderneming, autobusbedrijf
autocatalyse (autocatalyse) (-ysis) /sub/ : autokatalyse
autocephalia (autocephalia) /sub/ : autocefalie
autochthonia (autochthonia) /sub/ : het autochtoon/inheems zijn
autochthono (autochthono) /sub/ : inheemse bewoner, oorspronkelijke bewoner, autochtoon
autochthono (autochthono), quartiero de ~s : autochtonenwijk
autocrate (autocrate) /sub/ : autocraat, alleenheerser
autocratia (autocratia) /sub/ : autocratie, alleenheerschappij
autodidactic, methodo (methodo) ~ : autodidactische methode
autodromo (autodromo) /sub/ : racecircuit, autocircuit, autodroom
autoexcitation, ~ de un dynamo (dynamo) : zelfbekrachtiging van een dynamo
autofocus (autofocus) /sub/ : PHOTOGRAPHIA autofocus
autogame (autogame) /adj/ : BIOLOGIA autogaam, zelfbevruchtend, zelfbestuivend
autogame (autogame), plantas ~ : autogame planten
autogamia (autogamia) /sub/ : BIOLOGIA autogamie, zelfbevruchting, zelfbestuiving
autogenese (autogenese) (-esis) /sub/ : autogenese, abiogenese
autographe (autographe) /adj/ : eigenhandig geschreven
autographe (autographe), scripto ~ : eigenhandig schrijven
autographe (autographe), littera ~ : eigenhandig geschreven brief
autographia (autographia) /sub/ : het eigenhandig schrijven
autographia (autographia) /sub/ : TYPOGRAPHIA autografie
autographic, littera (littera) ~ : autografische brief
autographo (autographo) /sub/ : autograaf, eigen (hand)schrift
autographo (autographo), collector de ~s : autografenverzamelaarverzamelaar
autographo (autographo), collection de ~s : autografenverzameling
autohypnose (-osis (-osis)) /sub/ : autohypnose
autoimmun, maladias (maladias) ~ : auto-immuunziekten
autoironia (autoironia) /sub/ : zelfspot
autolyse (autolyse) (-ysis) /sub/ : BIOCHIMIA autolyse
automate (automate) /adj/ : automatisch
automatic, machina (machina) a/de lavar ~ : automatische wasmachine
automatisation, technologia (technologia) de ~ : automatiseringstechnologie
automato (automato) /sub/ : automaat
automedonte (automedonte) /sub/ : JOCO voerman, koetsier
automutageno (automutageno) /sub/ : BIOLOGIA automutageen
autonome (autonome) /adj/ : autonoom, zelfstandig
autonome (autonome), systema nervose ~ : autonome/vegetatieve zenuwstelsel
autonome (autonome), gestion ~ : zelfstandige bedrijfsvoering
autonome (autonome), governamento ~ : autonome regering
autonome (autonome), stato ~ : autonome staat
autonome (autonome), regiones ~ : autonome gebieden
autonomia (autonomia) /sub/ : autonomie, zelfbestuur, onafhankelijkheid
autonomia (autonomia), ~ politic : politieke autonomie
autonomia (autonomia), ~ financiari : financiële autonomie
autonomia (autonomia) /sub/ : vliegbereik, actieradius
autonomia (autonomia), le ~ de un avion supersonic : het vliegbereik van een supersonisch vliegtuig
autonyme (autonyme) /adj/ : autoniem
autonymia (autonymia) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA zelfnoemfunctie
autonymo (autonymo) /sub/ : autoniem
autopede (autopede) /sub/ : autoped
autophagia (autophagia) /sub/ : BIOLOGIA autofagie, zelfvertering
autopolyploidia (autopolyploidia) /sub/ : BIOLOGIA autopolyploïdie
autopsia (autopsia) /sub/ : JURIDIC lijkschouwing, autopsie
autopsia (autopsia), ~ legal : gerechtelijke schouwing
autopsia (autopsia), tabula de ~ : snijtafel
autopsia (autopsia), facer le ~ de un cadavere : een lijk schouwen
autoradiographia (autoradiographia) /sub/ : autoradiografie
autoritari, character (character) ~ : autoritair karakter
autoritate, ~ legitime (legitime) : wettig gezag
autoritate, appoiar se super (super) ~ : op een gezaghebbende bron steunen
autoscopia (autoscopia) /sub/ : zelfwaarneming
autosyndese (autosyndese) (-esis) /sub/ : autosyndese
autosynthese (autosynthese) (-esis) /sub/ : BIOLOGIA autosynthese
autotherapia (autotherapia) /sub/ : autotherapie
autotomia (autotomia) /sub/ : ZOOLOGIA autotomie, zelfverminking
autotrophe (autotrophe) /adj/ : autotroof
autotrophe (autotrophe), metabolismo ~ : autotrofe stofwisseling
autotrophia (autotrophia) /sub/ : BOTANICA autotrofie
autotypia (autotypia) /sub/ : autotypie
autotypia (autotypia) /sub/ : MEDICINA inenting met autovaccin
autovia (autovia) /sub/ : autoweg
autovia (autovia), ~ a pedage : autosnelweg met tolheffing, autotolweg
autumnal, vespere/vespera (vespera) ~ : herfstavond
autumnal, maladia (maladia) ~ : najaarsziekte
autumno, vespere/vespera (vespera) de ~ : herfstavond
auxanographia (auxanographia) /sub/ : BOTANICA auxanografie
auxanometro (auxanometro) /sub/ : BOTANICA auxanometer, groeimeter
auxiliar, armea (armea) ~ : hulpleger
auxiliar, episcopo (episcopo) ~ : hulpbisschop
auxiliar, policia (policia) ~ : hulppolitie
auxologia (auxologia) /sub/ : auxologie
auxospora (auxospora) /sub/ : BOTANICA auxospore
auxotrophe (auxotrophe) /adj/ : BIOLOGIA auxotroof
auxotrophia (auxotrophia) /sub/ : BIOLOGIA auxotrofie
auxotrophic /adj/ : Vide: auxotrophe (auxotrophe) 
avante, camera (camera) de ~ : voorkamer
avantia, ~ gratuite (gratuite)/sin interesse : renteloos voorschot
avantiar, ~ un these (-esis (-esis)) : een stelling poneren
avantiate, ideas (ideas) ~ : geavanceerde denkbeelden
avaria (avaria) /sub/ : schade, averij
avaria (avaria), bijzondere ~ : avaria particular
avaria (avaria), agente de ~ : schadeagent
avaria (avaria), calculo de ~ : averijberekening
avaria (avaria), clausula de ~ : averijclausule
avaria (avaria), costos de ~ : averijkosten
avaria (avaria), fidantia de ~ : compromis van averij
avaria (avaria),  ~ commun : gemene averij
ave(I), ~ nidifuge (nidifuge) : nestvlieder
ave(I), testa/capite (capite) de ~ : vogelkop
aventurar, ~ se super (super) un cammino glissante : zich op glad ijs begeven
avestruthio, haber un stomacho (stomacho) de ~ : een struisvogelmaag hebben, een sterke maag hebben
aviari, cholera (cholera) ~ : vogelcholera
aviation, museo (museo) de ~ : luchtvaartmuseum
avion, littera (littera) per ~ : luchtpostbrief
aviophobia (aviophobia) /sub/ : vliegangst
aviso, littera (littera) de ~ : aangetekende brief
avitaminose (-osis (-osis)) /sub/ : avitaminose
avometro (avometro) /sub/ : avometer
axe, ~ symmetria (symmetria) : symmetrieas
axial, symmetria (symmetria) ~ : axiale symmetrie
axiologia (axiologia) /sub/ : PHILOSOPHIA axiologie, waardeleer
axiologo (axiologo) /sub/ : PHILOSOPHIA axioloog
axioma, ~ de Archimedes (Archimedes) : axioma van Archimedes
axiomatic, methodo (methodo) ~ : axiomatische methode
axiometro (axiometro) /sub/ : NAVIGATION E CONSTRUCTION DE NAVES axiometer, roerverklikker
axis (axis) /sub/ : ANATOMIA draaier
axis (axis), atlante e ~ : atlas en draaier
axis (axis) /sub/ : ZOOLOGIA axishert
axonometria (axonometria) /sub/ : MATHEMATICA axonometrie
axotemia (axotemia) /sub/ : MEDICINA axotemie
azalea (azalea) /sub/ : BOTANICA azalea
azalea (azalea), flor de ~ : azaleabloem
azalea (azalea), cultura de ~s : azaleateelt
azalea (azalea), cultor/cultivator de ~s : azaleakweker
azalea (azalea), specie de ~ : azaleasoort
azeotrope (azeotrope) /sub/ : CHIMIA azeotroop
azeotropia (azeotropia) /sub/ : CHIMIA azeotropie
azimuth (azimuth) /sub/ : ASTRONOMIA azimut
azimuthal, numero (numero) quantic ~ : azimutaal quantumgetal
azimuthal, goniometria (goniometria) ~ : azimutale goniometrie
azocomposito (azocomposito) /sub/ : CHIMIA azoverbinding
azoico (azoico) /sub/ : GEOLOGIA azoïcum
azotometro (azotometro) /sub/ : CHIMIA azotometer, stikstofmeter
azyme (azyme) /adj/ : ongezuurd, ongegist, ongedesemd
azyme (azyme), pan ~ : ongedesemd brood, matse
azymo (azymo) /sub/ : ongedesemd brood, matse
azymo (azymo), Festa del Azymos : Feest der Ongedesemde Broden
baba (baba) /sub/ : CULINARI baba
babesiose (-osis (-osis)) /sub/ : babesiose
babylonian, epigraphia (epigraphia) ~ : Babylonische epigrafie
babyphono (babyphono) /sub/ : babyfoon
baca, ~ de junipero (junipero) : jeneverbes
baca, ~ de ribes (ribes) : aalbes
bacillar, maladia (maladia) ~ : door bacillen veroorzaakte ziekte
bacterio, maladia (maladia) causate per ~s : bacteriënziekte
bacteriologia (bacteriologia) /sub/ : bacteriologie
bacteriologic, analyse (analyse) (-ysis) ~ : bacteriologische analyse
bacteriologo (bacteriologo) /sub/ : bacterioloog
bacteriolyse (bacteriolyse) (-ysis) /sub/ : bacteriolyse
bacteriophago (bacteriophago) /sub/ : bacteriofaag
bacteriophobia (bacteriophobia) /sub/ : bacteriofobie
bacterioscopia (bacterioscopia) /sub/ : bacterioscopie
bacteriotherapia (bacteriotherapia) /sub/ : bacteriotherapie
bactris (bactris) /sub/ : BOTANICA
bactris (bactris), ~ speciose : perzikpalm
baculo, ~ de monacho (monacho) : monniksstaf
bagage, ~ gratuite (gratuite) : vrachtvrije bagage
bagage, deposito (deposito) de ~s : bagagedepot
balanciar, le undas balancia le naves al ancora (ancora) : de golven bewegen de schepen die voor anker liggen heen en weer
balanciar, ~ inter (inter) duo cosas : tussen twee dingen aarzelen
balancio, ~ interime (interime) : tussenbalans
balanitis (balanitis) /sub/ : MEDICINA eikelontsteking, balanitis
balano (balano)(I) /sub/ : ANATOMIA glans, eikel
balano (balano)(II) /sub/ : balanus (soort zeepok) 
balboa (balboa) /sub/ : (munteenheid van Panama) balboa
balenoptera (balenoptera) /sub/ : ZOOLOGIA vinvis
Balkanes (Balkanes) /sub/ : Balkan (gebergte)
Balkanes (Balkanes) /sub/ : Balkanstaten
balla, ~ de cauchu (cauchu) : rubberkogel
balla, funderia (funderia) de ~s : kogelgieterij
balla, ~s de mercantias (mercantias) : balen koopwaar
ballar, le litteras (litteras) balla ante mi oculos : de letters dansen voor mijn ogen
ballet, ~ super (super) glacie : ijsballet
ballet, le ~ del Opera (Opera) de Paris : het ballet van de Parijse Opera
ballistic, galvanometro (galvanometro) ~ : ballistische galvanometer
ballo, ~ mascate/de mascas/de mascaras (mascaras) : gemaskerd bal
ballo, vespere/vespera (vespera) de ~ : dansavond
ballon, ~ de essayo (essayo) : proefballon
balneologia (balneologia) /sub/ : balneologie, leer van het gebruik van baden
balneotherapia (balneotherapia) /sub/ : geneeswijze door baden, balneotherapie
balsamo (balsamo) /sub/ : balsem
balsamo (balsamo), gutta de ~ : balsemdruppel
balsamo (balsamo) /sub/ : zalf
balsamo (balsamo), ~ de zinc : zinkzalf
balsamo (balsamo), ~ de Peru (Peru) : perubalsem
balsamo (balsamo), ~ vulnerari : wondzalf
bambu (bambu) /sub/ : BOTANICA bamboe(riet)
bambu (bambu), canna/baston de ~ : bamboestok, rotting
bambu (bambu), tabula de ~ : bamboetafel
bambu (bambu), sedia de ~ : bamboestoel
bambu (bambu), palo de ~ : bamboepaal
bambu (bambu), ponte de ~ : bamboebrug
bambu (bambu), javelotto de ~ : bamboespeer
bambu (bambu), pedunculo de ~ : bamboestengel
bambu (bambu), planta de ~ : bamboeplant
bambu (bambu), tressage de ~ : bamboevlechtwerk
banca, ~ de deposito (deposito) : depositobank
banca, ~ de credito (credito) agricole : boerenleenbank
banca, ~ del empleos (empleos) : vacaturebank
bancari, credito (credito) ~ : bankkrediet
bancari, credito (credito) ~ irrevocabile : onherroepelijk bankkrediet
bancari, debita (debita) ~ : bankschuld
bancari, deposito (deposito) ~ : bankdeposito
banco, ~ de vendita (vendita) : toonbank
banco, ~ de probas/provas/essayo (essayo) : testbank, proefbank
banco, pisca super (super) le ~s : bankvisserij
banco, Banco de Dogger (Dogger) : Doggersbank
banio-maria (banio-maria) /sub/ : waterbad
banio-maria (banio-maria) /sub/ : bain-mariepan, dubbele kookpan
bantam (bantam), 1 BOXA  peso ~ : bantamgewicht
bantu (bantu) /sub/ : (persoon) Bantoe
bantu (bantu) /sub/ : bantoetaal, bantoe
bantu (bantu) /adj/ : Bantoe
bantu (bantu), lingua ~ : bantoetaal
baptismal, ceremonia (ceremonia) ~ : doopplechtigheid
baptismo, ~ del aere (aere) : luchtdoop, eerste vliegreis
baptista, Sancte Johannes (Johannes) ~ : Johannes de Doper
barateria (barateria) /sub/ : NAVIGATION E CONSTRUCTION DE NAVES schelmerij, baratterie
barba, ~ integre (integre) : volle baard
barbarea (barbarea) /sub/ : BOTANICA barbarakruid
barbarea (barbarea), ~ stricte : stijf barabarakruid
barbaria (barbaria) /sub/ : barbaarsheid, barbarij
barbaria (barbaria), committer un acto de ~ : een wreedheid begaan
barbaria (barbaria), recader in le ~ : terugvallen in de barbarij
barbaro (barbaro) /sub/ : barbaar
barbaro (barbaro), invasiones/irruptiones del ~s : invallen van de barbaren
barbaro (barbaro) /sub/ : barbaar, woesteling
barberia (barberia) /sub/ : barbiersvak
barberia (barberia) /sub/ : barbierszaak
barbituric;, composito (composito) ~ : barbituurverbinding
baresthesia (baresthesia) /sub/ : MEDICINA baresthesie, overgevoeligheid voor gewicht of druk
barium (barium) /sub/ : CHIMIA barium
barium (barium), composito (composito) de ~ : bariumverbinding
barium (barium), hydroxydo (hydroxydo) de ~ : bariumhydroxyde
barium (barium), sulfato de ~ : bariumsulfaat
barium (barium), carbonato de ~ : bariumcarbonaat
baroc, periodo (periodo) ~ : barokperiode
barographo (barographo) /sub/ : METEO barograaf
barologia (barologia) /sub/ : barologie, gewichtsleer
barometric, maximo (maximo) ~ : barometrisch maximum
barometro (barometro) /sub/ : barometer
barometro (barometro), ~ a/de mercurio : kwikbarometer
barometro (barometro), ~ a/de siphon : hevelbarometer
barometro (barometro), ~ aneroide : aneroïde barometer
barometro (barometro), ~ nautic/de navigation : scheepsbarometer
barometro (barometro),  ~ de conjunctura : conjunctuurbarometer
barometro (barometro), tubo de ~ : barometerbuis
barometro (barometro), le ~ monta : de barometer gaat omhoog
barometro (barometro), le ~ bassa/descende : de barometer daalt/zakt
barometro (barometro), le ~ indica bon tempore : de barometer staat op mooi weer
barometrographia (barometrographia) /sub/ : METEO barometrografie
barometrographo (barometrographo) /sub/ : METEO barometrograaf, barograaf
baronia (baronia) /sub/ : baronie, gebied van een baron
baronia (baronia), Baronia (Baronia) de Breda : Baronie van Breda
barothermographo (barothermographo) /sub/ : barothermograaf
barothermohygrographo (barothermohygrographo) /sub/ : barothermohygrograaf
barothermometro (barothermometro) /sub/ : barothermometer
barra, codice (codice) a/de ~s : streepjescode
barrica (barrica) /sub/ : vat, ton, fust, okshoofd
barrica (barrica), ~ de farina : vat meel
barrica (barrica), ~ de haringos : vaatje haring
barricada, combatter super (super) le ~s : vechten op de barricaden
Bartholomeo (Bartholomeo) /sub/ : Bartholomeus
Bartholomeo (Bartholomeo), massacro del Sancte ~ : Bartholomeusnacht, Bloedbruiloft
barytono (barytono) /sub/ : bariton, tenorhoorn
barytono (barytono) /sub/ : bariton(zanger)
barytono (barytono), parte de ~ : baritonpartij
basal, principios ~ del democratia (democratia) : grondprincipes van de democratie
basal, parte ~ de un organo (organo) : basaal deel van een orgaan
basar, ~ se super (super) : zich baseren op, uitgaan van
basar, ~ se unicamente super (super) le factos : alleen de feiten laten spreken
base, super (super) le/a ~ de : op basis van
base, super (super) un ~ solide : op degelijke gronden
base, super (super) un ~ annual : op jaarbasis, per jaar
base, ~ militar/del armea (armea) : militaire basis, legerbasis
Basedow, maladia (maladia) de ~, struma exophthalmic : ziekte van Basedow
Basel (Basel) /sub/ : Basel
basilima (basilima) /sub/ : BOTANICA lijsterbesspirea
basio, ~ de Judas (Judas) : Judaskus
basio, dar un ~ de adeo (adeo) a un persona : iemand vaarwel kussen
basipetal /adj/ : Vide: basipete (basipete)
basipete (basipete) /adj/ : BIOLOGIA basipetaal, van boven naar beneden groeiend
bassar, ~ le capite (capite)/testa : het hoofd buigen
bassar, le vendita (vendita) bassa : de verkoop loopt terug
bassar, le barometro (barometro) ha bassate : de barometer is gezakt
basse, registro ~ del organo (organo) : basregister van het orgel
bassino, ~ a marea (marea) : getijbekken
basso, le ~ del pagina (pagina) : de onderkant van de bladzijde
basso, in ~ del pagina (pagina) : onder aan de bladzijde
bastardia (bastardia) /sub/ : bastaardij, onechtheid, onechte geboorte
baston, ~ de mendico (mendico)/de mendicante : bedelstaf
baston, ~ de bambu (bambu) : bamboestok
bathygraphia (bathygraphia) /sub/ : bathygrafie
bathymetria (bathymetria) /sub/ : (mbt zee) dieptemeting, bathymetrie
bathymetro (bathymetro) /sub/ : bat(h)ometer, dieptemeter
batrachomyomachia (batrachomyomachia) /sub/ : batrachomyomachie (strijd tussen kikkers en muizen) 
battalia, ~ de ideas (ideas) : ideeënstrijd
battalion, ~ de infanteria (infanteria) : infanteriebataljon
batteria (batteria) /sub/ : artillerie-eenheid, batterij
batteria (batteria), ~ costari/de costa : kustbatterij
batteria (batteria), ~ antiaeree : luchtafweerbatterij
batteria (batteria), ~ de campania : veldbatterij
batteria (batteria), ~ flottante : drijvende batterij
batteria (batteria), commandante de ~ : batterijcommandant
batteria (batteria) /sub/ : 
batteria (batteria), ~ de cocina : keukenuitrusting, keukengereedschap, keukengerei
batteria (batteria) /sub/ : batterij, accu
batteria (batteria), ~ electric : batterij
batteria (batteria), ~ anodic/de anode : anodebatterij
batteria (batteria), ~ sic : droge batterij
batteria (batteria), ~ galvanic : galvanische batterij
batteria (batteria), ~ exhauste/discargate : lege batterij
batteria (batteria), ignition per ~ : batterijontsteking
batteria (batteria), elemento de ~ : accu-element
batteria (batteria), cargator de ~ : accu-oplader
batteria (batteria), probator de ~s : accutester
batteria (batteria), cassa del ~ : accubak
batteria (batteria) /sub/ : MUSICA slagwerk
batteria (batteria), sonar le ~ : het slagwerk bedienen
batteria (batteria) /sub/ : 
batteria (batteria), ~ de machinas (machinas) a/de scriber : batterij schrijfmachines
batteria (batteria), ~ de projectores : batterij projectoren
batteria (batteria), ~ de tests : serie toetsen
batthyergo, ~ maritime (maritime) : zandmol
battologia (battologia) /sub/ : battologie
bavaro (bavaro) /sub/ : Beier
beatitude, ~ paradisiac (paradisiac) : paradijselijke gelukzaligheid
belinographo (belinographo) /sub/ : beeldtelegraaf
bellicose, character (character) ~ : krijgshaftigheid, oorlogszuchtigheid
bellicose, spirito (spirito) ~ : strijdlust
bellis (bellis) /sub/ : BOTANICA madeliefje
belomantia (belomantia) /sub/ : belomantie, pijlwichelarij
belone (belone) /sub/ : ZOOLOGIA geep (vis) 
beltate, ~ del femina (femina) : vrouwelijk schoon
beltate, masca/mascara (mascara) de ~ : schoonheidsmasker
belvedere (belvedere) /sub/ : uitzichttoren, uitzichtpost, belvedère, uitzichtterras
ben, le aere (aere) fresc le facera ~ : de frisse lucht zal hem goed doen
benedicite (benedicite) /sub/ : tafelgebed
benedicite (benedicite), dicer le ~ : bidden (voor het eten) 
benediction, le ~es descende super (super) le credentes : de zegeningen dalen neer opde gelovigen
benefic, bibita (bibita) con effectos ~ : heilzame drank
beneficiario, ~ de credito (credito) : kredietnemer
beneficio, lassar le ~ del dubita (dubita) a un persona, conceder a un persona le ~ del dubita (dubita) : aandeel in de winst
beneficio, analyse (analyse) (-ysis) del costos e ~s : kosten-batenanalyse
benevole, judice (judice) ~ : welwillende rechter
benevolentia, invocar le ~ del judice (judice) : de welwillendheid van de rechter inroepen
benthos (benthos) /sub/ : benthos, flora en fauna op de bodem van wateren
benzene (benzene) /sub/ : CHIMIA benzeen
benzoe (benzoe) /sub/ : benzoë, reukhars
benzoe (benzoe), resina de ~ : benzoëhars
benzoe (benzoe), tinctura de ~ : benzoëtinctuur
benzoe (benzoe), balsamo de ~ : benzoëbalsem
benzoe (benzoe) /sub/ : BOTANICA benzoëboom
berberis (berberis) /sub/ : BOTANICA berberis, zuurdoorn
berberis (berberis), arbusto de ~ : berberis(se)struik
berkelium (berkelium) /sub/ : CHIMIA berkelium
Berlitz, methodo (methodo) ~ : Berlitzmethode
Bernoulli, numeros (numeros) de ~ : Bernoulli-getallen
beryllium (beryllium) /sub/ : CHIMIA beryllium
beryllium (beryllium), composito (composito) de~ : berylliumverbinding
beryllium (beryllium), alligato de ~ : berylliumlegering
besonio, ~ de energia (energia) : energiebehoefte
bestial, numero (numero) de ~ : veestapel
beta(I), ~ maritime (maritime) : strandbiet
betatherapia (betatherapia) /sub/ : MEDICINA betatherapie, behandeling met betastraling
betonar, machina (machina) de ~ : betonmolen
betula, cortice (cortice) de ~ : berkenschors
biathlon (biathlon) /sub/ : SPORT biatlon
bibita (bibita) /sub/ : slok, teug, glasvol, bekervol, etc.
bibita (bibita) /sub/ : drank
bibita (bibita), ~ national : volksdrank
bibita (bibita), ~ somnifere/soporific/dormitive : slaapdrank
bibita (bibita), ~ gasose : koolzuurhoudende drank, prik(limonade), frisdrank
bibita (bibita), ~ de tabula : tafeldrank
bibita (bibita), ~ refrescante : verkoelende drank, frisdrank
bibita (bibita), ~ de fructos : vruchtendrank
bibita (bibita), ~s spirituose/alcoholic : geestrijke dranken
bibita (bibita), ~s exempte de alcohol/sin alcohol : alcoholvrije dranken
bibita (bibita), habituar se al ~ : aan de drank raken
Biblia, jurar super (super) le ~ : een eed op de bijbel afleggen
biblic, poesia (poesia) ~ : bijbelpoëzie
bibliographia (bibliographia) /sub/ : bibliografie, boekbeschrijving
bibliographia (bibliographia) /sub/ : bibliografie, literatuurverwijzing, literatuuropgave
bibliographic, appendice (appendice) ~ : bibliografische appendix
bibliographo (bibliographo) /sub/ : bibliograaf, boekenkenner
bibliolatra (bibliolatra) /sub/ : bijbelvereerder
bibliolatra (bibliolatra) /sub/ : boekenvereerder
bibliolatria (bibliolatria) /sub/ : bijbelverering, bibliolatrie
bibliolatria (bibliolatria) /sub/ : boekenverering
bibliologia (bibliologia) /sub/ : bibliologie
bibliomania (bibliomania) /sub/ : hartstocht voor boeken, bibliomanie
bibliomaniaco (bibliomaniaco) /sub/ : bibliomaan, boekengek
bibliomano (bibliomano) /sub/ : boekengek, bibliomaan
bibliomantia (bibliomantia) /sub/ : bibliomantie, waarzeggerij door middel van de bijbel of andere heilige boeken
bibliometria (bibliometria) /sub/ : bibliometrie
bibliophilia (bibliophilia) /sub/ : liefde voor boeken, bibliofilie
bibliophilo (bibliophilo) /sub/ : boekenliefhebber, bibliofiel
bibliotheca, catalogo (catalogo) de ~ : bibliotheecatalogus
bibliotheconomia (bibliotheconomia) /sub/ : bibliotheekwetenschap
bichromia (bichromia) /sub/ : TYPOGRAPHIA tweekleurendruk
bicipite (bicipite) /adj/ : tweehoofdig
bicipite (bicipite), aquila (aquila) ~ : tweekoppige adelaar
bicipite (bicipite), monstro ~ : tweekoppig monster
bicipite (bicipite) /adj/ : van de biceps, biceps...
bicipite (bicipite) /sub/ : biceps
bicipite (bicipite), ~ brachial : tweehoofdige spier
bicycletta, ~ duple/duplice (duplice) : tandem
bicycletta, dynamo (dynamo) de ~ : fietsdynamo
bidirectional, microphono (microphono) ~ : tweezijdig gevoelige microfoon
biedermeier, periodo (periodo) ~ : biedermeierperiode/tijd
biella, capite (capite)/testa de ~ : drijfstangkop
bifora (bifora) /sub/ : BOTANICA holzaad
bigame (bigame) /adj/ : dubbel gehuwd, bigamisch
bigamia (bigamia) /sub/ : dubbel huwelijk, bigamie
bigamo (bigamo) /sub/ : bigamist
bigoteria (bigoteria) /sub/ : kwezelarij, femelarij, overdreven vroomheid
bilateral, symmetria (symmetria) ~ : tweezijdige symmetrie
bilateral, paralyse (paralyse) (-ysis) ~ : tweezijdige verlamming
bilharziasis (bilharziasis) /sub/ : MEDICINA bilharziasis, bilharzia
biliar, vesica (vesica)/vesicula ~ : galblaas
biliar, affection/maladia (maladia) ~ : galziekte
biliardo, camera (camera) de ~ : biljartkamer
biligenese (biligenese) (-esis) /sub/ : galvorming, biligenese
biliose, maladia (maladia)/affection ~ : galziekte
biliose, character (character) ~ : zwartgallig karakter
billet, ~ de cinema (cinema) : kaartje voor de bioscoop
billet, ~ gratuite (gratuite)/de favor : vrijkaartje
billet, vendita (vendita) de ~es : kaartverkoop
billet, ~ ferroviari/de ferrovia (ferrovia)/de traino : spoorkaartje
billet, ~ tramviari/de tramvia (tramvia) : tramkaartje
billet, ~ de lotteria (lotteria) : loterijbriefje
billeteria (billeteria) /sub/ : plaatskaartenbureau, plaatskaartenbalie, kaartjesloket
billeteria (billeteria), empleato de ~ : lokettist
billeteria (billeteria), ~ ferroviari : kaartjesloket op het station
billeteria (billeteria), ~ automatic : plaatskaartenautomaat
billeteria (billeteria), ~ del theatro : kaartjesloket van de schouwburg
billionesime (billionesime) /adj/ : biljoenste
billionesime (billionesime), le ~ parte : het biljoenste deel
billionesimo (billionesimo) /sub/ : biljoenste deel
bilocular, stomacho (stomacho) ~ : dubbele maag
bimane (bimane) /adj/ : ZOOLOGIA tweehandig
bimane (bimane), le homine es ~ : de mens heeft twee handen
bimetallic, thermoregulator a lamina (lamina) ~ : thermoregulateur met bimetaal
bimetallo, thermometro (thermometro) a ~ : bimetaalthermometer
binari, compositos (compositos) ~ : binaire verbindingen
binari, numero (numero) ~ : binair getal
binomial, symbolo (symbolo) ~ : binomiaal simbool
biobibliographia (biobibliographia) /sub/ : bio- en bibliografie
biocatalyse (biocatalyse) (-ysis) /sub/ : BIOLOGIA biokatalyse
biocenologia (biocenologia) /sub/ : BIOLOGIA biocenologie
biocenose (-osis (-osis)) /sub/ : BIOLOGIA biocenose, levensgemeenschap
biochimia (biochimia) /sub/ : biochemie
bioclimatologia (bioclimatologia) /sub/ : bioklimatologie
biocriminologia (biocriminologia) /sub/ : biocriminologie
bioenergia (bioenergia) /sub/ : bio-energie
bioessayo (bioessayo) /sub/ : biotest
biogenealogia (biogenealogia) /sub/ : biogenealogie
biogenese (biogenese) (-esis) /sub/ : biogenese
biogenetic, deposito (deposito) ~ : biogenetische afzetting
biogeochimia (biogeochimia) /sub/ : biogeochemie
biogeographia (biogeographia) /sub/ : biogeografie
biogerontologia (biogerontologia) /sub/ : biogerontologie
biographia (biographia) /sub/ : biografie
biographia (biographia), ~ ample : uitvoerige biografie
biographia (biographia), ~ breve : korte biografie
biographia (biographia), ~ concise : beknopte biografie
biographia (biographia), ~ documentate : gedokumenteerde biografie
biographia (biographia), ~ romantisate : geromantiseerde biografie
biographia (biographia), publicar le ~ de un scriptor : de biografie van een schrijver uitgeven
biographo (biographo) /sub/ : biograaf
bioingenieria (bioingenieria) /sub/ : genetische biologie, bio-engineering
biologia (biologia) /sub/ : biologie
biologia (biologia), ~ molecular : moleculaire biologie
biologia (biologia), ~ del solo : bodembiologie
biologia (biologia), professor de ~ : biologieleraar
biologia (biologia), inseniamento de ~ : biologieonderwijs
biologo (biologo) /sub/ : bioloog
biolyse (biolyse) (-ysis) /sub/ : biolyse
biomechanic, parametro (parametro) ~ : biomechanische parameter
biometeorologia (biometeorologia) /sub/ : biometeorologie
biometria (biometria) /sub/ : biometrie, biologische statistiek
biomicroscopia (biomicroscopia) /sub/ : biomicroscopie
biomorphologia (biomorphologia) /sub/ : biomorfologie
bionomia (bionomia) /sub/ : bionomie
biophotometro (biophotometro) /sub/ : biofotometer
biopsia (biopsia) /sub/ : biopsie
biosociologia (biosociologia) /sub/ : biosociologie
biostratigraphia (biostratigraphia) /sub/ : biostratigrafie
biosynthese (biosynthese) (-esis) /sub/ : BIOLOGIA biosynthese (vorming van organische stof in een levend wezen) 
biotechnologia (biotechnologia) /sub/ : biotechnologie
biotechnologo (biotechnologo) /sub/ : biotechnoloog
biotherapia (biotherapia) /sub/ : biotherapie
biothermogenese (biothermogenese) (-esis) /sub/ : biothermogenese
biotypo (biotypo) /sub/ : BIOLOGIA biotype
biotypologia (biotypologia) /sub/ : PSYCHOLOGIA, BIOLOGIA biotypologie
bioxydo (bioxydo) /sub/ : CHIMIA dioxyde
bipale (bipale) /adj/ : TECHNICA tweebladig
bipale (bipale), helice (helice) ~ : tweebladige schroef
bipare (bipare) /adj/ : ZOOLOGIA tweelingbarend
bipare (bipare) /adj/ : BOTANICA tweetakkig, gaffelvormig
bipede (bipede) /adj/ : tweevoetig, tweebenig
bipede (bipede), animales ~ : tweevoetige dieren, tweevoeters
bipede (bipede) /sub/ : tweevoeter, tweebenig wezen
bipede (bipede), le homine es un ~ : de mens is een tweevoeter
bireme, ~ solite (solite)/habitual : stamkroeg
biscocteria (biscocteria) /sub/ : beschuitfabriek
biscocto, ~ con butyro (butyro) e granos de anis : beschuit met muisjes
biscuit, ~ vermifuge (vermifuge) : wormkoekje
biscuiteria (biscuiteria) /sub/ : koekjesbakkerij, koekjesfabriek
bismuth (bismuth) /sub/ : CHIMIA bismut
bismuth (bismuth), composito (composito) de ~ : bismutverbinding
bismuth (bismuth), alligato de ~ : bismutlegering
bismuth (bismuth), nitrato de ~ : bismutnitraat
bismuth (bismuth), sal de ~ : bismutzout
bisturi (bisturi) /sub/ : MEDICINA scalpel, lancet, operatiemes, bistouri
bisyllabe (bisyllabe) /adj/ : tweelettergrepig
bisyllabo (bisyllabo) /sub/ : tweelettergrepig woord
bitter (bitter) /sub/ : bitter(tje) (drank)
bitter (bitter), ~ al herbas aromatic : kruidenbitter
bitter (bitter), ~ al citro/limon : citroenbitter
bitter (bitter), bottilia a/de ~ : bitterfles
bitter (bitter), vitro a/de ~ : bitterglas
bitter (bitter), carrafa a/de ~ : bitterkaraf
bivalente, theoria (theoria) ~ : bivalente theorie
bivalentia, ~ de un theoria (theoria) : bivalentie van een theorie
bivitellin, geminos (geminos) ~ : tweeëiïge tweelingen
bizarre, idea (idea) ~ : zonderling idee
bizarreria (bizarreria) /sub/ : bizarheid, vreemdheid, eigenaardigheid, merkwaardigheid, wonderlijkheid, excentriciteit
blanco, credito (credito) in ~ : blanko krediet
blande, isto es ~ como le butyro (butyro) : het is zo zacht/mals als boter
blasmo, jectar un ~ super (super) : een blaam werpen op
blastogenese (blastogenese) (-esis) /sub/ : BIOLOGIA blastogenese, kiemontwikkeling
blastomero (blastomero) /sub/ : BIOLOGIA blastomeer, delingscel van een ei
blastomycose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA blastomycose
blastophago (blastophago) /sub/ : ZOOLOGIA dennenscheerder
blastoporo (blastoporo) /sub/ : BIOLOGIA blastoporus, oermond
blennorrhagia (blennorrhagia) /sub/ : MEDICINA gonorroe(a), druiper
blennorrhea (blennorrhea) /sub/ : MEDICINA chronische druiper
blepharitis (blepharitis) /sub/ : MEDICINA blepharitis, ontsteking van een ooglid
blindate, camera (camera) ~ : kluis
bodemeria (bodemeria) /sub/ : NAVIGATION E CONSTRUCTION DE NAVES bodemerij
bodemeria (bodemeria), contracto de ~ : bodemerijcontract
bodemeria (bodemeria), littera (littera) de ~ : bodemerijbrief
bodemeria (bodemeria), debita (debita) de ~ : bodemerijschuld
bolchevista , theoria (theoria) ~ : bolsjewistische theorie
bolla, ~ de marea (marea) : getijbal
bolla, machina (machina) a/de scriber a ~ : bolletjesschrijfmachine
bolometro (bolometro) /sub/ : ASTRONOMIA bolometer
bomba, ~ a/de phosphoro (phosphoro) : fosforbom
bomba, ~ a/de hydrogeno (hydrogeno)/thermonuclear : waterstofbom
bombardamento, ~ de artilleria (artilleria) : artilleriebombardement
bombyce (bombyce) /sub/ : ZOOLOGIA zijdevlinder
bombyce (bombyce), ~ del moriero : moerbeivlinder
bon, un ~ numero (numero) de : een flink aantal
bon, alique (alique)/alco ~ : iets goeds
bon, nihil (nihil) ~ : niets goeds
bonetteria (bonetteria) /sub/ : petten/mutsenmakerij
bonetteria (bonetteria) /sub/ : petten/mutsenwinkel
bongo (bongo) /sub/ : MUSICA bongo
bonhomia (bonhomia) /sub/ : goedaardigheid, goedmoedigheid, vriendelijkheid
bono, ~ de credito (credito) : tegoedbon
bonus-m (bonus-m)alus (alus) /sub/ : bonus-alussysteem
borax (borax) /sub/ : CHIMIA borax
bordo, telephono (telephono) de ~ : scheepstelefoon
boreas (boreas) /sub/ : het noorden, noordenwind
borium (borium) /sub/ : CHIMIA borium
bosco, aere (aere) del ~s : boslucht
bosco, limite (limite) del ~s : boomgrens
bosniac (bosniac) /adj/ : Bosnisch
bosniaco (bosniaco) /sub/ : Bosniër
Bosporo (Bosporo) /sub/ : Bosporus
bostrycho (bostrycho) /sub/ : ZOOLOGIA bostrychus, houtboorkever
botanic, atlas (atlas) ~ : plantenatlas
botanic, geographia (geographia) ~ : plantengeografie
botanologia (botanologia) /sub/ : plantkunde, botanie, botanica
bothriocephalo (bothriocephalo) /sub/ : ZOOLOGIA
bothriocephalo (bothriocephalo), ~ late : bandworm
botrytis (botrytis) /sub/ : BOTANICA vuurziekte
bottileria (bottileria) /sub/ : flessenfabriek
bottilia, ~ de oxygeno (oxygeno) : zuurstoffles/cilinder
bottilia, vitreria (vitreria) de ~s : flessenfabriek
boveria (boveria) /sub/ : koeienstal
bovin, macelleria (macelleria) ~ : runderslagerij
bovin, tuberculose (-osis (-osis)) ~ : rundertuberculose
brachial, bicipite (bicipite) ~ : tweehoofdige armspier
brachiopode (brachiopode) /adj/ : ZOOLOGIA armpotig
brachiopodo (brachiopodo) /sub/ : ZOOLOGIA armpotige
brachycaule (brachycaule) /adj/ : BOTANICA kortstengelig, kortstelig
brachycephalia (brachycephalia) /sub/ : kortschedeligheid
brachygraphia (brachygraphia) /sub/ : brachygrafie
brachylogia (brachylogia) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA brachylogie
bracial, bicipite (bicipite) ~ : tweehoofdige armspier
bracio, esser in le ~s de Morpheo (Morpheo) : In Morpheus' armen liggen
bradycardia (bradycardia) /sub/ : MEDICINA bradycardie
bradypepsia (bradypepsia) /sub/ : MEDICINA trage spijsvertering
bradypodo (bradypodo) /sub/ : ZOOLOGIA luiaard
branchiopodo (branchiopodo) /sub/ : ZOOLOGIA kieuwpotige
brandy, distilleria (distilleria) de : brandewijnstokerij
braveria (braveria) /sub/ : dapperheid, moed, manhaftigheid
brevicaule (brevicaule) /adj/ : BOTANICA kortstengelig
briccheria (briccheria) /sub/ : (het) steenbakken
briccheria (briccheria) /sub/ : (bak)steenfabriek
bridge, vespere/vespera (vespera) de ~ : bridgeavond
brillar, un lacrima (lacrima) brillava in su oculo : een traan glinsterde in haar oog
bristol (bristol) /sub/ : bristolpapier, bristolkarton, glad karton
britone (britone) /sub/ : Brit, Engelsman
britone (britone) /sub/ : Breton
briza, ~ maxime (maxime) : groot trilgras
broccoli (broccoli) /sub/ : broccoli
broderia (broderia) /sub/ : het borduren, de kunst van het borduren
broderia (broderia), arte del ~ : borduurkunst
broderia (broderia), patrono de ~ : borduurpatroon
broderia (broderia), puncto de ~ : borduursteek
broderia (broderia) /sub/ : borduurwerk, borduursel
broderia (broderia), ~ de arte : sierborduurwerk
broderia (broderia), ~ de color : kleurborduurwerk
broderia (broderia), ~ de auro : goudborduursel
bromatologia (bromatologia) /sub/ : voedingsleer, bromatologie
bromatologo (bromatologo) /sub/ : voedingsdeskundige
bromido, ~ de natrium (natrium)/sodium (sodium) : natriumbromide
bromo (I), composito (composito) de ~ : broomverbinding
bromuro, ~ de natrium (natrium)/sodium (sodium) : natriumbromide
bronchiolo (bronchiolo) /sub/ : ANATOMIA bronchiolus, longpijptakje
bronchitis (bronchitis) /sub/ : MEDICINA bronchitis
bronchitis (bronchitis), ~ catarrhal : catarrale bronchitis
bronchographia (bronchographia) /sub/ : MEDICINA bronchografie
bronchologia (bronchologia) /sub/ : MEDICINA bronchologie
bronchopneumonia (bronchopneumonia) /sub/ : MEDICINA bronchopneumonie
bronchoscopia (bronchoscopia) /sub/ : MEDICINA bronchoscopie
bronchotomia (bronchotomia) /sub/ : MEDICINA bronchotomie, longpijpsnede
bronchotomo (bronchotomo) /sub/ : MEDICINA bronchotoom
bronzo, ~ al aluminium (aluminium) : aluminiumbrons
brosseria (brosseria) /sub/ : borstelfabriek, borstelmakerij
brosseria (brosseria) /sub/ : borstelfabricage, borstelmakerij
brosseria (brosseria) /sub/ : borstelwinkel
bruscheria (bruscheria) /sub/ : barsheid, norsheid, ruwheid, bitsheid, bruuskheid
brutal, le victima (victima) habeva essite brutalmente mutilate : het slachtoffer was op barbaarse wijze verminkt
brute, potteria (potteria) ~ : grof aardewerk
bruxomania (bruxomania) /sub/ : MEDICINA (het) tandenknarsen
bryographia (bryographia) /sub/ : BOTANICA bryografie, beschrijving van bladmossen
bryologia (bryologia) /sub/ : BOTANICA bryologie, leer der bladmossen
bryologo (bryologo) /sub/ : bryoloog, moskundige
bryophyto (bryophyto) /sub/ : BOTANICA mosplant
bubalo (bubalo) /sub/ : ZOOLOGIA hertebuffel (soort antilope) 
bucca, hygiene (hygiene) del ~ : mondverzorging
bucca, haber le corde super (super) le ~ : het hart op de lippen hebben
bucca, torquer le ~ in un rictus (rictus) : de mond tot een grijns vertrekken
buccal, hemorrhagia (hemorrhagia) ~ : mondbloeding
buccal, hygiene (hygiene) ~ : mondhygiëne, mondverzorging
buccino (buccino) /sub/ : ZOOLOGIA wulk, kinkhoren, ruishoorn
buddhic, monacho (monacho) ~ : Boeddhistische monnik
buddhista, monacho (monacho) ~ : Boeddhistische monnik
buddhistic, monacho (monacho) ~ : Boeddhistische monnik
buddhologia (buddhologia) /sub/ : boeddhologie
buddleia (buddleia) /sub/ : BOTANICA buddleia
budget, periodo (periodo) del ~ : budgetperiode
budgetari, deficit (deficit) ~ : begrotingstekort
bufalo (bufalo) /sub/ : buffel
bufalo (bufalo), pelle de ~ : buffelhuid
bufalo (bufalo), chassator {sj}/venator de ~es : buffeljager
buffoneria (buffoneria) /sub/ : grappigheid, leukheid, koddigheid, grap, klucht, pots
bufotherapia (bufotherapia) /sub/ : MEDICINA therapeutische toepassing van paddengiften
bulgaro (bulgaro) /sub/ : Bulgaar
bulgaro (bulgaro) /sub/ : (taal) bulgaars
bulla, ~ de aere (aere) : luchtbel
bulla, camera (camera) a ~s : bellenkamer
bulletin, ~ del armea (armea)/de guerra : legerbericht
bulon, ~ de ancora (ancora) : ankerbout
bulon, ~ a testa/capite (capite) incastrate : verzonken bout
bulon, testa/capite (capite) de ~ : boutkop
bulon, diametro (diametro) de ~ : boutdiameter
bunias (bunias) /sub/ : BOTANICA bunias
buphthalmia (buphthalmia) /sub/ : MEDICINA osseoog, buphtalmie
bureau, empleo (empleo) de ~ : kantoorbaan
bureau, machina (machina) de ~ : kantoormachine
bureau, almanac (almanac) de ~ : kantooralmanak
bureaucrate (bureaucrate)  /{oo}/ : bureaucraat
bureaucrate (bureaucrate) , governamento de ~s : bureaucratische regering
bureaucratia (bureaucratia)  /{oo}/ : bureaucratie
bureaucratia (bureaucratia) , le ~ nederlandese : de nederlandse bureaucratie
bureaucratia (bureaucratia) , ~ inefficiente : inefficiente bureaucratie
bureaucratia (bureaucratia) , lentor del ~ : traagheid van de ambtelijke molens
bureaucratic , le machina (machina) ~ : de ambtelijke molen
burgesia (burgesia) /sub/ : burgerij, bourgeoisie
burlesc, poesia (poesia) ~ : kolderpoësie
bursa, ~ del empleo (empleo) : banenmarkt
bursa, ~ de mercantias (mercantias) : goederenbeurs
bursa, ~ maritime (maritime) : scheepvaartbeurs
bursa, polissa (polissa) de ~ : beurspolis
bursa, termino (termino) de ~ : beursterm
bursitis (bursitis) /sub/ : MEDICINA slijmbeursontsteking
bussola (bussola) /sub/ : kompas
bussola (bussola), ~ portative/de tasca : zakkompas
bussola (bussola), ~ gyroscopic : gyroscopisch kompas
bussola (bussola), ~ topographic : topografisch kompas
bussola (bussola), ~ nautic : zeekompas
bussola (bussola), agulia/aco de ~ : kompasnaald
bussola (bussola), cassa de ~ : kompasdoos
bussola (bussola), quadrante de un ~ : roos van een kompas
bussola (bussola), disorientar un ~ : een kompas ontregelen
bussola (bussola), perder le ~ : de kluts kwijtraken
butene (butene) /sub/ : CHIMIA buteen
butomo (butomo), 1 BOTANICA ~ (umbellate : zwanenbloem
buttoneria (buttoneria) /sub/ : knopenfabricage, handel in knopen
buttoneria (buttoneria) /sub/ : knopenfabriek
buttoniera, microphono (microphono) de ~ : knoopsgatmicrofoon
butylene (butylene) /sub/ : CHIMIA butyleen
butyreria (butyreria) /sub/ : boterfabricage
butyreria (butyreria) /sub/ : boterfabriek
butyro (butyro) /sub/ : boter
butyro (butyro), ~ natural : natuurboter
butyro (butyro), ~ de crema : roomboter
butyro (butyro), ~ de vacca/de ferma : echte boter, boerenboter
butyro (butyro), ~ vegetal : plantenboter
butyro (butyro), ~ refrigerate : gekoelde boter
butyro (butyro), ~ non salate : ongezouten boter
butyro (butyro), ~ fresc : verse boter
butyro (butyro), ~ de maio : meiboter, grasboter
butyro (butyro), ~ de fabrica : fabrieksboter
butyro (butyro), ~ de cacao : cacaoboter
butyro (butyro), ~ de palma : palmboter
butyro (butyro), ~ de coco : cocosboter
butyro (butyro), ~ rancide : ranzige boter
butyro (butyro), cassa a ~ : boterdoos
butyro (butyro), commercio de ~ : boterhandel
butyro (butyro), mercante de ~ : boterhandelaar
butyro (butyro), mercato de ~ : botermarkt
butyro (butyro), exportation de ~ : boterexport/uitvoer
butyro (butyro), barril a ~ : boterton
butyro (butyro), fabrica de ~ : boterfabriek
butyro (butyro), fabricante de ~ : boterfabrikant
butyro (butyro), grassia de ~ : botervet
butyro (butyro), lacte de ~ : karnemelk
butyro (butyro), aroma de ~ : boteraroma
butyro (butyro), controlo del ~ : botercontrole
butyro (butyro), controlator del ~ : botercontroleur
butyro (butyro), batter le ~ : karnen
butyro (butyro), montania de ~ : boterberg
butyro (butyro), pastisseria (pastisseria) al ~ : botergebak
butyro (butyro), morsello de ~ : klontje boter
butyro (butyro), tenere como le ~ : boterzacht
butyro (butyro), del color de ~ : botergeel
butyrometro (butyrometro) /sub/ : butyrometer, botermeter
byzantinologia (byzantinologia) /sub/ : byzantinologie
byzantinologo (byzantinologo) /sub/ : byzantinoloog
cabala (cabala) /sub/ : kabbala, geheime joodse leer
cabala (cabala) /sub/ : intrige, kuiperij, gekonkel, kliek, clan saamgezworenen
cabestan, testa/capite (capite) de ~ : spilkop
cabina, ~ telephonic public/de telephono (telephono) public : openbare telefooncel
cabina, ~ de essayage/essayo (essayo)/proba/prova : pashokje, paskamer
cabinetto, crise/crisis (crisis) de ~ : kabinetscrisis
cablo, ~ de ancora (ancora) : ankertros
cablo, diametro (diametro) de ~ : kabeldoorsnede
cacahuete, pasta/butyro (butyro) de ~ : pindakaas
cacao (cacao) /sub/ : cacaoboom
cacao (cacao), plantation de ~ : cacaoplantage
cacao (cacao) /sub/ : cacaoboon
cacao (cacao) /sub/ : cacao(poeder)
cacao (cacao), ~ in pulvere : cacaopoeder
cacao (cacao), pulvere de ~ : cacaopoeder
cacao (cacao), butyro (butyro) de ~ : cacaoboter
cacao (cacao), grano de ~ : cacaoboon
cacao (cacao), residuos de ~ : cacaoafval
cacao (cacao), pressa de ~ : cacaopers
cacao (cacao), fabrication de ~ : cacaofabricage
cacatua (cacatua) /sub/ : ZOOLOGIA kaketoe
cachalote , testa/capite (capite) de ~ : potvissenkop
cachexia (cachexia)  /{sj}/ : MEDICINA algemene verzwakking, uitgeteerde toestand
cacographia (cacographia) /sub/ : kakografie, gebrekkige spelling, knoeierig schrijfwerk, slechte stijl
cacographo (cacographo) /sub/ : kakograaf, iemand die slecht schrijft (mbt spelling, stijl), knoeierig schrijver
cacolalia (cacolalia) /sub/ : cacolalie, vuile taal
cacologia (cacologia) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA onjuiste uitdrukking(swijze), verkeerde constructie
cacophonia (cacophonia) /sub/ : kakofonie, geheel van vele wanluidende klanken, onwelluidendheid
cacophonic, un succession ~ de syllabas (syllabas) : een kakofonische opeenvolging van lettergrepen
cadavere, deposito (deposito) de ~s : lijkenhuisje
cadavere, autopsia (autopsia) del ~ : lijkschouwing
cader, ~ in/inter (inter) le manos de : in handen vallen van
cader, ~ in manos inimic (inimic) : in vijandelijke handen vallen
cadi (cadi) /sub/ : kadi (Mohammedaanse rechter) 
cadita, ~ de Adam (Adam) : Adams val
cadmium (cadmium) /sub/ : cadmium
cadmium (cadmium), composito (composito) de ~ : cadmiumverbinding
cadmium (cadmium), jalne de ~ : cadmiumgeel
cadmium (cadmium), sulfido de ~ : cadmiumsulfiet
cadmium (cadmium), oxydo (oxydo) de ~ : cadmiumoxyde
caduceo (caduceo) /sub/ : HISTORIA mercuriusstaf, hermesstaf, caduceus
caduceo (caduceo) /sub/ : MEDICINA esculaap, esculaapteken
caduceo (caduceo) /sub/ : verval, bouwvalligheid
caduceo (caduceo) /sub/ : afgeleefdheid
cafeteria (cafeteria) /sub/ : cafetaria, snackbar, koffiehuis
cafeteria (cafeteria), wagon ~ : buffetrijtuig
caffe, deposito (deposito)/residuo/fundo de ~ : koffiedik
Cafreria (Cafreria) /sub/ : Kafferland
caid (caid) /sub/ : kaïd (hoge Moorse ambtenaar) 
caique (caique) /sub/ : kaïk (vaartuig) 
cakile, ~ maritime (maritime) : zeeraket
calamagrostis (calamagrostis) /sub/ : BOTANICA struisriet
calamagrostis (calamagrostis), ~ lanceolate : pluimriet, pluimstruisriet
calamo (calamo) /sub/ : HISTORIA schrijfriet
calamo (calamo) /sub/ : HISTORIA rietfluit
calampelis (calampelis) /sub/ : BOTANICA prachtrank
calcari, skeleto (skeleto) ~ : kalkskelet
calce (I), ~ de Achilles (Achilles) : Achilleshiel
calce(II), petreria (petreria) de ~ : kalkgroeve
calceo, ~ de femina (femina) : damesschoen
calceolo (calceolo) /sub/ : schoentje, slipper
calceolo (calceolo) /sub/ : keg, keil, wig, wigvormig stuk
calceria (calceria) /sub/ : kalkbranderij
calcetteria (calcetteria) /sub/ : kousen en verwante artikelen
calcetteria (calcetteria) /sub/ : kousenwinkel
calcifuge (calcifuge) /adj/ : BOTANICA kalkmijdend
calcifuge (calcifuge), planta ~ : kalkmijdende plant
calcimetria (calcimetria) /sub/ : kalkmeting
calcimetro (calcimetro) /sub/ : kalkmeter
calcinose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA calcinose, kalkjicht
calcitherapia (calcitherapia) /sub/ : MEDICINA calciumbehandeling, calcitherapie
calcium (calcium) /sub/ : CHIMIA calcium
calcium (calcium), sal de ~ : calciumzout
calcium (calcium), carburo de ~ : calciumcarbid
calcium (calcium), carbonato de ~ : calciumcarbonaat
calcium (calcium), aluminato de ~ : calciumaluminaat
calcular, machina (machina) a/de ~ : rekenmachine
calculation, methodo (methodo) de ~ : calculatiemethode, rekenmethode
calculator, ~ analoge (analoge) : analoge rekenmachine
calculo(II), methodo (methodo) de ~ : rekenmethode
caldiereria (caldiereria) /sub/ : ketelmakerij
calefaceliquidos (calefaceliquidos) /sub/ : dompelaar
calefacepedes (calefacepedes) /sub/ : stoof
calefaceplattos (calefaceplattos) /sub/ : warmhoudplaatje, schotelwarmer, tafelkomfoor
calefaction, camera (camera) sin ~ : onverwarmde kamer
calendas (calendas) /sub/ : eerste dag van de maand bij de Romeinen
calendas (calendas), morar/ajornar al ~ grec : op de lange baan schuiven
calice (calice) /sub/ : (drink)beker, bokaal, kelk
calice (calice), ~ de dolor : lijdensbeker, lijdenskelk
calice (calice), ~ de veneno : gifbeker
calice (calice) /sub/ : RELIGION miskelk
calice (calice) /sub/ : BOTANICA (bloem)kelk
calice (calice), ~ dialypetale : losbladige kelk
calicivirose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA niesziekte
calico (calico) /sub/ : calico(t), kaliko, ongebleekte katoen
calico (calico), fabrica de ~ : calico(t)fabriek
calide, motor a aere (aere) ~ : heteluchtmotor
californium (californium) /sub/ : CHIMIA californium
callifugo (callifugo) /sub/ : likdoornpleister
calligraphia (calligraphia) /sub/ : kalligrafie, schoonschrijfkunst, het schoonschrijven
calligraphia (calligraphia), ~ chinese : Chinese kalligrafie
calligraphia (calligraphia), ~ de homine : mannenhand
calligraphiar, ~ un littera (littera) : een brief kalligraferen
calligrapho (calligrapho) /sub/ : kalligraaf, schoonschrijver
calliphora (calliphora) /sub/ : ZOOLOGIA bromvlieg
callitriche (callitriche) /sub/ : BOTANICA sterrekroos, haarsteng
callitriche (callitriche), ~ obtusangule : stomphoekig sterrekroos
calmar, ~ le spiritos (spiritos) excitate : de opgewonden gemoederen kalmeren
calor, theoria (theoria) del ~ : warmteleer
calor, perdita (perdita) de ~ : warmteverlies
caloria (caloria) /sub/ : calorie
caloria (caloria), grande ~ : kilocalorie
caloria (caloria), povre/basse in ~s : caloriearm
caloria (caloria), dieta basse in ~s : calorie-arm dieet
calorifero (calorifero) /sub/ : verwarmingsapparaat, verwarmingsketel
calorific, energia (energia) ~ : warmte-energie
calorifuge (calorifuge) /adj/ : niet-warmtegeleidend, (warmte)isolerend
calorifuge (calorifuge), revestimento ~ : warmte-isolerende bekleding
calorimetria (calorimetria) /sub/ : calorimetrie, warmtemeting
calorimetric, analyse (analyse) (-ysis) ~ : calorimetrische analyse
calorimetro (calorimetro) /sub/ : calorimeter, warmtemeter
calve, capite (capite)/testa ~ : kale kop, kaalkop
cambaro (cambaro) /sub/ : rivierkreeft
cambiadiscos (cambiadiscos) /sub/ : platenwisselaar
cambiar, ~ de idea (idea) : van gedachte veranderen
cambiar, le tempore cambiara (cambiara) : er is ander weer op komst
cambiar, io non volerea (volerea) ~ con ille : ik zou niet met hem willen ruilen
cambio (I), ~ del marea (marea) : kentering van het getij, doodtij
cambio (I), littera (littera) de ~ : wissel
cambio (I), perdita (perdita) de ~ : koersverlies
camelo, stomacho (stomacho) de ~ : kameelmaag
cameo (cameo) /sub/ : camee
camera (camera) /sub/ : kamer
camera (camera), ~ a mangiar : eetkamer
camera (camera), ~ a dormir/de lecto : slaapkamer
camera (camera), ~ pro duo personas/a duo lectos : tweepersoonskamer
camera (camera), ~ individual/pro un persona/a un lecto : eenpersoonskamer
camera (camera), ~ de banio : badkamer
camera (camera), ~ anterior/de avante : voorkamer
camera (camera), ~ posterior/de detra : achterkamer
camera (camera), ~ lateral/annexe : zijkamer
camera (camera), ~ mobilate : gemeubileerde kamer
camera (camera), ~ de labor/de travalio : werkkamer
camera (camera), ~ de hotel  : hotelkamer
camera (camera), ~ de consilio : raadkamer
camera (camera), ~ de rhetorica : rederijkerskamer
camera (camera), ~ funerari/mortuari : sterfkamer
camera (camera), ~ de restos/residuos/antiqualias : rommelkamer
camera (camera), ~ obscur : 1. OPTICA camera obscura, 2 PHOTOGRAPHIA donkere kamer, doka
camera (camera), ~ de horrores : griezelkamer
camera (camera), ~ de oxygeno (oxygeno) : zuurstoftent
camera (camera), ~ contigue : aangrenzende kamer
camera (camera), ~ de malado : ziekenkamer
camera (camera), ~ de puerpera : kraamkamer
camera (camera), ~ operatori : operatiekamer
camera (camera), ~ de machinas (machinas) : machinekamer
camera (camera), ~ de cartas : kaartenkamer
camera (camera), ~ de compression : compressiekamer/ruimte
camera (camera), ~ de isolamento : isoleervertrek
camera (camera), ~ de controlo : controlekamer
camera (camera), ~ a/de tortura : folterkamer
camera (camera), ~ a/de gas : gaskamer
camera (camera), ~ refrigerate/frigorific : vrieskamer, koelruimte
camera (camera), ~ forte/blindate : brandkluis
camera (camera), duo ~s communicante : twee kamers en suite
camera (camera), camera-cocina (camera-cocina) : woonkeuken
camera (camera), musica de ~ : kamermuziek
camera (camera), choro de ~ : kamerkoor
camera (camera), concerto de ~ : kamerconcert
camera (camera), orchestra de ~ : kamerorkest
camera (camera), locator de ~s : kamerverhuurder
camera (camera), roba de ~ : ochtendjas, peignoir
camera (camera), veste de ~ : kamerjapon
camera (camera), planta de ~ : kamerplant
camera (camera), ~ de esclusa : sluiskolk
camera (camera), ille vive in un ~ locate/de location : hij woont op kamers
camera (camera), facer le ~ : de kamer doen
camera (camera) /sub/ : JURIDIC kamer
camera (camera), Camera (Camera) de Agricultura : Landbouwschap
camera (camera), Camera (Camera) de Commercio e Industria : Kamer van Koophandel en Fabrieken
camera (camera) /sub/ : kamer (volksvertegenwoordiging)
camera (camera), Camera (Camera) de(l) Deputatos/Representantes : Kamer van Afgevaardigden
camera (camera) /sub/ : PHOTOGRAPHIA camera (camera), fototoestel
camera (camera), ~ reflexe : reflexcamera
camera (camera), ~ plicante/plicabile : klapcamera
camera (camera), ~ stereoscopic : stereocamera
camera (camera), ~ de/pro parve formato : kleinbeeldcamera
camera (camera), ~ de/pro grande formato : grootbeeldcamera
camera (camera), ~ invisibile : candid-camera
camera (camera), ~ cinematographic : filmcamera
camera (camera), ~ video : videocamera
camera (camera), ~ de television : televisiecamera
camera (camera), ~ pro le photographia (photographia) submarin : onderwatercamera
camera (camera), cargar un ~ : een film in de camera doen
camera (camera) /sub/ : holte, ruimte, kamer (in vuurwapens, etc.)
camera (camera), ~ frigorific/frigorifere/frigide : koelruimte, koelcel
camera (camera), ~ de combustion : verbrandingskamer
camera (camera), ~ de aere (aere) : binnenband
cameraderia (cameraderia) /sub/ : kameraadschap
camiseria (camiseria) /sub/ : hemdenfabriek, hemdenmakerij
camiseria (camiseria) /sub/ : hemdenwinkel
cammino, ~ super (super) le/un dica : dijkweg
cammino, aventurar se super (super) un ~ glissante : zich op glad ijs begeven
campal, artilleria (artilleria) ~ : veldgeschut
campana, ~ funebre (funebre)/a morto : doodsklok
campana, funderia (funderia) de ~s : klokkengieterij
campania, artilleria (artilleria) de ~ : veldartillerie
campania, batteria (batteria) de ~ : veldbatterij
campania, pharmacia (pharmacia) de ~ : veldapotheek
campania, aere (aere) de ~ : buitenlucht
campania, organisar un ~ de discredito (discredito) contra un persona : een campagne tegen iemand op touw zetten
campanologia (campanologia) /sub/ : campanologie, klokkenkunde
campanologo (campanologo) /sub/ : campanoloog
campestre, character (character) ~ : landelijkheid
camphora (camphora) /sub/ : kamfer
camphora (camphora), ~ pulverisate : kamferpoeder
camphora (camphora), odor de ~ : kamferlucht
campimetria (campimetria) /sub/ : MEDICINA campimetrie, gezichtsveldbepaling
campimetro (campimetro) /sub/ : MEDICINA campimeter
campion, ~ de periodo (periodo) : periodekampioen
campionato, ~ europee (europee) : Europees kampioenschap
campionato, ~ de periodo (periodo) : periodekampioenschap
campo, ~ de essayos (essayos)/de experimentation/de prova/de proba : proefveld
campus (campus) /sub/ : campus
campus (campus), systema de ~ : campussysteem
campus (campus), medico de ~ : campusarts
campus (campus), consilio de ~ : campusraad
can, testa/capite (capite) de ~ : hondenkop
can, pulice (pulice) de ~ : hondenvlo
can, imposto super (super) le ~es : hondenbelasting
Canaan (Canaan) /sub/ : BIBLIA Kanaän
Canada (Canada) /sub/ : Canada
canal, ~ maritime (maritime) : zeekanaal
cancellar, ~ un perdita (perdita) : een verlies afschrijven
cancellar, ~ un debita (debita) : een schuld kwijtschelden
cancellation, ~ de un debita (debita) : kwijtschelding van een schuld
cancellation, termino (termino) de ~ : opzegtermijn
cancelleria (cancelleria) /sub/ : kanselarij
cancelleria (cancelleria), ~ apostolic : pauselijke/apostolische kanselarij
cancelleria (cancelleria), stilo de ~ : kanselarijstijl
cancere, ~ del prostata (prostata) : prostaatkanker
cancere, ~ hepatic/del hepate (hepate)/del ficato (ficato) : leverkanker
cancere, ~ del vesica (vesica)/vesicula : blaaskanker
cancere, ~ cervical/del collo uterin/del collo del utero (utero) : baarmoederhalskanker
cancere, ~ gastric/stomachal/del stomacho (stomacho) : maagkanker
cancerogeno (cancerogeno) /sub/ : MEDICINA kankerverwekkende stof
cancerologia (cancerologia) /sub/ : MEDICINA oncologie, carcinologie
cancerologo (cancerologo) /sub/ : MEDICINA canceroloog, kankerspecialist
candelabro, ~ hebraic (hebraic)/a/de septe bracios : zevenarmige kandelaar
candide, esser un anima (anima) ~ : van de prins geen kwaad weten
candite, sucro/saccharo (saccharo) ~ : kandijsuiker
canephora (canephora) /sub/ : ANTIQUITATE korfdraagster, kanefoor
canna, ~ de bambu (bambu) : bamboestaak
cannabe (cannabe),cannabis (cannabis) /sub/ : BOTANICA hennep
cannabe (cannabe),cannabis (cannabis), oleo de ~ : hennepolie
cannabe (cannabe),cannabis (cannabis), filo de ~ : hennepgaren
cannabe (cannabe),cannabis (cannabis), cultura del ~ : hennepteelt
cannabe (cannabe),cannabis (cannabis), recolta de ~ : hennepoogst
cannabe (cannabe),cannabis (cannabis), corda de ~ : henneptouw
cannabe (cannabe),cannabis (cannabis), fibra de ~ : hennepvezel
cannabe (cannabe),cannabis (cannabis), pedunculo de ~ : hennepstengel
cannabe (cannabe),cannabis (cannabis), semine/grana de ~ : hennepzaad
cannabe (cannabe),cannabis (cannabis), ~ nederlandese : nederwiet
cannella, sucro/saccharo (saccharo) al ~ : kaneelsuiker
cannellar, machina (machina) a/de ~ : kartelmachine
cannellatura, ~ de un polea (polea) : gleuf van een katrol
cannelliero, cortice (cortice) de ~ : kaneelbast
cannibal (cannibal) /sub/ : kannibaal, menseneter
cannibal (cannibal) /adj/ : kannibalistisch, kannibalen..., mensenetend
cannoneria (cannoneria) /sub/ : stel kanonnen, batterij
cannoneria (cannoneria) /sub/ : gieterij van kanonnen
canoa (canoa) /sub/ : kano
canoa (canoa), ~ pneumatic : opblaasboot
canoa (canoa), cossino de ~ : kanokussen
canoa (canoa), ir in ~ : kanoën, kanovaren
canone, ~ retrograde (retrograde) : kreeftcanon
canonical, habito (habito) ~ : kanunniksgewaad
cantata, ~s de Bach pro organo (organo) concertante : cantates van Bach met concerterend orgel
canthus (canthus) /sub/ : ANATOMIA ooghoek
cantilever (cantilever) /adj/ : TECHNICA vrijdragend (opgehangen), zwevend (aangebracht)
cantilever (cantilever), suspension ~ : vrijdragende ophanging
cantilever (cantilever), frenos ~ : cantileverremmen
cantilever (cantilever), ponte ~ : cantileverbrug
cantilever (cantilever), fenestra ~ : klapraam
canto, methodo (methodo) de ~ : zangmethode
canto, semper (semper)/sempre le mesme ~, le ~ de semper (semper)/sempre : altijd hetzelfde liedje
cantonal, judice (judice) ~ : kantonrechter
capacitate, ~ limite (limite) : piekvermogen
capernaita (capernaita) /sub/ : bewoner van Kapernaüm
capetian, epocha (epocha) ~ : Capetingische tijd
capetian, dynastia (dynastia) ~ : Capetingische dynastie
capillar, hygrometro (hygrometro) ~ : haarhygrometer
capillaritis (capillaritis) /sub/ : MEDICINA (huid)haarvatenontsteking
capillaroscopia (capillaroscopia) /sub/ : MEDICINA capillaroscopie
capillo, ~s de angelo (angelo) : engelenhaar
capillo, hygrometro (hygrometro) a ~ : haarhygrometer
capital, littera (littera) ~ : hoofdletter
capital, circuito (circuito) de ~es : kapitaalskringloop
capitania (capitania) /sub/ : kapiteinschap
capitano, ~ de cavalleria (cavalleria) : ritmeester
capite (capite) /sub/ : hoofd, kop
capite (capite), dolor/mal de ~ : hoofdpijn
capite (capite), mi ~ me dole : ik heb hoofdpijn
capite (capite), rumper le ~ a un persona : iemand de hersens inslaan
capite (capite), rumper se le ~ : zich het hoofd breken
capite (capite), abassar le ~ : het hoofd laten hangen
capite (capite), succuter le ~ : het hoofd schudden
capite (capite), le ~ me torna : het duizelt me, ik ben duizelig
capite (capite), facer tornar le ~ a un persona : iemand duizelig maken
capite (capite), batter le ~ contra : het hoofd stoten tegen
capite (capite), pender super (super) le ~ : boven het hoofd hangen
capite (capite), montar al ~ : boven het hoofd hangen
capite (capite), perder le ~ : het hoofd verliezen
capite (capite), haber le ~ dur : een harde kop hebben
capite (capite), signo/inclination del ~ : knik(je)
capite (capite), voce de ~ : kopstem
capite (capite), ornamento del ~ : hoofdtooi
capite (capite), station de ~ : kopstation
capite (capite), del ~ al pedes : van tot tot teen
capite (capite), ~ nuclear/atomic : atoomkop
capite (capite), ~ calve : kale kop, kaalkop
capite (capite), ~ cave : holhoofd
capite (capite), ~ punctate/punctute : punthoofd
capite (capite), ~ de ponte : bruggenhoofd
capite (capite), ~ de morto : doodshoofd
capite (capite), ~ de lecto : hoofdeinde van bed
capite (capite), ~ de littera (littera) : briefhoofd
capite (capite), cossino de ~ : hoofdkussen
capite (capite), ~ de clavo : spijkerkop
capite (capite), clavo a ~ : spijker met kop
capite (capite), clavo sin ~ : spijker zonder kop
capite (capite), ~ de porco : varkenskop
capite (capite), ~ de dracon : drakenkop
capite (capite), ~ a duple facie/de Jano : Januskop
capite (capite), del ~ al pedes : van top tot teen
capite (capite), sin ~ ni cauda : zonder kop of staart
capite (capite), a ~ nude/discoperte : blootshoofds
capite (capite), tante ~s, tante ideas (ideas) : zoveel hoofden, zoveel zinnen
capite (capite), ~ del peloton : kop van het peloton
capite (capite), peloton/gruppo de ~ : kopgroep
capite (capite), ir/currer al ~ : op kop liggen, aan de kop gaan
capite (capite) /sub/ : chef, hoofd, leider, aanvoerder, baas, directeur
capite (capite), ~ de familia : gezinshoofd
capite (capite), ~ coronate : gekroond hoofd
capite (capite), ~ de stato : staatshoofd
capitolin, Jocos ~ : Spelen ter ere van Jupiter (Jupiter)
capitolin, le triade (triade) ~ : de drie goden van het Capitool
capitular, assemblea (assemblea) ~ : kapittelvergadering
cappellania (cappellania) /sub/ : prebende van een kapelaan
cappelleria (cappelleria) /sub/ : hoedenwinkel
cappelleria (cappelleria) /sub/ : hoedenmakerij
cappero (cappero) /sub/ : BOTANICA kapperstruik
cappero (cappero) /sub/ : CULINARI kapper(tje) 
capsulage, le ~ al machina (machina) : het machinaal aanbrengen van doppen/capsules
captiose, philosopho (philosopho) ~ : sofistisch filosoof
carabina, ~ pneumatic/a aere (aere) comprimite : luchtbuks
carabo (carabo) /sub/ : ZOOLOGIA loopkever, scharrebijter
caramello, ~ (al butyro (butyro)) : toffee
carbocation (carbocation) /sub/ : CHIMIA carbokation
carbochimia (carbochimia) /sub/ : koolstofchemie, carbochemie
carbon, deposito (deposito) de ~ : kolenbergplaats, kolenhok
carbon, electrodo (electrodo) de ~ (de lampa ad arco) : koolspits
carbon, esser super (super) ~es ardente : op hete kolen zitten
carbon, methodo (methodo) del carbon-14 : koolstof-14-methode
carbon, atomo (atomo) de ~ : koolstofatoom
carbon, isotopo (isotopo) del ~ : koolstofisotoop
carbon, composito (composito) de ~ : koolstofverbinding
carbonato, ~ de calcium (calcium) : calciumcarbonaat
carbonifere, periodo (periodo) ~ : Carboon
carbonifero (carbonifero) /sub/ : GEOLOGIA Carboon
carbonose, deposito (deposito) ~ : koolafzetting
carbonyl, composito (composito) de ~ : carbonylverbinding
carborundum (carborundum) /sub/ : carborundum, siliciumcarbide
carborundum (carborundum), tela de ~ : schuurlinnen
carbotherapia (carbotherapia) /sub/ : MEDICINA carbotherapie, CO2-behandeling
carburante, indice (indice)/index (index)/numero (numero) de octano de un ~ : octaangetal van een brandstof
carburo, ~ de calcium (calcium) : calciumcarbid
carcinolyse (carcinolyse) (-ysis) /sub/ : MEDICINA carcinolyse, kankervernietiging
cardatura, le ~ al machina (machina) : het machinaal kaarden
carderia (carderia) /sub/ : kaarderij
cardiac (cardiac) /adj/ : hart...
cardiac (cardiac), arteria ~ : kransslagader
cardiac (cardiac), attacco/crise/crisis (crisis) ~ : hartaanval
cardiac (cardiac), paralyse (paralyse) (-ysis)/collapso ~ : hartverlamming
cardiac (cardiac), glandula ~ : hartklier
cardiac (cardiac), musculo ~ : hartspier
cardiac (cardiac), maladia (maladia) ~ : hartziekte
cardiac (cardiac), morte ~ : hartdood
cardiac (cardiac), affection ~ : hartaandoening
cardiac (cardiac), infarcto ~ : hartinfarct
cardiac (cardiac), hypertrophia (hypertrophia) ~ : hartvergroting
cardiac (cardiac), pulsation/battimento ~ : harteklop
cardiac (cardiac), fibrillation ~ : fibrillatie van het hart
cardiac (cardiac), frequentia ~ : hartfrequentie
cardiac (cardiac), ruitos/sufflo ~ : hart(ge)ruis
cardiac (cardiac), valvula ~ : hartklep
cardiac (cardiac), palpitation ~ : hartklopping
cardiac (cardiac), massage ~ : hartmassage
cardiac (cardiac), rhythmo ~ : hartritme
cardiac (cardiac), cyclo ~ : hartcyclus
cardiac (cardiac), activitate/action/functionamento ~ : hartwerking
cardiac (cardiac), arresto/syncope (syncope) ~ : hartstilstand
cardiac (cardiac), stimulator ~ : hartstimulator, pacemaker
cardiac (cardiac), steatose (-osis (-osis)) ~ : hartvervetting
cardiac (cardiac), pumpa ~ : hartpomp
cardiac (cardiac), transplantation/graffo ~ : harttransplantatie
cardiac (cardiac), catheter (catheter) ~ : hartcatheter
cardiac (cardiac), clinica ~ : hartcentrum
cardiac (cardiac), chirurgo ~ : hartchirurg
cardiac (cardiac), chirurgia (chirurgia) ~ : hartchirurgie
cardiac (cardiac), tonos/sonos ~ : harttonen
cardiaco (cardiaco) /sub/ : hartlijder
cardialgia (cardialgia) /sub/ : MEDICINA maagkramp, hartkramp, cardialgie
cardinal, numero (numero) ~ : hoofdtelwoord
cardinalicie, purpura (purpura) ~ : kardinaalspurper
cardiochirurgia (cardiochirurgia) /sub/ : hartchirurgie
cardiographia (cardiographia) /sub/ : cardiografie, hartbeschrijving
cardiographo (cardiographo) /sub/ : cardiograaf
cardiologia (cardiologia) /sub/ : cardiologie
cardiologia (cardiologia), centro de ~ : hartcentrum
cardiologo (cardiologo) /sub/ : cardioloog, hartspecialist
cardiologo (cardiologo), chirurgo ~ : hartchirurg
cardiomegalia (cardiomegalia) /sub/ : MEDICINA cardiomegalie, hartvergroting
cardiopatha (cardiopatha) /sub/ : hartlijder
cardiopathia (cardiopathia) /sub/ : hartziekte, hartaandoening
cardioplegia (cardioplegia) /sub/ : MEDICINA hartverlamming
cardiosclerose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA cardiosclerose
cardiotomia (cardiotomia) /sub/ : MEDICINA cardiotomie, incisie in het hart
cardiotomia (cardiotomia) /sub/ : MEDICINA operatie van de cardia/maagmond
cardiovascular, affectiones/maladias (maladias) ~ : hart- en vaatziekten
carditis (carditis) /sub/ : MEDICINA hartontsteking, carditis
carentia, maladia (maladia) de ~ : gebreksziekte
carential, maladia (maladia) ~ : gebreksziekte
caressar, ~ le testa/capite (capite) de un infante : een kind over zijn bol strijken
carex (carex),carice (carice) /sub/ : BOTANICA zegge
carex (carex),carice (carice), ~ paniculate : pluimzegge
carex (carex),carice (carice), ~ arenari : zandzegge
carex (carex),carice (carice), ~ tomentose : behaarde zegge
carex (carex),carice (carice), ~ ripari : oeverzegge
carex (carex),carice (carice), ~ pilulifere : pilzegge
carex (carex),carice (carice), ~ rostrate : snavelzegge
carex (carex),carice (carice), ~ pulicari : vlozegge
carex (carex),carice (carice), ~ vesicari : blaaszegge, waterrietgras
carex (carex),carice (carice), ~ elongate : uitgerekte zegge
carex (carex),carice (carice), ~ vulpin : vossezegge
carga, asino (asino) de ~ : pakezel
carga, ~ de cavalleria (cavalleria) : ruiteraanval
cargalitteras (cargalitteras) /sub/ : brievenweger
cargapapiros (cargapapiros) /sub/ : presse-papier
cargar, ~ un camera (camera) : een film in een camera doen
cargator, ~ super (super) erucas : rupslader
caribu (caribu) /sub/ : kariboe, Noordamerikaans rendier
caricatura, un ~ de lo que deberea (deberea) esser le justitia : een aanfluiting van het recht
carnaval, martedi (martedi) de ~ : vastenavond
carnavalesc, follias (follias) ~ : carnavalsdwaasheden
carnifice (carnifice) /sub/ : beul
carnifice (carnifice), hacha {sj} de ~ : beulsbijl
carnifice (carnifice), spada de ~ : beulszwaard
carnifice (carnifice), manos de ~ : beulshanden
carnivore, mammiferos (mammiferos) ~ : vleestende zoogdieren
carnivoro (carnivoro) /sub/ : ZOOLOGIA carnivoor, vleeseter
carnophobia (carnophobia) /sub/ : MEDICINA carnofobie, afkeer van vlees
Carola (Carola) /sub/ : Carola
carolingian, epopeia (epopeia) ~ : Karolingische epos
Carolo (Carolo) /sub/ : Karel
Carolo (Carolo), ~ Magne : Karel de Grote
Carolo (Carolo), le dece-duo pares de ~ Magne : de twaalf paladijnen van Karel de Grote
carophyllo (carophyllo) /sub/ : kruidnagel
carpenteria (carpenteria) /sub/ : timmermansambacht
carpenteria (carpenteria), utensiles de ~ : timmergereedschap
carpenteria (carpenteria), officina de ~ : timmermanswerkplaats
carpenteria (carpenteria) /sub/ : timmerwerk
carpenteria (carpenteria) /sub/ : timmermanswerkplaats
carpologia (carpologia) /sub/ : carpologie, vruchtenleer
carpophora (carpophora) /sub/ : BOTANICA vruchthouder, vruchtlichaam
carriera, apice (apice)/culmination de su ~ : hoogtepunt van zijn carrière
carrosseria (carrosseria) /sub/ : carrosseriefabriek, carrosseriebouw
carrosseria (carrosseria) /sub/ : koetswerk, carrosserie
carrosseria (carrosseria), ~ aerodynamic : gestroomlijnde carrosserie
carrosseria (carrosseria), reparator de ~ : carrosseriehersteller
carrosseria (carrosseria), fabrica de ~ s : carrosseriefabriek
carta, ~ de visita (visita) : visitekaartje
carta, ~ de credito (credito) : credit-card (soort betaalkaart)
carta, camera (camera) de ~s : kaartenkamer
carta, vespere/vespera (vespera) de ~s : kaartavond(je)
carta, riscar toto super (super) un ~ : alles op een kaart zetten
carthaginese, thalassocratia (thalassocratia) ~ : Carthaagse zeeheerschappij
carthamo (carthamo) /sub/ : BOTANICA saffloer, wilde saffraan, verfdistel
carthamo (carthamo), color de ~ : saffloerkleur
cartographia (cartographia) /sub/ : cartografie, het kaarttekenen, kartering
cartographia (cartographia), ~ aeree : luchtkartering
cartographia (cartographia), ~ thematic : thematische cartografie
cartographia (cartographia), servicio de ~ : karteringsdienst
cartographia (cartographia), avion de ~ : karteringsvliegtuig
cartographo (cartographo) /sub/ : cartograaf
cartomantia (cartomantia) /sub/ : het waarzeggen uit kaarten, cartomantie
cartometria (cartometria) /sub/ : cartometrie
cartoneria (cartoneria) /sub/ : kartonfabricage
cartoneria (cartoneria) /sub/ : kartonfabriek
cartucheria (cartucheria)  /{sj}/ : patroonfabriek
Caryas (Caryas) /sub/ : ANTIQUITATE GEOLOGIA Caryae
caryocinese (-esis (-esis)) /sub/ : BIOLOGIA celdeling, mitose
caryogenese (caryogenese) (-esis) /sub/ : BIOLOGIA caryogenese
caryologia (caryologia) /sub/ : BIOLOGIA caryologie
caryolyse (caryolyse) (-ysis) /sub/ : BIOLOGIA caryolyse
caryopse (-opsis (-opsis)) /sub/ : BOTANICA graanvrucht, caryopsis
casa, esser foris (foris) de/foras (foras) de ~ : van huis zijn, niet thuis zijn
casa, amico (amico) de ~ : huisvriend
casa, numero (numero) de ~ : huisnummer
casa, ~ de orphanos (orphanos) : weeshuis
casa, ~ pro le feminas (feminas) battite : blijf-van-mijn-lijf-huis
cascada, methodo (methodo) a ~s : cascademethode
casco, polissa (polissa) de ~ : cascopolis
caseeria (caseeria) /sub/ : kaasmakerij, kaasfabriek
caseeria (caseeria) /sub/ : kaaswinkel
caseo, pastisseria (pastisseria) al ~ : kaasgebakje
caserna, ~ de infanteria (infanteria) : infanteriekazerne
caserna, ~ de cavalleria (cavalleria) : cavaleriekazerne
caso, ~ dubitose/de dubita (dubita) : dubieus geval, twijfelgeval
caso, ~ de maladia (maladia) : ziektegeval
caso, ~ limite (limite) : grensgeval
caso, ~ fortuite (fortuite) : toeval
cassa, ~ a/de/pro butyro (butyro) : boterdoos
cassa, ~ a ideas (ideas) : ideeënbus
cassa, deficit (deficit) de ~ : kastekort
cassa, Cassa de Credito (Credito) : Kredietbank
cassa, ~ de tympano (tympano) : trommelholte
cassation, termino (termino) de ~ : cassatietermijn
casseria (casseria) /sub/ : kistenfabriek
cassetta, ~ a flammiferos (flammiferos) : lucifersdoosje
cassetta, magnetophono (magnetophono) a ~s : cassetterecorder
cassettophono (cassettophono) /sub/ : cassetterecorder
casta, spirito (spirito) de ~ : kastegeest
Castor (Castor) (II) /sub/ : MYTHOLOGIA Castor, tweelingbroer van Pollux
Castor (Castor) (II) /sub/ : ASTRONOMIA Castor, ster in de Tweelingen
catachrese (-esis (-esis)) /sub/ : onlogische toepassing van beeldspraak, catachrese
catalepsia (catalepsia) /sub/ : PHILOSOPHIA catalepsie
catalepsia (catalepsia) /sub/ : MEDICINA catalepsie, verlamming, verstijving, zinvang, starzucht
catalogo (catalogo) /sub/ : catalogus, geordende naamlijst, opsomming, gids
catalogo (catalogo), ~ de libros : boekencatalogus
catalogo (catalogo), ~ philatelic/de timbros (postal) : postzegelcatalogus
catalogo (catalogo), ~ del precios : prijslijst
catalogo (catalogo), ~ thematic : thematische catalogus
catalogo (catalogo), ~ del schedario : kaartencatalogus
catalogo (catalogo), precio de/in ~ : catalogusprijs
catalogo (catalogo), numero (numero) de ~ : catalogusnummer
catalogo (catalogo), valor de ~ : cataloguswaarde
catalogo (catalogo), armario de ~ : cataloguskast
catalyse (catalyse) (-ysis) /sub/ : CHIMIA katalyse
catalyse (catalyse) (-ysis), ~ heterogene : heterogene katalyse
catalyse (catalyse) (-ysis), ~ homogene : homogene katalyse
catalyse (catalyse) (-ysis), ~ negative : negatieve katalyse
catalyse (catalyse) (-ysis), ~ biologic : biologische katalyse
catamnese (-esis (-esis)) /sub/ : MEDICINA catamnese
cataphorese (-esis (-esis)) /sub/ : MEDICINA cataforese
cataplexia (cataplexia) /sub/ : MEDICINA cataplexie, schrikverlamming
catarrhal, bronchitis (bronchitis) ~ : catarrale bronchitis
catarrho, ~ gastric/stomachal/del stomacho (stomacho) : maagcatarre
catastrophe (catastrophe) /sub/ : ramp, onheil, ernstig ongeluk, catastrofe
catastrophe (catastrophe), ~ ferroviari : treinramp
catastrophe (catastrophe), ~ aeree : vliegramp
catastrophe (catastrophe), ~ maritime (maritime)/naval : scheepsramp
catastrophe (catastrophe), ~ minerari : mijnramp
catastrophe (catastrophe), ~ natural : natuurramp
catastrophe (catastrophe), ~ seismic : aardbevingsramp
catastrophe (catastrophe), ~ radioactive/nuclear : kernramp
catastrophe (catastrophe), ~ national : nationale ramp
catastrophe (catastrophe), ~ financiari : financiële ramp, krach
catastrophe (catastrophe), film de ~s : rampenfilm
catastrophe (catastrophe), victimas (victimas) de un ~ : slachtoffers van een ramp
catastrophe (catastrophe), accumulation de ~s : opeenstapeling van rampen
catastrophe (catastrophe), evitar un ~ : een ramp voorkomen
catastrophe (catastrophe), il habera/occurrera un ~ : er zal zich een ramp voltrekken
catastrophe (catastrophe), theoria (theoria) del ~s : catastrofetheorie
catastrophe (catastrophe) /sub/ : ontknoping (van treurspel) 
catatonia (catatonia) /sub/ : MEDICINA catatonie
catechese (-esis (-esis)) /sub/ : catechese, catechesatie, catechismus(les), godsdienstonderwijs
catechistic, methodo (methodo) ~ : catechetische methode
catechumeno (catechumeno) /sub/ : ECCLESIA catechumeen, catechisant, doopleerling
categoria (categoria) /sub/ : categorie, orde, soort, klasse, afdeling
categoria (categoria), patinator de tote ~s : allrounder
categoria (categoria), ~ professional : beroepsgroep
categoria (categoria), ~ salarial : salarisklasse
categoria (categoria), ~ de peso : gewichtsklasse
categoria (categoria), classificar per ~s : in categorieën indelen
categoria (categoria), classification in ~s : indeling in categorieën
categoria (categoria), hotel (F) del prime ~ : eerste klas hotel
categoria (categoria), artista del secunde ~ : kunstenaar van de tweede rang
categoria (categoria), de basse ~ : derderangs
categoria (categoria) /sub/ : PHILOSOPHIA grondbegrip, basisbegrip, elementaire eigenschap, categorie
categoria (categoria), le ~s de Aristoteles (Aristoteles) : de grondbegrippen van Aristoteles
catena, ~ de ancora (ancora) : ankerketting
catharo (catharo) /sub/ : RELIGION kathaar
catharsis (catharsis) /sub/ : PSYCHOLOGIA, LITTERATURA catharsis, loutering
cathartic, methodo (methodo) ~ : cathartische methode
cathedra (cathedra) /sub/ : leerstoel (in universiteit)
cathedra (cathedra), ~ universitari : leerstoel
cathedra (cathedra), ~ de anglese : leerstoel van het engels
cathedra (cathedra), haber/occupar un ~ : een leerstoel bekleden
cathedra (cathedra), un decision ex ~ : een beslissing ex cathedra
cathedra (cathedra) /sub/ : kansel, preekstoel, katheder
catheter (catheter) /sub/ : MEDICINA catheter, sonde
catheter (catheter), ~ cardiac (cardiac)/del corde : hartcatheter
catheter (catheter), ~ gastric/stomachal/de stomacho (stomacho) : maagcatheter
catheter (catheter), introducer un ~ : een catheter inbrengen
cathetometria (cathetometria) /sub/ : PHYSICA cathetometrie
cathetometro (cathetometro) /sub/ : PHYSICA cathetometer
cathodo (cathodo) /sub/ : kathode, negatieve electrode
cathodo (cathodo), ~ incandescente : gloeikathode
cathodophono (cathodophono) /sub/ : kathodofoon
cation (cation) /sub/ : PHYSICA kation
catoptromantia (catoptromantia) /sub/ : waarzeggerij door middel van spiegels
catraneria (catraneria) /sub/ : teerfabriek
caucalis (caucalis) /sub/ : BOTANICA caucalis
Caucaso (Caucaso) /sub/ : Kaukasus
cauchu (cauchu)  /{tsj}/ : rubber, gummi
cauchu (cauchu) , ~ natural : natuurrubber
cauchu (cauchu) , ~ de plantation : plantagerubber
cauchu (cauchu) , ~ synthetic/artificial : kunstrubber
cauchu (cauchu) , ~ vulcanisate : gevulcaniseerde rubber
cauchu (cauchu) , ~ alveolate/spuma/spongia : schuimrubber
cauchu (cauchu) , arbore a ~ : rubberboom
cauchu (cauchu) , strato de ~ : rubberlaag
cauchu (cauchu) , pneu(matico) de ~ : rubberband
cauchu (cauchu) , guanto de ~ : ubber/gummihandschoen
cauchu (cauchu) , articulo de ~ : rubberartikel
cauchu (cauchu) , tubo de ~ : rubber/gummislang
cauchu (cauchu) , revestimento de ~ : rubber/gummibekleding
cauchu (cauchu) , matta de ~ : rubber/gummimat
cauchu (cauchu) , galocha {sj}/superscarpa de ~ : rubber/gummioverschoen
cauchu (cauchu) , tela de ~ : rubber/gummidoek
cauchu (cauchu) , pupa de ~ : gummipop
cauchu (cauchu) , impermeabile de ~ : gummiregenjas
cauchu (cauchu) , cablo de ~ : rubber/gummikabel
cauchu (cauchu) , anello de ~ : rubber/gummiring
cauchu (cauchu) , solea de ~ : rubber/gummizool
cauchu (cauchu) , talon de ~ : rubber/gummihak
cauchu (cauchu) , fuste de ~ : gummiknuppel
cauchu (cauchu) , junctura/junction de ~ : rubberpakking
cauchu (cauchu) , balla de ~ : rubberkogel
cauchu (cauchu) , industria de ~ : rubberindustrie
cauchu (cauchu) , fabrica de ~ : rubberfabriek
cauchu (cauchu) , fabricante de ~ : rubberfabrikant
cauchu (cauchu) , fabrication de ~ : rubberfabricage
cauchu (cauchu) , plantation de ~ : rubberplantage
cauchu (cauchu) , plantator de ~ : rubberplanter
cauchu (cauchu) , cultura de ~ : rubbercultuur
cauchu (cauchu) , extraher ~ : rubber tappen
cauda, isto non ha ni ~ ni testa/capite (capite) : dit raakt kant noch wal
cauda, sin testa/capite (capite) ni ~ : zonder kop of staart
cauda, con le ~ inter (inter) le gambas : met de staart tussen de benen
cauda, iste cosa habera (habera) un ~ : dit muisje zal nog wel een staartje hebben
caudal, appendice (appendice) ~ : staartachtig aanhangsel
caulifloria (caulifloria) /sub/ : BOTANICA cauliflorie
causalgia (causalgia) /sub/ : MEDICINA brandende pijn, causalgie
causar, ~ un maladia (maladia) : een ziekte verwekken
causar, ~ perditas (perditas) sever/importante al inimico (inimico) : de vijand zware verliezen toebrengen
causticitate, ~ de un satira (satira) : bijtende spot van een satire
cautional, deposito (deposito) ~ : borgstelling
cavalleresc, poesia (poesia) ~ : ridderpoëzie
cavalleresc, epopeia (epopeia) ~ : ridderepos
cavalleria (cavalleria) /sub/ : ridderschap, ridderstand, ridderwezen
cavalleria (cavalleria), romances de ~ : ridderromans
cavalleria (cavalleria), poesia (poesia) de ~ : ridderpoëzie
cavalleria (cavalleria), ordine de ~ : ridderorde
cavalleria (cavalleria), epocha (epocha) del ~ : riddertijd
cavalleria (cavalleria) /sub/ : ridderlijkheid, riddergeest
cavalleria (cavalleria) /sub/ : MILITAR cavalerie, paardevolk, ruiterij
cavalleria (cavalleria), ~ legier : lichte ruiterij
cavalleria (cavalleria), soldato de ~ : cavallerist
cavalleria (cavalleria), officiero de ~ : cavallerie-officier
cavalleria (cavalleria), capitano de ~ : ritmeester
cavalleria (cavalleria), division de ~ : cavaleriedivisie
cavalleria (cavalleria), corpore de ~ : cavaleriekorps
cavalleria (cavalleria), caserna de ~ : cavaleriekazerne
cavalleria (cavalleria), carga/attacco de ~ : cavallerieaanval/charge
cavallero, armea (armea) de ~s : ridderleger
cavallero, habito (habito)/costume de ~ : rijkostuum
cavallin, macelleria (macelleria) ~ : paardenslachterij
cavallin, tramvia (tramvia) a traction ~ : paardentram
cavallo, tram/tramvia (tramvia)/tramway (E) a ~(s) : paardentram
cavallo, stomacho (stomacho) de ~ : paardenmaag
cavallo, cadita (cadita) de ~ : val van het paard
cave, stomacho (stomacho) ~ : holle maag
cave, capite (capite)/testa ~ : holhoofd
cavernicola (cavernicola) /sub/ : ZOOLOGIA holenbewoner
cavitate, ~ de tympano (tympano) : trommelholte
cavo, ~ del genu (genu)/geniculo : knieholte
cec, esser ~ super (super) : blind zijn voor
cecar, se ~ super (super) : zich blind staren op
cecidiologia (cecidiologia) /sub/ : BOTANICA cecidiologie, gallenkunde
cecidiologo (cecidiologo) /sub/ : gallenkundige
cecitate, ~ congenite (congenite) : aangeboren blindheid
Cedron (Cedron) /sub/ : Kedron (ravijn oostelijk van Jerusalem) 
celebration, ~ del sabbato (sabbato) : sabbat(s)viering
celebration, ~ del eucharistia (eucharistia) : eucharistieviering
celebre (celebre) /adj/ : heel bekend, beroemd, vermaard, gevierd
celebre (celebre), nomine ~ : beroemde naam
celebre (celebre), poeta ~ : gevierd dichter
celebre (celebre), un phrase ~ : een bekende uitspraak
celeste, ecstase (ecstase) (-asis)/extase (extase) (-asis) ~ : hemelse verrukking
celeste, armea (armea) ~ : hemelse legerscharen
celiac (celiac) /adj/ : ingewands... BIOLOGIA buikholte...
celiac (celiac), plexo ~ : plexus celiacus
celibe (celibe) /adj/ : ongetrouwd, ongehuwd
celibe (celibe) /sub/ : ongetrouwd/ongehuwd persoon, vrijgezel(lin) 
cellular, theoria (theoria) ~ : celtheorie
cellular, pathologia (pathologia) ~ : cellulaire pathologie
cellular, physiologia (physiologia) ~ : celfysiologie
cellulitis (cellulitis) /sub/ : MEDICINA celwandontsteking, cellulitis
cellulotherapia (cellulotherapia) /sub/ : MEDICINA celtherapie
celo, inter (inter) ~ e terra : tussen hemel en aarde
cembalo (cembalo) /sub/ : MUSICA cembalo, klavecimbel
cementeria (cementeria) /sub/ : cementindustrie, cementfabriek
cemento, ~ al latex (latex) : latexcement
cemeterio, ~ judee (judee) : jodenkerkhof
cena, le ultime (ultime) Cena : het Laatste Avondmaal
cena, liturgia (liturgia) del Cena : Avondmaalsliturgie
cenar, ~ foris (foris) : buiten de deur eten
Cenopegias (Cenopegias) /sub/ : RELIGION Loofhuttenfeest
centesimal, thermometro (thermometro) ~ : honderddelige thermometer
centesime (centesime) /num ord/ : honderdste
centesime (centesime), le ~ parte : het honderste deel
centesimo (centesimo) /sub/ : honderdste deel
centesimo (centesimo) ( /p/ : centesimo
centigrade (centigrade) /adj/ : in honderd graden verdeeld
centigrade (centigrade), thermometro (thermometro) ~ : honderddelige thermometer, thermometer van Celsius
centigrado (centigrado) /sub/ : centigraad
centilitro (centilitro),cl /sub/ : centiliter
centimetro (centimetro),cm /sub/ : centimeter
centimetro (centimetro),cm, ~ quadrate, cm2 : vierkante centimeter
centimetro (centimetro),cm, ~ cubic, cm3 : kubieke centimeter
centimo (centimo) /sub/ : centimo
centipede (centipede) /adj/ : honderdvoetig
central, ~ de vendita (vendita) : verkoopcentrale
centrifuga (centrifuga) /sub/ : centrifuge
centrifuga (centrifuga), ~ electric : elektrische centrifuge
centrifuga (centrifuga), siccar per ~ : centrifugeren
centrifuge (centrifuge) /adj/ : middelpuntvliedend, centrifugaal
centrifuge (centrifuge), fortia ~ : middelpuntvliedende kracht
centrifuge (centrifuge), pumpa ~ : centrifugaalpomp
centrifuge (centrifuge), compressor ~ : centrifugaal compressor
centrifuge (centrifuge), separator ~ : centrifugale separator
centrifuge (centrifuge), regulator ~ : centrifugaalregelaar
centrifuge (centrifuge), machina (machina) ~ : centrifuge
centrifuge (centrifuge), embracage ~ : centrifugaalkoppeling
centripete (centripete) /adj/ : middelpuntzoekend, centripetaal
centripete (centripete), fortia ~ : middelpuntzoekende kracht, centripetaalkracht
centroeuropee (centroeuropee) /adj/ : Midden-Europees
centroeuropee (centroeuropee), statos ~ : Midden-Europese staten
centromero (centromero) /sub/ : BIOLOGIA centromeer
centroscopia (centroscopia) /sub/ : centroscopie
centumviro (centumviro) /sub/ : HISTORIA ROMAN centumvir, honderdman
centuple (centuple) /adj/ : honderdvoudig, honderd maal groter
centuplo (centuplo) /sub/ : honderdvoud
cephalalgia (cephalalgia) /sub/ : MEDICINA cefalalgie, hoofdpijn
cephalic, index (index)/indice (indice) ~ : schedelindex
cephalometria (cephalometria) /sub/ : schedelmeting, cefalometrie
cephalometro (cephalometro) /sub/ : cefalometer, schedelmeter
cephalopodo (cephalopodo) /sub/ : ZOOLOGIA koppotige, cefalopode
cephalothorace (cephalothorace) /sub/ : ZOOLOGIA kopborststuk
cera, impression super (super) ~ : wasindruk
cera, museo (museo) de figuras de ~ : wassenbeeldenmuseum, panopticum
cera, flammifero (flammifero) de ~ : waslucifer
cerambyce (cerambyce),cerambyx (cerambyx) /sub/ : ZOOLOGIA boktor
ceramica, ~ al oxydo (oxydo) de aluminium (aluminium) : aluminiumoxyde-ceramiek
ceramo (ceramo) /sub/ : aardewerk
ceramographia (ceramographia) /sub/ : wetenschap van de ceramiek
ceratophylle (ceratophylle) /adj/ : BOTANICA met hoorn- of geweivormige bladeren
Cerbero (Cerbero) /sub/ : MYTHOLOGIA Cerberus
Cerbero (Cerbero) /sub/ : norse/strenge portier, grimmige bewaker
cercis (cercis) /sub/ : BOTANICA judasboom
cercopitheco (cercopitheco) /sub/ : ZOOLOGIA meerkat
cerebral, embolia (embolia) ~ : hersenembolie
cerebral, sclerose (-osis (-osis)) ~ : hersensclerose
cerebral, hemorrhagia (hemorrhagia) ~ : hersenbloeding
cerebral, poesia (poesia) ~ : cerebrale dichtkunst
cerebritis (cerebritis) /sub/ : MEDICINA hersenvliesontsteking, encefalitis
cerebro, sclerose (-osis (-osis)) del ~ : hersensclerose
cerebrocardiac (cerebrocardiac) /adj/ : MEDICINA de hersenen en het hart betreffend
cerebroscopia (cerebroscopia) /sub/ : cerebroscopie
ceremonia, habito (habito)/vestimento de ~ : gelegenheidskleding
cereria (cereria) /sub/ : wasfabriek
cereria (cereria) /sub/ : waskaarsenfabriek
Ceres (Ceres) /sub/ : RELIGION ROMAN Ceres
cerium (cerium) /sub/ : CHIMIA cerium
cerium (cerium), composito (composito) de ~ : ceriumverbinding
ceromantia (ceromantia) /sub/ : waarzeggerij uit in water gestolde druppels gesmolten was
certitude, cambiar le dubitas (dubitas) in ~ : de twijfels in zekerheid doen verkeren
certitude, io ha le ~ que ille venira (venira) : ik weet zeker dat hij komt
certitude, secundo un probabilitate confinante/proxime (proxime) al ~ : met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid
cervical, vertebra (vertebra) ~ : halswervel
cervicalgia (cervicalgia) /sub/ : MEDICINA cervicale pijn, hals/nekpijn
cervicitis (cervicitis) /sub/ : MEDICINA cervicitis
cesar (cesar) /sub/ : keizer
cesium (cesium) /sub/ : CHIMIA cesium
cesium (cesium), composito (composito) de ~ : cesiumverbinding
cession, credito (credito) de ~ : cessiekrediet
cession, ~ de debitas (debitas) : overdracht van schulden
cetano, indice (indice)/index (index) de ~ : cetaangetal
ceterach (ceterach) /sub/ : BOTANICA schubvaren
cetero (cetero) /adv/ : op een andere wijze
cetero (cetero) /adv/ : overigens, bovendien, benevens, verder
chaco , concurso/torneo (torneo) de ~s : schaaktoernooi
chaco , maniaco (maniaco) de ~s : schaakmaniak
chaco , theoria (theoria) de ~s : schaaktheorie
chalcochemigraphia (chalcochemigraphia) /sub/ : chalcochemigrafie
chalcographia (chalcographia) /sub/ : kopergraveerkunst
chalcographia (chalcographia) /sub/ : kopergravure
chalcographo (chalcographo) /sub/ : kopergraveur, chalcograaf
chaldaic (chaldaic) /adj/ : Chaldeeuws
Chaldea (Chaldea) /sub/ : Chaldea
chaldee (chaldee) /adj/ : Chaldeeuws
chaldeo (chaldeo) /sub/ : Chaldeeër
chaldeo (chaldeo) /sub/ : Chaldeeuws (taal) 
chaos (chaos) /sub/ : chaos, wanorde, warboel, verwarring
chaos (chaos), ~ politic : politieke chaos
chaos (chaos), ~ economic : economische chaos
chaos (chaos), un ~ indescriptibile : een onbeschrijfelijke warboel
chaos (chaos), poner/mitter ordine in le ~, organisar le ~ : orde in de chaos brengen
character (character) /sub/ : lettertype, letter, drukletter, teken
character (character), ~ de imprimeria (imprimeria) : drukletter
character (character), ~ manuscripte/de scriptura : schrijfletter
character (character), ~ cursive/italic : cursieve letter
character (character), ~ grasse : vette letter
character (character), ~ magre : magere letter
character (character), ~es separate/mobile : losse letters
character (character), ~ runic : runeteken, rune
character (character), typo de ~ : lettertype, lettersoort
character (character), funder ~es : lettergieten
character (character), funderia (funderia) de ~es : lettergieterij
character (character), funditor de ~es : lettergieter
character (character) /sub/ : status, rang
character (character), haber un ~ strictemente personal : een strikt persoonlijk karakter dragen
character (character) /sub/ : aard, eigenschap, karakter
character (character), tracto de ~ : karaktertrek
character (character), formation de ~ : karaktervorming
character (character), falta de(l) ~ : karakterfout
character (character), fortia/firmitate de ~ : karaktervastheid
character (character), forte de ~ : karaktervast
character (character), debilitate de ~ : karakterzwakheid
character (character), vitio de ~ : karakterfout
character (character), ~ ambivalente : tweeslachtig karakter
character (character), ~ disloyal : trouweloos karakter
character (character), ~ recalcitrante : weerbarstig karakter
character (character), ~es sexual secundari : secundaire geslachtskenmerken
character (character), monstrar su ~ malitiose : de aap uit de mouw laten komen
character (character) /sub/ : karakter, persoonlijkheid
character (character), formation del ~ : vorming van het karakter
character (character), rolo de ~ : karakterrol
character (character), analyse (analyse) (-ysis) del ~ : karakterontleding
character (character), ~es compatibile : overeenstemmende karakters
character (character), compatibilitate de ~ : overeenstemming in karakter
character (character) /sub/ : kenteken, kenmerkende bijzondere eigenschap
characterisar, le symptomas que characterisa un maladia (maladia) : de symptomen die een ziekte kenmerken
characteristic, un symptoma ~ de un maladia (maladia) : een kenmerkend symptoom van een ziekte
characterologia (characterologia) /sub/ : karakterologie, karakterkunde
characterologo (characterologo) /sub/ : karakteroloog
charivari (charivari)  /{sj}/ : tumult, herrie, ketelmuziek
charlataneria (charlataneria)  /{sj}/ : charlatanerie, kwakzalverij, zwendel, oplichterij
Charybdis (Charybdis) /sub/ : Charybdis
Charybdis (Charybdis), inter (inter) Scylla e ~ : tussen Scylla en Charybdis
Charybdis (Charybdis), cader de Scylla in ~ : van Scylla in Charybdis komen/vallen
chassa , ~ de perdices (perdices) : patrijzenjacht
chassa , tropheo (tropheo) de ~ : jachttrofee
chassa , lege super (super) le ~ : jachtwet
chassamuscas (chassamuscas) /sub/ : muggeklapper
chassasubmarinos (chassasubmarinos)  /{sj}/ : duikbootjager
chassator , ~ de testas/capites (capites) : koppensneller
chassator , termino (termino) de ~ : jagersterm
chassis, numero (numero) de ~ : chassisnummer
chelicera (chelicera) /sub/ : ZOOLOGIA cheliceer (kopaanhangsel van spin, etc.) 
chenomeles (chenomeles) /sub/ : BOTANICA Japanse kwee
cheque, numero (numero) de ~ : chequenummer
chetopode (chetopode) /adj/ : ZOOLOGIA borstelpotig
chetopodo (chetopodo) /sub/ : ZOOLOGIA borstelpotige
chim(i)otherapia (otherapia) /sub/ : MEDICINA chemotherapie
chimaphila (chimaphila) /sub/ : BOTANICA chimaphila
chimia (chimia) /sub/ : scheikunde, chemie
chimia (chimia), ~ organic : organische scheikunde
chimia (chimia), ~ inorganic/anorganic : anorganische scheikunde
chimia (chimia), ~ physic : fysische scheikunde
chimia (chimia), ~ analytic : analytische scheikunde
chimia (chimia), ~ synthetic : synthetische scheikunde
chimia (chimia), ~ quantitative : kwantitatieve scheikunde
chimia (chimia), ~ qualitative : kwalitatieve scheikunde
chimia (chimia), ~ experimental : experimentele scheikunde
chimia (chimia), ~ applicate : toegepaste scheikunde
chimia (chimia), ~ theoric : theoretische scheikunde
chimia (chimia), ~ agricole/agricultural : landbouwscheikunde
chimia (chimia), ~ biologic : biologische scheikunde
chimia (chimia), experimento de ~ : scheikundeproef
chimia (chimia), professor de ~ : scheikundeleraar
chimia (chimia), lection de ~ : scheikundeles
chimia (chimia), formula de ~ : scheikundige formule
chimia (chimia), libro/manual de ~ : scheikundeboek
chimia (chimia), laboratorio de ~ : scheikundig laboratorium
chimic, composito (composito) ~ : chemische verbinding
chimic, technologia (technologia) ~ : chemische technologie
chimpanze (chimpanze)  /{sj}/ : ZOOLOGIA chimpanzee
chinese , cymbalos (cymbalos) ~ : chinese bekkens
chipolata, torta/pastisseria (pastisseria) de ~ : chipolatataart
chirographia (chirographia) /sub/ : handlijnkunde
chirologia (chirologia) /sub/ : handen/vingerspraak, chirologie
chirologo (chirologo) /sub/ : handlijnkundige, chiroloog
chiromantia (chiromantia) /sub/ : het handlezen, handlijnkunst, handkijkerij, chiromantie
chiroptero (chiroptero) /sub/ : ZOOLOGIA handvleugelige
chiroscopia (chiroscopia) /sub/ : chiroscopie
chirurgia (chirurgia) /sub/ : chirurgie
chirurgia (chirurgia), ~ general : algemene chirurgie
chirurgia (chirurgia), ~ plastic/esthetic : plastische chirurgie
chirurgia (chirurgia), ~ vascular : vaatchirurgie
chirurgia (chirurgia), ~ cardiac (cardiac)/del corde : hartchirurgie
chirurgia (chirurgia), ~ thoracic/del thorace (thorace) : thoraxchirurgie
chirurgia (chirurgia), ~ dental/dentari : tandheelkunde
chirurgia (chirurgia), ~ gynecologic : gynecologische chirurgie
chirurgia (chirurgia), ~ orthopedic : orthopedische chirurgie
chirurgia (chirurgia), ~ del arbores : boomchirurgie
chirurgia (chirurgia), ~ cosmetic : kosmetische chirurgie
chirurgic, methodo (methodo) ~ : chirurgische methode
chirurgo, ~ cardiologo (cardiologo) : hartchirurg
chlamyde (chlamyde) /sub/ : HISTORIA chlamys, mantel
chlorato, ~ de kalium (kalium)/potassium (potassium) : kaliumchloraat
chloro, composito (composito) de ~ : chloorverbinding
chlorometria (chlorometria) /sub/ : chlorometrie
chlorose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA BOTANICA bleekzucht, bleekziekte, chlorose
chloruro, ~ de potassium (potassium) : chloorkalium
choc , therapia (therapia) de ~ : shocktherapie, shockbehandeling
chocolate , littera (littera) de ~ : chocoladeletter
chocolateria (chocolateria)  /{sj}/ : chocoladefabriek
cholecystitis (cholecystitis) /sub/ : MEDICINA galblaasontsteking, cholecystitis
cholecystographia (cholecystographia) /sub/ : MEDICINA röntgenonderzoek van de galblaas
cholelithiasis (cholelithiasis) /sub/ : MEDICINA galsteenziekte
cholemia (cholemia) /sub/ : MEDICINA cholemie, te hoog galgehalte in het bloed
cholera (cholera) /sub/ : cholera
cholera (cholera), epidemia (epidemia) de ~ : cholera-epidemie
cholera (cholera), caso de ~ : cholerageval
cholera (cholera), bacillo del ~ : cholerabacil
cholera (cholera) /sub/ : woede, toorn, drift
cholera (cholera), esser in ~ : woedend zijn
cholera (cholera), accesso de ~ : woede-aanval, driftbui
cholera (cholera), ~ incoercibile : onbedwingbare woede
cholera (cholera), ~ furibunde : razende woede
cholera (cholera), ~ impotente : machteloze woede
cholera (cholera), le ~ divin : Gods toorn
cholera (cholera), ~ popular/del populo : volkswoede
cholera (cholera), mitter in ~ : kwaad maken
cholera (cholera), suffocar de ~ : stikken van woede
cholera (cholera), deponer su ~ : zijn toorn afleggen
choleric, epidemia (epidemia) ~ : cholera-epidemie
choleric, character (character) ~ : opvliegend karakter
cholesterol, indice (indice)/index (index) de ~ : cholesterolgehalte
cholesterolic, compositos (compositos) ~ : cholesterolverbindingen
chondritis (chondritis) /sub/ : MEDICINA kraakbeenontsteking
chondrogenese (chondrogenese) (-esis) /sub/ : kraakbeenvorming
chondrologia (chondrologia) /sub/ : kennis der kraakbeenderen, chondrologie
chondroskeleto (chondroskeleto) /sub/ : kraakbeenskelet
choral, symphonia (symphonia) ~ : koorsymfonie
choral, phantasia (phantasia) ~ : koorfantasie
choral, ~ de organo (organo) : orgelkoraal
chorea (chorea) /sub/ : dans met koorzang
chorea (chorea) /sub/ : sint-vitusdans, fieteldans, chorea
choreographia (choreographia) /sub/ : choreografie
choreographo (choreographo) /sub/ : choreograaf
chorion (chorion) /sub/ : BIOLOGIA chorion (buitenste vlies van de dooierzak) 
chorispora (chorispora) /sub/ : BOTANICA chorispora
choro, ~ feminin/de feminas (feminas) : vrouwenkoor
chorographia (chorographia) /sub/ : landbeschrijving
chorographia (chorographia), ~ del Peninsula Iberic : beschrijving van het Iberisch Schiereiland
chorographo (chorographo) /sub/ : chorograaf, landbeschrijver
choroidea (choroidea) /sub/ : vaatvlies (van het oog), adervlies, choroidea
choroidee (choroidee) /adj/ : (mbt oog) vaatvlies..., choroidea..
choroidee (choroidee), membrana ~ : vaatvlies
choroiditis (choroiditis) /sub/ : MEDICINA adervliesontsteking, choroiditis
chorologia (chorologia) /sub/ : chorologie
chorologo (chorologo) /sub/ : choroloog
chorophyto (chorophyto) /sub/ : sprietenplant
chrestomathia (chrestomathia) /sub/ : chrestomathie, bloemlezing, anthologie, bundel
Christo, testa/capite (capite) de ~ : Christuskop
christolatria (christolatria) /sub/ : christolatrie
christologia (christologia) /sub/ : christologie
christologo (christologo) /sub/ : christoloog
chromatographia (chromatographia) /sub/ : CHIMIA chromatografie
chromatographia (chromatographia), ~ de adsorption : adsorptiechromatografie
chromatographia (chromatographia), ~ de partition : verdelingschromatographie
chromatographo (chromatographo) /sub/ : chromatograaf
chromatometria (chromatometria) /sub/ : chromatometrie
chromatometro (chromatometro) /sub/ : chromatometer
chromatophobia (chromatophobia) /sub/ : kleurenvrees
chromatophoro (chromatophoro) /sub/ : kleurcel, kleurlichaam, chromatofoor
chromo (I), composito (composito) de ~ : chroomverbinding
chromolithographia (chromolithographia) /sub/ : kleurensteendruk, chromolithografie (procedé)
chromolithographia (chromolithographia) /sub/ : chromo, kleurenlitho(grafie), kleurensteendruk
chromolithographo (chromolithographo) /sub/ : kleurensteendrukker
chromomero (chromomero) /sub/ : chromomeer
chromophoro (chromophoro) /sub/ : CHIMIA chromofoor
chromophotographia (chromophotographia) /sub/ : kleurenfotografie
chromophotographia (chromophotographia) /sub/ : foto in kleur, kleurenfoto
chromophototherapia (chromophototherapia) /sub/ : chromfototherapie
chromosomic, theoria (theoria) ~ del hereditate : chromosomentheorie van de erfelijkheid
chromotherapia (chromotherapia) /sub/ : MEDICINA chromotherapie
chromotyp(ograph)ia (ia) /sub/ : kleurendruk, chromotypie
chronaxia (chronaxia) /sub/ : MEDICINA chronaxie
chronaximetria (chronaximetria) /sub/ : MEDICINA chronaximetrie
chronic, maladia (maladia) ~ : chronische ziekte
chronic, bronchitis (bronchitis) ~ : slepende bronchitis
chronic, colitis (colitis) ~ : chronische colitis
chronicitate, ~ de un maladia (maladia) : chronisch karakter van een ziekte
chronobiologia (chronobiologia) /sub/ : chronobiologie
chronographia (chronographia) /sub/ : chronografie
chronographo (chronographo) /sub/ : chronograaf
chronologia (chronologia) /sub/ : chronologie, tijdrekenkunde, chronologische volgorde
chronologia (chronologia), ~ prehistoric : prehistorische chronologie
chronologia (chronologia), ~ geologic : geochronologie
chronologia (chronologia), le ~ del obras de un scriptor : de chronologische volgorde van de werken van een schrijver
chronologo (chronologo) /sub/ : chronoloog, tijdrekenkundige
chronometria (chronometria) /sub/ : chronometrie, tijdmeting
chronometro (chronometro) /sub/ : chronometer
chronopathologia (chronopathologia) /sub/ : MEDICINA chronopathologie
chronopharmacologia (chronopharmacologia) /sub/ : chronofarmacologie (studie van de inwerking van geneesmiddelen mbt de tijd) 
chronophotographia (chronophotographia) /sub/ : chronofotografie (bewegingsanalyse door reeksen foto's) 
chronostratigraphia (chronostratigraphia) /sub/ : GEOLOGIA chronostratigrafie
chrysanthemo (chrysanthemo) /sub/ : BOTANICA chrysant, ganzebloem
chrysanthemo (chrysanthemo), ~ vulgar : boerenwormkruid
chrysanthemo (chrysanthemo), folio de ~ : chrysantenblad
chrysanthemo (chrysanthemo), cultivator de ~s : chrysantenkweker
chrysanthemo (chrysanthemo), exhibition/exposition de ~s : chrysantententoonstelling
chrysographia (chrysographia) /sub/ : chrysografie
chrysolitho (chrysolitho) /sub/ : MINERALOGIA chrysoliet, goudsteen
chrysotypia (chrysotypia) /sub/ : PHOTOGRAPHIA chrysotypie
chylifero (chylifero) /sub/ : MEDICINA chijlvat
cigarreria (cigarreria) /sub/ : sigarenwinkel
cimice (cimice) /sub/ : wandluis
cimice (cimice) /sub/ : punaise
cinema (cinema) /sub/ : bioscoop
cinema (cinema), ~ de quartiero : buurtbioscoop
cinema (cinema), ~ scholar : schoolbioscoop
cinema (cinema), sala de ~ : bioscoopzaal
cinema (cinema), billet de ~ : bioscoopkaartje
cinema (cinema), ~ porno(graphic) : seksbioscoop
cinema (cinema), operator de ~ : bioscoopoperateur
cinema (cinema), publicitate de ~ : bioscoopreclame
cinema (cinema), publico de ~ : bioscooppubliek
cinema (cinema), session cinematographic de ~ : filmvoorstelling
cinema (cinema), io adora ir al ~ : ik ga ontzettend graag naar de film
cinema (cinema) /sub/ : film, filmkunst
cinema (cinema), actor de ~ : filmspeler
cinema (cinema), ~ mute : stomme film
cinema (cinema), ~ parlante : sprekende film
cinema (cinema), stella de ~ : filmster
cinema (cinema), servitrice de ~ : ouvreuse
cinema (cinema), industria del ~ : filmindustrie
cinematographia (cinematographia) /sub/ : filmkunst, cinematografie
cinematographic, camera (camera) ~ : filmcamera
cinematographic, session ~ de cinema (cinema) : filmvoorstelling
cinematographic, compania (compania) ~ : filmmaatschappij
cinematographo (cinematographo) /sub/ : filmtoestel, filmprojector
cinematographo (cinematographo) /sub/ : bioscoop
cinephilo (cinephilo) /sub/ : cinefiel
cinere, Mercuridi (Mercuridi) del ~s : Aswoensdag
cineree (cineree) /adj/ : askleurig
cineree (cineree), luce/lumine ~ : askleurig licht
cineree (cineree), capillos ~ : askleurig haar
cineree (cineree), laro ~ : stormmeeuw
cinesthesia (cinesthesia) /sub/ : bewegingszin
cinetic, energia (energia) ~ : arbeidsvermogen van de beweging, kinetische energie
cinetic, theoria (theoria) ~ del gases : kinetische gastheorie, gaskinetische theorie
cinquantesime (cinquantesime) /num ord/ : vijftigste
cinquantesime (cinquantesime), ~ parte : vijftigste deel
cinquantesimo (cinquantesimo) /sub/ : vijftigste deel
circa, a ~ duo kilometros (kilometros) : op ongeveer twee kilometer
circo, numero (numero) de ~ : circusnummer
circuir (circuir) /v/ : rondlopen, lopen om, in een kring gaan
circuito (circuito) /sub/ : rondrit, rondreis, tocht, toer, traject, baan, parcours, circuit
circuito (circuito), ~ aeree : rondvlucht
circuito (circuito), ~ pedestre : rondwandeling, wandelroute
circuito (circuito), ~ pro cyclotouristas  : fietsroute
circuito (circuito), ~ de undece citates : elfstedentocht
circuito (circuito), ~ de Zandvoort : circuit van Zandvoort
circuito (circuito), ~ de television : televisiecircuit
circuito (circuito), ~ clause/claudite de television : gesloten televisiecircuit
circuito (circuito), ~ de capitales : kapitaalskringloop
circuito (circuito), ~ de frenage : remcircuit
circuito (circuito), facer un ~ : een rondreis maken
circuito (circuito) /sub/ : ELECTRICITATE stroomloop, stroomkring, stroomketen, stroomcircuit, schakeling
circuito (circuito), ~s copulate : gekoppelde schakelingen
circuito (circuito), ~ active : actieve schakeling
circuito (circuito), ~ electric : stroomcircuit
circuito (circuito), ~ aperte : open circuit
circuito (circuito), ~ clause : gesloten circuit
circuito (circuito), clauder un ~ : een stroomkring sluiten
circuito (circuito), curte ~ : kortsluiting
circuito (circuito), curte ~ fusibile : smeltveiligheid
circuito (circuito), ~ integrate : geïntegreerde schakeling, I.C.
circuito (circuito), ~ integrate a isolation aeree : IC met luchtisolatie
circuito (circuito), ~ analoge : analoog IC
circular, littera (littera) ~ : circulaire, rondzendbrief
circular, orbita (orbita) ~ : cirkelbaan
circular, machina (machina) a/de serrar ~ : cirkelzaagmachine
circularitate, ~ de un phenomeno (phenomeno) : circulariteit van een verschijnsel
circulation, ~ del aere (aere) : luchtcirculatie
circulation, policia (policia) de ~ : verkeerspolitie
circulation, congestion/paralyse (paralyse) (-ysis) del ~ : verkeersopstopping
circulo, ~ de amicos (amicos) : vriendenkring
circulo, ~ de amicas (amicas) : dameskransje
circum (circum) /prep/ : rond, rondom, om
circum (circum), le canales ~ le urbe : de grachten om de stad
circum (circum), le region ~ Rotterdam es multo industrialisate : rondom Rotterdam is veel industrie
circum (circum), il ha boscos magnific ~ Bilthoven : er zijn prachtige bossen rondom Bilthoven
circum (circum), describer un orbita (orbita) ~ le terra : een baan om de aarde beschrijven
circum (circum), io ha traciate un quadro ~ le texto : ik heb de tekst omlijnd
circum (circum), tornar (~) le angulo : de hoek omgaan/omslaan
circumambiente, le aere (aere) ~ : de ons omringende lucht
circumlunar, satellite (satellite) ~ : maansatelliet
circumscriber, ~ un epidemia (epidemia) : een epidemie tot staan brengen
circumstantia, poema/poesia (poesia) de ~ : gelegenheidsgedicht
circumterrestre, orbita (orbita) ~ : baan om de aarde
cirrhose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA cirrose
cirrhose (-osis (-osis)), ~ renal : niercirrose, schrompelnier
cirrhose (-osis (-osis)), ~ hepatic/de hepate (hepate)/ficato : levercirrose
cirrhose (-osis (-osis)), ~ alcoholic : alcoholische levercirrose
cirripedes (cirripedes) /sub/ : ZOOLOGIA rankpotigen
cirsio, ~ acaule (acaule) : aarddistel
citate, aere (aere) del ~ : stadslucht
citate, circuito (circuito) de undece ~s : elfstedentocht
citate, ~ satellite (satellite) : satellietstad
citate, al peripheria (peripheria) del ~ : onder de rook van de stad
cithera (cithera) /sub/ : MUSICA citer, lier
cithera (cithera), chorda de ~ : citersnaar
citricolor (citricolor) /adj/ : citroenkleurig, citroengeel
civic, spirito (spirito) ~ : burgerzin
civilisation, periodo (periodo) de ~ : beschavingsperiode
claccar, ~ le digitos (digitos) : met de vingers knippen
cladomania (cladomania) /sub/ : cladomanie, heksenbezem
clandestin, vendita (vendita) ~ : clandestiene verkoop
claro, le ~s de un tapisseria (tapisseria) : de lichte gedeelten van een wandtapijt
classe, spirito (spirito) de ~ : klassegeest
classe, vespera (vespera)/vespere/festa de ~ : klasseavond
classification, ~ per/in categorias (categorias) : indeling in categorieën
classification, camera (camera) de ~ : sorteerkamer
classificator, ~ de litteras (litteras) : briefordner
classificatori, machina (machina) ~ : sorteermachine
clauder, ~ le parenthese (parenthese) (-esis) : de haakjes sluiten
clauder, television in circuito (circuito) claudite : gesloten televisiecircuit
clauder, syllaba (syllaba) claudite : gesloten lettergreep
clause, le museo (museo) es ~ : het museum is dicht/gesloten
clause, character (character) ~ : gesloten karakter
clause, numero (numero) ~ : numerus clausus
claustrophobe (claustrophobe) /sub/ : lijdend aan claustrofobie, claustrofobisch
claustrophobia (claustrophobia) /sub/ : claustrofobie, vrees voor besloten ruimten, engtevres
claustrophobo (claustrophobo) /sub/ : claustrofobiepatiënt
clausura, ceremonia (ceremonia) de ~ : sluitingstijd/uur
clavar, ille esseva clavate in/super (super) su sedia : hij zat op zijn stoel genageld
clavar, ~ un persona al pilori (pilori) : iemand aan de kaak stellen
clavicymbalo (clavicymbalo) /sub/ : MUSICA clavecimbel
clavo, ~ a testa/capite (capite) : spijker met kop
clavo, ~ sin testa/capite (capite) : spijker zonder kop
clavo, ~ a testa/capite (capite) platte : draadnagel
clavo, testa/capite (capite) de ~ : spijkerkop
cleistogame (cleistogame) /adj/ : cleistogaam
cleistogame (cleistogame), plantas ~ : cleistogame planten
cleistogamia (cleistogamia) /sub/ : cleistogamie
clematis (clematis) /sub/ : BOTANICA bosrank, clematis
clematis (clematis), ~ alpin : alpenbosrank
clemente, judice (judice) ~ : clemente rechter
cleptomania (cleptomania) /sub/ : kleptomanie
cleptomano (cleptomano) /sub/ : kleptomaan
clichar , machina (machina) a/de ~ : clicheermachine
climatologia (climatologia) /sub/ : leer van het klimaat, klimatologie, klimaatkunde
climatologo (climatologo) /sub/ : klimatoloog
climatopathologia (climatopathologia) /sub/ : klimatopathologie
climatotherapia (climatotherapia) /sub/ : klimatotherapie
climax (climax) /sub/ : climax
clinic, thermometro (thermometro) ~ : koortsthermometer
clinica, ~ cardiac (cardiac) : hartcentrum
clinica, ~ de neonatologia (neonatologia) : zuigelingenkliniek
clinographo (clinographo) /sub/ : clinograaf
clinometro (clinometro) /sub/ : clinometer, hellingmeter
clinometro (clinometro), ~ de un nave : clinometer van en schip
clinometro (clinometro), ~ de un avion : clinometer van een vliegtuig
clitoridectomia (clitoridectomia) /sub/ : MEDICINA clitoridectomie
clitoris (clitoris),clitoride /sub/ : ANATOMIA clitoris
clivicola (clivicola) /sub/ : ZOOLOGIA
clivicola (clivicola), ~ ripari : oeverzwaluw
clonus (clonus) /sub/ : MEDICINA clonus (serie spiersamentrekkingen), klonische kramp
clown, testa/capite (capite) de ~ : clownskop
clowneria (clowneria) /sub/ : grappigheid, leukheid, koddigheid, grap, klucht, pots
club, ~ de photographos (photographos) : fotoclub
club, spirito (spirito) de ~ : clubgeest
clyster /sub/ : (Afk.: centimetro (centimetro)) centimeter
coagulation, limite (limite) de ~ : coagulatiegrens
coalisar, le potentias europee (europee) se ha coalisate contra Napoleon : in een verbond/coalitie samenbrengen/verenigen
coaltar, distilleria (distilleria) de ~ : koolteerdistilleerderij
coardia (coardia) /sub/ : lafheid, lafhartigheid
coautor, le ~ de un encyclopedia (encyclopedia) : de mede-auteur van een encyclopedie
cobalt (cobalt) /sub/ : kobalt
cobalt (cobalt), composito (composito) de ~ : kobaltverbinding
cobalt (cobalt), mineral de ~ : kobalterts/glans
cobalt (cobalt), azuro/blau de ~ : kobaltblauw
cobalt (cobalt), alligato de ~ : kobaltlegering
cobalt (cobalt), bomba al/de ~ : kobaltbom
cobalt (cobalt), ~ sexanta/radioactive : kobalt zestig, radioactief kobalt
cobelligerente, armea (armea) ~ : geallieerd leger
Coblenz (Coblenz) /sub/ : Koblenz
cobol (cobol) /sub/ : COMPUTATOR cobol 
cocaina (cocaina) /sub/ : cocaïne
cocaina (cocaina), injection de ~ : cocaïne-inspuiting
cocainomania (cocainomania) /sub/ : cocaïneverslaving, cocaïnomanie
cocainomano (cocainomano) /sub/ : cocaïneverslaafde
coccyge (coccyge),coccyx (coccyx) /sub/ : ANATOMIA stuit, stuitbeen, staartbeen
coccygeal, vertebra (vertebra) ~ : stuitwervel, staartwervel
cocer, ~ le verdura in un pauco/un poco de butyro (butyro) : groente in wat boter stoven
coco(II), butyro (butyro) de ~ : kokosboter
codice (codice) /sub/ : wetboek, code, verzameling regels, verzameling voorschriften
codice (codice), ~ del honor : erecode
codice (codice), ~ del via : verkeersregels
codice (codice), ~ penal : wetboek van strafrecht
codice (codice), ~ commercial/de commercio : wetboek van koophandel
codice (codice), ~ civil : burgerlijk wetboek
codice (codice), ~ electoral : kieswet
codice (codice), ~ de procedura/procedimento civil : wetboek van strafvordering
codice (codice), ~ del publicitate/del reclamo : reclamecode
codice (codice), ~ de comportamento/de conducta : gedragscode
codice (codice) /sub/ : code (stelsel van signalen/tekens), geheimschrift
codice (codice), systema de ~s : codesysteem
codice (codice), ~ postal : postcode
codice (codice), numero (numero) de ~ postal : postcodenummer
codice (codice), cifra de ~ : codecijfer
codice (codice), clave de ~ : codesleutel
codice (codice), ~ a/de barras : streepjescode
codice (codice), ~ genetic : genetische code
codice (codice), ~ magnetic : magneetcode
codice (codice), decifrar un ~ : een code ontcijferen/kraken
codice (codice) /sub/ : apothekersboek, farmacopee
codice (codice) /sub/ : codex, (oud) handschrift/manuscript
codicologia (codicologia) /sub/ : codicologie, handschriftkunde
codicologo (codicologo) /sub/ : codicoloog, handschriftkundige
cognite (cognite) /adj/ : (wel)bekend
cognite (cognite), ~ per le radio e le television : bekend van radio en televisie
cognite (cognite), mundialmente ~ : wereldbekend
cognite (cognite),  grandor ~ : bekende grootheid
cognite (cognite), esser ~ como : bekend staan als
cognitive, psychologia (psychologia) ~ : cognitieve psychologie
cognoscentia, theoria (theoria) de ~ : kennisleer, kennistheorie
cognoscer, ~ su limites (limites) : zijn beperkingen kennen
cognoscimento, theoria (theoria) del ~ : kennistheorie, kennisleer
cognoscito, un vetule ~ del policia (policia) : een oude bekende van de politie
cognoscitor, ~ del anima/character (character)/natura human : mensenkenner
coherente, insimul (insimul) ~ : samenhangend geheel
cohorte, ~s de angelos (angelos) : legioenen van engelen
coincidentia, ~ fortuite (fortuite)/casual/accidental : toevallige samenloop
coincider, iste duo periodos (periodos) coincide in parte : deze twee perioden overlappen elkaar gedeeltelijk
cokeria (cokeria) /sub/ : cokesfabriek
coleopterologia (coleopterologia) /sub/ : coleopterologie, leer/studie van de kevers
coleopteros (coleopteros) /sub/ : ZOOLOGIA schildvleugeligen
coleoptilo (coleoptilo) /sub/ : BOTANICA coleoptiel, kiemzakje
colibri (colibri) /sub/ : ZOOLOGIA kolibri
colibri (colibri), ovo de ~ : kolibri-ei
colibri (colibri), nido de ~ : kolibrinest
colitis (colitis) /sub/ : MEDICINA colitis, karteldarmontsteking, dikke-darmontsteking
colitis (colitis), ~ acute : acute colitis
colitis (colitis), ~ chronic : chronische colitis
colitis (colitis), ~ ulcerose : zwerende colitis
collageno (collageno) /sub/ : BIOLOGIA collageen
collapso, ~ cardiac (cardiac) : hartverlamming
collar, ~ un timbro (postal) super (super) un littera (littera) : een postzegel op een brief plakken
collective, photo(graphia (graphia)) ~ : groepsfoto
collective, notion/idea (idea) ~ : verzamelbegrip
collective, hysteria (hysteria) ~ : massahysterie
collective, psychose (-osis (-osis)) ~ : massapsychose
collenchyma (collenchyma) /sub/ : BOTANICA collenchijm
colliger, on collige le litteras (litteras) tres vices per jorno : er zijn drie (brief)lichtingen per dag
collision, ~ de ideas (ideas) : botsing van ideeën
collo, ~ del utero (utero) : baarmoederhals
collo, cancere del ~ del utero (utero) : baarmoederhalskanker
collo, vertebra (vertebra) del ~ : halswervel
cologarithmo, ~ de un numero (numero) : cologaritme van een getal
colon (colon) /sub/ : ANATOMIA karteldarm
colonitis (colonitis) /sub/ : MEDICINA dikke-darmontsteking, karteldarmontsteking
color, ~ composite (composite) : mengkleur
color, indice (indice)/index (index) de ~ : kleurindex
color, harmonia (harmonia) de ~es : harmonie van kleuren
color, photo(graphia (graphia)) a/in ~es : kleurenfoto
colorimetria (colorimetria) /sub/ : PHYSICA, CHIMIA colorimetrie
colorimetric, analyse (analyse) (-ysis) ~ de un producto alimentari : colorimetrische analyse van een voedingsprodukt
colorimetro (colorimetro) /sub/ : PHYSICA, CHIMIA colorimeter
coloscopia (coloscopia) /sub/ : MEDICINA coloscopie
Colosseo (Colosseo) /sub/ : Colosseum
colpar, colpate de apoplexia (apoplexia) : door een beroerte getroffen
colpo, ~ de testa/capite (capite) : kopbal
colpo, ~ de apoplexia (apoplexia) : beroerte
colpo, ~ de cymbalo (cymbalo) : bekkenslag
colpo, ~ de klaxon (klaxon) : (hoorn)stoot, toet
colpo, ~ de sibilo (sibilo) : fluitsein, fluitsignaal
colpo, dar un ~ de klaxon (klaxon) : een toet met de klaxon geven
colpo, ~ de tonitro (tonitro) : donderslag
colubra (colubra) /sub/ : ZOOLOGIA gladde slang
colubra (colubra), ~ a collar : ringslang
columbium (columbium) /sub/ : CHIMIA columbium
columbophilia (columbophilia) /sub/ : (post)duivenhouderij
columbophilo (columbophilo) /sub/ : duivenhouder
columbophilo (columbophilo), association/societate de ~s : vereniging van (post)duivenhouders
columna, le ~s de Hercules (Hercules) : de zuilen van Hercules
colutea (colutea) /sub/ : BOTANICA blazenstruik
comaro (comaro) /sub/ : BOTANICA wateraardbei
comaro (comaro), ~ palustre : moerasvijlblad
combatter, ~ un maladia (maladia) : een ziekte bestrijden
combatter, ~ le inimico (inimico) : tegen de vijand strijden/vechten
combattive, spirito (spirito) ~ : strijdlust
combatto, methodo (methodo) de ~ : vechtmethode
combatto, poner foras (foras) de ~ : buiten gevecht stellen
combinatori, analyse (analyse) (-ysis) ~ de calculo : combinatierekening
combustion, camera (camera) de ~ : verbrandingskamer
comedia, ~ de character (character) : karakterkomedie
comestibiles (comestibiles) /sub/ : eetwaren, voedings/levensmiddelen
comestibiles (comestibiles), ~ fin : fijne eetwaren
cometari, trajectoria/orbita (orbita) ~ : kometenbaan
commandamento, ~ de un armea (armea) : bevel over een leger
commandante, ~ de armea (armea) : legercommandant
commandar, ~ un armea (armea) : het bevel over een leger voeren
commanditari, compania (compania)/societate ~ : commanditaire vennootschap
commemorative, ceremonia (ceremonia)/solemnitate ~ : herdenkingsplechtigheid
commendabile, comenciar un cosa con energia (energia) ~ : iets met prijzenswaardige voortvarendheid aanpakken
commercial, spirito (spirito) ~ : handelsgeest
commercial, credito (credito) ~ : handelskrediet
commercial, linguage/terminologia (terminologia) ~ : handelstaal
commercial, termino (termino) ~ : handelsterm
commercial, deficit (deficit) ~ : handelstekort
commercial, debita (debita) ~ : handelsschuld
commercial, littera (littera) ~ : handelsbrief
commerciante, femina (femina) ~ : zakenvrouw
commercio, codice (codice) de ~ : Wetboek van Koophandel
commercio, Camera (Camera) de Commercio : Kamer van Koophandel
commercio, ~ maritime (maritime) : zeehandel
commercio, ~ illicite (illicite)/clandestin : zwarte handel
commercio, ~ de mercantias (mercantias) : goederenhandel
commercio, ~ transitori/de transito (transito) : transitohandel
commercio, compania (compania) de ~ : handelmaatschappij
commercio, termino (termino) de ~ : handelsterm
comminatori, littera (littera) ~ : dreigbrief
commissariato, ~ de policia (policia) : politiebureau
commissario, ~ de policia (policia) : commissaris van politie
commissario, ~ europee (europee) : lid van de Europese Commissie
commission, ~ intereuropee (intereuropee) : intereuropese commissie
commission, ~ de credito (credito) : kredietprovisie
commissurotomia (commissurotomia) /sub/ : MEDICINA commissurotomie
commoda (commoda) /sub/ : commode, ladenkast
commode (commode) /adj/ : practisch, gemakkelijk, gerieflijk, geschikt, comfortabel
commode (commode), calceos/scarpas ~ : gemakkelijke schoenen
commode (commode), iste calceos/scarpas es multo ~ : deze schoenen lopen lekker
commode (commode), vita ~ : geriefelijk leven
commun, foris (foris)/foras (foras) del ~ : ongemeen
commun, termino (termino) ~ : geijkte term
communa, ~ limitrophe (limitrophe) : randgemeente
communicar, ~ un maladia (maladia) : een ziekte overbrengen/verspreiden
communicar, ~ per telephono (telephono) : telefonisch contact hebben
communication, ~ de ideas (ideas) : uitwisseling van ideeën
communication, ~ maritime (maritime) : scheepvaartverbinding
communication, ~ de tramvia (tramvia) : tramverbinding
communication, character (character) ~ : openhartig karakter
communication, femina (femina) pauco/poco ~ : nogal gesloten vrouw
communicato, ~ de policia (policia) : politiebericht
communicato, ~ del perditas (perditas) : verlieslijst
communitari, spirito (spirito)/senso ~ : gemeenschapsgevoel
communitate, ~ Europee (Europee) : Europese Gemeenschap
communitate, ~ Economic Europee (Europee) (C.E.E.) : Europese Economische Gemeenschap (EEG)
commutabile, terminos (terminos) ~ : verwisselbare termen
commutation, circuito (circuito) de ~ : schakelcircuit
commutative, algebra (algebra) ~ : commutatieve algebra
compania (compania) /sub/ : omgang, gezelschap
compania (compania), dama de ~ : gezelschapsdame
compania (compania), tener ~ a un persona : iemand gezelschap houden
compania (compania), mi can me face ~ : ik heb gezelschap van mijn hond
compania (compania), con su filia pro unic ~ : met alleen haar dochter als gezelschap
compania (compania) /sub/ : gezelschap, groep personen
compania (compania), ~ de viage : reisgezelschap
compania (compania), ~ theatral : toneelgezelschap
compania (compania), ~ mixte : bont gezelschap
compania (compania), ~ selecte : select gezelschap
compania (compania), in intime (intime) ~ : in besloten kring
compania (compania), su ~ es multo recercate : in gezelschap is hij zeer gewild
compania (compania) /sub/ : maatschappij, vennootschap, compagnie, onderneming
compania (compania), ~ mercantil/commercial/de commercio : handelmaatschappij
compania (compania), ~ anonyme (anonyme) : naamloze vennootschap
compania (compania), ~ commanditari : commanditaire vennootschap
compania (compania), ~ ferroviari/de ferrovia (ferrovia) : spoorwegmaatschappij
compania (compania), ~ maritime (maritime)/de navigation : scheepvaartmaatschappij
compania (compania), ~ (de navigation) aeree : luchtvaartmaatschappij
compania (compania), ~ de financiamento : financieringsmaatschappij
compania (compania), ~ de assecurantia : verzekeringsmaatschappij
compania (compania), ~ de assecurantia super (super) le vita : levensverzekeringsmaatschappij
compania (compania), ~ cinematographic : filmmaatschappij
compania (compania), ~ de transportos : transportmaatschappij
compania (compania), ~ editorial : uitgeversmaatschappij
compania (compania), ~ de armatores : rederij
compania (compania), ~ dramatic/theatral/de theatro : toneelgezelschap
compania (compania), Compania del Indias Oriental : Oostindische Compagnie
compania (compania), Compania del Indias Occidental : Westindische Compagnie
compania (compania), ~ de Jesus (Christo) : sociéteit van Jesus
compania (compania) /sub/ : MILITAR compagnie
compania (compania), alinear un ~ : een compagnie richten
compania (compania), ~ disciplinari : strafcompagnie
compania (compania) /sub/ : 
compania (compania), Smith e Compania : Smith en Co
comparative, methodo (methodo) ~ : vergelijkingsmethode
compartimento, ~ del machina (machina) : machinekamer
compatibile, characteres (characteres) ~ : overeenstemmende karakters
compatibile, machinas (machinas) ~ : machines die samen kunnen functioneren
compatibilitate, ~ de character (character) : overeenstemming in karakter
compensabile, debita (debita) ~ : compensabele schuld
compensar, ~ un debita (debita) : een schuld vereffenen
compensation, Camera (Camera) de Compensation : Verrekenkamer, Clearinginstituut
compensatori, hypertrophia (hypertrophia) ~ : compensatorische hypertrofie
competente, judice (judice) ~ : bevoegde rechter
compilar, ~ un anthologia (anthologia) : een bloemlezing samenstellen
compilation, le ~ de un anthologia (anthologia) : het samenstellen van een bloemlezing
complacente, character (character) ~ : inschikkelijk karakter
complemento, ~ algebric/algebraic (algebraic) : algebraïsch complement
completar, adjunger un detalio pro ~ le insimul (insimul) : een detail toevoegen om het geheel volledig te maken
completar, lor characteres (characteres) se completa : hun karakters vullen elkaar aan
complexe, character (character) ~ : gecompliceerd karakter
complexe, numero (numero) ~ : complex getal
complexe, composito (composito) ~ : complexe verbinding
complexe, phenomeno (phenomeno) ~ : complex verschijnsel
complexe, theoria (theoria) ~ : complexe theorie
complexe, notion/idea (idea) ~ : verzamelbegrip
complice (complice) /sub/ : medeplichtige, medeschuldige, helper, handlanger, complice
complice (complice), le policia (policia) ha jam identificate le fur e duo de su ~s : medeplichtige, medeschuldige, helper, handlanger, complice
complice (complice) /adj/ : medeplichtig, medeschuldig
complicitate, con le ~ de un amico (amico) : met hulp van een vriend
complotar, ~ con le inimico (inimico) : het met de vijand houden
componer, ~ un numero (numero) (de telephono (telephono)) : een (telefoon)nummer draaien
comportamental, psychologia (psychologia) ~ : gedragspsychologie
comportamental, therapia (therapia) ~ : gedragstherapie
comportamento, codice (codice) de ~ : gedragscode
comportamento, analyse (analyse) (-ysis) del ~ : gedragsanalyse
comportamento, therapia (therapia) de ~ : gedragstherapie
comportamento, psychologia (psychologia) del ~ : gedragspsychologie
compositas (compositas) /sub/ : BOTANICA familie der composieten, samengesteldbloemigen
composite (composite) /adj/ : niet gemeend, gespeeld
composite (composite), interesse ~ : niet gemeende belangstelling
composite (composite) /adj/ : samengesteld
composite (composite), parola ~ : samengesteld woord
composite (composite),  fractura ~ : meervoudige breuk
composite (composite),  fraction ~ : samengestelde breuk
composite (composite), interesse ~ : samengestelde interest
composite (composite), flor ~ : samengestelde bloem
composite (composite), numero (numero) ~ : samengesteld getal
composite (composite), function ~ : samengestelde functie
composite (composite), phrase ~ : samengestelde zin
composite (composite), polea (polea) ~ : samengestelde katrol
composite (composite), forrage ~ : mengvoeder
composition, machina (machina) de ~ : zetmachine
composito (composito) /sub/ : samenstelling, mengsel
composito (composito) /sub/ : CHIMIA verbinding
composito (composito), ~ chimic : chemische verbinding
composito (composito), ~ binari : binaire verbinding
composito (composito), ~ complexe : complexe verbinding
composito (composito), ~ cyclic : cyclische verbinding
composito (composito), ~ acyclic : acyclische verbinding
composito (composito), ~ aromatic : aromatische verbinding
composito (composito), ~ aliphatic : alifatische verbinding
composito (composito), ~ phosphatate : fosfaatverbinding
composito (composito), ~ proteic (proteic) : eiwitverbinding
composito (composito), ~ de metallo : metaalverbinding
composito (composito), ~ de plumbo : loodverbinding
composito (composito), ~ de nitrogeno (nitrogeno) : stikstofverbinding
composito (composito) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA samenstelling, samengesteld woord
compota, ~ de rheubarbaro (rheubarbaro) : rabarbermoes
compound, dynamo (dynamo) ~ : compounddynamo
compound, machina (machina) ~ : compoundmachine
comprar, mania (mania) de ~ : koopzucht/ziekte
comprar, ~ a credito (credito) : op krediet/op de pof kopen
comprehender, le investigation comprehende un periodo (periodo) de cinque annos : bevatten, omvatten, inhouden
comprender, le investigation comprende un periodo (periodo) de cinque annos : dit begrip is tweeledig
comprensibile, un theoria (theoria) poco/pauco ~ : een weinig doorzichtige theorie
comprension, ille non monstra un minimo (minimo) de ~ pro le situation : hij toont geen enkel begrip voor de situatie
compressa, poner ~s super (super) : compressen leggen op
compression, camera (camera) de ~ : compressiekamer/ruimte
compressor, ~ centrifuge (centrifuge) : centrifugaal compressor
compressor, ~ de aere (aere) : luchtperspomp
comprimer, ~ un arteria pro blocar le hemorrhagia (hemorrhagia) : een slagader dichtdrukken om een bloeding te stelpen
comprimibile, le aere (aere) es ~ : le lucht is samendrukbaar
comprimite, aere (aere) ~ : perslucht
comprimite, machina (machina) a/de aere ~ : persluchtmachine
compromittente, littera (littera) ~ : compromitterende brief
computo (computo) /sub/ : berekening van de veranderlijke feestdagen, tijdrekeningstabel
concatenation, ~ de ideas (ideas) : aaneenschakeling van ideeën
concave (concave) /adj/ : hol, holrond (van spiegels/lenzen, etc.), concaaf
concave (concave), speculo ~ : holle spiegel
concave (concave), lente ~ : concave/holle lens
conceder, ~ un credito (credito) a un persona : iemand een krediet verlenen/verstrekken
concerner, mi observation concerne tu amico (amico) : mijn opmerking geldt jouw vriend
concertante, symphonia (symphonia) ~ : concertante symfonie
concerto, ~ de organo (organo) : orgelconcert
concerto, ~ pro organo (organo) : orgelconcert
concession, ~es mutual/mutue/reciproc (reciproc) : concessies van beide kanten, geven en nemen
concession, ~ de credito (credito) : kredietverlening
concession, ~ de vendita (vendita) de un producto : concessie/vergunning voor de verkoop van een produkt
conchyliologia (conchyliologia) /sub/ : conchyliologie, schelpenkunde
conchyliologo (conchyliologo) /sub/ : conchylioloog, schelpenkenner/kundige
concierge, camera (camera) de ~ : conciergekamer
conciliation, spirito (spirito) de ~ : verzoeningsgezindheid
conciliator, judice (judice) ~ : vrederechter
conciper, le spirito (spirito) concipe le ideas (ideas) : de geest vormt de ideeën
concise, in terminos (terminos) ~ : kort en bondig
conclusive, paragrapho (paragrapho) ~ : slotalinea
concordantia, methodo (methodo) de ~ : concordantiemethode
concordantia, methodo (methodo) de ~ : concordantiemethode
concordar, lor characteres (characteres) non concorda : hun karakters passen niet bij elkaar
concordar, le verbo concorda con le subjecto del phrase quanto al persona e numero (numero) : zijn daden zijn niet in overeenstemming met zijn woorden
concordia, ~ de ideas (ideas) : gelijkgestemdheid
concordia, un spirito (spirito) de ~ : een geest van eensgezindheid
concrescente, petalos (petalos) ~ : samengegroeide bloembladen
concrescentia, ~ de petalos (petalos) : samengroeiing van bloembladen
concrete, poesia (poesia) ~ : concrete poëzie
concurso, ~ de photo(graphia (graphia)) : fotowedstrijd
concurso, foris (foris) de ~ : buiten mededinging
condition, ~es de vendita (vendita) : verkoopvoorwaarden
condition, le ~ feminin/del femina (femina) : de positie van de vrouw
conditional, entropia (entropia) ~ : voorwaardelijke entropie
conditionamento, ~ del aere (aere) : airconditioning
conditionar, ~ le aere (aere) : van airconditioning voorzien
conditionate, ordine de vendita (vendita) ~ : stop-loss-order
conditionate, a/de/con aere (aere) ~ : air-conditioned
condolentia, littera (littera) de ~ : condoleancebrief
condolentia, visita (visita) de ~ : rouwbezoek
condor (condor) /sub/ : condor (roofvogel)
condor (condor) /sub/ : gouden munt van Colombia
condor (condor) /sub/ : gouden munt van Chili
conducer, ~ un persona ante le judice (judice) : iemand voor de rechter leiden
conducta, codice (codice) de ~ : gedragscode
conducta, therapia (therapia) de ~ : gedragstherapie
conducta, psychologia (psychologia) del ~ : gedragspsychologie
conductimetric,conductometric, methodo (methodo) ~ : conductometrische methode
conductor, polea (polea) ~ : geleischijf
condylo (condylo) /sub/ : ANATOMIA gewrichtsuitsteeksel, gewrichtsknobbel, condylus
condylo (condylo), ~ occipital : achterhoofdsknobbel
confecteria (confecteria) /sub/ : suikerbakkerij, handel/verkoop van suikergoed
conferentia, dar/facer un ~ super (super) : een voordracht houden over
conferer, nos debera (debera) ~ super (super) iste cosa : we zullen over deze zaak moeten overleggen
confidentia, crise/crisis (crisis) de ~ : vertrouwenscrisis
confidential, littera (littera) ~ : vertrouwelijke brief
confidential, character (character) ~ : vertrouwelijkheid
confinar, ~ un persona in un camera (camera) : iemand in een kamer opsluiten
confinio, le ~s inter (inter) realitate e fiction : de grens tussen fictie en werkelijkheid
confirmate,  credito (credito) ~ : geconfirmeerd krediet
confiscar, ~ mercantias (mercantias) : goederen verbeurd verklaren
confiscation, ~ de mercantias (mercantias) : verbeurdverklaring van goederen
confitureria (confitureria) /sub/ : jambereiding
confitureria (confitureria) /sub/ : jamhandel
confitureria (confitureria) /sub/ : jamfabriek
conflicto, restar/remaner foras (foras) del ~ : er buiten blijven
conflictual, psychologia (psychologia) ~ : conflictpsychologie
confluentia, ~ de ideas (ideas) : samengaan van ideeën
conformation, ~ del skeleto (skeleto) : bouw van het skelet
conformitate, ~ de ideas (ideas) : geestverwantschap
confucianista, theologia (theologia) ~ : confucianistische theologie
confuse, spirito (spirito) ~ : verwarde geest, warhoofd
confusion, ~ de ideas (ideas) : begripsverwarring
confusion, jectar ~ in le spiritos (spiritos) : verwarring zaaien in de geesten
confutar, ~ un these/thesis (thesis) : een stelling weerleggen
confutation, ~ de un theoria (theoria) : weerlegging van een theorie
congedo, ~ de maladia (maladia)/de convalescentia : ziekteverlof
congedo, visita (visita) de ~ : afscheidsbezoek
congelamento, ~ del creditos (creditos) : bevriezing van de kredieten
congelar, ~ un credito (credito) : een krediet bevriezen
congelate, creditos (creditos) ~ : bevroren credieten
congenital, character (character) ~ : aangeboren karakter
congenital, defecto physic ~, malformation/anomalia (anomalia) ~ : aangeboren afwijking
congenital, maladia (maladia) ~ : aangeboren ziekte
congenite (congenite) /adj/ : aangeboren, van de geboorte af, congenitaal, congeniaal
congenite (congenite), malformation/anomalia (anomalia) ~ : aangeboren afwijking
congenite (congenite), idiota ~ : geboren idioot
congenite (congenite), maladia (maladia) ~ : aangeboren ziekte
congenite (congenite), cecitate ~ : aangeboren blindheid
congenite (congenite), dystrophia (dystrophia) ~ : aangeboren dystrofie
congenite (congenite), optimismo ~ : ingeschapen optimisme
conglomerato, ~ de ideas (ideas) absurde : conglomeraat van dwaze ideeën
congratulation, littera (littera) de ~ : felicitatiebrief
congratulation, visita (visita) de ~ : felicitatiebezoek
congratulatori, littera (littera) ~ : felicitatiebrief
congratulatori, visita (visita) ~ : felicitatiebezoek
conica, parametro (parametro) de un ~ : parameter van een kegelsnede
conica, vertice (vertice) de un ~ : top van een kegelsnede
conidiophoro (conidiophoro) /sub/ : BOTANICA drager van conidiën
conifera (conifera) /sub/ : BOTANICA conifeer, naaldboom
conifera (conifera), bosco/foreste/silva de ~s : naaldbos/woud
conifera (conifera), vegetation de ~s : coniferenvegetatie
conilio, ~ de essayo (essayo) : proefkonijn
coniometro (coniometro) /sub/ : coniometer
conjugate, machinas (machinas) ~ : aan elkaar gekoppelde machines
conjuge (conjuge) /sub/ : echtgenoot, gade
conjunctivitis (conjunctivitis) /sub/ : MEDICINA bindvliesontsteking, conjunctivitis
conjunctivitis (conjunctivitis), ~ granulose : trachoom
conjunctivitis (conjunctivitis), ~ catarrhal : catarrale conjunctivitis
conjunctivitis (conjunctivitis), ~ acute : acute conjunctivitis
conjunctivitis (conjunctivitis), ~ chronic : chronische conjunctivitis
conjunctivitis (conjunctivitis), ~ actinic : lasogen
conjunctura,  barometro (barometro) de ~ : conjunctuurbarometer
conjunctural, phenomeno (phenomeno) ~ : conjunctuurverschijnsel
conjunctural, analyse (analyse) (-ysis) ~ : conjunctuuranalyse
conjunctural, crise/crisis (crisis) ~ : conjunctuurcrisis
conjunctural, theoria (theoria) ~ : conjunctuurtheorie
conjurar, ~ le demone/diabolo (diabolo) : de duiven uitbannen
connecter, ~ le salarios al index (index)/indice (indice) de precios : de lonen koppelen aan de prijsindex
connexion, ~ inter (inter) le ripas : oeververbinding
connexion, ~ inter (inter) le factos : verband tussen de feiten
connexion, ~ del salarios al index (index)/indice (indice) de precios : koppeling van de lonen aan de prijsindex
connexitate, le ~ inter (inter) ambe artistas : de connexiteit tussen de beide kunstenaars
conopeo (conopeo) /sub/ : CATHOLICISMO conopeum
conophtero (conophtero) /sub/ : ZOOLOGIA dennekever
conscientia, pesar super (super) le ~ : het geweten belasten
consecrate, termino (termino) ~ : geijkte term
consenso, con ~ reciproc (reciproc) : met onderling goedvinden
consentimento, ~ tacite (tacite) : stilzwijgende toestemming
consequentia, io agera (agera) in ~ : ik zal me daarnaar richten
conservation, ~ de energia (energia) : behoud van arbeidsvermogen
considerabile, perditas (perditas) ~ : beduidende verliezen
consignation, invio (invio) de ~ : consignatiezending
consilio, Consilio Europee (Europee) pro le Recerca Nuclear (CERN) : CERN
consilio, assemblea (assemblea) del ~ : raadsvergadering
consilio, camera (camera) de ~ : raadkamer
consistente, theoria (theoria) ~ : consistente theorie
consistorial, assemblea (assemblea) ~ : kerkeraadsvergadering
consolatori, angelo (angelo) ~ : troostende engel
consolatori, poesia (poesia) ~ : troostdicht
consolida (consolida) /sub/ : BOTANICA smeerwortel
consolidar, debita (debita) consolidate : geconsolideerde/gefundeerde schuld
consorte, prince/principe (principe) ~ : prins gemaal
consorte, le prince/principe (principe) hereditari e ~ : het kroonprinselijk paar
consortium (consortium) /sub/ : consortium
consortium (consortium), ~ bancari : bankconsortium
consortium (consortium), participar in un ~ : deelhebben in een consortium
constat (constat) /sub/ : JURIDIC proces-verbaal (van deurwaarder), officiëel verslag, officiële verklaring
constituente, assemblea (assemblea) ~ : grondwetgevende vergadering
constitution, maladia (maladia) de ~ : constitutieziekte
constitutional, monarchia (monarchia) ~ : constitutionele monarchie
constitutional, character (character) ~ : grondwettigheid
constringer, le maladia (maladia) le constringe al reposo : de ziekte verplicht hem tot rust
construction, ~ de machinas (machinas) : machinebouw
constructive, idea (idea) ~ : opbouwend idee
constructive, spirito (spirito) ~ : scheppende geest
constructor, ~ de machinas (machinas) : machinebouwer, machineconstructeur
construer, mania (mania) de ~ : bouwwoede
consubstantial, le Patre, in le Trinitate, es ~ con le Filio e le Spirito (Spirito) Sancte : THEOLOGIA wezenseen, een van wezen, consubstantieel
consulta, organo (organo) de ~ : overlegorgaan
consultative, assemblea (assemblea) ~ : raadgevende vergadering
consumo, imposto super (super) le ~ : verbruiksbelasting
contabile, machina (machina) ~ : boekhoudmachine
contabilisar, debita (debita) contabilisate : boekschuld
contabilitate, machina (machina) de ~ : boekhoudmachine
contafilos (contafilos) /sub/ : dradenteller, draadteller
contagiose, morbo/maladia (maladia) ~ : besmettelijke ziekte
contagiositate, ~ del cholera (cholera) : besmettelijkheid van cholera
contagiros (contagiros) /sub/ : toerenteller
contaguttas (contaguttas) /sub/ : druppelaar, druppelfles(je), druppelteller
contakilometros (contakilometros) /sub/ : kilometerteller
contamillias (contamillias) /sub/ : mijlenteller
contamination, ~ del aere (aere) : luchtverontreiniging
contapassos (contapassos) /sub/ : schredenteller, pedometer
contar, ~ super (super) : rekenen op
contar, ~ un persona inter (inter) su amicos : iemand bij zijn vrienden tellen
contarotationes (contarotationes) /sub/ : toerenteller
contatornos (contatornos) /sub/ : toerenteller
contemporanee, museo (museo) de arte ~ : museum voor hedendaagse kunst
contento (I), ~ de un littera (littera) : inhoud van een brief
contento (I), ~ gastric/stomachal/del stomacho (stomacho) : maaginhoud
contestar, ~ un these (-esis (-esis)) : een stelling betwisten
contestate, ideas (ideas) ~ : omstreden ideeën
contexto, in le ~ europee (europee) : in Europees verband
contextual, analyse (analyse) (-ysis) ~ : contextuele analyse
contigue, camera (camera) ~ : aangrenzende kamer
continer, iste libro contine cento paginas (paginas) : dit boek telt honderd bladzijden
continer, ~ su cholera (cholera)/ira/furor : zijn woede onderdrukken/opkroppen
continer, ~ su lacrimas (lacrimas) : zijn tranen verbijten
continer, ~ le inimico (inimico) : de vijand tegenhouden
continuation, in/como ~ de nostre littera (littera) : in aansluiting op onze brief
continuum (continuum) /sub/ : continuüm, ononderbroken geheel, samenhangend geheel
continuum (continuum), ~ spatio-tempore : vierdimensionale ruimte
conto, ~ de profitos e perditas (perditas) : winst- en verliesrekening
conto, ~ de depositos (depositos) : depositorekening, depositoconto
contornar, ~ le positiones del inimico (inimico) : een omtrekkende beweging maken om de stellingen van de vijand
contrabando, merce/mercantia (mercantia) de ~ : smokkelwaar
contrabatteria (contrabatteria) /sub/ : MILITAR tegenvuur (van de artillerie) 
contractar, ~ duo syllabas (syllabas) : twee lettergrepen samentrekken
contractar, ~ un debita (debita) : een schuld aangaan
contractar, ~ un maladia (maladia) : een ziekte oplopen
contractabilitate, organo (organo) ~ : samentrekbaar orgaan
contractilitate, ~ de un organo (organo) : samentrekbaarheid van een orgaan
contracto, ~ de vendita (vendita) : verkoopcontract
contradiction, ~ in le terminos (terminos) : tegenstelling in de bewoordingen
contradiction, haber le spirito (spirito) de ~ : graag tegenspreken
contraher, ~ duo syllabas (syllabas) : twee lettergrepen samentrekken
contraher, ~ un debita (debita) : een schuld aangaan
contraher, ~ un maladia (maladia) : een ziekte oplopen
contraluce, photo(graphia (graphia)) (prendite) a ~ : tegenlichtopname
contramandar, ~ per telephono (telephono) : aftelefoneren
contramarea (contramarea) /sub/ : tegentij
contraposition, ~ de ideas (ideas) : tegenstelling van ideeën
contraproducente, isto serea (serea) ~ : daarmede zou men het tegendeel bereiken
contraproductive, isto serea (serea) ~ : daarmee zou men het tegendeel bereiken
contrariar, ~ le movimentos del inimico (inimico) : de bewegingen van de vijand tegengaan
contrario, harmonia (harmonia) del ~s : harmonie der tegendelen
contraspia (contraspia) /sub/ : contraspion
contravention, attrappar un ~ pro un infraction al traffico/al codice (codice) del via : bekeuring, bon
contravention, trovar un ~ super (super) su parabrisa : een bon aantreffen op zijn voorruit
contravisita (contravisita) /sub/ : controleonderzoek, tweede onderzoek, tegenbezoek
controlate, 1 economia (economia) ~ : geleide economie
controlator, ~ del creditos (creditos) : kredietbewaker
controlo, ~ del creditos (creditos) : kredietbewaking
controlo, camera (camera)/sala de ~ : controlekamer
controlo, exercer ~ super (super) : toezicht uitoefenen op
convalescentia, periodo (periodo) de ~ : periode van herstel
conventional, character (character) ~ : conventioneel karakter
conventional, ille ha ideas (ideas) multo ~ : hij heeft zeer alledaagse ideeën
convento, ~ masculin/de religiosos/de monachos (monachos) : mannenklooster
conventual, assemblea (assemblea) ~ : vergadering van kloosterlingen, convent
convergentia, ~ de ideas (ideas) : gelijkgerichtheid van ideeën
conversion, ~ de energia (energia) : energieomzetting
converter, ~ un numero (numero) a un altere systema numeric : een getal naar een ander talstelsel overbrengen
convertite, judeo (judeo) ~ : (tot het christendom) bekeerde jood
convio (convio) /sub/ : het konvooieren, het (be)geleiden, konvooiering, (be)geleiding
convio (convio), systema de ~ : konvooistelsel
convio (convio) /sub/ : geleide, escorte
convio (convio), navigar in ~ : in konvooi/onder geleide varen
convio (convio), linea de ~ : konvooilinie
convio (convio) /sub/ : schepen/vloot, etc. die begeleid worden, konvooi
convocar, ~ un reunion/un assemblea (assemblea) : een vergadering bijeenroepen/beleggen
convocation, folio/littera (littera) de ~ : convocatiebiljet
convoyo (convoyo) /sub/ : MILITAR konvooi, escorte
convoyo (convoyo), protection de ~ : konvooibescherming
convoyo (convoyo), navigar in ~ : in konvooi varen
convoyo (convoyo), linea de ~ : konvooilinie
convoyo (convoyo), systema de ~ : konvooistelsel
convoyo (convoyo) /sub/ : FERROVIA rij spoorwagons, trein
convoyo (convoyo) /sub/ : stoet, gevolg
convoyo (convoyo), ~ funebre/funeral : rouwstoet, begrafenisstoet
convoyo (convoyo), ~ sumptuose : luisterrijke optocht
convoyo (convoyo), ~ remolcate : sleep (van schepen)
convulsive, syncope (syncope) ~ : convulsieve bewusteloosheid
cooperation, spirito (spirito) de ~ : geest van samenwerking
cooperation, ~ intereuropee (intereuropee) : intereuropese samenwerking
cooperativa, ~ de credito (credito) : kredietvereniging
coordinatographo (coordinatographo) /sub/ : coördinatograaf
Copenhagen (Copenhagen) /sub/ : Kopenhagen
copepode (copepode) /adj/ : ZOOLOGIA behorende tot de Copepoda
copepodo (copepodo) /sub/ : ZOOLOGIA roeipootkreeftje
copepodo (copepodo), Copepodos : Copepoda
coperi-aures (coperi-aures) /sub/ : oorkleppen
copericapite (copericapite) /sub/ : hoofddeksel
coperipedes (coperipedes) /sub/ : voetendeken
coperir, ~ se de debitas (debitas) : zich diep in de schulden steken
coperir, ~ le deficit (deficit) : het tekort dekken
coperitectos (coperitectos) /sub/ : leidekker
copia, in duplice (duplice) ~ : in duplo
copiar, ~ a machina (machina) : met de machine copiëren
copiar, machina (machina) a ~ : kopiëermachine
coplanar, electrodos (electrodos) ~ : coplanaire elektroden
copolymero (copolymero) /sub/ : CHIMIA copolymeer
coprolalia (coprolalia) /sub/ : coprolalie, vuilbekkerij
coprolalic (coprolalic) /adj/ : mbt coprolalie
coprolitho (coprolitho) /sub/ : coproliet, GEOLOGIA dreksteen, MEDICINA darmsteen
coprologia (coprologia) /sub/ : MEDICINA coprologie (bestudering van de faeces), scatologie
coprophage (coprophage) /adj/ : dreketend
coprophagia (coprophagia) /sub/ : het eten van drek
coprophago (coprophago) /sub/ : drekkever, mestkever
coprophilia (coprophilia) /sub/ : PSYCHOLOGIA coprofilie, scatofilie
coprophobia (coprophobia) /sub/ : MEDICINA coprofobie
copulation, organo (organo) de ~ : copulatieorgaan
copulative, organo (organo) ~ : copulatieorgaan
copulator, organo (organo) ~ : paringsorgaan
coquetteria (coquetteria) /sub/ : koketterie, behaagzucht
coracoide, apophyse (apophyse) (-ysis) ~ : ravenbeksuitsteeksel
corberia (corberia) /sub/ : mandenwerk
corberia (corberia) /sub/ : mandenmakerij
corda, ~ de cannabe (cannabe)/cannabis (cannabis) : henneptouw
corde, amico (amico) del ~ : boezemvriend
corde, hypertrophia (hypertrophia)/dilatation del ~ : hartvergroting
corde, maladia (maladia) del ~ : hartkwaal
corde, paralyse (paralyse) del ~ : hartverlamming
corde, steatose (-osis (-osis))/adipositate del ~ : hartvervetting
corde, haber un cosa super (super) le ~ : iets op het hart hebben
corderia (corderia) /sub/ : touwslagerij, touwfabriek, lijnbaan
cordon, ~ de policia (policia) : politiekordon
Cordova (Cordova) /sub/ : Cordova
Corea (Corea) /sub/ : Korea
coregono (coregono) /sub/ : ZOOLOGIA marene, meerforel
coreopsis (coreopsis) /sub/ : BOTANICA coreopsis, luizenbloem
corinthio, Epistolas (Epistolas) al ~s : Brieven aan de Corinthiërs
cornac (cornac) /sub/ : olifantenoppasser, kornak
corona, ~ funebre (funebre)/funerari/mortuari : grafkrans
corona, mitter un ~ de auro super (super) un dente : een gouden kroon op een kies zetten
coronagrapho (coronagrapho) /sub/ : ASTRONOMIA coronagraaf
coronari, maladias (maladias) ~ : kransslagaderaandoeningen
coronate, capite (capite)/testa ~ : gekroond hoofd
coronographo (coronographo) /sub/ : ASTRONOMIA coronograaf
coronoide, apophyse (apophyse) (-ysis) ~ : ravebeksuitsteeksel
coronopo (coronopo) /sub/ : BOTANICA hertshoornweegbree, varkenskers, zwijnekers, ravevoet
corporal, hygiene (hygiene) ~ : lichaamsverzorging
corporative, spirito (spirito) ~ : corporatieve geest, corpsgeest
corpore, ~ vertebral/del vertebra (vertebra) : wervellichaam
corpore, passar super (super) (le ~ de) un persona : iemand overrijden
corpore, dar se anima (anima) e ~ a un cosa : zich met hart en ziel aan iets wijden
corpore, ~ del pagina (pagina) : bladspiegel
corpore, ~ de policia (policia) : politiecorps
corpore, spirito (spirito) de ~ : corpsgeest
corps, ~ de armea (armea) : legercorps
corpuscular, theoria (theoria) ~ del lumine/luce : corpusculaire theorie van het licht
correctional, judice (judice) ~ : correctionele rechter
correlation, analyse (analyse) (-ysis) de ~ : correlatieanalyse
correlation, il non ha ~ inter (inter) sexo e intelligentia : er bestaat geen correlatie tussen geslacht en intelligentie
correlative, analyse (analyse) (-ysis) ~ : correlatieanalyse
corrigiola (corrigiola) /sub/ : BOTANICA riempjes
corrumper, ~ un judice (judice) : een rechter omkopen
corruptor, Socrates (Socrates) ha essite comdemnate como ~ del juvenes : Socrates is veroordeeld als bederver van de jeugd
cortese, poesia (poesia) ~ : hoofse poëzie
cortesia (cortesia) /sub/ : hoffelijkheid, beleefdheid
cortesia (cortesia), visita (visita) de ~ : beleefdheidsbezoek
cortesia (cortesia), formula de ~ : beleefdheidsformule
cortesia (cortesia), expression de - : beleefdheidsuitdrukking
cortesia (cortesia), forma de ~ : beleefdheidsvorm
cortesia (cortesia), un strato superficial de ~ : een dun laagje van hoffelijkheid
cortesia (cortesia), haber le ~ de : zo vriendelijk zijn om
cortesia (cortesia), responder con ~ : beleefd antwoorden
cortice (cortice) /sub/ : BOTANICA schors, bast, schil
cortice (cortice), ~ de arbore : boomschors
cortice (cortice), de ~ grosse : dikbastig
cortice (cortice), incisar le ~ de un arbore : in de bast van een boom een snee maken
cortice (cortice) /sub/ : ANATOMIA schors, cortex
cortice (cortice), ~ cerebral : hersenschors
cortice (cortice), ~ renal : nierschors
cortice (cortice), ~ surrenal : bijnierschors
cortisone (cortisone) /sub/ : BIOCHIMIA cortison
corydalis (corydalis) /sub/ : BOTANICA helmbloem
corylopsis (corylopsis) /sub/ : BOTANICA corylopsis
corynephoro (corynephoro) /sub/ : buntgras
corypheo (corypheo) /sub/ : HISTORIA coryfee, koorleider
corypheo (corypheo) /sub/ : coryfee, leider, voorman, ster
cosac, cavalleria (cavalleria) ~ : kozakkencavallerie
cosinus (cosinus) /sub/ : MATHEMATICA cosinus
cosinus (cosinus), ~ integral : integraalcosinus
cosinus (cosinus), ~ directori : richtingscosinus
cosinus (cosinus), ~ de un angulo : cosinus van een hoek
cosmetic, chirurgia (chirurgia) ~ : kosmetische chirurgie
cosmetologia (cosmetologia) /sub/ : kosmetiek, cosmetologie
cosmetologo (cosmetologo) /sub/ : kosmetoloog
cosmic, phenomeno (phenomeno) ~ : kosmisch verschijnsel
cosmobiologia (cosmobiologia) /sub/ : kosmobiologie
cosmochimia (cosmochimia) /sub/ : kosmochemie
cosmodromo (cosmodromo) /sub/ : (in de Sovjet-Unie) lanceerbasis, ruimtevaartbasis
cosmogonia (cosmogonia) /sub/ : kosmogonie
cosmogonia (cosmogonia), ~ relativistic : relativistische kosmogonie
cosmogonic, theoria (theoria) ~ : kosmogonische theorie
cosmographia (cosmographia) /sub/ : kosmografie
cosmographo (cosmographo) /sub/ : kosmograaf
cosmologia (cosmologia) /sub/ : kosmologie
cosmologia (cosmologia), ~ relativistic : relativistische kosmologie
cosmologic, theoria (theoria) ~ : kosmologische theorie
cosmologo (cosmologo) /sub/ : kosmoloog
cossino, ~ de testa/de capite (capite) : hoofdkussen
costalgia (costalgia) /sub/ : MEDICINA ribbenpijn
costar, ~ nihil (nihil) : niets kosten, gratis zijn
costari, batteria (batteria) ~ : kustbatterij
costari, artilleria (artilleria) ~ : kustartillerie
costo, ~s de deposito (deposito) : bewaargeld
costo, analyse (analyse) (-ysis) del ~s e beneficios/profitos : kosten-batenanalyse
cotino (cotino) /sub/ : pruikeboom
cotoneaster (cotoneaster) /sub/ : BOTANICA cotoneaster, dwergmispel
coxalgia (coxalgia) /sub/ : MEDICINA heuppijn
coxarthrose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA coarthrose, heupartrose
coxitis (coxitis) /sub/ : coxitis, ontsteking van het heupgewricht
crambe, ~ maritime (maritime) : zeekool
crampar, machina (machina) a/de ~ : nietmachine
crampo, ~ stomachal/gastric/de stomacho (stomacho) : maagkramp
cranian, index (index)/indice (indice) ~ : schedelindex
craniologia (craniologia) /sub/ : craniologie, schedelleer
craniologo (craniologo) /adj/ : cranioloog
craniometria (craniometria) /sub/ : craniometrie, schedelmeting
craniometric, methodos (methodos) ~ : craniometrische methoden
craniometro (craniometro) /sub/ : craniometer, schedelmeter, hoofdmeter
cranioscopia (cranioscopia) /sub/ : cranioscopie, schedelonderzoek
cranioscopo (cranioscopo) /sub/ : cranioscopist, schedelonderzoeker
craniotomia (craniotomia) /sub/ : MEDICINA het lichten van de schedel, schedeloperatie
crasis (crasis) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA samentrekking van lettergrepen, crasis
crear, ~ empleos (empleos) : arbeidsplaatsen scheppen
creation, ~ de nove empleos (empleos) : schepping van nieuwe arbeidsplaatsen
creation, le ultime (ultime) ~es de Dior : de nieuwste creaties van Dior
creation, iste opera (opera) es un ~ de Verdi : deze opera is een schepping van Verdi
creator, spirito (spirito) ~ : scheppende geest
creator, ~ de un theoria (theoria) scientific : grondlegger van een wetenschappelijke theorie
credente, le benedictiones descende super (super) le ~s : de zegeningen dalen neer op de gelovigen
credentia, presentar su litteras (litteras) de ~ : zijn geloofsbrieven aanbieden
credential, litteras (litteras) ~ : geloofsbrieven
credito (credito) /sub/ : aanzien, gezag, invloed, krediet
credito (credito), perder su ~ : zijn aanzien/gezag verliezen
credito (credito) /sub/ : COMMERCIO, FINANCIAS krediet
credito (credito), ~ agricole/agricultural : landbouwkrediet
credito (credito), ~ de stato : staatskrediet
credito (credito), ~ commercial : handelskrediet
credito (credito), ~ de disconto : discontokrediet
credito (credito), ~ de importation : importkrediet
credito (credito), ~ bancari/de banca : bankkrediet
credito (credito), ~ supplementari : aanvullend krediet
credito (credito), ~ limitate : beperkt krediet
credito (credito), ~ illimitate : onbepaald/onbeperkt krediet
credito (credito), ~ public : openbaar krediet
credito (credito), ~ permanente : doorlopend krediet
credito (credito), ~ consumptive : consumptief krediet
credito (credito), ~ aperte : open krediet
credito (credito), ~ productive : produktief krediet
credito (credito), ~ familial : gezinskrediet
credito (credito), ~ bancari irrevocabile : onherroepelijk bankkrediet
credito (credito), ~ de transition : overbruggingskrediet
credito (credito), ~ de garantia (garantia) : garantiekrediet
credito (credito), ~ in blanco : blanko krediet
credito (credito), ~ revocabile : herroepbaar krediet
credito (credito), ~ confirmate : geconfirmeerd krediet
credito (credito), merces/mercantias (mercantias) a ~ : goederen op krediet
credito (credito), carta de ~ : credit-card
credito (credito), littera (littera) de ~ : kredietbrief
credito (credito), nota de ~ : creditnota
credito (credito), necessitate de ~ : kredietbehoefte
credito (credito), restriction del ~ : kredietbeperking
credito (credito), surveliator/controlator de ~ : kredietbewaker
credito (credito), surveliantia/controlo de ~ : kredietbewaking
credito (credito), expansion del ~ : kredietexpansie
credito (credito), beneficiario de ~ : kredietnemer
credito (credito), garantia (garantia) de ~ : kredietgarantie
credito (credito), commission de ~ : kredietprovisie
credito (credito), demanda de ~ : kredietaanvraag
credito (credito), transaction de ~ : krediettransactie
credito (credito), volumine de ~ : kredietvolume
credito (credito), systema de ~ : kredietsysteem
credito (credito), banca de ~ agricole : boerenleenbank
credito (credito), institution/establimento de ~ : kredietbank, kredietinstelling
credito (credito), societate de ~s mutue, cooperativa/union de ~ : kredietvereniging
credito (credito), digne de ~ : kredietwaardig
credito (credito), aperir un ~ : een krediet openen
credito (credito), vender a ~ : op krediet kopen
credito (credito), comprar a ~ : op rekening kopen
credito (credito), congelar un ~ : een krediet bevriezen
credito (credito), conceder un ~ a un persona : iemand een krediet verlenen
credito (credito), concession de ~ : kredietverlening/verstrekking
crema, butyro (butyro) de ~ : roomboter
cremaliera, ferrovia (ferrovia) a ~ : tandradspoorweg
cremeria (cremeria) /sub/ : zuivelfabriek
cremeria (cremeria), butyro (butyro) de ~ : fabrieksboter
cremeria (cremeria) /sub/ : zuivelhandel/winkel
cremose, butyro (butyro) ~ : smeuïge boter
crenologia (crenologia) /sub/ : crenologie
crenotherapia (crenotherapia) /sub/ : MEDICINA bronkuurtherapie
creophage (creophage) /adj/ : vleesetend, carnivoor
creophagia (creophagia) /sub/ : het eten van vlees
creophago (creophago) /sub/ : vleeseter, carnivoor
crepis (crepis) /sub/ : BOTANICA streepzaad
crescente, marea (marea) ~ : opkomend/wassend tij
crescente, numero (numero) ~ : toenemend aantal
crescentia, periodo (periodo) de ~ : groeiperiode
crescentia, phenomeno (phenomeno) de ~ : groeiverschijnsel
crescentia, disturbantia/maladia (maladia) de ~ : groeistoornis
crescimento, disturbantia/maladia (maladia) de ~ : groeistoornis
crescimento, periodo (periodo) de ~ : groeiperiode
crescimento, phenomeno (phenomeno) de ~ : groeiverschijnsel
cretacee, periodo (periodo) ~ : krijtperiode
cretineria (cretineria) /sub/ : stompzinnigheid, domheid, idiotie
Crimea (Crimea)(Le~) /sub/ : De Krim
Crimea (Crimea)(Le~), guerra del ~ : Krimoorlog
criminal, judice (judice) ~ : strafrechter
criminologia (criminologia) /sub/ : criminologie
criminologo (criminologo) /sub/ : criminoloog
crise, crisis (crisis) /sub/ : crisis, aanval, inzinking, wending
crise, crisis (crisis), ~ mundial : wereldcrisis
crise, crisis (crisis), ~ financiari/monetari : geldcrisis
crise, crisis (crisis), ~ de energia (energia) : energiecrisis
crise, crisis (crisis), ~ economic : economische crisis
crise, crisis (crisis), ~ agricole : landbouwcrisis
crise, crisis (crisis), ~ del petroleo : oliecrisis
crise, crisis (crisis), ~ religiose : geloofscrisis
crise, crisis (crisis), ~ ministerial : ministeriële crisis
crise, crisis (crisis), ~ governamental : regeringscrisis
crise, crisis (crisis), ~ de cabinetto : kabinetscrisis
crise, crisis (crisis), ~ de bursa : beurscrisis
crise, crisis (crisis), ~ nervose/de nervos : zenuwcrisis, zenuwinstorting
crise, crisis (crisis), ~ de confidentia : vertrouwenscrisis
crise, crisis (crisis), ~ de pubertate : puberteitscrisis
crise, crisis (crisis), ~ de conscientia : gewetensconflict
crise, crisis (crisis), ~ de appendicitis (appendicitis) : blindedarmontsteking
crise, crisis (crisis), ~ cardiac (cardiac) : hartaanval
crise, crisis (crisis), ~ de lacrimas (lacrimas) : huilbui
crise, crisis (crisis), ~ del generationes : generatiecrisis
crise, crisis (crisis), ~ de identitate : identiteitscrisis
crise, crisis (crisis), mesura de ~ : crisismaatregel
crise, crisis (crisis), periodo (periodo) de ~ : crisisperiode
crise, crisis (crisis), situation de ~ : crisissituatie
crise, crisis (crisis), tempore de ~ : crisistijd
crise, crisis (crisis), anno de ~ : crisisjaar
cristate, aquila (aquila) ~ : kuifarend
critar, ~ del tectos/super (super) omne tectos : van de daken schreeuwen
criteriologia (criteriologia) /sub/ : PHILOSOPHIA criteriologie
criterium (criterium) /sub/ : SPORT beproevingswedstrijd, selectiewedstrijd, criterium
critic, spirito (spirito) ~ : kritische geest
critica, ~ explicite (explicite) : ondubbelzinnige kritiek
critica, exercer su ~ super (super) un cosa : kritiek uitoefenen op iets
crocodilo, lacrimas (lacrimas) de ~ : krokodillentranen
crocus (crocus) /sub/ : BOTANICA crocus
crocus (crocus), bulbo de ~ : crocusbol
crotalo (crotalo) /sub/ : dansklepper, duimklepper, castagnet
crotalo (crotalo) /sub/ : ZOOLOGIA ratelslang
croton (croton) /sub/ : BOTANICA croton, kreeftsbloen, heliotroop
croton (croton), oleo de ~ : crotonolie
cruce, ~ del merito (merito) : kruis van verdienste
cruce, descendita (descendita)/deposition del ~ : afneming van het kruis
cruciar, ~ un reguardo complice (complice) : elkaar veelbetekenend aankijken
crucifero (crucifero) /sub/ : ECCLESIA kruisdrager
crucifero (crucifero) /sub/ : BOTANICA kruisbloemige, crucifeer
cruciforme, testa/capite (capite) ~ : kruiskop
crural, neuralgia (neuralgia) ~ : crurale neuralgie
crustacee, penicillium (penicillium) ~ : broodschimmel
crustose, pastisseria (pastisseria) ~ : korstgebak
cryobiologia (cryobiologia) /sub/ : cryobiologie
cryobiologia (cryobiologia), ~ seminal : seminale cryobiologia
cryobiologo (cryobiologo) /sub/ : cryobioloog
cryochirurgia (cryochirurgia) /sub/ : MEDICINA cryochirurgie
cryogenia (cryogenia) /sub/ : opwekking van zeer lage temperaturen
cryolitho (cryolitho) /sub/ : kryoliet, ijssteen
cryologia (cryologia) /sub/ : cryologie, leer der koudetoepassingen
cryologia (cryologia), laboratorio de ~ : laboratorium voor koudetechniek
cryometria (cryometria) /sub/ : cryometrie (meting van zeer lage temperaturen)
cryometro (cryometro) /sub/ : cryometer, koudemeter
cryophyto (cryophyto) /sub/ : cryofiet, koudeplant
cryoplancton (cryoplancton) /sub/ : BIOLOGIA cryoplankton
cryoscopia (cryoscopia) /sub/ : cryoscopie
cryostato (cryostato) /sub/ : PHYSICA cryostaat
cryotherapia (cryotherapia) /sub/ : MEDICINA cryotherapie, koudetherapie
cryptanalyse (cryptanalyse) (-ysis) /sub/ : cryptanalyse (decodering/ontcijfering van geheimschrift)
cryptanalytic, methodo (methodo) ~ : cryptanalytische methode
cryptic, poesia (poesia) ~ : cryptische poëzie
cryptobiose (-osis (-osis)) /sub/ : BIOLOGIA latent leven
cryptogame (cryptogame) /adj/ : BOTANICA bedektbloeiend, sporedragend, cryptogaam
cryptogamia (cryptogamia) /sub/ : BOTANICA cryptogamie, studie van de bedektbloeienden
cryptogamo (cryptogamo) /sub/ : BOTANICA bedektbloeiende plant, sporeplant, cryptogaam
cryptographia (cryptographia) /sub/ : cryptografie, geheimschrift
cryptographo (cryptographo) /sub/ : cryptogram
cryptographo (cryptographo) /sub/ : cryptograaf, geheimschrijver, iemand die in geheimschrift schrijft, codeur
cryptologia (cryptologia) /sub/ : cryptologie
cryptologo (cryptologo) /sub/ : cryptoloog
cryptomnesia (cryptomnesia) /sub/ : cryptomnesie
cryptophonia (cryptophonia) /sub/ : cryptofonie
cryptophono (cryptophono) /sub/ : cryptofoon
cryptophyto (cryptophyto) /sub/ : cryptofiet
crystalleria (crystalleria) /sub/ : kristalfabriek, glasfabriek
crystalleria (crystalleria) /sub/ : kristalwerk, glaswerk
crystallo, microphono (microphono) a ~ : kristalmicrofoon
crystallo, spectometro (spectometro) a ~ : kristalspectometer
crystallochimia (crystallochimia) /sub/ : kristalchemie
crystallogenia (crystallogenia) /sub/ : kristallogenie, leer van het ontstaan/de vorming van kristallen
crystallographia (crystallographia) /sub/ : kristalkunde, kristallografie
crystallographia (crystallographia), ~ morphologic : morfologische kristallografie
crystallographia (crystallographia), ~ structural : structurele kristallografie
crystallographia (crystallographia), ~ chimic : chemische kristallografie
crystallographo (crystallographo) /sub/ : kristallograaf
crystallomantia (crystallomantia) /sub/ : kristallomantie
crystallometria (crystallometria) /sub/ : kristallometrie
crystallotomia (crystallotomia) /sub/ : kristalsplijting
ctenophoro (ctenophoro) /sub/ : ZOOLOGIA ribkwal
cubic, parabola (parabola) ~ : kubische parabool
cubito (cubito) /sub/ : ANATOMIA ellepijp, ulna
cubito (cubito) /sub/ : elleboog
cubito (cubito), ~ de tennis : tennisarm
cubito (cubito) /sub/ : voorarmslengte, el
cucubalo (cucubalo), 1 BOTANICA ~ bacifere : bes-anjelier
cucumis (cucumis) /sub/ : cucumis
cucurbita (cucurbita) /sub/ : BOTANICA kalebas, pompoen
cucurbita (cucurbita), semine de ~ : pompoenzaad
cucurbita (cucurbita), forma de ~ : pompoenvorm
cucurbita (cucurbita) /sub/ : CHIMIA distilleerkolf
cudu (cudu) /sub/ : ZOOLOGIA koedoe
cuirassate, camera (camera) ~ : (bank)kluis
culice (culice) /sub/ : mug, steekmug, muskiet
culice (culice), rete de ~s : klamboe
culice (culice), oleo contra le ~s : muggenolie
culice (culice), plaga/invasion de ~s : muggenplaag
culice (culice), piccatura de ~ : muggebeet
culice (culice), nube de ~s : muggenzwerm
culice (culice), un ~ me ha piccate : ik ben door een mug gestoken/gebeten
culpabile, le judice (judice) le ha declarate ~ : de rechter heeft hem schuldig verklaard
cultelleria (cultelleria) /sub/ : messenmakerij
cultelleria (cultelleria) /sub/ : handel in messen
cultello, ~ con lamina (lamina) undulate : mes met golfsnede
cultello, lamina (lamina) de ~ : messenlemmet
cultello, mitter a un persona le ~ al gurgite (gurgite) : iemand het mes op de keel zetten
cultivator, ~ de tulipas (tulipas)/tulipanes : tulpenkweker
culto, ~ del heroes (heroes) : heldenverering
cultor, ~ de orchideas (orchideas) : orchideeënkweker
cultura, ~ de cannabe (cannabe)/cannabis (cannabis) : hennepteelt
cultura, sociologia (sociologia) del ~ : cultuursociologie
cultural, periodo (periodo) ~ : cultuurperiode
cumulo, ~ de catastrophes (catastrophes) : opeenstapeling van rampen
cunnilingus (cunnilingus) /sub/ : cunnilingus
cupetta, ~ de barometro (barometro) : barometerbak
cuphea (cuphea) /sub/ : BOTANICA cuphéa
cuphea (cuphea), ~ ignee : lucifersplant
Cupido (Cupido) /sub/ : Cupido
Cupido (Cupido), cupido : cupidootje
cupola (cupola) /sub/ : koepel
cupola (cupola), volta a ~ : koepelgewelf
cupola (cupola), sepulcro/tumba a ~ : koepelgraf
cupola (cupola), ecclesia a ~ : koepelkerk
cupola (cupola), tecto a ~ : koepeldak
cupola (cupola), tenta a ~ : koepeltent
cupola (cupola), turre a ~ : koepeltoren
cupola (cupola), fenestra a ~ : koepelraam
cupola (cupola), furno/fornace a ~ : koepeloven
cupola (cupola), forte/fortalessa a ~ : koepelfort
cupola (cupola), ~ de un observatorio : koepel van een sterrewacht
cupola (cupola), in forma de ~ : koepelvormig
cupric, oxydo (oxydo) ~ : koperoxyde, cuprioxyde
cupro, amalgama (amalgama) de ~ : koperamalgaam
cupro, composito (composito) de ~ : koperverbinding
cuprose, oxydo (oxydo) ~ : koperoxyde, cuproöxyde
cupuliferas (cupuliferas) /sub/ : BOTANICA cupuliferae, familie der napjesdragers
cupulometria (cupulometria) /sub/ : cupulometrie
cura, ~ de animas (animas) : zielzorg
cura, labor facite con le maxime (maxime) ~ : met de grootste zorg gedaan werk
cura-aures (cura-aures) /sub/ : oorlepeltje
curadentes (curadentes) /sub/ : tandenstoker
curar, ~ maladias (maladias) : ziekten genezen
curare (curare) /sub/ : PHARMACIA curare, pijlgif
curcuma (curcuma) /sub/ : geelwortel, curcuma
curcuma (curcuma), pulvere de ~ : kurkumapoeder
curietherapia (curietherapia) /sub/ : curietherapie, radiumbehandeling
curium (curium) /sub/ : CHIMIA curium
currente, ~ de aere (aere) : tocht
currente, un ~ de aere (aere) veni del fenestra : het raam tocht
currente, il ha un ~ de aere (aere) hic : het tocht hier
currente, protegite contra le ~s de aere (aere) : tochtvrij
currente, economia (economia) de ~ : stroombesparing
currente, perdita (perdita) de ~ : ladingsverlies
currente, ~ de marea (marea) : getijstroom
currer, ~ a su perdita (perdita) : zijn ongeluk tegemoet gaan
cursa, ~ a/de/super (super) hagas/sepes/obstaculos/barrieras : hordenloop
cursive, character (character)/littera (littera) ~ : schuin gedrukte/cursieve letter
cursive, imprimite in litteras (litteras) ~ : cursief gedrukt
curso, ~ de un maladia (maladia) : verloop van een ziekte
curso, ~ del vespera (vespera)/vespere : avondcursus
curso, index (index)/indice (indice) de ~ : koersindex
cursor, rheostato (rheostato) a ~ : schuifweerstand
curte, haber le sufflo/le respiration ~, esser curte de halito (halito) : kortademig zijn
curte, ~ circuito (circuito) : kortsluiting RADIO
curte, a ~ termino (termino) : op korte termijn
curule (curule) /adj/ : HISTORIA ROMAN curulisch
curule (curule), magistrato ~ : curulisch magistraat
curule (curule), sedia ~ : sella curulis (L)
curvimetro (curvimetro) /sub/ : curvimeter
custode, ~ de museo (museo) : suppoost in een museum
custode, angelo (angelo) ~ : beschermengel
cutanee, maladia (maladia) ~ : huidziekte
cyano (cyano) /sub/ : ANTIQUITATE cyanus
cyano (cyano) /sub/ : cyaan, cyaanblauw (verfstof)
cyano (cyano) /sub/ : BOTANICA korenbloem
cyano (cyano), blau de ~ : korenblauw
cyanogeno (cyanogeno) /sub/ : CHIMIA cyanogeen
cyanographia (cyanographia) /sub/ : het blauwdrukken, cyanografie
cyanographo (cyanographo) /sub/ : blauwdrukapparaat
cyanometro (cyanometro) /sub/ : cyanometer
cyanose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA blauwzucht, blauwziekte, cyanose
cyanotypia (cyanotypia) /sub/ : cyanotypie
cyanotypo (cyanotypo) /sub/ : blauwdruk, cyanotype
cyanuro, ~ potassic/de potassium (potassium) : cyaankali
cybernetic, robot (robot) ~ : cybernantroop
cyclamino (cyclamino) /sub/ : BOTANICA cyclaam
cyclic, phenomeno (phenomeno) ~ : cyclisch verschijnsel, regelmatig terugkerend verschijnsel
cyclic, composito (composito) ~ : cyclische verbinding
cyclo (I), ~ cardiac (cardiac) : hartcyclus
cyclo (I), ~ de poemas/de poesias (poesias) : gedichtencyclus
cyclocephalia (cyclocephalia) /sub/ : BIOLOGIA cyclocefalie
cyclometria (cyclometria) /sub/ : cyclometrie
cyclometro (cyclometro) /sub/ : cyclometer, slagenteller
cyclomorphose (-osis (-osis)) /sub/ : cyclomorfose
cyclomotor, dynamo (dynamo) de ~ : bromfietsdynamo
cyclophrenia (cyclophrenia) /sub/ : MEDICINA cyclofrenie
cyclose (-osis (-osis)) /sub/ : BIOLOGIA cyclose
cyclostoma (cyclostoma) /sub/ : ZOOLOGIA rondbek, cyclostoma
cyclothymia (cyclothymia) /sub/ : PSYCHOLOGIA cyclothymie (hevige gemeodswisselingen)
cygno, testa/capite (capite) de ~ : zwanenkop
cylindro, organo (organo) a ~ : draaiorgel, cilinderorgel
cyma, in ~ del pagina (pagina) : boven aan de bladzijde
cymbalo (cymbalo) /sub/ : MUSICA cimbaal, bekken
cymbalo (cymbalo), ~s chinese  : Chinese bekkens
cymbalo (cymbalo), colpo de ~ : bekkenslag
cynegetic, tropheo (tropheo) ~ : jachttrofee
cynegetic, termino (termino) ~ : jagersterm
cynegetic, livrea (livrea) ~ : jachtlivrei
cynic, philosopho (philosopho) ~ : cynisch filosoof
cynocephalo (cynocephalo) /sub/ : ZOOLOGIA baviaan, hondskopaap
cynodon (cynodon) /sub/ : BOTANICA handjesgras
cynodromo (cynodromo) /sub/ : cynodroom, hondenrenbaan
cynologia (cynologia) /sub/ : cynologie, kynologie
cynologo (cynologo) /sub/ : cynoloog, kynoloog
cynologo (cynologo), club de ~ : kynologenclub
cynophilo (cynophilo) /sub/ : hondenkenner, hondenliefhebber
cynophobia (cynophobia) /sub/ : hondenvrees, ziekelijke vrees voor honden
cynophobo (cynophobo) /sub/ : iemand met een ziekelijke vrees voor honden
cyphose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA kyfose, achterwaartse ruggegraatsvergroeiing
cyrillic, characteres (characteres) ~ : cyrillische letters
cystalgia (cystalgia) /sub/ : MEDICINA blaaspijn
cystectomia (cystectomia) /sub/ : MEDICINA cystectomie (verwijdering van gal- of urineblaas)
cysticercose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA lintworminfectie, cysticercose
cystitis (cystitis) /sub/ : MEDICINA (urine)blaasontsteking, cistitis
cystocele (cystocele) /sub/ : MEDICINA blaasbreuk
cystographia (cystographia) /sub/ : MEDICINA cystografie (onderzoek van urineblaas met instrumenten)
cystopteris (cystopteris) /sub/ : BOTANICA blaasvaren
cystoscopia (cystoscopia) /sub/ : cystoscopie
cystotomia (cystotomia) /sub/ : (urine)blaasoperatie
cytobiologia (cytobiologia) /sub/ : celbiologie
cytobiologo (cytobiologo) /sub/ : celbioloog
cytogenese (cytogenese) (-esis) /sub/ : cytogenese, celvorming
cytologia (cytologia) /sub/ : cytologie, celleer
cytologo (cytologo) /sub/ : cytoloog
cytolyse (cytolyse) (-ysis) /sub/ : BIOLOGIA cytolyse
cytophagia (cytophagia) /sub/ : BOTANICA cytofagie
cytotaxonomia (cytotaxonomia) /sub/ : BIOLOGIA cytotaxonomie
dacron (dacron) /sub/ : dacron
dactylis (dactylis) /sub/ : BOTANICA
dactylis (dactylis), ~ glomerate : kropaar
dactylo (dactylo) /sub/ : dadel
dactylo (dactylo), ~ marin/de mar : zeedadel
dactylo (dactylo), semine de ~ : dadelpit
dactylo (dactylo), oleo de ~ : dadelolie
dactylo (dactylo) /sub/ : LITTERATURA dactylus
dactylographia (dactylographia) /sub/ : het typen, het machineschrijven
dactylographia (dactylographia), error de ~ : tikfout
dactylographo (dactylographo) /sub/ : schrijfmachine
dactylographo (dactylographo) /sub/ : typist
dactylographo (dactylographo), un ~ experimentate : een geroutineerde typist
dactylologia (dactylologia) /sub/ : vingeralfabet, vingertaal, dactylologie
dactylorchis (dactylorchis) /sub/ : BOTANICA handekenskruid
dactylorchis (dactylorchis), ~ maculate : gevlekte orchis
dactyloscopia (dactyloscopia) /sub/ : dactyloscopie, leer van de vingerafdrukken
dactyloscopia (dactyloscopia), le anthropometria (anthropometria) utilisa le ~ : de anthropometrie maakt gebruik van de dactyloscopie
daguerrotypia (daguerrotypia) /sub/ : PHOTOGRAPHIA daguerrotypie
daguerrotypo (daguerrotypo) /sub/ : PHOTOGRAPHIA daguerrotype
dalmata (dalmata) /sub/ : Dalmatiner, Dalmatische hond
Dalton, lyceo (lyceo) ~ : daltonlyceum
damnificar, le mercantias (mercantias) ha essite damnificate per le aqua del mar : de goederen zijn door het zeewater beschadigd
Damocles (Damocles) /sub/ : Damocles
Damocles (Damocles), spada de ~ : zwaard van Damocles
dansa, ~ de character (character) : karakterdans
dantesc, poesia (poesia) ~ : danteske poëzie
dantologia (dantologia) /sub/ : studie van Dante, dantologie
dantologo (dantologo) /sub/ : Dantekenner
dar, le porta da super (super) le jardin : de deur geeft toegang tot de tuin
dardano (dardano) /sub/ : Dardaniër, Trojaan
Dardano (Dardano) /sub/ : MYTHOLOGIA Dardanus
darsena (darsena) /sub/ : open dok, binnenhaven
darsena (darsena), mitter in ~ : (een schip) dokken
darwinian, theoria (theoria) ~ : Darwinleer
dasymetro (dasymetro) /sub/ : dasymeter
data, ~ previste/limite (limite)/limitar/ultime (ultime) : tijdslimiet, deadline, uiterste (lever)datum
data, ~ de vendita (vendita) : verkoopdatum
data, ~ limite (limite) de vendita (vendita) : uiterste verkoopdatum
data, le littera (littera) ha como ~ le 10 de julio : de brief is gedateerd op 10 juli
datar, ~ su litteras (litteras) : zijn brieven dateren
datation, ~ per le methodo (methodo) del carbon-14 : koolstofdatering
dattilo (dattilo) /sub/ : dadel
dattilo (dattilo), ~ marin/de mar : zeedadel
dattilo (dattilo), oleo de ~ : dadelolie
dattilo (dattilo), semine de ~ : dadelpit
de , rubie ~ cholera (cholera) : rood van woede
debile, character (character) ~ : zwak karakter
debilitar, le maladia (maladia) le ha debilitate : de ziekte heeft hem verzwakt
debilitate, ~ de character (character) : karakterzwakte
debilitate, ~ de spirito (spirito) : geesteszwakte
debilitation, ~ del democratia (democratia) : uitholling van de democratie
debita (debita) /sub/ : schuld
debita (debita), ~ de honor : ereschuld
debita (debita), ~ fluctuante/flottante : vlottende schuld
debita (debita), ~ consolidate : geconsolideerde schuld
debita (debita), ~ public : staatsschuld
debita (debita), ~ fiscal : belastingschuld
debita (debita), ~ bancari : bankschuld
debita (debita), ~ hypothecari : hypotheekschuld
debita (debita), ~ de guerra : oorlogsschuld
debita (debita), ~ hereditari : erfschuld
debita (debita), ~ compensabile : compensabele schuld
debita (debita), ~ recovrabile : inbare schuld
debita (debita), ~ sin interesse : renteloze schuld
debita (debita), ~ active : uitstaande schuld
debita (debita), ~ de joco : speelschuld
debita (debita), facer ~s : schulden maken
debita (debita), pagar un ~ : een schuld betalen
debita (debita), extinguer/liquidar/amortisar/compensar un ~ : een schuld vereffenen/afdoen
debita (debita), extinction/amortisation/liquidation de un ~ : (uit)delging van een schuld
debita (debita), cancellar un ~ : een schuld kwijtschelden
debita (debita), contraher/contractar un ~ : een schuld aangaan
debita (debita), lassar ~s : schulden achterlaten
debite (debite) /adj/ : verschuldigd, te wijten, toegeschreven, veroorzaakt
debite (debite), le moneta ~ : het verschuldigde geld
debite (debite), interesse ~ : verschuldigde rente
debite (debite), con le ~ respecto : met de verschuldigde eerbied
debite (debite), con le ~ orgolio : met gepaste trots
debite (debite), a tempore ~ : te zijner tijd
debite (debite), como es ~ : naar behoren
debite (debite), fatiga ~ al corrosion : corrosievermoeiing
debito (debito) /sub/ : debet, debetzijde, debetpost
debito (debito), ~ e credito (credito) : debet en credit
debito (debito), nota de ~ : debetnota
debito (debito), partita de ~ : debetboeking
debito (debito), columna/colonna de ~ : debetkolom
debito (debito) /sub/ : het verschuldigde
decade (decade) /sub/ : decade (periode van tien dagen)
decade (decade) /sub/ : boek met tien hoofdstukken
decadente, epocha (epocha)/periodo (periodo) ~ : tijdperk van verval, decadent tijdperk
decadente, poesia (poesia) de ~s : decadentenpoëzie
decagono (decagono) /sub/ : GEOMETRIA tienhoek, decagoon
decagono (decagono), ~ (ir)regular : (on)regelmatige tienhoek
decalcomania (decalcomania) /sub/ : decalcomanie
decalitro (decalitro) /sub/ : decaliter
decalogo (decalogo) /sub/ : decaloog, tien geboden
decalogo (decalogo), le preceptos del ~ : de geboden van de decaloog
decalumen (decalumen) /sub/ : decalumen
decametro (decametro) /sub/ : decameter (tien meter)
decametro (decametro) /sub/ : LITTERATURA decameter
decapitar, ~ un salice (salice) : een wilg knotten
decapode (decapode) /adj/ : tienpotig
decapodos (decapodos) /sub/ : ZOOLOGIA decapoda, tienpootkreeften
decasyllabe (decasyllabe) /adj/ : tienlettergrepig
decasyllabe (decasyllabe), verso ~ : tienlettergrepig vers
decasyllabo (decasyllabo) /sub/ : tienlettergrepige versregel, decasyllabus
dece-duo (dece-duo)  /sub num card/ : twaalf
decelerometro (decelerometro) /sub/ : vertragingsmeter
decemfide (decemfide) /adj/ : BOTANICA tienspletig
decemviro (decemviro) /sub/ : HISTORIA ROMAN decemvir, tienman
dece-novesime (dece-novesime) /num ord/ : negentiende
decente, un juvena (juvena) ~ : een fatsoenlijk meisje
decentia, ultrapasar le limites (limites) del ~ : de grenzen der welvoeglijkheid oberschrijden
decentia, tu deberea (deberea) haber le ~ de tacer : je zou het fatsoen moeten hebben te zwijgen
dece-octesime (dece-octesime) /num ord/ : achttiende
dece-septesime (dece-septesime) /num ord/ : zeventiende
dece-septime (dece-septime) /num ord/ : zeventiende
dece-septime (dece-septime), le ~ parte : het zeventiende (deel)
deceseptimo (deceseptimo) /sub/ : zeventiende deel
decifrar, ~ un codice (codice) : een code ontcijferen
decifrar, ~ un message in codice (codice) : een gecodeerd bericht ontcijferen
decigrado (decigrado) /sub/ : decigraad
decile (decile) /sub/ : STATISTICA deciel
decilitro (decilitro),dl /sub/ : deciliter
decima (decima) /sub/ : tiend(e), tiende deel
decima (decima) /sub/ : 10-centstuk
decimal, numero (numero) ~ : decimaal getal
decime (decime) /num ord/ : tiende
decime (decime), le ~ parte : het tiende (deel)
decimetro (decimetro),dm /sub/ : decimeter
decimetro (decimetro),dm, ~ quadrate, dm2 : vierkante decimeter
decimetro (decimetro),dm, ~ cubic, dm3 : kubieke decimeter
decimetro (decimetro),dm, duple ~ : dubbele decimeter
decimo (decimo) /sub/ : tiende deel
decimoseptime (decimoseptime) /num ord/ : zeventiende
decision, spirito (spirito) de ~ : besluitvaardigheid
declamation, ~ de un poesia (poesia) : declamatie van een gedicht
declarar, un epidemia (epidemia) se declarava : er brak een epidemie uit
declinar, le numero (numero) de alumnos declina : het aantal leerlingen loopt terug
declinar, le vendita (vendita) declina : de verkoop loopt terug
declinometro (declinometro) /sub/ : declinometer, afwijkingsmeter
decompensation, ~ cardiaque : decompensation cardiac (cardiac)
decomponer, ~ un numero (numero) in factores : een getal in factoren ontbinden
decomponer, ~ aqua per electrolyse (electrolyse) : water ontleden door electrolyse
decomposition, ~ de un numero (numero) in factores : ontbinding van een getal in factoren
decompression, camera (camera) de ~ : decompressiekamer/ruimte
decompression, tempore/periodo (periodo) de ~ : decompressietijd
decomprimer, ~ aere (aere) : de druk van lucht verlagen
decorar, ille sera (sera) decorate : hij zal een lintje krijgen
decorticate, amandolas (amandolas) ~ : gepelde amandelen
decorum (decorum) /sub/ : decorum, vormen, etiquette, ceremonieel
decorum (decorum), ~ regal/royal/del Corte : protocol, hofetiquette
decorum (decorum), conservar/respectar le ~ : het decorum bewaren
decrepite (decrepite) /adj/ : stokoud, afgeleefd, vervallen, versleten
decrepite (decrepite), vetulo ~ : afgeleefde grijsaard
decreto, ~ super (super) le durata/duration de conducta : rijtijdenbesluit
decubito (decubito) /sub/ : gestrekte ligging van het lichaam, het neerliggen, liggende houding, decubitus
decubito (decubito), ~ dorsal : rugligging
decubito (decubito), ~ ventral : buikligging
decubito (decubito), ~ lateral : zijligging
decubito (decubito), haber plagas de ~ : doorliggen
decuple (decuple) /adj/ : tienvoudig
decuplo (decuplo) /sub/ : tienvoud
dedalo (dedalo) /sub/ : doolhof, labyrint, wirwar
dedalo (dedalo), ~ inextricabile de camminos/de vias : onontwarbare wirwar van wegen
dedalo (dedalo), le ~ del leges : het doolhof van de wetten
dedalo (dedalo), le ~ del jurisprudentia : het doolhof van de jurisprudentie
dedalo (dedalo), ille se ha disviate in un ~ de incertitudes e de contradictiones : het doolhof van de jurisprudentie
dedicatori, epistola (epistola) ~ : opdracht
deductive, methodo (methodo) ~ : deductieve methode
defecto, ~ de machina (machina) : machinedefect
defectuose, machina (machina) ~ : defecte/kapotte machine, machine die gebreken vertoont
defectuose, merce/mercantia (mercantia) ~ : ondeugdelijke waar
defendibile, iste position non es ~ sin artilleria (artilleria) : deze stelling is niet verdedigbaar zonder artillerie
defensa, legitime (legitime) ~ : noodweer
defensive, strategia (strategia) ~ : defensiestrategie
defia (defia) /sub/ : uitdaging
defia (defia), reguardo de ~ : uitdagende blik
defia (defia), tropheo (tropheo) de ~ : wisseltrofee
deficientia, maladia (maladia) de ~ : gebrekziekte
deficit (deficit) /sub/ : tekort, deficiet, nadelig saldo
deficit (deficit), ~ budgetari/del budget : begrotingstekort
deficit (deficit), ~ de cassa : kastekort
deficit (deficit), ~ commercial : handelstekort
deficit (deficit), ~ de neutrones : neutronendeficit
deficit (deficit), remediar a un ~ : voorzien in een tekort
deficit (deficit), suppler/coperir le ~ : het tekort aanvullen/bijpassen/dekken
definiendum (definiendum) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA definiendum
definir, ~ un strategia (strategia)/politica : een beleid uitstippelen
definitor, le lexicographo (lexicographo) debe esser super (super) toto un bon ~ : iemand die iets definieert/omschrijft/bepaalt
deflexion, ~ del agulia del compasso/bussola (bussola) : afwijking van de kompasnaald
degeneration, ~ de organos (organos) : degeneratie van organen
degenerative, phenomeno (phenomeno)/symptoma ~ : degeneratieverschijnsel
degenerative, maladia (maladia) ~ : degeneratieziekte
deglutition, organo (organo) de ~ : slikorgaan
degradation, ~ de energia (energia) : energiedegradatie
deliberar, ~ super (super) : beraadslagen over
deliberative, assemblea (assemblea) ~ : debatvergadering
delicate, spirito (spirito) ~ : fijnbesnaarde geest
delicate, stomacho (stomacho) ~ : zwakke maag
delimitar, ~ le frontieras inter (inter) duo statos : de grenzen vaststellen tussen twee staten
delivrantia, sala/camera (camera) de ~ : verloskamer
delivrar, ~ un persona de un maladia (maladia) : iemand van een ziekte verlossen
delivrar, le medico ha delivrate le femina (femina) : de arts heeft de bevalling gedaan
delphino, testa/capite (capite) de ~ : dolfijn(en)kop
deltoidee (deltoidee) /adj/ : ANATOMIA de deltaspier betreffend
demagogeria (demagogeria) /sub/ : demagogie, volksmisleiding
demagogia (demagogia) /sub/ : demagogie, volksmisleiding
demagogia (demagogia), le ~ de un discurso electoral : de demagogie van een verkiezingstoespraak
demagogic, methodo (methodo) ~ : demagogische methode
deman, ~ (in le) vespere/vespera (vespera) : morgenavond
demerito (demerito) /sub/ : tekortkoming, fout, blaam, gebrek, misslag
democrate (democrate) /sub/ : democraat
democratia (democratia) /sub/ : democratie, democratische staatsvorm
democratia (democratia), principios del ~ : beginselen van de democratie
democratia (democratia), ~ popular : volksdemocratie
democratia (democratia), ~ parlamentari : parlementaire democratie
democratia (democratia), le ~s occidental : de Westerse democratieën
demodex (demodex) /sub/ : ZOOLOGIA meeëter, demodex
demodulametro (demodulametro) /sub/ : RADIO detectiemeter
demographia (demographia) /sub/ : demografie, statistische volksbeschrijving
demographia (demographia), ~ de Malthus : bevolkingsleer van Malthus
demographic, prognose (-osis (-osis)) ~ : bevolkingsprognose
demographic, theoria (theoria) ~ : bevolkingstheorie
demographo (demographo) /sub/ : demograaf
demologia (demologia) /sub/ : demologie
demologo (demologo) /sub/ : demoloog
demone, ~ del zelosia (zelosia) : duiveltje van de jaloezie
demoniac (demoniac) /adj/ : duivels, demonisch, satanisch
demoniac (demoniac), projecto ~ : duivels plan
demoniac (demoniac), fortias ~ : duivelse krachten
demoniac (demoniac), astutia ~ : duivelse list
demoniac (demoniac), perfidia ~ : duivelse valsheid
demoniac (demoniac) /adj/ : (van de duivel) bezeten
demoniac (demoniac), femina (femina) ~ : door de duivel bezeten vrouw
demoniaco (demoniaco) /sub/ : (door de duivel) bezetene
demonolatra (demonolatra) /sub/ : duivelvereerder
demonolatria (demonolatria) /sub/ : bezetenheid, ziekelijk geloof door de duivel bezeten te zijn, demonolatrie
demonologia (demonologia) /sub/ : demonologie, demonenleer
demonologo (demonologo) /sub/ : kenner van demonen
demonomania (demonomania) /sub/ : demonomanie, bezetenheidswaan
demonstrar, io demonstrara (demonstrara) que io ha ration : ik zal aantonen dat ik gelijk heb
demonstration, facer le ~ de un machina (machina) : een machine demonstreren
demonstration, machina (machina) de ~ : demonstratiemachine
demonstration, ~ de sympathia (sympathia) : blijk van sympathie
demoscopia (demoscopia) /sub/ : demoscopie, opinieonderzoek
demoscopia (demoscopia), methodos (methodos) de ~ : methoden van demoscopie
dendrochronologia (dendrochronologia) /sub/ : dendrochronologie, jaarringenonderzoek
dendrographia (dendrographia) /sub/ : dendrografie
dendrographo (dendrographo) /sub/ : dendrograaf
dendrolatria (dendrolatria) /sub/ : boomaanbidding
dendrologia (dendrologia) /sub/ : dendrologie
dendrologo (dendrologo) /sub/ : dendroloog, boomkenner
dendrometria (dendrometria) /sub/ : dendrometrie
dendrometro (dendrometro) /sub/ : dendrometer, boommeter
denim (denim) /sub/ : denim, spijkerstof
densimetria (densimetria) /sub/ : PHYSICA dichtheidsmeting, bepaling van de graad van dichtheid van vloeistoffen
densimetro (densimetro) /sub/ : densimeter, vochtweger, areometer
densitometria (densitometria) /sub/ : PHOTOGRAPHIA densitometrie, zwartingsmeting
densitometro (densitometro) /sub/ : PHOTOGRAPHIA zwartingsmeter, densitometer
dental, prosthese (prosthese) (-esis) ~ : gebitsprothese, tandprothese
dental, chirurgia (chirurgia) ~ : kaakchirurgie
dentalgia (dentalgia) /sub/ : MEDICINA tandpijn
dentari, prosthese (prosthese) (-esis) ~ : gebitsprothese, tandprothese
dentari, chirurgia (chirurgia) ~ : tandheelkunde
dente, inter (inter) le ~s : binnensmonds
dentelleria (dentelleria) /sub/ : kantfabricage
dentelleria (dentelleria) /sub/ : kantwerk
dentelleria (dentelleria) /sub/ : kantwinkel
dentimetro (dentimetro) /sub/ : dentimeter
dentisteria (dentisteria) /sub/ : tandheelkunde
denunciar, ~ un malfactor al policia (policia) : een misdadiger bij de politie aanbrengen
deo,Deo, angelo (angelo) de ~ : engel Gods
deo,Deo, digito (digito) de ~ : vinger Gods
deontologia (deontologia) /sub/ : deontologie, plichtenleer, beroepsethiek
deontologia (deontologia), ~ medic/medical : medische ethiek
deontologic, codice (codice) ~ : beroepscode
deontologo (deontologo) /sub/ : deontoloog
departimento, ~ de venditas (venditas) : verkoopafdeling
deplorar, ~ le perdita (perdita) de : het verlies betreuren van
deplorar, on deplora multe victimas (victimas) : er zijn veel slachtoffers te betreuren
deponer, ~ su cholera (cholera) : zijn toorn afleggen
deponer, le pulvere se depone super (super) le mobile : het stof zet zich af op de meubels
deposito (deposito) /sub/ : het in bewaring geven, het deponeren, het storten (geld), deponering, storting (geld)
deposito (deposito), costos de ~ : bewaargeld
deposito (deposito), mitter un cosa in ~ : iets in bewaring geven, iets deponeren
deposito (deposito) /sub/ : deposito, inleg(geld), storting (geld), pand, toevertrouwd goed, waarborgsom
deposito (deposito), banca de ~ : depositobank, rentebank
deposito (deposito), ~ bancari : bankdeposito
deposito (deposito), ~ de sparnio : spaardeposito
deposito (deposito), ~ cautional : borgstelling
deposito (deposito), capital de ~ : depositokapitaal
deposito (deposito), interesse de ~ : depositorente
deposito (deposito), conto de ~s : depositoconto, depositorekening
deposito (deposito), libretto/quadernetto de ~s : spaarbankboekje
deposito (deposito), facer un ~ : geld in deposito geven
deposito (deposito) /sub/ : pakhuis, depot, entrepot, opslagplaats, (opslag)loods, magazijn, bagageafdeling, bagagebureau
deposito (deposito), ~ de bagages : bagagedepot, bagageafdeling
deposito (deposito), ~ de bicyclettas : fietsenstalling
deposito (deposito), ~ de armas : wapendepot
deposito (deposito), ~ de carbon : kolenbergplaats, kolenhok
deposito (deposito),  ~ de vestimentos : kledingmagazijn
deposito (deposito), ~ de munition(es) : munitieopslagplaats, munitiedepot
deposito (deposito), ~ frigorific/frigorifere : koelhuis
deposito (deposito), ~ de carbon : kolenopslagplaats
deposito (deposito), ~ de merces/de mercantias (mercantias) : goederenloods
deposito (deposito), ~ de immunditias : vuilstortplaats
deposito (deposito), ~ de ligno : houtstek
deposito (deposito), ~ de oleo : oliereservoir, olietank
deposito (deposito), ~ de benzina/gasolina : benzinereservoir
deposito (deposito), ~ mortuari/de cadaveres : lijkenhuisje
deposito (deposito), ~ central : hoofddepot
deposito (deposito) /sub/ : afzetting, aanslag, neerslag, bezinksel, aangeslibde grond
deposito (deposito), ~ de vino : wijnbezinksel
deposito (deposito), ~ de caffe : koffiedik
deposito (deposito), ~ calcari : kalkafzetting
deposito (deposito), ~ de fuligine : roetaanslag
deposito (deposito), ~ de limo : slijkneerslag
deposito (deposito), ~ salin/de sal : zoutneerslag
deposito (deposito), ~ de casserola : panaanslag
deposito (deposito), ~ adipose : vetafzetting
deposito (deposito), ~ glacial/glaciari : glaciale afzetting
deposito (deposito), ~ stratificate : gelaagde afzetting
deposito (deposito), ~ terrigene : terrigene afzetting
deposito (deposito), ~ alluvial : alluviale afzetting
depressive, syndrome (syndrome) ~ : depressiviteit
depressive, ille ha un crise/crisis (crisis) ~ : hij zit in een depressie
depurative, le action ~ del plantas super (super) le atmosphera : de zuiverende werking van de planten op de atmosfeer
deputar, ~ representantes a un assemblea (assemblea) : vertegenwoordigers afvaardigen naar een vergadering
deputato, Camera (Camera) de Deputatos : afgevaardigde
derapage, ~ in/super (super) aqua : aquaplaning
derecto, ~ de exopero (exopero) : stakingsrecht
derecto, ~ de transito (transito) : doorvoerrecht
derecto, ~ de visita (visita) : bezoekrecht, omgangsrecht
derecto, ~ del maxime (maxime)/plus forte : recht van de sterkste
derecto, ~s equal pro le femina (femina) : gelijke rechten voor de vrouw
derecto, sociologia (sociologia) del ~ : rechtssociologie
derecto, que da vos le derecto de parlar assi (assi)? : wat geeft u het recht zo te spreken?
derivative, morphologia (morphologia) ~ : derivatieve morfologie
derma(to)skeleto (skeleto) /sub/ : ZOOLOGIA schild, hard dekschild (van schildpadden, etc.)
dermalgia (dermalgia) /sub/ : MEDICINA nerveuze huidpijn, dermalgie
dermatitis (dermatitis) /sub/ : MEDICINA dermatitis, huidontsteking
dermatitis (dermatitis), ~ papulose : papuleuze dermatitis
dermatologia (dermatologia) /sub/ : MEDICINA dermatologie, leer der huidziekten
dermatologo (dermatologo) /sub/ : MEDICINA dermatoloog, huidarts, huidspecialist
dermatomycose (-osis (-osis)) /sub/ : dermatomycose
dermatophyto (dermatophyto) /sub/ : (soort huidschimmel) dermatofyt
dermatoscopia (dermatoscopia) /sub/ : dermatoscopie
dermatose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA huidaandoening, huidziekte, dermatose
dermatose (-osis (-osis)), ~ pellagrose : pellagreuze uitslag
dermatose (-osis (-osis)), ~ squamose : schubhuid
dermatovenerologia (dermatovenerologia) /sub/ : MEDICINA leer der huid- en geslachtsziekten
dermic, maladia (maladia) ~ : huidziekte
dermopathia (dermopathia) /sub/ : MEDICINA dermopathie, huidziekte
derris (derris) /sub/ : BOTANICA derris
derris (derris), pulvere de ~ : derrispoeder
descendita (descendita), ~ al inferno : hellevaart
descendita (descendita), ~ del cruce : afneming van het kruis
descendita (descendita), un forte ~ del temperaturas : een sterke daling van de temperaturen
describer, ~ un orbita (orbita) circum (circum) le terra : een baan om de aarde beschrijven
descriptive, geometria (geometria) ~ : beschrijvende meetkunde
descriptive, poesia (poesia) ~ : beschrijvende poëzie
desertion, ~ al inimico (inimico) : het overlopen naar de vijand
despecto, in ~ de tote le bon propositos (propositos) : trots alle goede voornemens
desperation, illa esseva proxime (proxime) al ~/al bordo del ~ : zij was de wanhoop nabij
despero, illa esseva proxime (proxime) al ~/al bordo del ~ : zij was de wanhoop nabij
despota (despota) /sub/ : despoot (alleenheerser)
despota (despota), ~ illuminate/exclarate : verlichte despoot
despota (despota) /sub/ : despoot, heerszuchtig persoon, machtswellusteling
despota (despota), su patre es un ver ~ : zijn vader is een echte despoot
despotic, character (character) ~ : tiranniek karakter
destruction, rabie/pulsion/spirito (spirito) de ~ : vernielzucht
detalio, vendita (vendita) al ~ : detailverkoop
detection, microphono (microphono) de ~ : afluistermicrofoon
detection, methodo (methodo) de ~ : detectiemethode
detector, ~ de radar (radar) : radarverklikker
detention, ~ illicite (illicite)/abusive de armas : onrechtmatig wapenbezit
detentor, ~ de polissa (polissa) : polishouder
determinista, philosophia (philosophia) ~ : deterministische filosofie
determinista, hypothese (hypothese) (-esis) ~ : deterministische hypothese
deterministic, theorias (theorias) ~ : deterministische theorieën
detra, camera (camera) de ~ : achterkamer
detraher, ~ le meritos (meritos) de un persona : iemands verdiensten afkraken
detritovoro (detritovoro) /sub/ : dier dat afval eet, afvaleter
deuterium (deuterium) /sub/ : CHIMIA, PHYSICA deuterium, zware waterstof
deuterium (deuterium), oxydo (oxydo) de ~ : deuteriumoxyde, zwaar water
deutoxydo (deutoxydo) /sub/ : CHIMIA deutoxyde
devastante, maladia (maladia) ~ : verwoestende ziekte
deviation, ~ del bussola (bussola) : uitslag van het kompas
devisa, economia (economia) de ~s : deviezenbesparing
devorar, esser devorate de jelosia (jelosia) : door nijd verteerd worden
dextera (dextera), dextra /sub/ : rechterhand
dextera (dextera), dextra /sub/ : rechterkant
dextera (dextera), dextra, tener le ~ : rechts houden
dextera (dextera), dextra, ab sinistra verso ~ : van links naar rechts
dextera (dextera), dextra, virar/girar a(l) ~ : rechtsaf slaan
dextera (dextera), dextra /sub/ : POLITICA rechts
dextera (dextera), dextra, extreme ~ : extreem rechts
dextera (dextera), dextra, ~ moderate : gematigd rechts
dextera (dextera), dextra, votar al ~ : op rechts stemmen
di(s)syllabo (syllabo) /sub/ : tweelettergrepig woord
diabetico, pastisseria (pastisseria) pro ~s : diabetesgebak
diabetologia (diabetologia) /sub/ : diabetologie
diabetologo (diabetologo) /sub/ : diabetesspecialist
diaboleria (diaboleria) /sub/ : duivelskunstenarij, tovenarij, hekserij
diabolo (diabolo) /sub/ : duivel, satan, boze geest, demon
diabolo (diabolo), advocato del ~ : advocaat van de duivel
diabolo (diabolo), pacto con le ~ : pact met de duivel
diabolo (diabolo), le ~ in persona : de baarlijke duivel
diabolo (diabolo), le suggestiones del ~ : de inblazingen van de duivel
diabolo (diabolo), paupere/povre ~ : arme drommel, arme bliksem, armoedzaaier
diabolo (diabolo), ~ incarnate/in figura human : duivel in mensengedaante
diabolo (diabolo), ille ha le ~ in su corpore : hij is van de duivel bezeten
diabolo (diabolo), non timer ni Deo ni ~ : nergens voor terugschrikken
diabolo (diabolo), va al ~ ! : loop naar de bliksem!
diabolo (diabolo), Insula del Diabolo : Duivelseiland
diabolo (diabolo) /sub/ : JOCO diabolo
diachronia (diachronia) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA diachronische ontwikkeling
diachronic, studiar ~amente un phenomeno (phenomeno) linguistic : diachronisch een taalverschijnsel bestuderen
diaconia (diaconia) /sub/ : diaconie
diaconia (diaconia), casa del ~ : diaconiehuis
diaconia (diaconia), schola del ~ : diaconieschool
diaconia (diaconia), orphanato del ~ : diaconieweeshuis
diacono (diacono) /sub/ : diaken
diade (diade) /sub/ : diade
diagenese (diagenese) (-esis) /sub/ : GEOLOGIA diagenese
diagnose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA BIOLOGIA diagnose
diagnose (-osis (-osis)), formular/facer un ~ : een diagnose stellen
diagnostic, methodo (methodo) ~ : diagnostische methode
diagnosticar, ~ un pulmonitis (pulmonitis) : de diagnose van een longontsteking vaststellen
diagnosticar, ~ le causas del crise/crisis (crisis) economic : de oorzaken van de economische crisis vaststellen
diagraphia (diagraphia) /sub/ : diagrafie
diagrapho (diagrapho) /sub/ : tekenprisma, camera lucida, diagraaf
dialectal, poesia (poesia) ~ : poësie in dialect
dialectal, atlas (atlas) ~ : dialectatlas
dialectologia (dialectologia) /sub/ : dialectologie, dialectkunde/studie
dialectologia (dialectologia), ~ italian : Italiaanse dialectologie
dialectologic, geographia (geographia) ~ : dialectgeografie
dialectologo (dialectologo) /sub/ : dialectoloog
dialectophono (dialectophono) /sub/ : dialectspreker
dialogic, poesia (poesia) ~ : poëzie in de vorm van een dialoog
dialogo (dialogo) /sub/ : dialoog, samenspraak, tweespraak, conversatie, gesprek
dialogo (dialogo), le ~s de Platon : de dialogen van Plato
dialogo (dialogo), ~s socratic : Socratische dialogen
dialogo (dialogo), forma de ~ : dialoogvorm
dialogo (dialogo), participar in/a un ~, prender parte in/a un ~ : aan een dialoog deelnemen
dialyse (dialyse) (-ysis) /sub/ : MEDICINA CHIMIA dialyse
dialyse (dialyse) (-ysis), ~ renal : nierdialyse
dialyse (dialyse) (-ysis), ~ a casa/a domicilio : thuisdialyse
dialytic, phenomenos (phenomenos) ~ : dialyseverschijnselen
diametral, illes ha opiniones diametralmente opposite (opposite) : zij staan lijnrecht tegeover elkaar
diametro (diametro) /sub/ : diameter, doorsnede, middellijn
diametro (diametro), ~ externe : uitwendige diameter
diametro (diametro), ~ interne : inwendige diameter
diametro (diametro), ~ de un circulo : diameter van een cirkel
diametro (diametro), ~ de un arbore =  : diameter van een boom
diametro (diametro), un ~ de dece centimetros (centimetros) : een diameter van tien centimeter
diandria (diandria) /sub/ : BOTANICA tweehelmigheid, diandrie
diapason (diapason) /sub/ : MUSICA stemming, stemregister
diapason (diapason), ~ duple : dubbelprestant
diapason (diapason) /sub/ : stemvork, stemfluitje
diaphanometria (diaphanometria) /sub/ : MEDICINA diafanometrie
diaphanometro (diaphanometro) /sub/ : MEDICINA diafanometer
diaphanoscopia (diaphanoscopia) /sub/ : MEDICINA diafanoscopie
diaphonia (diaphonia) /sub/ : MUSICA diafonie
diaphorese (-esis (-esis)) /sub/ : MEDICINA uitzweting, uitwaseming, diaforese
diaphoretic, medicamento/pharmaco (pharmaco) ~ : zweetdrijvend middel
diaphyse (diaphyse) (-ysis) /sub/ : ANATOMIA botschacht, diafyse
diarchia (diarchia) /sub/ : tweehoofdig bestuur, tweemanschap
diarchia (diarchia), le ~ spartan : het Spartaanse tweemanschap
diarrhea (diarrhea) /sub/ : dunne ontlasting, diarrhee, buikloop, loslijvigheid
diarthrose (-osis (-osis)) /sub/ : ANATOMIA werkelijk/beweeglijk gewricht, diarthrosis
diaspora (diaspora) /sub/ : verstrooiing, diaspora
diastase (diastase) (-asis) (I) /sub/ : MEDICINA diastase (het uiteenwijken van beenderen zonder ontwrichting)
diastase (diastase) (II) /sub/ : diastase (enzym)
diathermia (diathermia) /sub/ : MEDICINA diathermie
diathese (-esis (-esis)) /sub/ : diathese
diathese (-esis (-esis)), ~ uric : uratische diathese
diatomea (diatomea) /sub/ : diatomee, kiezelalg, kiezelwier
diatriba (diatriba) /sub/ : scherpe kritiek, hevige aanval, diatribe
diatriba (diatriba), pronunciar un ~ contra un persona : iemand scherp bekritiseren
diazotypia (diazotypia) /sub/ : diazotypie
dica, situate inter (inter) le ~s : tussendijks
dicer, dicite inter (inter) nos : onder ons gezegd
dicer, ~ inter (inter) quatro oculos : onder vier ogen zeggen
dichogame (dichogame) /adj/ : BOTANICA dichogaam
dichogamia (dichogamia) /sub/ : BOTANICA dichogamie
dichotome (dichotome) /adj/ : dichotoom, dichotomisch
dichotomia (dichotomia) /sub/ : (twee)deling, paarsgewijze indeling, binaire indeling
dichotomia (dichotomia), ~ inter (inter) culturas oriental e occidental : tweedeling tussen Oosterse en Westerse culturen
dichotomia (dichotomia) /sub/ : ASTRONOMIA dichotomie, halvemaan
dichotomia (dichotomia) /sub/ : BIOLOGIA topsplitsing, het gegaffeld zijn, dichotomie
dictaphono (dictaphono) /sub/ : dictafoon, dicteerapparaat
didactic, poesia (poesia) ~ : didactische poëzie
didactic, methodo (methodo) ~ : didactische methode
didascalia (didascalia) /sub/ : ANTIQUITATE didascalie, toneelaanwijzingen
didascalic, poesia (poesia) ~ : didascalische poëzie
didaxologia (didaxologia) /sub/ : didaxologie
didaxologo (didaxologo) /sub/ : didaxoloog
die, intra (intra) tres ~s : binnen drie dagen
dielectric, perditas (perditas) ~ : diëlektrische verliezen
dierese (dierese) (-esis) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA klinkerscheiding, diëresis
dierese (dierese) (-esis) /sub/ : LITTERATURA versscheiding, diëresis
dierese (dierese) (-esis) /sub/ : MEDICINA weefselscheiding
diese (diese) (-esis) /sub/ : MUSICA kruis, verhogingsteken, diësis
diese (diese) (-esis), ~ duple : dubbel kruis
diesel, machina (machina) ~ : dieselmachine
diffamatori, littera (littera) ~ : schendbrief
differentia, il non ha un grande ~ de etate inter (inter) illes : zij schelen niet veel in leeftijd
differential, psychologia (psychologia) ~ : differentiële psychologie
differential, thermometro (thermometro) ~ : differentiaalthermometer
differential, galvanometro (galvanometro) ~ : differentiaalgalvanometer
differential, microphono (microphono) ~ : differentiaalmicrofoon
difficile, character (character) ~ : moeilijk karakter
diffunder, ~ ideas (ideas) : ideeën uitdragen
diffuse, ideas (ideas) ~ : vage ideeën
diffusibile, hydrogeno (hydrogeno) ~ : diffunderende waterstof
diffusion, camera (camera) de ~ : diffusiekamer
diffusion, masca/mascara (mascara) de ~ : diffusiemasker
digestive, organo (organo) ~ : spijsverteringsorgaan
digitalis (digitalis) /sub/ : BOTANICA vingerhoedskruid
digitigrade (digitigrade) /adj/ : ZOOLOGIA op de tenen lopend
digitigrade (digitigrade), animal ~ : teenganger
digitigrade (digitigrade), ambulatura ~ : teengang
digitigrado (digitigrado) /sub/ : ZOOLOGIA teenganger
digitigrado (digitigrado), le can es un ~ : de hond is een teenganger
digito (digito) /sub/ : vinger
digito (digito), ~ del pede : teen
digito (digito), ~s nodose : knokige vingers
digito (digito), ~ accusatori : beschuldigende vinger
digito (digito), junctura/articulation del ~ : vingergewricht, knokkel
digito (digito), ungue/ungula del ~ : vingernagel
digito (digito), pulpa de ~ : tastbal van de vinger
digito (digito), puncta/extremitate del ~ : vingertop
digito (digito), ~ medie : middelvinger
digito (digito),  (~) indice (indice) : wijsvinger
digito (digito),  (~) anular : ringvinger
digito (digito),  (~) auricular : pink
digito (digito), regula del tres ~s : kurkentrekkerregel
digito (digito), in forma de ~ : vingervormig
digito (digito), levar le ~ : de vinger opsteken
digito (digito), extirar le ~s : de vingers spreiden
digito (digito), claccar le ~s : met de vingers knippen
digito (digito), leccar se le ~s : zijn vingers aflikken
digito (digito), non mover un ~ : geen vinger uitsteken
digito (digito), agilitate del ~s : vingervlugheid
digito (digito) /sub/ : vingerdikte, vingerbreedte
digito (digito), un ~ de spissor : een vinger dik
digito (digito), duo ~s de scuma/spuma : twee vingers schuim
digito (digito) /sub/ : cijfer, geheel getal onder de 10
digito (digito), ~ binari : binair getal, bit
diglossia (diglossia) /sub/ : diglossie
digne, ~ de fide/de laude/de estima/de admiration/de credito (credito)/de compassion : een koning waardig
dilapidation, ~ de energia (energia) : energieverspilling
dilatation, ~ del stomacho (stomacho) : maagvergroting
dilatation, ~ cardiac (cardiac)/del corde : hartvergroting
dilatometro (dilatometro) /sub/ : dilatometer
diluvian, epocha (epocha) ~ : tijd van de zondvloed
dimensional, analyse (analyse) (-ysis) ~ : dimensieanalyse
dimetro (dimetro) /sub/ : twee- of viervoetige versregel
diminuer, ~ le merito (merito) de un persona : iemands verdienste verkleinen
diminuer, le numero (numero) de alumnos diminue : het aantal leerlingen loopt terug
dimission, littera (littera) de ~ : ontslagbrief
dinar (dinar) (I) /sub/ : dinar (munt)
dinar (II), ~ del vespera (vespera)/vespere : avondeten
dinar (II), ~ de adeo (adeo)/adieu (F) : afscheidsdiner
diner (diner) /sub/ : (munt van Andorra) diner
diocesan, synodo (synodo) ~ : diocesane synode
diocese (-esis (-esis)) /sub/ : HISTORIA ROMAN diocesis (district)
diocese (-esis (-esis)) /sub/ : ECCLESIA diocees, bisdom, bisschoppelijk gebied
diodo (diodo) /sub/ : diode
diodo (diodo), ~ luminose : lichtdiode
diodo (diodo), ~ semiconductor : halfgeleidende diode
diodo (diodo), laser (A) a ~ : diodelaser
dionysiac (dionysiac) /adj/ : dionysisch, behorend bij Dionysos
dionysiac (dionysiac), culto ~ : dionysische cultus
dionysiac (dionysiac), festas ~ : Bacchusfeesten
dionysiac (dionysiac) /adj/ : uitbundig, door vervoering bewogen, onstuimig
dionysiac (dionysiac), poesia (poesia) ~ : extatische dichtkunst
dioptria (dioptria) /sub/ : PHYSICA dioptrie
dioscoreaceas (dioscoreaceas) /sub/ : BOTANICA dioscoreaceae, dioscoreaceeën, yamswortelfamilie
dioxydo (dioxydo) /sub/ : CHIMIA dioxyde
dioxydo (dioxydo), ~ sulfuric/de sulfure : zwaveldioxyde
diphteria (diphteria) /sub/ : MEDICINA difterie, difteritus
diphteritis (diphteritis) /sub/ : MEDICINA difterie, difteritis
diphthongation, phenomeno (phenomeno) de ~ : diftongeringsverschijnsel
diplegia (diplegia) /sub/ : MEDICINA dubbelzijdige verlamming, diplegie
diplomatia (diplomatia) /sub/ : diplomatie
diplomatia (diplomatia), entrar in le ~ : in diplomatieke dienst treden
diplopia (diplopia) /sub/ : MEDICINA het dubbel zien, diplopie
diplotaxis (diplotaxis) /sub/ : BOTANICA zandkool
dipnee (dipnee) /adj/ : ZOOLOGIA ademhalend door kieuwen en longen
dipodia (dipodia) /sub/ : LITTERATURA dipodie
dipsaco (dipsaco) /sub/ : BOTANICA kaardenbol
dipsomania (dipsomania) /sub/ : drankzucht
dipsomaniac (dipsomaniac) /sub/ : drankzuchtig
dipsomaniaco (dipsomaniaco) /sub/ : drankzuchtige, alcoholist, kwartaaldrinker
dipsomano (dipsomano) /sub/ : drankzuchtige, alcoholist, kwartaaldrinker
dipteros (dipteros) /sub/ : ZOOLOGIA diptera, tweevleugeligen
direction, ~ multiple (multiple) : gemengde leiding
direction, in le ~ contrari/opposite (opposite) : in richting
directive, idea (idea) ~ : leidende gedachte
director, ~ de museo (museo) : museumdirecteur
directori, cosinus (cosinus) ~ : richtingscosinus
diriger, economia (economia) dirigite : geleide economie
diriger, ~ un littera (littera) a un persona : een brief naar iemand sturen
disaccordo, ~ flagrante inter (inter) un theoria (theoria) e le factos : meningsverschil, onenigheid, onmin, verdeeldheid, verschil, discrepantie, strijdigheid, tegenstelling
disarmamento, negotiationes super (super) le ~ : onderhandelingen over ontwapening
disastro, ~ maritime (maritime)/naval : scheepsramp
disbarcamento, ~ super (super) le luna : maanlanding
disbarcar, ~ un persona super (super) un insula : iemand op een eiland afzetten
disblocar, ~ creditos (creditos) : kredieten vrijgeven
disbuccar, le parve strata disbucca in/super (super) le mercato : het straatje loopt op de markt uit
discarnar, le maladia (maladia) le ha discarnate : de ziekte teerde hem uit
discarnate, skeleto (skeleto) : ontvleesd skelet
discassar, ~ mercantias (mercantias) : goederen uit de doos halen, goederen uitpakken
discatenar, le tonitro (tonitro) se discatena : het onweer barst los
disciplinari, organo (organo) ~ medic : medisch tuchtcollege
unitate de ~s, registrar super (super) ~(s) : op de plaat zetten
unitate de ~s, registration super (super) ~(s) : plaatopname
discobolo (discobolo) /sub/ : discuswerper (anque HISTORIA)
discocaule (discocaule) /adj/ : BOTANICA met schijfvormige stengel
discographia (discographia) /sub/ : discografie
discographic, societate/compania (compania) ~ : platenmaatschappij
discompletar, le perdita (perdita) de iste pecia ha discompletate su collection : incompleet maken
discontentamento, manifestar su ~ super (super) : zijn misnoegen uiten over
discontento, manifestar su ~ super (super) : zijn ongenoegen uiten over
discontinuar, il pluve sin ~ desde heri vespere/vespera (vespera) : het regent aanhoudend sinds gisteravond
discontinuitate, ~ de un phenomeno (phenomeno) : discontinuïteit van een verschijnsel
disconto, credito (credito) de ~ : discontokrediet
disconto, methodo (methodo) de ~ : disconteringsmethode
discopathia (discopathia) /sub/ : MEDICINA discopathie
discoperte, con le testa/capite (capite) ~ : met ontbloot hoofd
discophilia (discophilia) /sub/ : het verzamelen van (grammofoon)platen
discophilo (discophilo) /sub/ : discofiel, platenverzamelaar, platenenthousiast
discordante, characteres (characteres) ~ : uiteenlopende karakters
discordantia, ~ de characteres (characteres) : uiteenlopende karakters
discordantia, ~ inter (inter) theoria (theoria) e practica : discrepantie tussen theorie en praktijk
discortesia (discortesia) /sub/ : onhoffelijkheid, onbeleefdheid, lompheid, botheid
discredito (discredito) /sub/ : diskrediet, het verliezen van vertrouwen, het dalen in achting
discredito (discredito), cader in ~ : in diskrediet geraken, een slechte naam krijgen
discredito (discredito), organisar un campania de ~ contra un persona : een campagne tegen iemand op touw zetten
discredito (discredito), jectar le ~ super (super) un persona : iemand in diskrediet brengen
discrepantia, il ha/existe un ~ considerabile inter (inter) le duo versiones : er heerst verschil van opvatting/mening
discriminante, 1 analyse (analyse) (-ysis) ~ : discriminantanalyse
disculpar, ~ un amico (amico) : een vriend vrijpleiten
discursive, methodo (methodo) ~ : discursieve methode
discurso, ~ de adeo (adeo)/de adieu : afscheidsrede
discurso, ~ funebre (funebre)/funeral : lijkrede
discussion, methodo (methodo) de ~ : discussiemethode
discutibile, character (character) ~ : betwistbaarheid
discutibile, theoria (theoria) ~ : discutabele theorie
discutibile, methodo (methodo) ~ : discutabele methode
discutibilitate, ~ de un theoria (theoria) : betwistbaarheid van een theorie
disdicer, ~ per telephono (telephono) : afbellen
disempleo (disempleo) /sub/ : INDUSTRIA overtolligheid, ontslag (wegens overtolligheid)
disfacta, infliger un ~ al inimico (inimico) : de vijand een nederlaag toebrengen
disfoliar, ~ le ramos de un salice (salice) : de bladeren van een wilgentak afstropen
disgratia, un ~ nunquam (nunquam) veni sol : een ongeluk komt zelden alleen
disgregation, periodo (periodo) de ~ social : periode van maatschappelijke ontbinding
disharmonia (disharmonia) /sub/ : gebrek aan harmonie, gebrek aan overeenstemming, disharmonie
disharmonia (disharmonia), ~ de characteres (characteres) : karakters die niet overeenstemmen
disharmonia (disharmonia), ~ de colores : kleuren die niet op elkaar zijn afgestemd
disharmonia (disharmonia), ~ de sonos : niet bij elkaar passende klanken
dishonorar, ~ un juvena (juvena) : een meisje onteren, een meisje haar eer ontnemen
disimballar, ~ mercantias (mercantias)/merces : goederen uitpakken
disimbarcation, armea (armea) de ~ : landingsleger
disinfectar, ~ le camera (camera) de un malado contagiose : de kamer van een besmettelijk zieke ontsmetten
disintoxicar, ~ un alcoholico/toxicomano (toxicomano) : een aan alcohol/drugs verslaafde ontwennen
disjunger, ~ un idea (idea) de su realisation practic : een idee scheiden van zijn practische verwezenlijking
disloyal, amico (amico) ~ : ontrouwe vriend
dismascar, ille sapeva ~ le pretendite prince/principe (principe) : hij wist de vermeende prins te ontmaskeren
dismobilar, ~ un camera (camera) : de meubels uit een kamer halen
dismodate, theorias (theorias) ~ : verouderde theorieën
dismontar, ~ un machina (machina) : een machine demonteren
disordinate, puero (puero) ~ : slordige jongen
disorganisation, ~ de un armea (armea) : ontreddering van een leger
disorientar, ~ un compasso/bussola (bussola) : een kompas ontregelen
dispare, trichocephalo (trichocephalo) ~ : platworm
disparitate, ~ de characteres (characteres) : uiteenlopende karakters
dispendio, ~ de energia (energia) : energieverspilling
dispersar, ~ le armea (armea) inimic (inimic) : het vijandelijk leger verstrooien
dispersion, ~ del populo judee (judee) : verstrooiing van het joodse volk
disponer, ~ le sedias circum (circum) le tabula : de stoelen om de tafel schikken
disponer, ~ in laminas (laminas) : als lamellen leggen, lamelleren
disposite (disposite) /adj/ : bereid
disposite (disposite), ~ al pardono : vergevensgezind
disposite (disposite), esser ~ a facer un cosa : bereid zijn iets te doen
disposite (disposite), esser ~ a adjutar : bereid zijn om te helpen
disposite (disposite), ille es ~ a collaborar : hij is bereid mee te werken
disposite (disposite), io es ~ a pagar le costos : ik heb er de kosten voor over
disposite (disposite), sempre/semper (semper) ille es ~ a prestar un servicio : hij is altijd even bereidvaardig
disposite (disposite), esser sempre/semper (semper) ~ a opinar : altijd met zijn mening klaarstaan
disposite (disposite), publico ~ a comprar : kooplustig publiek
disposition, ~ de spirito (spirito) : gemoedsgesteldheid/stemming
disproportionate, recompensa ~ al merito (merito) : beloning die niet evenredig is met de verdienst
disproviste, ~ de equivoco (equivoco) : ondubbelzinnig
disseminar, ~ un maladia (maladia) : een ziekte verspreiden
dissentimento, il ha ~ inter (inter) nos super (super) iste puncto : er bestaat onenigheid tussen ons op dat punt
dissertar, ~ super (super) un subjecto politic : een uiteenzetting geven over een politiek onderwerp
dissigillar, ~ un littera (littera) : het zegel van een brief verbreken
dissipar, ~ energia (energia) : energie verspillen
dissipation, ~ de energia (energia) : energieverspilling
dissolubile, assemblea (assemblea) ~ : vergadering die ontbonden kan worden
dissolution, pronunciar le ~ de un assemblea (assemblea) : de ontbinding van een vergadering uitspreken
dissuader, ~ le inimico (inimico) : de vijand afschrikken
dissymmetria (dissymmetria) /sub/ : asymmetrie, gebrek aan symmetrie
dissymmetria (dissymmetria), ~ molecular : moleculaire asymmetrie
distachabile , fodero (fodero) ~ : losse voering
distantiometro (distantiometro) /sub/ : afstandsmeter
disticho (disticho) /sub/ : distichon, tweeregelig couplet of gedicht
disticho (disticho), ~ elegiac (elegiac) : elegisch distichon
distillation, methodo (methodo) de ~ : distillatiemethode
distillatori, 2 nepenthas (nepenthas) ~ : Oostindische bekerplant
distilleria (distilleria) /sub/ : distilleerderij, branderij, stokerij
distilleria (distilleria), ~ de liquores : likeurstokerij
distinctivo, ~ de policia (policia) : politiepenning
distinguer, ~ inter (inter) le possibile e le probabile : onderscheid maken tussen het mogelijke en het waarschijnlijke
distomatose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA egelwormziekte, leverbotziekte, distomatose
distorte, ideas (ideas) ~ : verwrongen/perverse ideeën
distraher, ~ le inimico (inimico) : de vijand afleiden
distribution, circuito (circuito)/canal de ~ : distributiekanaal
distribution, ~ de litteras (litteras) : bezorging van brieven
distributive, numeros (numeros) ~ : distributieve getallen
distributor, ~ de litteras (litteras) : postbode, besteller
disturbar, ~ le stomacho (stomacho) : de maag van streek brengen
disunion, ~ del corpore e del anima (anima) : scheiding van lichaam en ziel
disveloppamento, ~ del spirito (spirito) : geestesontwikkeling
disveloppar, ~ un methodo (methodo) didactic : een leermethode ontwikkelen
disveloppar, ~ un spirito (spirito) de resistentia : een geest van verzet aankweken
disveloppator, ~ pro photo(graphia (graphia))s in colores : kleurontwikkelaar
disyllabe (disyllabe) /adj/ : tweelettergrepig
disyllabo (disyllabo) /sub/ : tweelettergrepig woord/vers
dittographia (dittographia) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA dittografie, dubbel schrijven van letters, lettergrepen, woorden of zinsdelen
diurese (-esis (-esis)) /sub/ : MEDICINA (overvloedige) urineafscheiding, diurese
divergentia, ~ de ideas (ideas) : afwijkende opvattingen
diverger, le opiniones diverge super (super) iste puncto : de meningen lopen uiteen wat dat punt betreft
diversion, ~es super (super) le glacie : ijsvermaak, ijspret
diverticulitis (diverticulitis) /sub/ : MEDICINA ontsteking van een divertikel, diverticulitis
dividendo, ~ interime (interime) : interimdividend
dividendo, imposto super (super) le ~ : dividendbelasting
divider, ~ le spiritos (spiritos) : de geesten scheiden
divise, esser ~ super (super) un cosa : over iets verdeeld zijn
divisibile, numero (numero) ~ : deelbaar getal
divisibile, le numeros (numeros) par es ~ per duo : de even getallen zijn deelbaar door twee
divisibilitate, characteres (characteres) del ~ : kenmerken van deelbaarheid
division, ~ in syllabas (syllabas) : verdeling in lettergrepen
division, ~ de chirurgia (chirurgia) : afdeling chirurgie
divisor, (maxime (maxime)) commun ~ : (grootste) gemene deler
divorcio, il ha ~ inter (inter) le theoria (theoria) e le practica : scheiding, breuk, kloof, scherpe tegenstelling
doanal, visita (visita) ~ : douaneonderzoek
doaner, visita (visita) ~ : douaneonderzoek
docente, sala/camera (camera) del ~s : leraarskamer
docile, character (character) ~ : meegaand karakter
docimasia (docimasia) /sub/ : HISTORIA, CHIMIA, MEDICINA docimasie, onderzoek, toetsing
docimologia (docimologia) /sub/ : docimologie
docimologic, theorias (theorias) ~ : docimologische theorieën
docimologic, methodos (methodos) ~ : docimologische methoden
docimologo (docimologo) /sub/ : docimoloog
doctorato, these/thesis (thesis)/dissertation de ~ : proefschrift
doctrina, ~ catharic/del catharos (catharos) : leer van de Katharen
documentario, ~ super (super) le animales : documentaire over dieren
documentation, reunir un ~ de/super (super) : een dossier aanleggen/opstellen van
dodecagono (dodecagono) /sub/ : twaalfhoek
dodecaphonia (dodecaphonia) /sub/ : MUSICA twaalftoonstelsel, dodecafonie
dodecasyllabe (dodecasyllabe) /adj/ : twaalflettergrepig
dodecasyllabe (dodecasyllabe), verso ~ : twaalflettergrepig vers
dodecasyllabo (dodecasyllabo) /sub/ : twaalflettergrepig vers
dodecasyllabo (dodecasyllabo), un alexandrino es un : een alexandrijn is een twaalflettergrepig vers
dogmatic, theologia (theologia) ~ : dogmatische theologie (theologie die de dogma's tot onderwerp heeft)
dogmatic, philosophia (philosophia) ~ : dogmatische filosofie
dolichocephalia (dolichocephalia) /sub/ : langschedeligheid, langhoofdigheid, dolichocefalie
dolichocephalo (dolichocephalo) /sub/ : langschedelige, langhoofdige, dolichocefaal
dolichopode (dolichopode) /adj/ : ZOOLOGIA langbenig
dolmen (dolmen) /sub/ : dolmen (soort hunebed)
dolor, ~ de capite (capite)/de testa : hoofdpijn
dolor, ~ stomachal/de stomacho (stomacho) : maagpijn
dolor, calice (calice) de ~ : lijdensbeker
dolorose, maladia (maladia) ~ : pijnlijke ziekte
dolorose, perdita (perdita) ~ : smartelijk verlies
domestic, glycophago (glycophago) ~ : huismijt
domestic, economia (economia) ~ : huishoudkunde
domestic, martara (martara) ~ : huismarter
domestic, numero (numero) de aves ~ : pluimveestapel
domiciliar, ~ un littera (littera) de cambio : een wissel domiciliëren
domicilio, visita (visita) a ~ : huisbezoek
domina (domina) /sub/ : vrouw des huizes
dominante, character (character) ~ : dominerend karakter
dominical, habito (habito)/vestimentos ~ : zondagse kleren
dominio, ~ del spirito (spirito) : rijk van de geest
domino (domino) /sub/ : heer, meester
domino (domino) /sub/ : domino (mantel met kap)
domino (domino) /sub/ : dominosteen
domino (domino), joco de ~s : dominospel
domino (domino), jocar al ~s : domino spelen, dominoën
domino (domino), tabuliero de ~ : dominoplankje
domino (domino), effecto ~ : domino-effect
domino (domino), theoria (theoria) ~ : domino-theorie
domo(II), ~ del Pantheon (Pantheon) : koepel van het Pantheon
donation, ~es inter (inter) vivos : schenking onder levenden
donator, ~ de organo (organo) : orgaandonor
dono, ~s del spirito (spirito) : geestesgaven
dorate, hamster (hamster) ~ : goudhamster
doris (doris) /sub/ : ZOOLOGIA sterreslak
dormitive, bibita (bibita) ~ : slaapdrank
Dorothea (Dorothea) /sub/ : Dorothea, Door
dorsal, appoio (appoio) ~ : rugleuning
dorsalgia (dorsalgia) /sub/ : MEDICINA pijn in de rug, rugpijn, rugklachten
dorso, appoio (appoio) in le ~ : rugsteun
dorso, natar super (super) le ~ : rugzwemmen
dorso, natation super (super) le ~ : het rugzwemmen
dorso, cader super (super) le ~ : op de rug vallen
doryphora (doryphora) /sub/ : ZOOLOGIA
doryphora (doryphora), ~ (del Colorado) : coloradokever
dose,dosis (dosis) /sub/ : dosis, deel, portie
dose,dosis (dosis), ~ excessive/troppo forte : overdosis
dose,dosis (dosis), ~ lethal/mortal : dodelijke dosis
dose,dosis (dosis), ~ maximal/maxime (maxime) : maximale dosis
dose,dosis (dosis), diminuer le ~ : de dosis verkleinen
dose,dosis (dosis), augmentar le ~ : de dosis vergroten
dose,dosis (dosis), un bon ~ de vanitate : een flinke dosis ijdelheid
dosimetria (dosimetria) /sub/ : PHYSICA, MEDICINA dosimetrie
dosimetro (dosimetro) /sub/ : PHYSICA, MEDICINA (stralings)dosimeter
dossier, numero (numero) de ~ : dossiernummeer
doxologia (doxologia) /sub/ : PHILOSOPHIA doxologie
doxologia (doxologia) /sub/ : RELIGION lofprijzing, verheerlijking, doxologie
dracocephalo (dracocephalo) /sub/ : BOTANICA drakekop
dracon, testa/capite (capite) de ~ : drakekop
dragaminas (dragaminas) /sub/ : mijnenveger
dramatic, poesia (poesia) ~ : toneelpoëzie
dramatic, compania (compania) ~ : toneelgezelschap
dramaturgia (dramaturgia) /sub/ : dramaturgie, toneelschrijfkunst
drapperia (drapperia) /sub/ : lakenindustrie, lakenhandel, handel in manufacturen, stoffenwinkel
drapperia (drapperia) /sub/ : draperie, geplooide stof, gordijn
drappo, tinctureria (tinctureria) de ~ : lakenververij
dravidologia (dravidologia) /sub/ : dravidologie
drepanocytose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA drepanocytose, sikkelcelziekte
dribblar, ~ le ballon circum (circum) le keeper : de keeper omspelen
drogeria (drogeria) /sub/ : drogisterij
drolleria (drolleria) /sub/ : grappigheid, geestigheid
drosera (drosera) /sub/ : BOTANICA drosera, zonnedauw
drosera (drosera), ~ rotundifolie : ronde zonnedauw
drosometria (drosometria) /sub/ : drosometrie, dauwmeting
drosometro (drosometro) /sub/ : drosometer, dauwmeter
drosophila (drosophila) /sub/ : ZOOLOGIA bananevlieg, drosophila
drosophila (drosophila), ~ funebre (funebre) : azijnvliegje
druida (druida) /sub/ : druïde
druida (druida), templo de ~s : druïdentempel
dryade (dryade) /sub/ : bosnimf, woudnimf, dryade
dual, numero (numero) ~ : dualis
dual, analogia (analogia) ~ : duale analogie
dualista, theoria (theoria) ~ : dualistische theorie
dualista, philosophia (philosophia) ~ : dualistische filosofie
dualistic, theoria (theoria) ~ : dualistische theorie
dualistic, philosophia (philosophia) ~ : dualistische filosofie
dubita (dubita) /sub/ : twijfel, aarzeling, onzekerheid
dubita (dubita), esser in ~ : in twijfel verkeren, zijn twijfels hebben, in dubio staan
dubita (dubita), sin ~ : zonder twijfel, ongetwijfeld
dubita (dubita), foris de ~ : aan geen twijfels onderhevig, buiten kijf
dubita (dubita), isto non admitte ~ : daarover is geen twijfel mogelijk
dubita (dubita), mitter/poner un cosa in ~ : iets in twijfel trekken
dubita (dubita), esser subjecte a/susceptibile de ~ : aan twijfel onderhevig zijn
dubita (dubita), facer nascer le ~ in le spirito de un persona : iemand aan het twijfelen brengen
dubita (dubita), lassar un persona in ~ : iemand in twijfel laten
dubita (dubita), ~ justificate : gerechtvaardigde twijfel
dubita (dubita), cambiar le ~s in certitude : de twijfels in zekerheid doen verkeren
dubita (dubita), in caso de ~ : bij twijfel
ducato, ~ de Normandia (Normandia) : hertogdom Normandïe
duello, ~ de artilleria (artilleria) : artillerieduel
dulce, poner dulcemente le testa/capite (capite) : het hoofd neervlijen
dulce, femina (femina) ~ : zachtaardige/vriendelijke vrouw
dulciastre, bibita (bibita) ~ : zoetige drank
dulcification, le ~ de bibitas (bibitas) : het zoet maken van dranken
dulia (dulia) /sub/ : CATHOLICISMO
dulia (dulia), culto de ~ : heiligenverering, dulia
duna, ~ maritime (maritime) : zeeduin
duna, vallea (vallea) de ~s : duinvallei
duodece (duodece)  /sub num card/ : twaalf
duodecesime (duodecesime) /num ord/ : twaalfde
duodecime (duodecime) /num ord/ : twaalfde
duodenitis (duodenitis) /sub/ : duodenumontsteking, ontsteking aan de twaalfvingerige darm
duperia (duperia) /sub/ : bedriegerij, oplichterij
duplar, ~ le numero (numero) : het aantal verdubbelen
duple, helice (helice) ~ : dubbele helix
duplex (duplex) /sub/ : duplexsysteem, duplexverbinding
duplex (duplex) /sub/ : duplexwoning
duplex (duplex) /adj/ : duplex, dubbel, tweevoudig
duplex (duplex), papiro ~ : duplexpapier
duplex (duplex), pumpa ~ : duplexpomp
duplex (duplex), casa ~ : duplexwoning
duplicar, ~ le numero (numero) : het aantal verdubbelen
duplicar, ~ un syllaba (syllaba) : een lettergreep verdubbelen
duplication, ~ de un syllaba (syllaba) : verdubbeling van een lettergreep
duplice (duplice) /adj/ : dubbel, tweevoudig, duplex...
duplice (duplice), lectos ~ : lits-jumeaux
duplice (duplice), in ~ copia : in duplo
duplice (duplice), a via ferree ~, a rail {e} ~ : tweesporig, dubbelsporig
duraluminium (duraluminium) /sub/ : duraluminium
duramen (duramen) /sub/ : BOTANICA kernhout, harthout, rijphout
durar, isto ha assatis (assatis) durate : dat heeft lang genoeg geduurd
duumviro (duumviro) /sub/ : HISTORIA ROMAN duumvir, tweeman
dyade (dyade) /sub/ : tweetal, paar
dynamicitate, le ~ del phenomenos (phenomenos) economic : het dynamisch karakter van de economische verschijnselen
dynamiteria (dynamiteria) /sub/ : dynamietfabriek
dynamo (dynamo) /sub/ : dynamo, generator
dynamo (dynamo), ~ compound : compounddynamo
dynamo (dynamo), ~ a currente alternative : wisselstroomdynamo
dynamo (dynamo), ~ de bicycletta : fietsdynamo
dynamo (dynamo), ~ de alte tension/voltage : hoogspanningsdynamo
dynamo (dynamo), ~ de basse tension/voltage : laagspanningsdynamo
dynamo (dynamo), regulator de ~ : dynamoregelaar
dynamoelectric, machina (machina) ~ : dynamo-elektrische machine
dynamographo (dynamographo) /sub/ : dynamograaf
dynamometria (dynamometria) /sub/ : dynamometrie, krachtmeting
dynamometric, essayo (essayo)/test (A) ~ : dynamometrische proef
dynamometro (dynamometro) /sub/ : dynamometer, krachtmeter, veerbalans
dynamometro (dynamometro), ~ de absorption : remdynamometer
dynastia (dynastia) /sub/ : dynastie, vorstenhuis, vorstengeslacht
dynastia (dynastia), ~ regal/royal : koningshuis
dynastia (dynastia), ~ merovingian : Merivingische dynastie
dynastia (dynastia), ~ capetian : Capetingische dynastie
dysarthria (dysarthria) /sub/ : MEDICINA dysartrie
dyscalculia (dyscalculia) /sub/ : rekenstoornis
dyschromatopsia (dyschromatopsia) /sub/ : MEDICINA kleurenblindheid
dyschromia (dyschromia) /sub/ : MEDICINA pigmentatiestoornis
dysenteria (dysenteria) /sub/ : MEDICINA dysenterie
dysgraphia (dysgraphia) /sub/ : (functionele) schrijfzwakte
dyslexia (dyslexia) /sub/ : MEDICINA woordblindheid, leesblindheid, dyslexie
dysmnesia (dysmnesia) /sub/ : MEDICINA geheugenstoornis
dysmorphia (dysmorphia) /sub/ : MEDICINA dysmorfie, misvorming, mismaaktheid
dysorexia (dysorexia) /sub/ : MEDICINA dysorexie, eetluststoornis
dyspepsia (dyspepsia) /sub/ : MEDICINA dyspepsie, gestoorde spijsvertering
dysphasia (dysphasia) /sub/ : MEDICINA dysphasie, spraakstoornis
dysphonia (dysphonia) /sub/ : stemstoornis MEDICINA dysfonie
dyspnea (dyspnea) /sub/ : MEDICINA ademnood, kortademigheid, aamborstigheid, dispnoe
dyspnea (dyspnea), ~ cardiac (cardiac) : cardiale dyspnoe
dysprosium (dysprosium) /sub/ : CHIMIA dysprosium
dystrophia (dystrophia) /sub/ : MEDICINA dystrofie
dystrophia (dystrophia), ~ muscular : spierdystrofie
dystrophia (dystrophia), ~ congenite (congenite) : aangeboren dystrofie
ebenisteria (ebenisteria) /sub/ : meubelwerk, schrijnwerk
ebenisteria (ebenisteria) /sub/ : meubelmakerij
ebeno (ebeno) /sub/ : ebbeboom
ebeno (ebeno) /sub/ : ebbehout
ebeno (ebeno), mobilario de ~ : ebbehouten ameublement
ebulliometria (ebulliometria) /sub/ : PHYSICA kookpuntsbepaling
ebulliometro (ebulliometro) /sub/ : PHYSICA kookpuntmeter
ebullioscopia (ebullioscopia) /sub/ : PHYSICA kookpuntsbepaling
ecchymose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA bloeduitstorting, kneuzing, blauwe plek, ecchymose
ecclesia, ~ a cupola (cupola) : koepelkerk
ecclesia, organo (organo) de ~ : kerkorgel
ecclesia, principe (principe) de ~ : kerkvorst
Ecclesiastes (Ecclesiastes) /sub/ : BIBLIA Prediker (bijbelboek)
ecclesiologia (ecclesiologia) /sub/ : CATHOLICISMO ecclesiologie, kerkleer
ecclesiologo (ecclesiologo) /sub/ : CATHOLICISMO ecclesioloog
echo, ~ multiple (multiple) : meervoudige echo
echo, microphono (microphono) de ~ : nagalmmicrofoon
echocardiographia (echocardiographia) /sub/ : echocardiografie
echographia (echographia) /sub/ : echografie
echographo (echographo) /sub/ : echograaf
echolalia (echolalia) /sub/ : MEDICINA echolalie
echometria (echometria) /sub/ : echometrie
echometro (echometro) /sub/ : echometer
echometro (echometro), ~ optic : optische echometer
echometro (echometro), ~ acustic : acustische echometer
echoscopia (echoscopia) /sub/ : echoscopie
eclampsia (eclampsia) /sub/ : MEDICINA eclampsie, stuip
eclampsia (eclampsia), ~ puerperal : kraamstuipen
eclampsia (eclampsia), ~ infantil : kinderstuipen
eclectic, methodo (methodo) ~ : eclectische methode
eclectic, theoria (theoria) ~ : eclectische theorie
eclectic, philosophia (philosophia) ~ : eclectische filosofie
eclecticitate, ~ de un methodo (methodo) : eclectisch karakter van een methode
eclipse (-ipsis (-ipsis)) /sub/ : ASTRONOMIA eclips, verduistering
eclipse (-ipsis (-ipsis)), ~ lunar/del luna : maansverduistering
eclipse (-ipsis (-ipsis)), ~ solar/del sol : zonsverduistering
eclipse (-ipsis (-ipsis)), ~ total : totale verduistering
eclipse (-ipsis (-ipsis)), ~ partial : gedeeltelijke verduistering
ecloga (ecloga) /sub/ : herdersdicht, herderszang, ecloge
ecloga (ecloga), ~s de Virgilio : ecloges van Virgilius
ecogeographia (ecogeographia) /sub/ : ecogeografie
ecologia (ecologia) /sub/ : ecologie, milieukunde
ecologia (ecologia), ~ vegetal : plantenecologie
ecologic, crise/crisis (crisis) ~ : ecologische crisis
ecologo (ecologo) /sub/ : ecoloog, milieudeskundige, milieubeschermer
econometria (econometria) /sub/ : econometrie
econometria (econometria), ~ industrial/de interprisa : bedrijfseconometrie
economia (economia) /sub/ : economie
economia (economia), ~ mundial : wereldeconomie
economia (economia), ~ politic : staathuishoudkunde
economia (economia), ~ de guerra : oorlogseconomie
economia (economia), ~ planificate/dirigite : geleide economie
economia (economia), ~ capitalista : kapitalistische economie
economia (economia), ~ socialista : socialistische economie
economia (economia), ~ de mercato : markteconomie
economia (economia), ~ de abundantia : economie van de overvloed
economia (economia), ~ domestic : huishoudkunde
economia (economia) /sub/ : zuinigheid, spaarzaamheid
economia (economia) /sub/ : besparing
economia (economia), ~ de tempore : tijdbesparing
economia (economia), ~ de spatio : ruimtebesparing
economia (economia), ~ de combustibile/de carburante : brandstofbeparing
economia (economia), ~ de energia (energia) : energiebesparing
economia (economia), ~s : spaarcenten, spaargeld
economia (economia), facer ~s : zuinig zijn
economic, crise/crisis (crisis) ~ : economische crisis
economic, geographia (geographia) ~ : economische aardrijkskunde
economo (economo) /sub/ : (huis)beheerder, huismeester, rentmeester, administrateur
ecophysiologia (ecophysiologia) /sub/ : ecofysiologie
ecstase (ecstase) (-asis) /sub/ : extase, geestvervoering, verrukking
ecstase (ecstase) (-asis), ~ celeste : hemelse verrukking
ecstase (ecstase) (-asis), ~ mystic : mystieke extase
ectogenese (ectogenese) (-esis) /sub/ : BIOLOGIA ectogenese
ectopia (ectopia) /sub/ : MEDICINA ectopie (abnormale plaats van organen, etc.)
ecumene (ecumene) /sub/ : oecumene
edaphic, climax (climax) ~ : edafische climax
edaphologia (edaphologia) /sub/ : edafologie
edematic, syndrome (syndrome) ~ : oedeemsyndroom
edicto, ~s contra le heresia (heresia) : plakkaten tegen de ketters
edificar, ~ su proximo (proximo) con su exemplo : zijn naaste door zijn voorbeeld stichten
edition, ~ del vespera (vespera)/vespere : avondeditie (van krant)
editorial, compania (compania)/societate/interprisa ~ : uitgeversmaatschappij
education, methodo (methodo) de ~ : opvoedingsmethode
educative, methodo (methodo) ~ : opvoedingsmethode
edulcorar, bibitas (bibitas) edulcorate : gezoete dranken
effecto, ~s date in deposito (deposito) : in depot gegeven stukken
efficacitate, ~ de un methodo (methodo) : doeltreffendheid van een methode
efficientia, ~ de un machina (machina) : nuttige werking van een machine
effortiar, tote le participantes se ha effortiate al maximo (maximo) : alle deelnemers hebben zich volledig ingezet
effronteria (effronteria) /sub/ : onbeschaamdheid, schaamteloosheid, brutaliteit
egee (egee) /adj/ : Egeïsch
egee (egee), Mar ~ : Egeïsche Zee
egee (egee), insulas ~ : Egeïsche eilanden
Egeo (Egeo) (I) /sub/ : MYTHOLOGIA Aegeus
Egeo (Egeo) (II) /sub/ : Egeïsche Zee
egocentric, character (character) ~ : egocentrisch karakter
egoistic, comportamento ~ : egoistisch (egoistisch) gedrag
egolatria (egolatria) /sub/ : zelfverheerlijking, zelfverheffing
egomania (egomania) /sub/ : extreem egotisme
egomaniaco (egomaniaco) /sub/ : extreem egotistisch persoon
egotista, character (character) ~ : egotistisch karakter
egotistic, character (character) ~ : egotistisch karakter
egyptian, archeologia (archeologia) ~ : Egyptische archeologie
egyptologia (egyptologia) /sub/ : egyptologie
egyptologo (egyptologo) /sub/ : egyptoloog
eider (eider) /sub/ : ZOOLOGIA eidereend
eiderdun (eiderdun) /sub/ : eiderdons
eiderdun (eiderdun) /sub/ : donzen deken
einsteinian, le theoria (theoria) ~ del relativitate : de theorie van Einstein van de relativiteit
einst&einium (einium) /sub/ : CHIMIA einsteinium
elaborar, ~ un theoria (theoria) : een theorie opstellen
elasticitate, limite (limite) del ~ : elasticiteitsgrens
elastomero (elastomero) /sub/ : CHIMIA elastomeer
elastometria (elastometria) /sub/ : elastometrie
elastometro (elastometro) /sub/ : elastometer
electoral, periodo (periodo) ~ : verkiezingstijd
electoral, torneo (torneo) ~ : verkiezingstoernee
electric, energia (energia) ~ : elektrische energie
electric, organo (organo) ~ : elektrisch orgel
electricitate, compania (compania) de ~ : elektriciteitsbedrij/maatschappij
electrification, ~ del ferrovias (ferrovias) : elektrificatie van de spoorwegen
electroanalyse (electroanalyse) (-ysis) /sub/ : elektro-analyse
electrobiologia (electrobiologia) /sub/ : MEDICINA elektrobiologie
electrocardiographia (electrocardiographia) /sub/ : MEDICINA elektrocardiografie
electrocardiographo (electrocardiographo) /sub/ : MEDICINA elektrocardiograaf
electrochimia (electrochimia) /sub/ : elektrochemie
electrochoc , le ~ utilisate in psychiatria (psychiatria) face parte del methodo (methodo) somatopsychic : schokbehandeling
electrodiagnose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA elektrodiagnose
electrodialyse (electrodialyse) (-ysis) /sub/ : elektrodialyse
electrodo (electrodo) /sub/ : elektrode
electrodo (electrodo), ~ negative : kathode
electrodo (electrodo), ~ positive : anode
electrodo (electrodo), ~ de vitro : glaselektrode
electrodo (electrodo), ~ de soldatura : laselektrode, lasstaaf
electrodo (electrodo), ~ de deviation : afwijkingselektrode
electrodo (electrodo), ~s coplanar : coplanaire elektroden
electrodo (electrodo), diametro (diametro) de ~ : elektrodediameter
electrodynamic, phenomenos (phenomenos) ~ : elektrodynamische verschijnselen
electrodynamic, microphono (microphono) ~ : elektrodynamische microfoon
electrodynamometro (electrodynamometro) /sub/ : elektrodynamometer, galvanometer, stroommeter
electroencephalographia (electroencephalographia) /sub/ : MEDICINA elektro-encefalografie
electroencephalographo (electroencephalographo) /sub/ : MEDICINA elektro-encefalograaf
electrographo (electrographo) /sub/ : elektrometer
electrologia (electrologia) /sub/ : elektriciteitsleer, elektrologie
electrologo (electrologo) /sub/ : deskundige op het gebied van de elektrologie
electrolyse (electrolyse) (-ysis) /sub/ : elektrolyse
electrolyse (electrolyse) (-ysis), decomponer aqua per ~ : water splitsen door elektrolyse
electrolyto (electrolyto) /sub/ : elektrolyt
electromagnetic, energia (energia) ~ : elektromagnetische energie
electromagnetic, theoria (theoria) ~ del lumine/del luce : elektromagnetische lichttheorie
electromechanic, analogia (analogia) ~ : elektromechanische analogie
electrometallurgia (electrometallurgia) /sub/ : elektrometallurgie
electrometria (electrometria) /sub/ : stroommeting, spanningsmeting
electrometro (electrometro) /sub/ : stroommeter, spanningsmeter, elektrometer
electrometro (electrometro), ~ a filo : snaarelektrometer
electromyographia (electromyographia) /sub/ : MEDICINA elektromyografie
electromyographo (electromyographo) /sub/ : MEDICINA elektromyograaf
electron, orbita (orbita) de ~es : elektronenbaan
electronarcose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA elektronarcose
electronic, theoria (theoria) ~ : elektronentheorie/leer
electronic, machina (machina) a/de scriber electronic : elektronische schrijfmachine
electronica, ~ analoge (analoge) : analoge elektronica
electro-optic, technologia (technologia) ~ : elektro-optische technologie
electro-osmose (-osis (-osis)) /sub/ : elektro-osmose
electrophorese (-esis (-esis)) /sub/ : elektroforese
electrophoro (electrophoro) /sub/ : elektrofoor (toestel voor de opwekking van statische elektriciteit)
electrophysiologia (electrophysiologia) /sub/ : elektrobiologie
electroradiologia (electroradiologia) /sub/ : MEDICINA elektroradiologie
electroscopia (electroscopia) /sub/ : elektroscopie
electrostatic, machina (machina) ~ : elektriseermachine
electrostatic, energia (energia) ~ : elektrostatische energie
electrostatic, voltimetro (voltimetro) ~ : elektrostatische voltmeter
electrotherapia (electrotherapia) /sub/ : elektrotherapie
electrothermia (electrothermia) /sub/ : elektrothermie, elektrowarmte
electrotypia (electrotypia) /sub/ : TYPOGRAPHIA elektrotypie
electrotypo (electrotypo) /sub/ : TYPOGRAPHIA elektrotype
eleemosyna (eleemosyna) /sub/ : aalmoes
eleemosyna (eleemosyna), cassetta del ~s : offerblok, offerbus
elegante, habito (habito) ~ : elegante kleding
elegia (elegia) /sub/ : elegie, treurdicht, treurzang, klaagdicht, klaagzang
elegia (elegia), ~s de Ronsard : klaagdichten van Ronsard
elegiac (elegiac) /adj/ : elegisch, de elegie betreffend, treur...
elegiac (elegiac), poeta ~ : treurdichter
elegiac (elegiac), poema ~ : treurdicht
elegiac (elegiac), poesia (poesia) ~ : elegische poëzie
elegiac (elegiac) /adj/ : weemoedig, melancholiek
elegiac (elegiac), accentos ~ : weemoedige accenten, weemoedige ondertonen
elegiaco (elegiaco) /sub/ : treurdichter, elegiacus
elementari, analyse (analyse) (-ysis) ~ : elementairanalyse
elementari, geometria (geometria) ~ : beginselen van de meetkunde
elephantiasis (elephantiasis) /sub/ : MEDICINA elefantiasis, olifantsziekte, roosbeen
elevar, ~ se super (super) le mediocritate : zich boven de middelmaat verheffen
elevar, ~ un numero (numero) al quadrato : een getal in het kwadraat verheffen
elevation, le inimico (inimico) ha occupate le ~ : de vijand heeft de hoogte bezet
elevatori, musculo ~ del palpebra (palpebra) : hefspier van het ooglid
Elia (Elia) /sub/ : BIBLIA Elia
ellipse (-ipsis (-ipsis)) /sub/ : ovaal
ellipse (-ipsis (-ipsis)) /sub/ : MATHEMATICA ellips
ellipse (-ipsis (-ipsis)) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA ellips, weglating
ellipsographo (ellipsographo) /sub/ : ellipspasser, ellipsograaf
ellipsometro (ellipsometro) /sub/ : ellipsometer
elliptic, orbita (orbita) ~ : elliptische baan
elodea (elodea) /sub/ : BOTANICA waterpest
elogio, ~ funebre (funebre) : grafrede
elogiose, in terminos (terminos) ~ : in lovende bewoordingen
elongate, carex (carex)/carice (carice) ~ : uitgerekte zegge
eloquente, exprimer se in terminos (terminos) ~ : zich in welsprekende termen uiten
eloquentia, ~ del pulpito (pulpito) : kanselwelsprekendheid
eloquentia, torneo (torneo) de ~ : wedstrijd in welsprekendheid
elymo (elymo) /sub/ : BOTANICA
elymo (elymo), ~ arenari : zandhaver
elytro (elytro) /sub/ : ZOOLOGIA dekschild, schildvleugel
emaciar, le longe maladia (maladia) le ha emaciate : de langdurige ziekte teerde hem uit
emanation, theoria (theoria) del ~ : emanatietheorie/leer/stelsel
emancipar, ~ le feminas (feminas) : de vrouwen gelijke rechten toekennen
emancipate, femina (femina) ~ : geëmancipeerde vrouw
emancipation, ~ del judeos (judeos) : jodenemancipatie
emancipation, ~ del femina (femina) : emancipatie van de vrouw
embolia (embolia) /sub/ : MEDICINA embolie, bloedprop, luchtbel
embolia (embolia), ~ cerebral : hersenembolie
embolia (embolia), ~ pulmonar : longembolie
embryogenese (embryogenese) (-esis) /sub/ : embryogenese, embryo-ontwikkeling
embryogenia (embryogenia) /sub/ : embryogenese, embryo-ontwikkeling
embryologia (embryologia) /sub/ : embryologie
embryologo (embryologo) /sub/ : embryoloog
embryon, ~ de mammifero (mammifero) : zoogdierembryo
embryopathia (embryopathia) /sub/ : MEDICINA embryopathie
embryotomia (embryotomia) /sub/ : MEDICINA embryotomie
emergentia, exito (exito)/porta de ~ : nooduitgang/deur
emergentia, telephono (telephono) de ~ : praatpaal
emerger, le insula emerge a marea (marea) basse : het eiland komt bij laagtij boven water
emerite (emerite) /adj/ : rustend, gepensioneerd, emeritus
emerite (emerite), medico ~ : rustend arts
emerite (emerite), professor ~ : emeritus hoogleraar
emetic, substantia/pharmaco (pharmaco) ~ : braakmiddel
emetic, bibita (bibita)/biberage ~ : braakdrank
eminentissime (eminentissime) /adj/ : eminentissime, zeer verheven (aanspreektitel van kardinalen)
emirato, Emiratos Arabe (Arabe) Unite : Verenigde Arabische Emiraten
emission, theoria (theoria) de ~ : emissietheorie
emmetropia (emmetropia) /sub/ : BIOLOGIA emmetropie, lichtbreking van het oog
emotive, crise/crisis (crisis) ~ : emotionele crisis
empathia (empathia) /sub/ : PHILOSOPHIA, PSYCHOLOGIA empathie
empetronigre (empetronigre) /sub/ : BOTANICA kraaiheide, besheide
emphase (emphase) (-asis) /sub/ : klem, nadruk
emphase (emphase) (-asis), mitter/poner le ~ super (super) : de nadruk leggen op
emphase (emphase) (-asis) /sub/ : gezwollenheid, hoogdravendheid, pathos, bombast
emphase (emphase) (-asis), discurso plen de ~ : gezwollen redevoering
emphase (emphase) (-asis), sin ~ : eenvoudigweg, simpelweg, zonder enige drukte
emphyteose (-osis (-osis)) /sub/ : erfpacht
emphyteotic, termino (termino) ~ : erfpachttermijn
empiric, philosophia (philosophia) ~ : empirische wijsbegeerte
empiric, methodo (methodo) ~ : empirische methode
empleato, ~ ferroviari/de(l) ferrovia (ferrovia)(s) : spoorwegbeambte/arbeider
empleato, ~ de pompas funebre (funebre) : lijkbezorger
empleo (empleo) /sub/ : gebruik, besteding, aanwending
empleo (empleo), modo de ~ : gebruiksaanwijzing
empleo (empleo), notitia de ~ : bijsluiter
empleo (empleo), facer un bon/mal ~ de su tempore : zijn tijd goed/slecht gebruiken
empleo (empleo), ~ del tempore : tijdsbesteding
empleo (empleo), ~ de tractores : gebruik van tractoren
empleo (empleo), facer ~ del fortia : geweld gebruiken
empleo (empleo), preste al ~ : gebruiksklaar
empleo (empleo) /sub/ : baan, betrekking, functie, ambt, werk(gelegenheid)
empleo (empleo), ~ temporari : tijdelijke betrekking
empleo (empleo), ~ a tempore partial : deeltijdbaan
empleo (empleo), ~ a plen tempore/a tempore complete : full-timebaan
empleo (empleo), ~ de officio/bureau : kantoorbaan
empleo (empleo), ~ del stato : staatsbetrekking, overheidsbaan
empleo (empleo), ~ secundari/accessori : bijbaan
empleo (empleo), ~ sedentari : zittend beroep
empleo (empleo), bursa del ~ : banenmarkt
empleo (empleo), sin ~ fixe : zonder vaste betrekking
empleo (empleo), procurar un ~ a un persona : iemand een baan bezorgen
empleo (empleo), dar ~ a un persona : iemand in dienst nemen
emu (emu) /sub/ : ZOOLOGIA emoe
enarthrose (-osis (-osis)) /sub/ : ANATOMIA kogelgewricht, enarthrose
encephalitis (encephalitis) /sub/ : MEDICINA hersenontsteking, encefalitis
encephalitis (encephalitis), ~ lethargic : slaapziekte
encephalitis (encephalitis), ~ purulente : etterende encefalitis
encephalitis (encephalitis), ~ spongiforme bovin : gekkekoeienziekte, BSE
encephalo (encephalo) /sub/ : ANATOMIA (grote en kleine) hersenen, encephalon
encephalo (encephalo), trunco del ~ : hersenstam
encephalocele (encephalocele) /sub/ : hersenbreuk
encephalographia (encephalographia) /sub/ : MEDICINA encefalografie
encephalographo (encephalographo) /sub/ : MEDICINA encefalograaf
encephalomalacia (encephalomalacia) /sub/ : MEDICINA encefalomalacie, hersenverweking
encephalomyelitis (encephalomyelitis) /sub/ : MEDICINA encefalomyelitis (ontsteking van hersenen en ruggemerg)
encephalopathia (encephalopathia) /sub/ : MEDICINA encefalopathie
encephalopathia (encephalopathia), ~ bovin spongiforme : BSE gekkekoeienziekte
encephalotomia (encephalotomia) /sub/ : MEDICINA hersenoperatie
enclise (enclise) (-isis) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA enclise, enclisis
encyclic, littera (littera) ~ : (pauselijke) zendbrief
encyclopedia (encyclopedia) /sub/ : encyclopedie
encyclopedia (encyclopedia), ~ general : algemene encyclopedie
encyclopedia (encyclopedia), ~ del technica : technische encyclopedie
encyclopedia (encyclopedia),  ~ ambulante/vivente : wandelende encyclopedie
endemia (endemia) /sub/ : endemie, endemische ziekte
endemic, maladia (maladia)/morbo ~ : ziekte die veroorzaakt wordt door plaatselijke omstandigheden
endemiologia (endemiologia) /sub/ : endemiologie
endocarditis (endocarditis) /sub/ : MEDICINA endocarditis
endocrinologia (endocrinologia) /sub/ : endocrinologie
endocrinologo (endocrinologo) /sub/ : endocrinoloog
endogame (endogame) /adj/ : endogaam, endogamie bedrijvend
endogame (endogame), populationes ~ =  : endogame bevolkingen
endogame (endogame) /sub/ : endogamie, inteelt
endogene, organo (organo) ~ : endogeen orgaan
endometritis (endometritis) /sub/ : MEDICINA endometritis (ontsteking van het baarmoederslijmvlies)
endophyto (endophyto) /sub/ : BOTANICA endofyt
endophyto (endophyto) /sub/ : endofyt
endoscopia (endoscopia) /sub/ : MEDICINA endoscopie
endoskeleto (endoskeleto) /sub/ : ZOOLOGIA endoskelet
endosmometro (endosmometro) /sub/ : PHYSICA endosmometer
endosmose (-osis (-osis)) /sub/ : PHYSICA endosmose
endosymbiose (-osis (-osis)) /sub/ : endosymbiose
endymion (endymion) /sub/ : BOTANICA wilde hyacint
Eneas (Eneas) /sub/ : MYTHOLOGIA Aeneas
energetic, theoria (theoria) ~ : energetica
energia (energia) /sub/ : PHYSICA energie, arbeidsvermogen
energia (energia), ~ cinetic : arbeidsvermogen van beweging, kinetische energie
energia (energia), ~ potential : arbeidsvermogen van plaats, potentiële energie
energia (energia), ~ mechanic : mechanische energie
energia (energia), ~ thermic : warmte-energie
energia (energia), ~ solar : zonneënergie
energia (energia), ~ electric : elektrische energie
energia (energia), ~ atomic/nuclear : atoomenergie, kernenergie
energia (energia), ~ hydric/hydraulic : waterkracht
energia (energia), ~ de radiation : stralingsenergie
energia (energia), ~ luminose : lichtenergie
energia (energia), ressource (F)/fonte de ~ : energiebron
energia (energia), economia (economia) de ~ : energiebesparing
energia (energia), besonio de ~ : energiebehoefte
energia (energia), politica de ~ : energiebeleid
energia (energia), scarsitate de ~ : energieschaarste
energia (energia), compania (compania) de ~ : energiebedrijf
energia (energia), crise/crisis (crisis) de ~ : energiecrisis
energia (energia), consumo de ~ : energieverbruik
energia (energia), perdita (perdita) de ~ : energieverlies
energia (energia), dilapidation/dissipation de ~ : energieverspilling
energia (energia), conservation de ~ : energiebehoud
energia (energia), approvisionamento in ~ : energievoorziening
energia (energia) /sub/ : kracht, geestkracht, veerkracht, werkvermogen, wilskracht, dadendrang, energie
energia (energia), ~ vital : levenskracht
energia (energia), con ~ : krachtig
energumeno (energumeno) /sub/ : bezetene, fanaticus, woesteling, dolleman
enharmonia (enharmonia) /sub/ : MUSICA enharmoniek
enigmatic, philosophia (philosophia) ~ : duistere filosofie
enneagono (enneagono) /sub/ : MATHEMATICA negenhoek
enneasyllabe (enneasyllabe) /adj/ : negenlettergrepig
enoio (enoio) /sub/ : zorg, probleem
enoio (enoio), ~s : moeilijkheden, problemen, onaangenaamheden
enoio (enoio), ~s familial : gezinsmoeilijkheden
enoio (enoio), causar ~s a un persona : iemand in moeilijkheden brengen
enoio (enoio) /sub/ : verveling, sleur
enoio (enoio), ~ de viver : levensmoeheid
enologia (enologia) /sub/ : leer van de aanbouw en de behandeling van wijnen
enologic, analyse (analyse) (-ysis) ~ : enologische analyse
enologo (enologo) /sub/ : enoloog
enometro (enometro) /sub/ : enometer
enostose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA enostosis (abnormale botweefselvorming)
ensemble, ~ de musica de camera (camera) : kamermuziekensemble
entelechia (entelechia) /sub/ : PHILOSOPHIA entelechie
enteralgia (enteralgia) /sub/ : MEDICINA ingewandspijn, buikpijn, enteralgie
enteritis (enteritis) /sub/ : MEDICINA dunne-darmontsteking, enteritis
enterocolitis (enterocolitis) /sub/ : MEDICINA dunne- en dikke-darmontsteking, enterocolitis
enterologia (enterologia) /sub/ : MEDICINA enterologie
enteron (enteron) /sub/ : ANATOMIA, ZOOLOGIA voedselkanaal
enteropathia (enteropathia) /sub/ : MEDICINA enteropathie
enterorenal, syndrome (syndrome) ~ : enterorenaal syndroom
enterotomia (enterotomia) /sub/ : darmsnede, enterotomie
enterotomo (enterotomo) /sub/ : MEDICINA enterotoom
enterotoxemia (enterotoxemia) /sub/ : MEDICINA enterotoxemie
enterovirus (enterovirus) /sub/ : MEDICINA enterovirus
enthalpia (enthalpia) /sub/ : PHYSICA enthalpie, warmtefunctie
entomographia (entomographia) /sub/ : entomografie, beschrijving van insekten
entomographo (entomographo) /sub/ : entomograaf, beschrijver van insekten
entomolitho (entomolitho) /sub/ : entomoliet
entomologia (entomologia) /sub/ : insektenkunde, insektologie, entomologie
entomologia (entomologia), ~ applicate : toegepaste entomologie
entomologo (entomologo) /sub/ : insektenkenner, insektoloog, entomoloog
entomophage (entomophage) /adj/ : ZOOLOGIA insektenetend, insektivoor, entomofaag
entomophago (entomophago) /sub/ : ZOOLOGIA insekteneter
entomophilia (entomophilia) /sub/ : BOTANICA entomofilie, bestuiving door insekten
entoscopia (entoscopia) /sub/ : MEDICINA entoscopie
entozoon (entozoon)(pl :entozoa) /pl/ : ingewandsparasiet
entrar, ~ in le diplomatia (diplomatia) : in diplomatieke dienst treden
entrar, ~ in exopero (exopero) : in staking gaan
entrata, ~ de aere (aere) : luchttoevoer
entropia (entropia) /sub/ : PHYSICA entropie
entropia (entropia), ~ conditional : voorwaardelijke entropie
entropia (entropia), ~ negative : negatieve entropie
entropia (entropia), production de ~ : entropieproduktie
enurese,enuresis (enuresis) /sub/ : MEDICINA het bedwateren, enuresis
enurese,enuresis (enuresis), suffrer de ~ nocturne : bedwateren
enzymatic, catalyse (catalyse) (-ysis) ~ : enzymkatalyse
enzymatic, synthese (-esis (-esis)) ~ : enzymsynthese
enzymologia (enzymologia) /sub/ : enzymologie
enzymologo (enzymologo) /sub/ : enzymoloog
eoanthropo (eoanthropo) /sub/ : PALEONTOLOGIA eoanthropus
eocen, le periodo (periodo) ~ precede le oligoceno : de oecene periode gaat aan het oligoceen vooraf
eoe (eoe) /adj/ : van de dageraad, dageraad...
eoe (eoe) /adj/ : van het oosten
eolic, deposito (deposito) ~ : eolische afzetting
eolic, energia (energia) ~ : windenergie
eolic, dynamo (dynamo) ~ : winddynamo
eolie, machina (machina) ~ : windmachine
eolie, energia (energia) ~ : windenergie
eolitho (eolitho) /sub/ : GEOLOGIA, ARCHEOLOGIA eoliet (onbewerkte brokken steen)
eolo (eolo) /sub/ : MYTHOLOGIA Aeolus (god van de wind)
eon (eon) /sub/ : aeon, eeuwigheid
eos (eos) /sub/ : MYTHOLOGIA Eos
eosinophilia (eosinophilia) /sub/ : MEDICINA eosinofilie
eosinophilo (eosinophilo) /sub/ : MEDICINA eosinofielcel
ep(e)irogenese (irogenese) (-esis) /sub/ : GEOLOGIA epirogenese
eparchia (eparchia) /sub/ : HISTORIA eparchie
epeirogenese (epeirogenese) (-esis) /sub/ : GEOLOGIA epirogenese
epenthese (epenthese) (-esis) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA epenthesis, inlassing
ephemero (ephemero) /sub/ : ZOOLOGIA haft, eendagsvlieg
ephemero (ephemero), ~s : Ephemera
ephod (ephod) /sub/ : RELIGION efod (kledingstuk der Levieten)
ephoro (ephoro) /sub/ : ANTIQUITATE efoor (bijv in Sparta)
epic, poesia (poesia) ~ : epische poëzie
epic, periodo (periodo) ~ : episch tijdvak
epiclese (-esis (-esis)) /sub/ : RELIGION epiclese (aanroeping van de H.Geest)
epicondylitis (epicondylitis) /sub/ : MEDICINA tennisarm
epicrise (-isis (-isis)) /sub/ : epicrise (gedetailleerde kritische bespreking/analyse)
epicuree (epicuree) /adj/ : betrekking hebbend op de leer van Epicurus, epicur(ist)isch
epicuree (epicuree), philosophia (philosophia) ~ : epicur(ist)ische filosofie
epicuree (epicuree), doctrina ~ : epicur(ist)ische leer
epicuree (epicuree), moral ~ : epicur(ist)ische moraal
epicuree (epicuree) /adj/ : genotzuchtig, epicur(ist)isch
epicureo (epicureo) /sub/ : aanhanger van het epicurisme, epicurist
epicureo (epicureo) /sub/ : genotzoeker, epicurist
epidemia (epidemia) /sub/ : epidemie
epidemia (epidemia), ~ de grippe/de influenza : griepepidemie
epidemia (epidemia), ~ de peste : pestepidemie
epidemia (epidemia), ~ variolic/de variola : pokkenepidemie
epidemia (epidemia), ~ de cholera (cholera) : cholera-epidemie
epidemia (epidemia), ~ recrudescente : weer oplaaiende epidemie
epidemia (epidemia), localisar un ~ : een epidemie indammen
epidemic, maladia (maladia) ~ : epidemische ziekte
epidemic, character (character) ~ de un maladia (maladia) : epidemisch karakter van een ziekte
epidemiologia (epidemiologia) /sub/ : epidemiologie
epidemiologo (epidemiologo) /sub/ : epidemioloog
epidermis (epidermis) /sub/ : opperhuid, epiderm(is)
epidermitis (epidermitis) /sub/ : MEDICINA epidermitis, ontsteking van de opperhuid
epidermophytia (epidermophytia) /sub/ : zwemmerseczeem
epididyme (epididyme) /sub/ : ANATOMIA bijbal, epididymis
epigearepente (epigearepente) /sub/ : BOTANICA aardbeistruik
epigee (epigee) /adj/ : BOTANICA epigeïsch, bovengronds
epigee (epigee), planta ~ : epigeïsche plant
epigenese (epigenese) (-esis) /sub/ : epigenese
epiglottis (epiglottis) /sub/ : ANATOMIA strotklepje, keelklepje, epiglottis
epigono (epigono), ~s : Epigonen
epigrammatic, poesia (poesia) ~ : epigrammatische poëzie
epigraphia (epigraphia) /sub/ : epigrafie, epigrafiek, epigrafica, opschriftkunde
epigraphia (epigraphia), ~ classic : klassieke epigrafie
epigraphia (epigraphia), ~ grec : Griekse epigrafie
epigraphia (epigraphia), ~ hittita : Hittitiesceh epigrafie
epigraphia (epigraphia), ~ assyrie : Assyrische epigrafie
epigraphia (epigraphia), ~ babylonian : Babylonische epigrafie
epigraphia (epigraphia), ~ christian : Christelijke epigrafie
epigraphia (epigraphia), ~ humanistic : humanistische epigrafie
epigraphia (epigraphia), ~ moderne : moderne epigrafie
epigrapho (epigrapho) /sub/ : epigraaf, opschrift, inschrift, inscriptie, motto
epilepsia (epilepsia) /sub/ : epilepsie, vallende ziekte
epilepsia (epilepsia), ~ : epileptische aanval, aanval van epilepsie
epileptic, syndrome (syndrome) ~ : epileptisch syndroom
epileptic, accesso/attacco/crise/crisis (crisis) ~ : aanval van epilepsie, epileptische aanval
epileptologo (epileptologo) /sub/ : epileptoloog
epilogo (epilogo) /sub/ : epiloog, slotwoord, narede, naspel (toneel)
epimorphose (-osis (-osis)) /sub/ : epimorfose
epiopactis (epiopactis) /sub/ : BOTANICA wespenorchis
Epiphania (Epiphania) /sub/ : Driekoningen(feest), Epifanie
epiphenomeno (epiphenomeno) /sub/ : PHILOSOPHIA randverschijnsel, begeleidend verschijnsel, begeleidingsverschijnsel
epiphenomeno (epiphenomeno) /sub/ : MEDICINA bijverschijnsel (bij ziekte)
epiphora (epiphora) /sub/ : LITTERATURA epifoor
epiphora (epiphora) /sub/ : MEDICINA tranenvloed
epiphyse (epiphyse) (-ysis) /sub/ : ANATOMIA epifyse (dik uiteinde van pijpbeen), pijnappelklier
epiphyte (epiphyte) /adj/ : BOTANICA epiphytisch (op andere planten levend, maar niet parasiterend)
epiphyte (epiphyte), planta ~ : gastplant, epifiet
epiphytia (epiphytia) /sub/ : BOTANICA epidemische planteziekte
epiphyto (epiphyto) /sub/ : BOTANICA epifyt, gastplant
epiphyto (epiphyto), vegetation de ~s : epifytenvegetatie
epiphyto (epiphyto), le lianas es ~s : lianen zijn epifyten
epiploitis (epiploitis) /sub/ : MEDICINA darmvliesontsteking
epiploon (epiploon) /sub/ : ANATOMIA darmvlies, darmnet, epiploön
epiploon (epiploon), hernia del ~ : netbreuk
epiploon (epiploon), inflammation de ~ : darmvliesontsteking
episcopal, synodo (synodo) ~ : bisschopssynode
episcopia (episcopia) /sub/ : episcopie
episcopo (episcopo) /sub/ : bisschop
episcopo (episcopo), ~ auxiliar : hulpbisschop
episcopo (episcopo), ~ missionari : missiebisschop
episcopo (episcopo), ~ titular : titulaire bisschop
episcopo (episcopo), ~ suffraganee : suffragaanbisschop
episiotomia (episiotomia) /sub/ : MEDICINA episiotomia (episiotomia), inknipping
episiotomia (episiotomia), facer un ~ : inknippen
epistasia (epistasia) /sub/ : BIOLOGIA epistasie
epistaxis (epistaxis) /sub/ : MEDICINA neusbloeding
epistemologia (epistemologia) /sub/ : epistemologie, kennisleer, wetenschapsleer
epistemologo (epistemologo) /sub/ : PHILOSOPHIA epistemoloog
epistola (epistola) /sub/ : brief, epistel
epistola (epistola), ~ dedicatori : opdracht in briefvorm
epistola (epistola) /sub/ : ECCLESIA epistel, (zend)brief (der Apostelen)
epistola (epistola), ~ de Sancte Paulo : brief van Paulus
epistola (epistola), ~ pastoral : pastorale brief
epistolographia (epistolographia) /sub/ : epistolografie, kunst van het briefschrijven
epistolographia (epistolographia), le genere litterari del ~ : het literaire genre van het brievenschrijven
epistolographo (epistolographo) /sub/ : epistolograaf, briefschrijver (inz. auteur van wie men de verzamelde brieven bezit)
epistropheo (epistropheo) /sub/ : ANATOMIA epistrofeus, draaier
epitase (epitase) (-asis) /sub/ : hoofdhandeling in een Grieks dramatisch werk
epithema (epithema) /sub/ : PHARMACIA papkompres
epitheto (epitheto) /sub/ : epitheton, toevoegsel, bijnaam, toenaam
epitome (epitome) /sub/ : epitoom, kort begrip, uittreksel, kort overzicht, résumé, schets
epitrope (epitrope) /sub/ : epitrope
epizoon (epizoon)(pl :epizoa) /pl/ : insekt dat op of in de huid van dieren leeft, zoals luizen en teken
epizootia (epizootia) /sub/ : epizoötie (besmettelijke veeziekte), runderpest
epizootic, maladia (maladia) ~ : epidemische veeziekte
epocha (epocha) /sub/ : tijdperk, tijdvak, tijd, periode
epocha (epocha), ~ glacial : ijstijd
epocha (epocha), facer ~ : baanbrekend zijn, opgang maken, epoche maken, een nieuw tijdperk inluiden, stof doen opwaaien
epocha (epocha), ~ transitori/de transition : overgangstijd
epocha (epocha), ~ del cavalleria (cavalleria) : riddertijd
epocha (epocha), ~ del perrucas : pruikentijd
epocha (epocha), ~ del revolution francese : tijdperk van de Franse revolutie
epocha (epocha), ~ industrial : industriëel tijdperk
epocha (epocha), ~ de gloria : glorietijd
epocha (epocha), le governamento del ~ : de toenmalige regering
epocha (epocha), Picasso in su ~ blau : Picasso in zijn blauwe periode
epocha (epocha), spirito (spirito) del ~ : geest van de tijd
epocha (epocha), le exigentias de nostre ~ : de eisen des tijds
epocha (epocha), esser filio de su ~ : een kind van zijn tijd zijn
epocha (epocha), tractar un autor in le quadro de su ~ : een schrijver in het raam van zijn tijd behandelen
epodic, poesia (poesia) ~ : epodische poëzie
eponyme (eponyme) /adj/ : eponiem, naamgevend
eponymia (eponymia) /sub/ : HISTORIA ambt of ambtsduur van een eponieme magistraat
eponymo (eponymo) /sub/ : naamgever
epopeia (epopeia) /sub/ : epos
epopeia (epopeia), ~ classic : klassieke epos
epopeia (epopeia), ~ germanic : Germaanse epos
epopeia (epopeia), ~ carolingian : Karolingische epos
epopeia (epopeia), ~ animal : dierenepos
epopeia (epopeia), ~ cavalleresc : ridderepos
epopeia (epopeia) /sub/ : heldenfeiten
epopeia (epopeia) /sub/ : epoptisch
epopeia (epopeia), colores ~ : epoptische kleuren
epos (epos) /sub/ : epos, heldendicht
epoxydo (epoxydo) /sub/ : CHIMIA epoxide
epsilon (epsilon) /sub/ : epsilon (vijfde letter van het Griekse alfabet)
epuration, ~ del aere (aere) : luchtzuivering
equalitari, theoria (theoria) ~ : egalitaire theorie
equalitari, ideologia (ideologia) ~ : egalitaire ideologie
equanime (equanime) /adj/ : gelijkmoedig, onverstoorbaar
equation, ~ algebric/algebraic (algebraic) : algebraïsche vergelijking
equatorial, diametro (diametro) ~ : diameter van de equator
eque, judice (judice) ~ : integere rechter
equilateral, polygono (polygono) ~ : gelijkzijdige veelhoek
equilatere, hyperbola (hyperbola) ~ : hyperbool met rechthoekige asymptoten
equilibrio, ~ europee (europee) : machtsevenwicht in Europa
equilibrio, organo (organo) del ~ : evenwichtsorgaan
equin, testa/capite (capite) ~ : paardekop
equin, variola (variola) ~ : paardepokken
equinoctial, marea (marea) ~ : springvloed, springtij
equinoctio, marea (marea) de ~ : springvloed, springtij
equipa, spirito (spirito) de ~ : teamgeest
equipamento, ~ de radar (radar) : radarinstallatie
equipar, ~ un armea (armea) : een leger uitrusten
equipartition, le ~ del energia (energia) cinetic de un gas : de gelijke verdeling van de kinetische energie van een gas
equitabile, judice (judice) ~ : onkreukbaar rechter
equite (equite) /sub/ : HISTORIA ROMAN ridder (iemand die tot de Romeinse middenstand behoorde)
equivalente, circuito (circuito) ~ : equivalente schakeling
equivoc (equivoc) /adj/ : dubbelzinnig, ambigu, meerduidig, duister, onduidelijk
equivoc (equivoc), phrase ~ : zin die voor tweeërlei uitleg vatbaar is
equivoc (equivoc), terminos (terminos) ~ : dubbelzinnige termen
equivoc (equivoc), attitude ~ : dubbelzinnige houding
equivoc (equivoc), joco de parolas ~ : gewaagde woordspeling
equivoc (equivoc), su responsas esseva ~ : zijn antwoorden waren dubbelzinnig
equivoc (equivoc) /adj/ : verdacht, louche, bedenkelijk
equivoc (equivoc), reputation ~ : bedenkelijke reputatie
equivoc (equivoc), individuo ~ : verdacht persoon
equivoc (equivoc), reguardos ~ : louche blikken
equivocitate, ~ de un termino (termino) : dubbelzinnigheid van een term
equivoco (equivoco) /sub/ : woordspeling, dubbelzinnigheid, onduidelijkheid
equivoco (equivoco), declaration sin ~ : ondubbelzinnige verklaring
eragrostis (eragrostis) /sub/ : BOTANICA liefdegras
eragrostis (eragrostis), ~ mexican : mexicaans liefdegras
eragrostis (eragrostis), ~ abyssinic : abyssinisch liefdegras
eranthis (eranthis) /sub/ : BOTANICA
eranthis (eranthis), ~ (hyemal) : winterakoniet
erbium (erbium) /sub/ : CHIMIA erbium
erecte, star con le testa/capite (capite) ~ : met geheven hoofd staan
eremiteria (eremiteria) /sub/ : kluizenaarswoning
eremophilaalpestre (eremophilaalpestre) /sub/ : bergleeuwerik
ergographo (ergographo) /sub/ : ergometer, ergograaf, spierkrachtmeter
ergologia (ergologia) /sub/ : ergologie (bestudering van spierarbeid)
ergometria (ergometria) /sub/ : ergometrie (meting van spierarbeid)
ergometro (ergometro) /sub/ : ergometer, ergograaf, spierkrachtmeter
ergonomia (ergonomia) /sub/ : ergonomie, arbeidsleer
ergonomo (ergonomo) /sub/ : ergonoom
ergotherapeutica /sub/ : Vide: ergotherapia (ergotherapia)
ergotherapia (ergotherapia) /sub/ : ergotherapie, arbeidstherapie
ericiar, esser ericiate de debitas (debitas) : tot over de oren in de schuld zitten
eriophoro (eriophoro) /sub/ : BOTANICA wollegras
eriophoro (eriophoro), ~ vaginate : eenarig wollegras
eriophoro (eriophoro), ~ latifolie : breed wollegras
eriophoro (eriophoro), ~ angustifolie : veenpluis
eriophoro (eriophoro), ~ gracile : slank wollegras
Eritrea (Eritrea) /sub/ : Eritrea
eritree (eritree) /adj/ : Eritrees
erophila (erophila) /sub/ : BOTANICA vroegeling
eros (eros) /sub/ : Eros
erosion, indice (indice)/index (index) de ~ : erosie-index
erotic, poesias (poesias) ~ : erotische gedichten
erotologia (erotologia) /sub/ : erotologie, beschrijving van liefdestechnieken
erotologo (erotologo) /sub/ : erotoloog
erotomania (erotomania) /sub/ : MEDICINA erotomanie, hyperseksualiteit
erotomaniac (erotomaniac) /adj/ : erotomaan, aan seks verslaafd
erotomaniac (erotomaniac), delirio ~ : erotomane vervoering
erotomaniaco (erotomaniaco) /sub/ : erotomaan
erotomano (erotomano) /sub/ : erotomaan
erotophobia (erotophobia) /sub/ : erotofobie
errante, le Hebreo (Hebreo) ~ : de wandelende Jood
erronee, idea (idea) ~ : wanbegrip
erroneitate, le ~ de un these (-esis (-esis)) : het onjuist zijn van een stelling
eruca, excavator super (super) ~s : rupsgraafmachine
erumper, ~ in lacrimas (lacrimas) : in tranen uitbreken
eryngio, ~ maritime (maritime) : zeekruisdistel, blauwe zeedistel, meerdistel
erysimo (erysimo) /sub/ : BOTANICA steenraket
erysipela (erysipela) /sub/ : MEDICINA huidroos, belroos, wondroos
erythrea (erythrea) /sub/ : BOTANICA duizendguldenkruid
erythrophobia (erythrophobia) /sub/ : MEDICINA bloosangst
esca, anate (anate) de ~ : lokeend
escappar, ~ al policia (policia) : de politie ontlopen
eschatologia (eschatologia) /sub/ : RELIGION eschatologie
eschatologo (eschatologo) /sub/ : RELIGION kenner van de eschatologie, eschatoloog
eschimo (eschimo) /sub/ : Eskimo
eschylo (eschylo) /sub/ : Aeschylus
esclusa, camera (camera) de ~ : sluiskolk
esclusa, ~ de marea (marea) : getijsluis
esclusa, ~ a aere (aere) : luchtsluis
esdras (esdras),Ezra /sub/ : BIBLIA Ezra
esophagee (esophagee) /adj/ : ANATOMIA de slokdarm betreffend, slokdarm...
esophagitis (esophagitis) /sub/ : slokdarmontsteking
esophago (esophago) /sub/ : ANATOMIA slokdarm
esophago (esophago), movimento del ~ : slokdarmbeweging
esophago (esophago), pariete del ~ : slokdarmwand
esophago (esophago), cancere/carcinoma de ~ : slokdarmkanker
esopo (esopo) /sub/ : Esopus
esopo (esopo), fabulas de ~ : fabels van Esopus
esoteric, poesia (poesia) ~ : esoterische poëzie
esoteric, le doctrina ~ de Pythagoras (Pythagoras) : le esoterische leer van Pythagoras
espaniolophono (espaniolophono) /sub/ : Spaanssprekende
esque  /{eske (eske)}/ : PARTICULA INTERROGATIVE
essayo (essayo) /sub/ : proef(neming), keuring, test, toets
essayo (essayo), ~ nuclear : kernproef
essayo (essayo), ~ de traction : trekproef
essayo (essayo), ~ de laboratorio : laboratoriumproef
essayo (essayo), perforation de ~ : proefboring
essayo (essayo), pilota de ~ : invlieger, testpiloot
essayo (essayo), volo de ~ : proefvlucht
essayo (essayo), facer un volo de ~ con un avion : een vliegtuig invliegen
essayo (essayo), pista/percurso de ~s : proefbaan, testbaan
essayo (essayo), auto(mobile) de ~ : testauto
essayo (essayo), abonamento de ~ : proefabonnement
essayo (essayo), colpo de ~ : proefschot
essayo (essayo), ballon de ~ : proefballon
essayo (essayo), banco de ~ : proefbank
essayo (essayo), periodo (periodo) de ~ : proefperiode
essayo (essayo), aco/agulia de ~ : proefnaald
essayo (essayo), conilio de ~ : proefkonijn
essayo (essayo), reactor de ~ : proefreactor
essayo (essayo), tubo de ~ : reageerbuisje
essayo (essayo), cabina/cubiculo de ~ : pashokje
essayo (essayo) /sub/ : poging
essayo (essayo), ~s timide : zwakke pogingen
essayo (essayo) /sub/ : essaai, essai, goudkeuring, zilverkeuring
essayo (essayo), peso de ~ : keurgewicht
essayo (essayo) /sub/ : LITTERATURA essay
essential, character (character) ~ de un libro : wezenlijk kenmerk/hoofdkenmerk van een boek
essential, pecia ~ de un machina (machina) : essentieel onderdeel van een machine
essentialismo, le ~ de Platon (Platon) : het essentialisme van Plato
essugacapillos (essugacapillos) /sub/ : haardroger, haardroogapparaat
essugadiscos (essugadiscos) /sub/ : platenreiniger
essugamobiles (essugamobiles) /sub/ : stofdoek
essugapedes (essugapedes) /sub/ : deurmat
essugavitros (essugavitros) /sub/ : ruitenwisser
essugavitros (essugavitros), ~ intermittente : ruitewisser met interval
establimento, ~ de credito (credito) : kredietinstelling
ester (ester) /sub/ : CHIMIA ester
est-europee (est-europee) /adj/ : Oost-Europees
esthesia (esthesia) /sub/ : BIOLOGIA (prikkel)gevoeligheid, prikkelbaarheid
esthesiologia (esthesiologia) /sub/ : BIOLOGIA waarnemingsleer, zintuigenleer
esthesiometria (esthesiometria) /sub/ : BIOLOGIA esthesiometrie, meting van de tastzin
esthesiometro (esthesiometro) /sub/ : esthesiometer
esthesioneurose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA esthesioneurose
esthetic, chirurgia (chirurgia) ~ : plastische chirurgie
esthetica, le ~ dogmatic de Platon (Platon) : de dogmatische esthetica de Plato
estranie, un phenomeno (phenomeno) ~ : een vreemd/raar verschijnsel
estrogeno (estrogeno) /sub/ : BIOLOGIA oestrogeen
estuario, ~ de marea (marea) : getijestuarium
etate, ~ minime (minime) : vereiste leeftijd
etate, gruppo/categoria (categoria) de (un determinate) ~ : leeftijdsgroep
etcetera (etcetera)  /LATINO/ : en zo voort, enz.
eternal, adeo (adeo)/adieu (F) ~ : afscheid voor altijd
eternisar, iste discoperta eternisara (eternisara) le memoria de iste grande scientista : vereeuwigen, onsterfelijk maken
ethere,  masca/mascara (mascara) de/a ~ : ethermasker/kapje
etheromano (etheromano) /sub/ : etheromaan
ethiope (ethiope) /sub/ : Ethiopiër
ethiope (ethiope) /sub/ : (taal) Ethiopisch
ethiope (ethiope) /adj/ : Ethiopisch
ethnarchia (ethnarchia) /sub/ : ANTIQUITATE etnarchie
ethnia (ethnia) /sub/ : etnie, volksgroepbevolkingsgroep
ethnogenia (ethnogenia) /sub/ : etnogenie
ethnographia (ethnographia) /sub/ : etnografie, beschrijvende volkenkunde
ethnographic, museo (museo) ~ : etnografisch mu-seum
ethnographo (ethnographo) /sub/ : etnograaf
ethnologia (ethnologia) /sub/ : etnologie, volkenkunde
ethnologo (ethnologo) /sub/ : etnoloog, volkenkundige
ethnomusicologia (ethnomusicologia) /sub/ : etnomusicologie
ethnomusicologo (ethnomusicologo) /sub/ : etnomusicoloog
ethnopsychiatria (ethnopsychiatria) /sub/ : etnopsychiatrie
ethnopsychologia (ethnopsychologia) /sub/ : etnopsychologie
ethographia (ethographia) /sub/ : ethografie
ethologia (ethologia) /sub/ : ethologie, gedragsleer
ethologo (ethologo) /sub/ : etholoog
ethopeia (ethopeia) /sub/ : RHETORICA schildering van iemands karakter en zeden
ethos (ethos) /sub/ : PHILOSOPHIA RHETORICA ethos, geest, karakter
ethylic, compositos (compositos) ~ : ethylverbindingen
etiam (etiam) /adv/ : ook, eveneens, evenzo
etiam (etiam), non solmente ... sed ~ ... : niet alleen ... maar ook ...
etiam (etiam) /adv/ : zelfs
etiologia (etiologia) /sub/ : etiologie, leer van de oorzaken
etiologia (etiologia) /sub/ : MEDICINA etiologie
etiologia (etiologia) /sub/ : HISTORIA etiologie
étiopathia (tiopathia) /sub/ : etiopathie
etiquettar , machina (machina) a/de ~ : etiketteermachine
etruscologia (etruscologia) /sub/ : etruscologie, studie van de Etrusken
etruscologo (etruscologo) /sub/ : etruscoloog, kenner van de Etrusken
etymo (etymo) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA etymon, oerwoord
etymo (etymo), le ~ de interlingua "verde" es le "viridis" latin : het etymon van "verde" in interlingua is het latijnse "viridis"
etymologia (etymologia) /sub/ : etymologie (wetenschap)
etymologia (etymologia) /sub/ : oorsprong of afleiding van een woord
etymologia (etymologia), ~ popular : volksetymologie
etymologic, orthographia (orthographia) ~ : etymologische spelling
etymologo (etymologo) /sub/ : etymoloog
eucalypto, cortice (cortice) de ~ : eucalyptusbast/schors
eucharistia (eucharistia) /sub/ : RELIGION eucharistie
eucharistia (eucharistia), celebration del ~ : eucharistieviering
Euclides (Euclides) /sub/ : Euclides
Euclides (Euclides), algorithmo de ~ : euclidisch algoritme
euclidian, geometria (geometria) (non) ~ : (niet-)euclidische meetkunde
eudemonia (eudemonia) /sub/ : PHILOSOPHIA eudemonie, geluk, welzijn
eudemonismo, ~ de Aristoteles (Aristoteles) : eudemonismo van Aristoteles
eudiometria (eudiometria) /sub/ : eudiometrie
eudiometro (eudiometro) /sub/ : eudiometer
eupepsia (eupepsia) /sub/ : MEDICINA goede spijsvertering
euphemia (euphemia) /sub/ : eufemisme
euphemic, terminos (terminos) ~ : verbloemende termen
euphemistic, terminos (terminos) ~ : verbloemende termen
euphonia (euphonia) /sub/ : welluidendheid, eufonie
euphoria (euphoria) /sub/ : euforie, opgetogenheid, goede stemming
euphoria (euphoria), ~ del victoria : overwinningsroes
euphoria (euphoria) /sub/ : MEDICINA roes, vervoering
euphoria (euphoria), ~ maniac (maniac) : manie
eurhythmia (eurhythmia) /sub/ : evenwicht(igheid), harmonie
eurhythmia (eurhythmia), ~ de colores : evenwichtigheid van kleuren
eurhythmia (eurhythmia) /sub/ : MEDICINA euritmie, regelmatige polsslag
Euro,eurus (eurus) /sub/ : Eurus, (zuid)oostenwind
eurocrate (eurocrate) /sub/ : eurocraat
eurodollar (eurodollar) /sub/ : eurodollar
eurodollar (eurodollar), mercato del ~ : eurodollarmarkt
europee (europee) /adj/ : Europees, van Europa
europee (europee), Russia ~ : Europees Rusland
europee (europee), Communitate ~ : Europese Gemeenschap
europee (europee), Union ~ : Europese Unie
europee (europee), Commission ~ : Europese Commissie
europee (europee), Parlamento ~ : Europees Parlement
europee (europee), commissario ~ : lid van de Europese Commissie
europee (europee), Union ~ de Pagamentos : Europese Betalingsunie
europee (europee), mercato ~ : europese markt
europee (europee), Banca Europee (Europee) de Investimentos : Europese Investeringsbank
europee (europee), le nationes/populos ~ : de volkeren van Europa
europeo (europeo) /sub/ : Europeaan
europhobia (europhobia) /sub/ : eurofobie
europium (europium) /sub/ : CHIMIA europium
eurosummite (eurosummite) /sub/ : eurotop
euscare (euscare) /adj/ : Baskisch
euscare (euscare), lingua ~ : Baskische taal, Baskisch
euscaro (euscaro) /sub/ : Bask
euscaro (euscaro) /sub/ : Baskisch (taal)
eutexia (eutexia) /sub/ : PHYSICA eutexie
eutexia (eutexia), puncto de ~ : eutectisch punt
euthanasia (euthanasia) /sub/ : euthanasie, vrijwillige levensbeëindiging
euthanasia (euthanasia), ~ active : actieve euthanasie
euthanasia (euthanasia), ~ passive : passieve euthanasie
euthanasia (euthanasia), practicar le ~ : euthanasie plegen
eutrophia (eutrophia) /sub/ : eutrofie, voedselrijkdom
evalutar, ~ le numero (numero) de visitatores : het aantal bezoekers schatten
evangelic, parabola (parabola) ~ : evangelische parabel
evangelio, ~ apocryphe (apocryphe) : apocrief evangelie
evangelisator, le monachos (monachos) irlandese esseva le ~es de Europa occidental : evangelieprediker, evangelieverkondiger, evangelist, evangelisator
evangelo (evangelo) /sub/ : evangelist
evasion, ~ foris (foris) del realitate : vlucht uit de werkelijkheid
eveliator, ~ de nove ideas (ideas) : iemand die met nieuwe ideeën komt
evitar, ~ le mal compania (compania) : slecht gezelschap mijden
evocar, ~ spiritos (spiritos) : geesten oproepen
evolution, ~ de un maladia (maladia) : verloop van een ziekte
evolution, theoria (theoria) del ~ : evolutietheorie
evolutionista, theoria (theoria) ~ : evolutionistische theorie
evolutionistic, these (-esis (-esis)) ~ : evolutionistische stelling
evolutionistic, theoria (theoria) ~ : evo-lutionistische theorie
evolutive, phenomenos (phenomenos) ~ : ontwikkelingsverschijnselen
evonymo (evonymo) /sub/ : BOTANICA kardinaalsmuts
exacerbation, ~ de un maladia (maladia) : verergering van een ziekte
exaltate, ideas (ideas) ~ : overspannen denkbeelden
examinar, ~ un machina (machina) : een machine nazien
examine, spirito (spirito) de ~ : kritische instelling
examine, periodo (periodo) del ~(s) : examenperiode
exanime (exanime) /adj/ : levenloos, ontzield, dood
exanime (exanime), cader ~ al solo : dood op de grond vallen
excambiar, ~ litteras (litteras) : in briefwisseling staan
excambio, ~ epistolari/de litteras (litteras) : briefwisseling
excavar, ~ asparagos (asparagos) : asperges steken
excavation, ~es de Pompei (Pompei) : opgravingen van Pompeji
excavator, ~ de trenchea (trenchea)  : sleuvengraafmachine
exceder, ~ le limites (limites) : te ver gaan
exceder, ~ le limite (limite) del velocitate : de maximumsnelheid overschrijden
exceder, le numero (numero) de mortes excede le numero (numero) de nascentias : te streng zijn
excellente, idea (idea) ~ : zeer goed idee
excentricitate, ~ del orbita (orbita) de un planeta : uitmiddelpuntigheid van de ban van een planeet
excepte, ~ approbation ultime (ultime) : behoudens nadere goedkeuring
excepte, io non sape nihil (nihil) de ille, ~ que ille fuma : ik weet niets van hem, behalve dat hij rookt
excitation, energia (energia) de ~ : excitatie-energie
excitation, circuito (circuito) de ~ : excitatiecircuit
excitation, dynamo (dynamo) de ~ : bekrachtigingsdynamo
exclarar, spiritos (spiritos) exclarate : verlichte geesten
exclusive, vendita (vendita) ~ : alleenverkoop
exclusive, le jovedi proxime (proxime) ~ : a.s. donderdag niet meegerekend
excretion, organo (organo) de ~ : uitscheidingsorgaan, excretieorgaan
excretori, organo (organo) ~ : uitscheidingsorgaan, excretieorgaan
exegese (~esis (~esis)) /sub/ : tekstverklaring, uitleg, exegese
exegese (~esis (~esis)) /sub/ : bijbeluitlegging, bijbelverklaring, bijbelexegese
exegese (~esis (~esis)), ~ historic : historische exegese
exegetic, methodo (methodo) ~ : exegetische methode
exemplar, ~ gratuite (gratuite) : presentexemplaar
exequatur (exequatur) /sub/ : JURIDIC exequatur, bekrachtiging
exequias (exequias) /sub/ : uitvaartplechtigheden, plechtige uitvaart, plechtige begrafenis
exercer, ~ controlo super (super) : toezicht uitoefenen op
exhalar, ~ le ultime (ultime) suspiro : de laatste adem uitblazen
exhalar, su auto(mobile) exhalava le ultime (ultime) suspiro : zijn auto gaf de geest
exhaustive, bibliographia (bibliographia) ~ : volledige bibliografie
exhaustivitate, ~ de un bibliographia (bibliographia) : volledigheid van een bibliografie
exigentia, le ~s de nostre epocha (epocha) : de eisen des tijds
exigentia, ~ minime (minime) : minimumeis
exigibile, debita (debita) ~ : invorderbare schuld
exigibilitate, ~ de un debita (debita) : invorderbaarheid van een schuld
exiguitate, le ~ del camera (camera) : de kleine afmetingen van het vertrek
existential, philosophia (philosophia) ~ : existentiefilosofie, existentialisme
existentialista, philosopho (philosopho) ~ : existentialistische filosoof
existentialista, philosophia (philosophia) ~ : existentialistische filosofie
exito (exito) /sub/ : aftreden (van toneel), vertrek
exito (exito) /sub/ : uitgang, deur (naar buiten)
exito (exito), ~ de urgentia/de succurso/de emergentia/de securitate : nooduitgang, nooddeur
exito (exito), ~ del artistas : artiestenuitgang
exito (exito), via de ~ : uitweg
exito (exito), non haber ~ : doodlopen
exito (exito), strata sin ~ : doodlopende straat
exito (exito), diriger se/ir al ~ : zich naar de uitgang begeven
ex-libris (ex-libris) /sub/ : ex-libris, boekmerk, boekteken
exobiologia (exobiologia) /sub/ : ruimtebiologie, astrobiologie, exobiologie
exobiologo (exobiologo) /sub/ : ruimtebioloog, astrobioloog, exobioloog
exodo (exodo) /sub/ : uittocht, trek, vlucht, exodus
exodo (exodo), Exodo : Exodus, Uittocht (uit Egypte)
exodo (exodo), ~ rural : trek naar de stad, ontvolking van het platteland
exodo (exodo), ~ del personal : personeelsverloop
exogame (exogame) /adj/ : exogaam
exogame (exogame), matrimonios ~ : exoga-mische huwelijken
exogamia (exogamia) /sub/ : exogamie
exopero (exopero) /sub/ : (werk)staking
exopero (exopero), ~ general : algemene staking
exopero (exopero), ~ de solidaritate : solidariteitsstaking
exopero (exopero), ~ salvage/non official : wilde staking
exopero (exopero), ~ ferroviari/de ferroviarios : spoorwegstaking
exopero (exopero), ~ de fame : hongerstaking
exopero (exopero), ~ de protesto/protestation : proteststaking
exopero (exopero), ~ del zelo : langzaam-aan-staking/actie
exopero (exopero), ~ del minatores : kolenstaking, mijnwerkersstaking
exopero (exopero), ~ pro un salario plus alte, ~ pro le augmento del salarios : loonstaking
exopero (exopero), die/jorno de ~ : stakingsdag
exopero (exopero), unda de ~s : stakingsgolf
exopero (exopero), derecto de ~ : stakingsrecht
exopero (exopero), prohibition/interdiction de ~s : stakingsverbod
exopero (exopero), picchetto de ~ : stakingspiket
exopero (exopero), declarar se in ~ indefinite : voor onbepaalde tijd in staking gaan
exopero (exopero), annunciar un ~ : een staking afkondigen
exopero (exopero), entrar in ~ : in staking gaan
exopero (exopero), arrestar/cessar un ~ : een staking beëindigen
exopero (exopero), rumper un ~ : een staking breken
exophthalmia (exophthalmia) /sub/ : MEDICINA uitpuiling van de oogbol, koeieoog, exophtalmus
exoskeleto (exoskeleto) /sub/ : ZOOLOGIA buitenskelet, huidskelet, huidpantser, exoskelet
exosmose (-osis (-osis)) /sub/ : PHYSICA ,CHIMIA exosmose
exostose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA beenuitwas, beenwoekering, exostose
expander, le epidemia (epidemia) continua a ~ se : de epidemie blijft zich verspreiden
expansion, ~ del credito (credito) : kredietexpansie
expedir, ~ un littera (littera) : een brief (ver)zenden
expedition, ~ per ferrovia (ferrovia) : verzending per spoor
expeller, ~ le dubitas (dubitas) : de twijfels uitbannen
experimental, methodo (methodo) ~ : experimentele methode
experimental, chimia (chimia) ~ : experimentele scheikunde
experimento, ~ chimic/de chimia (chimia) : scheikundig experiment
expiatori, offerenda/sacrificio/victima (victima) ~ : zoenoffer
expirar, le credito (credito) expira : het krediet vervalt
expirar, lassar ~ un ultimatum (ultimatum) : een ultimatum laten verlopen
expiration, ~ de un termino (termino) : afloop van een termijn
expiratori, dyspnea (dyspnea) ~ : kortademigheid bij het uitademen
explicar, su maladia (maladia) explica su absentia : zijn ziekte verklaart zijn afwezigheid
explicite (explicite) /adj/ : ondubbelzinnig, uitdrukkelijk, duidelijk, expliciet
explicite (explicite), condition ~ : uitdrukkelijke voorwaarde
explicite (explicite), critica ~ : ondubbelzinnige kritiek
explicite (explicite), responsa ~ : expliciet antwoord
explicite (explicite), definition ~ : expliciete definitie
explicite (explicite), equation ~ : expliciete vergelijking
explicite (explicite), contra mi prohibition ~ : tegen mijn uitdrukkelijk verbod
explicite (explicite), exprimer se/parlar in terminos (terminos) ~ : zich ondubbelzinnig uitdrukken
explicite (explicite), formular un cosa explicitemente : iets ondubbelzinnig formuleren
explicite (explicite), distantiar se explicitemente de un cosa : zich uitdrukkelijk van iets distantiëren
explicite (explicite), prohiber/interdicer un cosa explicitemente : iets uitdrukkelijk verbieden
exploitation , compania (compania) pro le ~ de : maatschappij tot exploitatie van
explorar, ~ un organo (organo) interne : een inwendig orgaan onderzoeken
explosion, ~ de ira/de cholera (cholera) : woede-uitbarsting
explosive, littera (littera) ~ : bombrief
explosive, haber un character (character) ~ : een explosief karakter hebben
exponente, ~ de hydrogeno (hydrogeno) : waterstofexponent
exponente, ~ del burgesia (burgesia) : representant van de burgerij
exponer, ~ su mercantias (mercantias) : zijn waren uitstallen
exportar, ~ merces/mercantias (mercantias) : goederen uitvoeren
exportation, merces/mercantias (mercantias) de ~ : exportgoederen
exposimetro (exposimetro) /sub/ : PHOTOGRAPHIA belichtingsmeter
exposimetro (exposimetro), camera (camera) con ~ incorporate : camera met ingebouwde belichtingsmeter
expresse, tramvia (tramvia) ~ : sneltram
expresse, littera (littera) ~ : expresbrief
exprimer, ~ su sympathia (sympathia) : zijn medeleven tonen
exprimer, si io pote ~ me assi (assi) : als ik het zo mag zeggen
expugnabile, un position solo ~ a costo de grave perditas (perditas) : inneembaar
expulsar, le judeos (judeos) esseva expulsate de Espania in 1492 : iemand de grens overzetten
expurgar, edition expurgate del Decamerone (Decamerone) : gekuiste uitgave van de Decamerone
expurgatori, indice (indice)/index (index) ~ : reinigend, zuiverend
exquisite, harmonia (harmonia) ~ : verfijnde harmonie
extase (extase) (-asis) /sub/ : extase, geestvervoering
extase (extase) (-asis), ~ mystic : mystieke extase
extemporanee, poesia (poesia) ~ : geïmproviseerd gedicht
extender, ~ se super (super) un lecto : op een bed gaan liggen
extender, ~ se super (super) le musco : zich op het mos neervlijen
extension, ~ de un epidemia (epidemia) : uitbreiding van een epidemie
extensometro (extensometro) /sub/ : rekmeter
exterior, galeria (galeria) ~ : buitengalerij
exterminatori, angelo (angelo) ~ : engel des verderfs
extero (extero) /sub/ : buitenland
extero (extero), al ~ : 1. in het buitenland, 2. naar het buitenland
extero (extero), io va al ~ : ik ga naar het buitenland
extero (extero), io vive al ~ : ik woon in het buitenland
extero (extero), commercio con le ~ : buitenlandse handel
extero (extero), adjuta pro le ~ : hulp aan het buitenland
extinction, ~ de un debita (debita) : delging van een schuld
extinguer, ~ un debita (debita) : een schuld aflossen/delgen
extirpation, ~ de un heresia (heresia) : uitroeiing van een ketterij
extirpation, ~ del amygdalas (amygdalas) : wegneming van de amandelen
extracto, ~ hepatic/de ficato (ficato) : leverextract
extraeuropee (extraeuropee) /adj/ : buiteneuropees
extraeuropee (extraeuropee), ~e naties : nationes extraeuropee
extraordinari, assemblea (assemblea)/reunion ~ : buitengewone vergadering
extrasensorial, phenomenos (phenomenos) ~ : buitenzinnelijke verschijnselen
extravagante, ideas (ideas) ~ : dwaze ideeën
extreme, limite (limite) ~ : uiterste grens
extremismo, ~ de dextera (dextera)/dextra : extre-misme van rechts
extremistic, theoria (theoria) ~ : ex-tremistische theorie
extrinsec (extrinsec) /sub/ : uitwendig, uiterlijk, van buiten komend, extrinsiek
extrinsec (extrinsec), semiconductor ~ : extrinsieke halfgeleider
extrinsec (extrinsec), causas ~ de un facto : uitwendige oorzaken van een feit
extrinsec (extrinsec), motivos ~ : van buiten komende motieven
extrinsec (extrinsec), valor ~ de un moneta : nominale waarde van een munt
extruder, machina (machina) a/de ~ : extrusiemachine
Ezekiel (Ezekiel) /sub/ : BIBLIA Ezechiël
fabrica, ~ de butyro (butyro) : boterfabriek
fabrica, garantia (garantia) de ~ : fabrieksgarantie
fabrica, butyro (butyro) de ~ : fabrieksboter
fabricar, ~ se un alibi (alibi) : een smoes bedenken
fabrication, methodo (methodo) de ~ : fabricagemethode
fabula, ~s de Esopo (Esopo) : fabels van Esopus
facetia, esser victima (victima) de un ~ : het slachtoffer van een grap zijn
facetiose, spirito (spirito) ~ : grappenmaker
facial, indice (indice)/index (index) ~ : gelaatsindex
facial, paralyse (paralyse) ~ : aangezichtsverlamming
facial, neuralgia (neuralgia) ~ : aangezichtspijn
facie, testa/capite (capite) a duple ~ : januskop
facilitate, ~s de credito (credito) : kredietfaciliteiten
factiose, spirito (spirito) ~ : oproerige geest
factoria (factoria) /sub/ : factorij, handelskantoor (in vreemde landen)
factorial, analyse (analyse) (-ysis) ~ : factoranalyse
factura, numero (numero) de ~ : factuurnummer
facultate, camera (camera) de ~ : faculteitskamer
fago, cortice (cortice) de ~ : beukenschors
Fahrenheit, Gabriel Daniel, thermometro (thermometro) (de) ~ : thermometer volgens/van Fahrenheit
faisaneria (faisaneria) /sub/ : fazantenpark
falcar, machina (machina) a/de ~ : maaimachine
fallia, ~ complexe/composite (composite) : samengestelde breuk
fallia, vallea (vallea) de ~ : breukdal
falta, ~ orthographic/de orthographia (orthographia) : schrijffout
falta, scriber sin ~s (de orthographia (orthographia)) : zonder fouten schrijven
fame, exopero (exopero) de ~ : hongerstaking
familia, maladia (maladia) de ~ : familiekwaal
familial, maladia (maladia) ~ : familiekwaal
familial, credito (credito) ~ : gezinskrediet
familial, therapia (therapia) ~ : gezinstherapie
fanatico, ~ del opera (opera) : operafreak
fangotherapia (fangotherapia) /sub/ : MEDICINA fangotherapie, modderbaden
fardar, femina (femina) fardate : opgemaakte vrouw
farina, ~ de mais (mais) : maïsmeel
fascino (fascino) /sub/ : boze oog
fascino (fascino) /sub/ : betovering, aantrekkingskracht, charme
fascino (fascino), le ~ del beltate feminin : de aantrekkingskracht van het vrouwelijk schoon
fascino (fascino), le ~ del montania : de betovering van de bergen
fascista, usar methodos (methodos) ~ : fascistische methoden gebruiken
fatal, femina (femina) ~ : fatale vrouw
fatigate, haber le aere (aere) ~ : er vermoeid uitzien
fato, ironia (ironia) del ~ : ironie van het lot
fatuitate, un aere (aere) de ~ : een verwaand air
febrifuge (febrifuge) /adj/ : MEDICINA koortswerend, koortsverdrijvend, antipyretisch
febrifuge (febrifuge), potion ~ : koortsdrank
febrifuge (febrifuge), medicamento ~ : koortsmiddel
febrifugo (febrifugo) /sub/ : koortswerend middel, koortsverdrijvend middel, antipyreticum
febrifugo (febrifugo), administrar un ~ : een koortswerend middel toedienen
feculeria (feculeria) /sub/ : zetmeelfabriek, aardappelmeelfabriek
feculeria (feculeria) /sub/ : zetmeelindustrie, aardappelmeelindustrie
fecunde, spirito (spirito) ~ : creatieve/vindingrijke geest
fecunditate, periodo (periodo) del ~ : periode van de vruchtbaarheid
federalistic, ideas (ideas) ~ : federalistische ideeën
feeria (feeria) /sub/ : sprookjeswereld, toverwereld
feeria (feeria) /sub/ : THEATRO feeërie, sprookjestoneel
felicitation, littera (littera) de ~(es) : felicitatiebrief
felonia (felonia) /sub/ : HISTORIA felonie
felonia (felonia), accusar de ~ =  : van felonie beschuldigen
felonia (felonia) /v/ : vervilten, tot vilt maken/worden
felonia (felonia) /v/ : met vilt bedekken, met vilt opvullen
femina (femina) /sub/ : vrouw
femina (femina), vestimentos de ~ : dameskleding
femina (femina), subvestimentos ~ : damesondergoed
femina (femina), cappello de ~ : dameshoed
femina (femina), bicycletta de ~ : damesfiets
femina (femina), sartor pro ~s : dameskleermaker
femina (femina), perrucchero pro ~s : dameskapper
femina (femina), emancipation del ~ : vrouwenemancipatie
femina (femina), ~ emancipate : geëmancipeerde vrouw
femina (femina), professor ~ : vrouwelijke professor, lerares
femina (femina), ~ de mal vita : vrouw van lichte zeden, straatmeid
femina (femina), violar un ~ : een vrouw verkrachten
femina (femina) /sub/ : vrouwelijk dier, wijfje, vrouwtje
femina (femina), cavallo ~ : vrouwelijk paard
feminista, theologia (theologia) ~ : feministische theologie
femore, testa/capite (capite) del ~ : kop van het dijbeen
fenestra, appoio (appoio)/bordo/tabula de ~ : vensterbank
fenestra, ~ cantilever (cantilever) (A) : klapraam
fenestra, ~ que da super (super) le strata : raam aan de straat
fennec (fennec) /sub/ : ZOOLOGIA fennek, woestijnvos
feno, machina (machina) a/de feno : hooimachine
feretro (feretro) /sub/ : doodkist, (lijk)baar
feretro (feretro), portator de ~ : baardrager
feretro (feretro), sequer le ~ : de baar volgen
feretro (feretro), isto es un clavo in mi ~ : dit is een nagel aan mijn doodkist
feretro (feretro), le nave esseva un ~ flottante : het schip was een drijvende doodkist
ferir, ~ se in le testa/capite (capite) : zich aan het hoofd verwonden
ferita, ~ de testa/capite (capite) : hoofdwond
feritate, ~ legitime (legitime) : gerechtvaardigde trots
ferma, butyro (butyro) de ~ : boerenboter
fermentation, phenomeno (phenomeno) de ~ : gistingsverschijnsel
fermentation, camera (camera) de ~ : gistingskamer
fermium (fermium) /sub/ : CHIMIA fermium (element 100)
ferrar, ~ un asino (asino) : een ezel beslaan
ferreria (ferreria) /sub/ : smederij, smidse
ferreria (ferreria) /sub/ : smeedwerk
ferric, oxydo (oxydo) ~ : ferrioxyde, ijzermenie, dodekop
ferritic, electrodo (electrodo) (de soldatura) ~ : ferritische laselektrode
ferro, funderia (funderia) de ~ : ijzergieterij
ferro, oxydo (oxydo) de ~ : ijzeroxyde
ferro, stomacho (stomacho) de ~ : ijzeren maag
ferrophosphoro (ferrophosphoro) /sub/ : ferrofosfor
ferrose, oxydo (oxydo) ~ : ijzeroxyde, ferro-oxyde
ferrosilicium (ferrosilicium) /sub/ : ferrosilicium
ferrotypia (ferrotypia) /sub/ : ferrotypie
ferrovia (ferrovia) /sub/ : spoorweg
ferrovia (ferrovia), station de ~ : spoorwegstation
ferrovia (ferrovia), guida de ~ : spoorboekje
ferrovia (ferrovia), rete de ~ : spoorwegnet
ferrovia (ferrovia), ponte de ~ : spoorbrug
ferrovia (ferrovia), linea de ~ : spoorlijn
ferrovia (ferrovia), billet/ticket (A) de ~ : spoorkaartje
ferrovia (ferrovia), abonamento de ~ : treinabonnement
ferrovia (ferrovia), compania (compania) de ~ : spoorwegmaatschappij
ferrovia (ferrovia), empleato del ~ : spoorwegbeambte
ferrovia (ferrovia), tarifa de ~ : treintarief
ferrovia (ferrovia), transporto per ~ : spoorwegvervoer
ferrovia (ferrovia), ~ statal : staatsspoorweg
ferrovia (ferrovia), ~ vicinal : buurt-spoorweg
ferrovia (ferrovia), ~ suburban : lokaalspoorweg
ferrovia (ferrovia), ~ a cremaliera : tandradspoorweg
ferrovia (ferrovia), ~ subterranee : ondergrondse spoorweg
ferrovia (ferrovia), construer un ~ : een spoorweg aanleggen
ferrovia (ferrovia), viagiar per ~ : per trein reizen
ferrovia (ferrovia), expedir per ~ : per trein verzen-den
ferroviari, policia (policia) ~ : spoorwegpolitie
ferroviari, sinistro/disastro/catastrophe (catastrophe) ~ : treinramp
ferroviari, exopero (exopero) ~ : spoorwegstaking
ferroviari, compania (compania)/societate/interprisa ~ : spoorwegmaatschappij
ferroviario, exopero (exopero) de ~s : spoorwegstaking
fertilisation, ~ duple/duplice (duplice) : dubbele bevruchting
festa, habito (habito) de ~ : feestgewaad, feestkleding
fetide, helleboro (helleboro) ~ : stinkend nieskruid
feto, position del ~ in le utero (utero) : ligging van het kind in de baarmoeder
fiat (fiat) /sub/ : fiat, toestemming, machtiging
fibra, ~ de cannabe (cannabe)/cannabis (cannabis) : hennepvezel
fibra, ~ de polyester (polyester) : polyestervezel
fibrillation, ~ cardiac (cardiac) : fibrillatie van het hart
fibrinogeno (fibrinogeno) /sub/ : BIOLOGIA fibrinogeen
fibrinolyse (fibrinolyse) (-ysis) /sub/ : fibrinolyse
fibromatose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA fibromatose, fibroomontwikkeling
fibromyalgia (fibromyalgia) /sub/ : MEDICINA fibromyalgie, spierreuma
fibroscopia (fibroscopia) /sub/ : fiberscopie
fibrose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA fibrose
fibrose (-osis (-osis)), ~ hepatic : leverfibrose
fibrose (-osis (-osis)), ~ cystic : taaislijmziekte
fibrositis (fibrositis) /sub/ : MEDICINA fibrositis
ficato (ficato) /sub/ : ANATOMIA, CULINARI lever
ficato (ficato), salsicia de (pastata de) ~ : leverworst
ficato (ficato), pastata de ~ de oca : ganzeleverpastei
ficato (ficato), sandwich (A)/panetto al ~ : broodje lever
ficato (ficato), oleo de ~ de gado : levertraan
ficato (ficato), ~ de vitello : kalfslever
ficato (ficato), extracto de ~ : leverextract
ficato (ficato), tumor de ~ : levergezwel
ficato (ficato), cancere de ~ : leverkanker
ficato (ficato), lobo de ~ : leverkwab
ficato (ficato), affection del ~ : leveraandoening
ficato (ficato), maladia (maladia) del ~ : leverziekte
ficato (ficato), inflammation del ~ : leverontsteking
ficato (ficato), atrophia (atrophia) del ~ : leveratrofie
ficato (ficato), suffrer de ~ : last van zijn lever hebben
fictionalisar, autobiographia (autobiographia) fictionalisate : gefictionaliseerde autobiografie
ficus (ficus) /sub/ : BOTANICA ficus
fide, heroe (heroe) de ~ : geloofsheld
figurate, numeros (numeros) ~ : figuurlijke getallen
filanderia (filanderia) /sub/ : spinnerij
filanderia (filanderia), ~ de seta : zijdespinnerij
filanderia (filanderia), ~ de coton : katoenspinnerij
filanderia (filanderia), ~ de stamine/de lana cardate : kamgarenspinnerij
filar, machina (machina) de ~ : spinmachine
filar, ~ a machina (machina) : machinaal spinnen
filariasis (filariasis) /sub/ : draadwormziekte
filettar, machina (machina) a/de ~ : tapboormachine
filetto, ~ multiple (multiple) : veelvoudige schroefdraad
filetto, diametro (diametro) (interior/exterior) del ~ : (inwendige/uitwendige) schroefdraaddiameter
filiation, ~ legitime (legitime) : wettige afstamming
filibusteria (filibusteria) /sub/ : zeeroverij, vrijbuiterij, zeeschuimerij
filice (filice) /sub/ : BOTANICA varen
filice (filice), ~ aquilin : adelaarsvaren
filice (filice), ~ mascule : mannetjesvaren
filice (filice), folio de ~ : varenblad
filice (filice), pedunculo de ~ : varenstengel
filice (filice), spora de ~ : varenspore
filice (filice), corona de ~s : varenkrans
filice (filice), prothallio de ~ : varenprothallium
filice (filice), estufa de ~s : varenkas
filice (filice), extracto de ~ : varenextract
filio, ~ legitime (legitime) : wettige zoon
film, ~ de disastros/de catastrophes (catastrophes) : rampenfilm
filmographia (filmographia) /sub/ : lijst van films (v.e. auteur, school, etc.)
filmographo (filmographo) /sub/ : filmhistoricus
filmologia (filmologia) /sub/ : filmologie
filo, ~ de cannabe (cannabe)/cannabis (cannabis) : hennepgaren
filo, ~ de suer a machina (machina) : machinegaren
filovirus (filovirus) /sub/ : filovirus
filtrabilitate, ~ de un virus (virus) : filtreerbaarheid van een virus
filtro, ~ a/de aere (aere) : luchtfilter
final, littera (littera) ~ : eindletter
final, syllaba (syllaba) ~ : eindlettergreep
final, termino (termino) ~ : eindtermijn
finalistic, theoria (theoria) ~ : finalistische theorie
financiamento, societate/compania (compania) de ~ : financieringsmaatschappij
financiamento, deficit (deficit) de ~ : financieringstekort
financiamento, methodo (methodo) de ~ : financieringsmethode
financiari, crise/crisis (crisis) ~ : geldcrisis
finder, le ave finde le aere (aere) : de vogel klieft de lucht
finissime (finissime) /adj/ : ragfijn
finite, numero (numero) ~ : eindig getal
fission, ~ nuclear/de atomos (atomos) : kernsplijting, kernsplitsing
fissipede (fissipede) /adj/ : ZOOLOGIA met gepleten hoeven, tweehoevig
fissipede (fissipede), le urso es un animal ~ : de beer is een tweehoevig dier
fitis (fitis) /sub/ : ZOOLOGIA fitis
fixar, ~ le oculos super (super) : de ogen vestigen op
fixar, ~ le attention super (super) un cosa : de aandacht op iets richten
fixar, ~ le precio del butyro (butyro) : de prijs van de boter bepalen
fixar, ~ un limite (limite) : een limiet stellen
fixe, idea (idea) ~ : idee-fixe, obsessie
fixe, empleo (empleo) ~ : vaste betrekking
flagellar, le soldatos de Pilato ha flagellate Jesus (Jesus) : de soldaten van Pilatus hebben Jezus gegeseld
flammee, acanthis (acanthis) ~ : barmsijsje, paapje
flammifero (flammifero) /sub/ : lucifer
flammifero (flammifero), ~ de cera : waslucifer
flammifero (flammifero), ~ de securitate : veiligheidslucifer
flammifero (flammifero), ~ svedese : Zweedse lucifer
flammifero (flammifero), cassa/cassetta a ~s : luci-fersdoosje
flammifero (flammifero), capite (capite)/testa de un ~ : kop van een lucifer
flammifero (flammifero), fabrica de ~s : lucifersfabriek
flammifero (flammifero), fabrication de ~s : lucifersfabricage
flammifero (flammifero), accender un ~ : een lucifer aansteken
flanco, mitter se le manos super (super) le ~s : de handen in de zijden doen
flangia, diametro (diametro) de ~ : flensdikte
flash, photographia (photographia) ~ : flitsfotografie
flatteria (flatteria) /sub/ : vleierij, gevlei
flavescente, cypero (cypero) ~ : geel cypergras
flavipede (flavipede) /adj/ : ZOOLOGIA geelvoetig, geelpotig
flexibile, character (character) ~ : meegaand karakter
flexional, morphologia (morphologia) ~ : buigingsleer
flexographia (flexographia) /sub/ : flexografie, offsetdruk
flora, ~ montan/monticola (monticola) : montane flora
flora, ~ marin/maritime (maritime) : zeeflora
floration, periodo (periodo) de ~ : bloeiperiode
florentin, iris (iris)/iride ~ : florentijnse lis
floreria (floreria) /sub/ : bloemenwinkel
Florida (Florida) /sub/ : Florida
flotta, ~ de convoyo (convoyo) : geleidevloot
flottante, polissa (polissa) ~ : vlottende polis
flottar, bruma que flotta super (super) le campos : mist die boven de velden zweeft
fluctuante, debita (debita) ~ : vlottende schuld
fluctuar, ~ inter (inter) le vita e le morte : tussen dood en leven zweven
fluctuar, ~ inter (inter) le pavor/timo e le spero/sperantia : tussen hoop en vrees heen en weer geslingerd worden
fluer, le sanguine flueva del ferita (ferita) : het bloed stroomde uit de wond
fluor (fluor) /sub/ : CHIMIA fluor
fluor (fluor), spat ~ : vloeispaat
fluor (fluor), composito (composito) de ~ : fluorverbinding
fluorescopia (fluorescopia) /sub/ : fluorescopie
fluorimetria (fluorimetria) /sub/ : fluorimetrie
fluorimetro (fluorimetro) /sub/ : fluorimeter
fluoroscopia (fluoroscopia) /sub/ : fluoroscopie
fluorose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA fluorose, fluorvergiftiging
fluoruro, ~ de calcium (calcium) : calciumfluoride
fluvial, policia (policia) ~ : rivierpolitie
fluvial, vallea (vallea) ~ : rivierdal
fluviatile, deposito (deposito) ~ : fluviatiele afzetting
fluvio, ~ a marea (marea) : getijrivier
fluvio, ~ limitrophe (limitrophe)/de frontiera : grensrivier
fluviologia (fluviologia) /sub/ : fluviologie
fluviometria (fluviometria) /sub/ : fluviometrie
fluviometro (fluviometro) /sub/ : fluviometer
fluviomorphologia (fluviomorphologia) /sub/ : riviermorfologie
fluxo, ~ de energia (energia) : energiestroom
fluxometro (fluxometro) /sub/ : fluxmeter
focalisar, ~ un camera (camera) : een fototoestel scherp stellen
focalisar, ~ le attention super (super) un cosa : de aandacht op iets concentreren
focalisation, le ~ de un camera (camera) : het scherpstellen van een camera
foco, ~ de marea (marea) : getijlicht
foco, seder se circa/circum (circum) le ~ : om het vuur gaan zitten
foco, ~ de artilleria (artilleria) : kanonvuur
foco, sub le ~ del inimico (inimico) : onder vijandelijk vuur
focometria (focometria) /sub/ : OPTICA focometrie
focometro (focometro) /sub/ : OPTICA focometer
focose, character (character) ~ : onstuimig karakter
fodero (fodero) /sub/ : voering (in een kledingstuk)
fodero (fodero), ~ distachabile {sj}/amovibile : losse voering
foliar, apice (apice) ~ : bladpunt
foliar, parenchyma (parenchyma) ~ : bladweefsel
foliar, maladia (maladia) ~ : bladziekte
folio, ~ composite (composite) : samengesteld blad
foliolo (foliolo) /sub/ : BOTANICA blaadje (van samengesteld blad), foliolum
folle, mover le ~s del organo (organo) : het orgel trappen
follia (follia) /sub/ : waanzin, krankzinnigheid, dwaasheid, zotheid
follia (follia), accesso de/colpo de ~ : aanval van waanzin
follia (follia), ~ religiose : godsdienstwaanzin
follia (follia), ~ collective : massawaanzin
follia (follia), ~ del tropicos : tropenkolder
follia (follia), ~ de persecution : achtervolgingswaanzin
follia (follia), ~ hereditari : erfelijke krankzinnigheid
follia (follia), ~s carnavalesc : carnavalsdwaasheden
follia (follia), ~s de juventute : jeugdige dwaasheden
follia (follia), elogio del ~ : lof der zotheid
folliculitis (folliculitis) /sub/ : MEDICINA ontsteking van het haarzakje, folliculitis
fomite (fomite) /sub/ : tondel, zwam
fomite (fomite) /sub/ : MEDICINA infecterende stof
fomite (fomite) /sub/ : beweegkracht, drijfkracht
fonte, ~ de energia (energia) : energiebron
football, torneo (torneo) de ~ : voetbaltoernooi
football, termino (termino) de ~ : voetbalterm
foraminiferos (foraminiferos) /sub/ : ZOOLOGIA foraminiferen, foraminifera
foras (foras), 1 ~ de : buiten, aan de andere kant van
foras (foras), ~ de bordo : buitenboord
foras (foras), ~ de concurso : buiten mededinging
foras (foras), ~ de dubita (dubita) : buiten/zonder twijfel, ongetwijfeld
foras (foras), ~ de uso : fuiten gebruik
foras (foras),  ~ de joco : buitenspel
foras (foras), ~ de matrimonio : buitenechtelijk
foras (foras), ~ del casa : buitenshuis
foras (foras), ~ del citate/del urbe : buiten de stad, uitstedig
foras (foras), ~ del lege : buiten de wet, vogelvrij
foras (foras), ~ del portata de : buiten het bereik van
foras (foras), ~ de se : buiten zichzelf
foras (foras), ~ de isto : buitendien
foras (foras), mitter/poner ~ de combatto : buiten gevecht stellen
foras (foras), mitter/poner ~ de servicio : buiten dienst stellen
foras (foras), restar ~ del conflicto : buiten het conflict blijven, er buiten blijven
foras (foras) /adv/ : buiten (de deur), weg
foras (foras), verso ~ : naar buiten, buitenwaarts
foras (foras) /adv/ : van buiten
forcipe (forcipe) /sub/ : MEDICINA verlostang, forceps
forense, termino (termino) ~ : rechtsterm, juridische term
foresteria (foresteria) /sub/ : bosbouw, bosbedrijf, houtvesterij
forgiar, ~ un character (character) : een karakter vormen
foris (foris) /prep/ : Vide: foras (foras)
foris (foris) /adv/ : Vide: foras (foras)
forma, in debite (debite) ~ : in de vereiste vorm
forma, ~ de politessa/cortesia (cortesia) : beleefdheidsvorm
forma, ~ de dialogo (dialogo) : dialoogvorm
forma, ~ benigne/maligne de un maladia (maladia) : goedaardige/kwaadaardige vorm van een ziekte
forma, ~ a/de pastisseria (pastisseria) : bakvorm
formar, ~ se un idea (idea) de : zich een idee vormen van
formar, ~ un numero (numero) de telephono (telephono) : een telefoonnummer draaien
formar, ~ un armea (armea) : een leger op de been brengen
formative, ~ del character (character) : karaktervormend
formiato, ~ de sodium (sodium)/natrium (natrium) : natriumformiaat
formica (formica) /sub/ : ZOOLOGIA mier
formica (formica), ~ rubie : rode (bos)mier
formica (formica), ~ blanc : witte mier, termiet
formica (formica), ~ obrera : werkmier
formica (formica), ~ migratori : trekmier
formica (formica), piccatura de ~ : mierebeet
formica (formica), colonia de ~s : mierenkolonie
formica-leon (formica-leon) /sub/ : ZOOLOGIA mierenleeuw
formula, ~ de cortesia (cortesia)/de politessa : beleefdheidsformule
formula, ~ algebric/algebraic (algebraic) : algebraïsche formule
formular, ~ un theoria (theoria) : een theorie opstellen
fornir, ~ se un alibi (alibi) acceptabile : zich een aanvaardbaar alibi verschaffen
fornitura, termino (termino) de ~ : leveringstermijn
forometria (forometria) /sub/ : forometrie
forometro (forometro) /sub/ : forometer
foronomia (foronomia) /sub/ : foronomie
forrage, ~ mixte/composite (composite) : mengvoeder
forsan (forsan) /adv/ : misschien
fortalessa, ~ a cupola (cupola) : koepelfort
forte, armea (armea) ~ : sterk leger
forte, ~ a cupola (cupola) : koepelfort
fortia, ~s maritime (maritime) : zeestrijdkrachten
fortia, perdita (perdita) de ~ : krachtverlies
fortia, ~ centripete (centripete) : middelpuntzoekende kracht
fortiate, vendita (vendita) ~ : noodverkoop
fortification, ~es maritime (maritime) : kustversterking(en)
fortissimo (fortissimo) /adv/ : MUSICA fortissimo, zeer luid, zeer krachtig
fortuite (fortuite), caso ~ : toeval
fortuite (fortuite), incontro ~ : toevallige ontmoeting
fortuite (fortuite), coincidentia ~ : toevallige samenloop
fortunate, in terminos (terminos) pauco/poco ~ : in ongelukkig gekozen bewoordingen
fossile, ideas (ideas) ~ : ideeën uit het jaar nul
fossile, ~es index (index)/indice (indice)/characteristic/guida : gidsfossielen
fovea (fovea) /sub/ : fovea centralis (putje/kuiltje in gele vlek van het oog)
fracassar, le barca se ha fracassate super (super) un scolio : de boot sloeg te pletter op een klip
fraction, ~ composite (composite) : samengestelde breuk
fractional, numero (numero) ~ : gebroken getal
fractionar, le assemblea (assemblea) se ha fractionate in tres gruppos : de vergadering is in drie groepen uiteengevallen
fractionari, numero (numero) ~ : gebroken getal
fractura, ~ simplice (simplice) : enkelvoudige breuk
fractura, ~ composite (composite)/a complicationes : gecompliceerde breuk
fraga, gelea (gelea) de ~s : aardbeiengelei
fragile, illa es un femina (femina) ~ : zij is een teer poppetje
fragile, theoria (theoria) ~ : slecht gefundeerde theorie
fragmento, ~s de un littera (littera) : gedeelten van een brief
fragrantissime (fragrantissime) /adj/ : BOTANICA zeer geurig, sterk geurend
franc (I), io essera (essera) ~ : ik zal het maar eerlijk zeggen
francar, ~ un littera (littera) : een brief frankeren
franchitia, littera (littera) de ~ : vrijbrief
francium (francium) /sub/ : CHIMIA francium
francmasoneria (francmasoneria) /sub/ : vrijmetselarij
francophilia (francophilia) /sub/ : francofilie, pro-Franse gezindheid
francophilo (francophilo) /sub/ : Frans gezinde, francofiel
francophobe (francophobe) /adj/ : anti-Frans, francofoob, Fransen hatend
francophobia (francophobia) /sub/ : anti-Franse gezindheid
francophobo (francophobo) /sub/ : francofoob, iemand met anti-Franse gezindheid
francophonia (francophonia) /sub/ : gemeenschap van Frans sprekenden, Franstalig deel van de wereld
francophono (francophono) /sub/ : Franssprekende
francophono (francophono), le ~s de Canada (Canada) : de Franssprekenden van Canada
frangeundas (frangeundas) /sub/ : golfbreker
fratre, querela inter (inter) ~s : broedertwist
fratre, ~ laic (laic) : lekebroeder
fraxino (fraxino) /sub/ : BOTANICA es, es(sen)boom
fraxino (fraxino), ~ excelsior : woudes
fraxino (fraxino), folio de ~ : essenblad
fraxino (fraxino), branca de ~ : essentak
fraxino (fraxino), trunco de ~ : essenstam
fraxino (fraxino), ligno de ~ : essenhout
fraxino (fraxino), de ligno de ~ : essenhouten, essen
Frederico (Frederico) /sub/ : Frederik
fregola (fregola) /sub/ : het kuitschieten
fregola (fregola), tempore/saison (F) del ~ : paartijd van de vissen
fregola (fregola), loco del ~ : paaiplaats
fregola (fregola), region del ~ : paaigebied
fregola (fregola), le pisca es interdicite durante le ~ : gedurende de paaitijd is het vissen verboden
fregolo (fregolo) /sub/ : visbroed(sel)
Freinet, methodo (methodo) (de inseniamento) ~ : Freinetonderwijs
fremito (fremito) /sub/ : het rillen, rilling, het beven, het huiveren, huivering
fremito (fremito), ~ de febre : koortshuivering/rilling
fremito (fremito), isto me da ~s de horror : ik griezel ervan
fremito (fremito) /sub/ : MEDICINA fremitus
fremito (fremito) /sub/ : het bulderen (van de zee), het razen (van de wind)
frenage, circuito (circuito) de ~ : remcircuit
freno, ~ super (super) pneu(matico) : bandrem
freno, ~s cantilever (cantilever) (E) : cantilerremmen
freno, tuberia (tuberia) del ~ : remleiding
frequentia, ~ cardiac (cardiac) : hartfrequentie
frequentimetro (frequentimetro) /sub/ : frequentie-indicator
fresar, machina (machina) a/de ~ : freesmachine
fresc, halito (halito) ~ : frisse adem
fresc, butyro (butyro) ~ : verse boter
frictional, perdita (perdita) ~ : wrijvingsverlies
frigoria (frigoria) /sub/ : PHYSICA frigorie
frigorifere, deposito (deposito) ~ : koelhuis
frigorifere, camera (camera) ~ : koelruimte
frigorific, camera (camera) ~ : koelkamer, koelruimte
frigorific, deposito (deposito) ~ : koelhuis
frigorific, machina (machina) ~ : koelmachine
frivole, character (character) ~ : lichtzinnig karakter
Fröbel, methodo (methodo) ~ : fröbelmethode
frondose, polyporo (polyporo) ~ : eikhaas
frontal, sino/sinus (sinus)/fossa ~ : voorhoofdsholte
frontal, pagina (pagina) ~ : frontpagina
frontogenese (frontogenese) (-esis) /sub/ : METEO frontogenese
fructeria (fructeria) /sub/ : fruitwinkel, fruithandel
fructificar, idea (idea) que fructifica : vruchtdragend idee
fructivoro (fructivoro) /sub/ : vruchtenetend dier, vruchteneter, fructivoor
fructo, pastisseria (pastisseria) al/de ~s : vruchtentaart/gebak
frugilego (frugilego) /sub/ : ZOOLOGIA roek
frugilego (frugilego), colonia de ~s : roekenkolonie
frugivoro (frugivoro) /sub/ : ZOOLOGIA vruchteneter
frumento, semola (semola) de ~ : tarwegries
frutice (frutice) /sub/ : BOTANICA struik
frutice (frutice), ~ de ribes (ribes) rubre/rubie : aalbessenstruik
fuga, ~ (foris (foris)) del realitate : vlucht uit de werkelijkheid
fulgurante, idea (idea) ~ : flitsend idee
fuligine, deposito (deposito) de ~ : roetaanzetting
fulmine, visita (visita) ~ : bliksembezoek
fumar, ~ de cholera (cholera) : schuimbekkend van woede zijn
fumator, ~ de opium (opium) : opiumschuiver
fumeria (fumeria) /sub/ : opiumkit
fumifuge (fumifuge) /adj/ : rookverdrijvend
fumigeno (fumigeno) /sub/ : rookontwikkelaar
fumisteria (fumisteria) /sub/ : beroep van schoorsteenveger en kachelsmid
fumisteria (fumisteria) /sub/ : fopperij, bedotterij
fumivoro (fumivoro) /sub/ : rookverdrijver, rookverbrandingstoestel, rookvang
fumose, polyporo (polyporo) ~ : rookzwam
function, ~ composite (composite) : samengestelde functie
functional, psychologia (psychologia) ~ : functiepsychologie
functionalitate, ~ de un organo (organo) : functionaliteit van een orgaan
functionar, iste machina (machina) functiona mal : deze machine loopt slecht
fundamental, idea (idea) ~ : grondgedachte, basisgedachte
fundamento, ~ de un theoria (theoria) : grondprincipe van een theorie
fundar (I), ~ se super (super) : zich baseren op
fundation, trenchea (trenchea) {sj} de ~ : funderingssleuf
funder, ~ characteres (characteres)/litteras (litteras) : lettergieten
funderia (funderia) /sub/ : gieterij, (metaal)gieterij, (metaal)smelting
funderia (funderia), ~ de arte : kunstgieterij
funderia (funderia), ~ de ferro : ijzergieterij
funderia (funderia), ~ de cupro : kopergieterij
funderia (funderia), ~ de aciero : staalgieterij
funderia (funderia), ~ de campanas : klokkengieterij
funderia (funderia), ~ de characteres (characteres)/de litteras (litteras) : lettergieterij
funderia (funderia), ~ de oleo de balena : traankokerij
funderia (funderia), alligato de ~ : gietlegering
funditor, ~ de characteres (characteres)/de litteras (litteras) : lettergieter
fundo, camera (camera) in ~ del corridor : kamer achter in de gang
funebre (funebre) /adj/ : begrafenis..., rouw..., lijk..., doods...
funebre (funebre), carro ~ : lijkkoets
funebre (funebre), ceremonia ~ : begrafenisplechtigheid
funebre (funebre), marcha ~ : treurmars
funebre (funebre), musica ~ : treurmuziek
funebre (funebre), poesia (poesia) ~ : lijkdicht
funebre (funebre), cappella ~ : rouwkapel
funebre (funebre), velia ~ : dodenwacht
funebre (funebre), servicio ~ : rouwdienst
funebre (funebre), oration ~ : lijkrede
funebre (funebre), missa ~ : dodenmis
funebre (funebre), convoyo (convoyo) ~ : rouwstoet, begrafenisstoet
funebre (funebre), pompa ~ : begrafenisplechtigheid
funebre (funebre), interprisa de pompas ~ : begrafenisonderneming
funebre (funebre), empleato de pompas ~ : lijkbezorger, lijkdrager
funebre (funebre) /adj/ : somber, treurig, luguber
funebre (funebre), silentio ~ : doodse stilte
funeral, convoyo (convoyo) ~ : rouwstoet, begrafenisstoet
funerari, camera (camera) ~ : grafkamer
funerari, poesia (poesia) ~ : funeraire poëzie
fungivoro (fungivoro) /sub/ : zwammeneter, fungivoor
fungologia (fungologia) /sub/ : fungologie, studie van de paddenstoelen
fungologo (fungologo) /sub/ : fungoloog, kenner van paddenstoelen
funicular, ferrovia (ferrovia) ~ : kabelspoor(weg)
funicular, polygono (polygono) ~ : kabelveelhoek
furcate, metzgeria (metzgeria) ~ : boomvorkjes (soort levermos)
furibunde, cholera (cholera) ~ : razende woede
furiose, littera (littera) ~ : boze brief
furno, ~ de aurifice (aurifice) : goudsmidoven
furtive, lacrima (lacrima) ~ : onopvallende traan
furunculose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA steenpuistziekte, furunculose
fusc, cypero (cypero) ~ : bruin cypergras
fusc, rhynchospora (rhynchospora) ~ : bruin snavelbies
fuscina (fuscina) /sub/ : HISTORIA drietand
fusibile, (filo/curte circuito (circuito)) ~ : smeltdraad, smeltveiligheid, stop, zekering
fuste, ~ de gumma/cauchu (cauchu) : gummiknuppel
futuro (I), il non ha ~ in iste empleo (empleo) : er zit geen toekomst(perspectief) in die baan
futurologia (futurologia) /sub/ : futurologie, toekomstkunde
futurologo (futurologo) /sub/ : futuroloog
gadgetophilo (gadgetophilo) /sub/ : liefhebber van snufjes/hebbedingetjes
gado, ficato (ficato) de ~ : kabeljauwlever
gado, oleo de ficato (ficato) de ~ : levertraan
gadolinium (gadolinium) /sub/ : CHIMIA gadolinium
gala, habito (habito) de ~ : galakleding, staatsiekleding
gala, vespera (vespera)/vespere/soirée (F) de ~ : gala-avond
gala, visita (visita) de ~ : staatsiebezoek
galacticolor (galacticolor) /adj/ : BOTANICA melkkleurig, melkwit
galactometro (galactometro) /sub/ : galactometer, melkweger, melkmeter
galactophage (galactophage) /adj/ : zich uitsluitend met melk voedend
galactorrhea (galactorrhea) /sub/ : MEDICINA galactorree
galactotherapia (galactotherapia) /sub/ : MEDICINA galactotherapie, melkkuur
galanteria (galanteria) /sub/ : galanterie, hoffelijkheid (t.o.v. vrouwen)
galata (galata) /sub/ : BIBLIA Galaat, Galatieër
galata (galata), epistola (epistola) al ~s : brief aan de Galaten
galbano (galbano) /sub/ : galbanum, moederhars
galea (galea) /sub/ : galei
galea (galea), banco de ~ : galeiband
galea (galea), catena de ~ : galeiketen
galea (galea), remo de ~ : galeiriem
galea (galea), remator de ~ : galeiroeier
galea (galea), vita de ~ : slavenleven, hondenleven
galea (galea) /sub/ : TYPOGRAPHIA galei, zetplankje
galeopitheco (galeopitheco) /sub/ : ZOOLOGIA huidvlieger, vliegende maki
galeopsis (galeopsis) /sub/ : BOTANICA hennepnetel, raai
galeopsis (galeopsis), ~ speciose : dauwnetel
galeria (galeria) /sub/ : galerij, (zuilen)gang
galeria (galeria), ~ lateral : zijgalerij
galeria (galeria), ~ exterior : buitengalerij
galeria (galeria), ~ interior : binnengalerij
galeria (galeria), ~ de mina : mijngang
galeria (galeria), molino a ~ : stellingmolen
galeria (galeria) /sub/ : gaanderij, (publieke) tribune, balkon
galeria (galeria) /sub/ : galerie, kunsthandel
galeria (galeria), ~ de arte : kunstgalerij
Galilea (Galilea) /sub/ : Galilea
galilee (galilee) /adj/ : Galilees
galileo (galileo) /sub/ : Galileeër
galimatias (galimatias) /sub/ : onzin, verward geschrijf, wartaal
Galles (Galles) /sub/ : Wales
Galles (Galles), Prince de ~ : Prins van Wales
galliardia (galliardia) /sub/ : potigheid, kloekheid, robuustheid
galliardia (galliardia) /sub/ : vrolijkheid, opgeruimdheid
galliardia (galliardia) /sub/ : ondeugendheid, schuinheid
gallium (gallium) /sub/ : CHIMIA gallium
gallomania (gallomania) /sub/ : gallomanie
gallomaniac (gallomaniac) /adj/ : gallomaan
gallomaniaco (gallomaniaco) /sub/ : gallomaan
gallomano (gallomano) /sub/ : gallomaan
gallophilia (gallophilia) /sub/ : pro-Franse gezindheid
gallophilo (gallophilo) /sub/ : iemand die pro-Frans is
gallophobe (gallophobe) /adj/ : anti-Frans
gallophobia (gallophobia) /sub/ : anti-Franse gezindheid
gallophobo (gallophobo) /sub/ : iemand die anti-Frans is
galopante, phthisis (phthisis) ~ : vliegende tering
galvanochirurgia (galvanochirurgia) /sub/ : galvanochirurgie
galvanochromia (galvanochromia) /sub/ : galvanochromie
galvanographia (galvanographia) /sub/ : galvanografie
galvanometria (galvanometria) /sub/ : galvanometrie
galvanometro (galvanometro) /sub/ : galvanometer
galvanometro (galvanometro), ~ ballistic : ballistische galvanometer
galvanometro (galvanometro), ~ astatic : astatische galnavometer
galvanometro (galvanometro), ~ differential : differentiaalgalvanometer
galvanoplastia (galvanoplastia) /sub/ : galvanoplastiek
galvanostegia (galvanostegia) /sub/ : galvanostegie
galvanotherapia (galvanotherapia) /sub/ : galvanotherapie, elektrotherapie
galvanotypia (galvanotypia) /sub/ : TYPOGRAPHIA galvanotypie
gametogamia (gametogamia) /sub/ : gametogamie
gametogenese (gametogenese) (-esis) /sub/ : gametogenese
gametophyto (gametophyto) /sub/ : BOTANICA gametofyt (gameten vormend organisme)
gamia (gamia) /sub/ : BIOLOGIA voortplanting door middel van gameten, geslachtelijke voortplanting
gammatherapia (gammatherapia) /sub/ : radiumtherapie, radiumbehandeling
gamogenese (gamogenese) (-esis) /sub/ : BIOLOGIA gamogenesis, gamogenese, gamogonie
gamomania (gamomania) /sub/ : PSYCHOLOGIA gamomanie
ganglion (ganglion) /sub/ : MEDICINA ganglion, zenuwknoop, peesknoop
ganglion (ganglion), ~ lymphatic : lymfeknoop
ganglion (ganglion), ~ nervose : zenuwknoop
ganglionitis (ganglionitis) /sub/ : MEDICINA klierontsteking, ganglionitis
gangrena, ~ per decubito (decubito) : (het) doorliggen
ganiar, le inimico (inimico) ha ganiate terreno : een weddenschap winnen
ganio, ~ in numero (numero) de sedes : zetelwinst
Ganymedes (Ganymedes) /sub/ : Ganymedes
Ganymedes (Ganymedes) /sub/ : ASTRONOMIA Ganymedes
garantia (garantia) /sub/ : waarborg, garantie, zekerheid
garantia (garantia), certificato/schedula de ~ : garantiebewijs/certificaat
garantia (garantia), ~ bancari : bankgarantie
garantia (garantia), ~ de authenticitate : echtheidsgarantie
garantia (garantia), ~ scripte : schriftelijke garantie
garantia (garantia), ~ pro tote le vita : levenslange garantie
garantia (garantia), ~ real : zakelijke zekerheid
garantia (garantia), clausula de ~ : garantieclausule/bepaling/beding
garantia (garantia), etiquetta de ~ : garantielabel
garantia (garantia), certificato de ~ : garantiebewijs
garantia (garantia), pacto/tractato de ~ : garantieverdrag
garantia (garantia), contracto de ~ : garantiecontract
garantia (garantia), credito (credito) de ~ : garantiekrediet
garantia (garantia), ~ de credito (credito) : kredietgarantie
garantia (garantia), precio de ~ : garantieprijs
garantia (garantia), fundo de ~ : garantiefonds, waarborgfonds
garantia (garantia), sex menses de ~ : zes maanden garantie
gargola (gargola) /sub/ : waterspuwer (aan Gotische kerken), gargouille, spuwer, bek
gas, manometro (manometro) a ~ : gasmanometer
gas, thermometro (thermometro) a/de ~ : gasthermometer
gas, camera (camera) a ~ : gaskamer
gasogeno (gasogeno) /sub/ : vergassingstoestel, gasgenerator
gasogeno (gasogeno), ~ de carbon de ligno : houtgasgenerator
gasolina, deposito (deposito) de ~ : benzineopslagplaats/depot
gasometro (gasometro) /sub/ : gashouder
gasose, bibita (bibita) ~ : prik, frisdrank (met prik)
gastralgia (gastralgia) /sub/ : MEDICINA maagkramp, maagpijn, gastralgie
gastrectomia (gastrectomia) /sub/ : MEDICINA gastrectomie
gastrectomia (gastrectomia), ~ partial : maagresectie
gastric, maladia (maladia) ~ : maagkwaal
gastric, catheter (catheter) ~ : maagcatheter
gastric, sclerose (-osis (-osis)) ~ : maagverharding
gastritis (gastritis) /sub/ : MEDICINA maag(vlies)ontsteking, maagcatarre, gastritis
gastrocele (gastrocele) /sub/ : MEDICINA maaguitzakking, maagbreuk
gastroenteritis (gastroenteritis) /sub/ : MEDICINA gastroënteritis, maagdarmcatarre, buikgriep
gastroenterologia (gastroenterologia) /sub/ : MEDICINA gastroënterologie
gastroenterologo (gastroenterologo) /sub/ : MEDICINA gastroënteroloog, maagdarmarts
gastrologia (gastrologia) /sub/ : MEDICINA gastrologie
gastrologo (gastrologo) /sub/ : MEDICINA gastroloog
gastromania (gastromania) /sub/ : gastromanie
gastronome (gastronome) /adj/ : gastronomisch, smul...
gastronomia (gastronomia) /sub/ : gastronomie
gastronomo (gastronomo) /sub/ : gastronoom, lekkerbek, smuller, smulpaap
gastropode (gastropode) /adj/ : buikpotig
gastropodo (gastropodo) /sub/ : ZOOLOGIA buikpotige (slak)
gastropodo (gastropodo), ~s : Gastropoda, Slakken
gastrorrhagia (gastrorrhagia) /sub/ : MEDICINA maagbloeding
gastroscopia (gastroscopia) /sub/ : MEDICINA gastroscopie
gastrotomia (gastrotomia) /sub/ : MEDICINA maagoperatie, gastrotomie
gaudimento, ~ spiritual/del spirito (spirito) : spiritueel genot
gaudio, lacrimas (lacrimas) de ~ : vreugdetranen
gelateria (gelateria) /sub/ : ijssalon
gelea (gelea) /sub/ : gelei
gelea (gelea), ~ de ceresias : kersengelei
gelea (gelea), ~ de grossulas : kruisbessengelei
gelea (gelea), ~ de piras : perengelei
gelea (gelea), (bij bijen, etc.) ~ royal : koninginnenbrood
gelo, periodo (periodo) de ~ : vorstperiode
gelo, limite (limite) de ~ : vorstgrens
gemellipara (gemellipara) /sub/ : vrouw die een tweeling gebaard heeft
gemellipara (gemellipara) /sub/ : adj. die een tweeling gebaard heeft
geminate, organos (organos) ~ : gepaarde organen
gemino (gemino) /sub/ : één van een tweeling
gemino (gemino), ~s monozygotic/univitellin : ééneiige tweelingen
gemino (gemino), ~s siamese : Siamese tweelingen
gemino (gemino), nascentia de ~s : Siamese tweelingen
gemino (gemino), Geminos : Tweelingen
gemito (gemito) /sub/ : gezucht, gesteun, gekreun, gekerm
gemmologia (gemmologia) /sub/ : edelsteenkunde
gendarmeria (gendarmeria) /sub/ : gendarmerie, politie
gendarmeria (gendarmeria) /sub/ : bureau van de gendarmerie, politiebureau
genealogia (genealogia) /sub/ : stamboom, genealogie, geslachtslijst
genealogia (genealogia) /sub/ : geslachtskunde, genealogie, geslachtsrekenkunde
genealogo (genealogo) /sub/ : genealoog, geslachtkundige
genecologia (genecologia) /sub/ : genecologie
general, phenomeno (phenomeno) ~ : algemeen verschijnsel
generalissimo (generalissimo) /sub/ : opperbevelhebber, generalissimo
generation, crise/crisis (crisis) de ~es : generatiecrisis
generic, termino (termino) ~ : algemene term
generic, termino (termino) ~ : soortnaam
genero (genero) /sub/ : schoonzoon
genese (genese) (-esis) /sub/ : het ontstaan, wording, schepping, genese, genesis
genese (genese) (-esis), ~ de un obra de arte : het ontstaan, wording, schepping, genese, genesis
genese (genese) (-esis), Genese (-esis) : Genesis
genesiac (genesiac) /adj/ : Genesis...
genesiac (genesiac), jornos/dies ~ : scheppingsdagen
genethliac (genethliac) /adj/ : geboorte...
genethliac (genethliac), poema ~ : geboortegedicht
genethliac (genethliac) /adj/ : ASTROLOGIA horoscoop...
genetic, codice (codice) ~ : genetische code
genetic, methodo (methodo) ~ : genetische methode
genetic, analyse (analyse) (ysis) ~ : genetische analyse
genial, idea (idea) ~ : briljant idee, geniale inval
genital, organos (organos) ~ : geslachtsorganen
genite (genite) /adj/ : voortgebracht, verwekt, geboren
genite (genite), primogenite : eerstgeboren
Genova (Genova) /sub/ : Genua
gentil, Apostolo (Apostolo) del ~es : Apostel der Heidenen, Paulus
geobiologia (geobiologia) /sub/ : geobiologie
geocentric, theoria (theoria) ~ : geocentrische theorie
geochimia (geochimia) /sub/ : geochemie, geologische scheikunde
geochronologia (geochronologia) /sub/ : geochronologie
geodesia (geodesia) /sub/ : landmeetkunde, aardmeetkunde, geodesie
geodimetro (geodimetro) /sub/ : geodimeter
geogenia (geogenia) /sub/ : leer van het ontstaan der aarde, geogenie
geognosia (geognosia) /sub/ : kennis van de aardkorst, geognose
geogonia (geogonia) /sub/ : leer van het ontstaan van de aarde, geogonie
geographia (geographia) /sub/ : aardrijkskunde, geografie
geographia (geographia), ~ physic : fysische aardrijkskunde
geographia (geographia), ~ topographic : topografische aardrijkskunde
geographia (geographia), ~ economic : economische aardrijkskunde
geographia (geographia), ~ politic : politieke geografie, staatkundige aardrijkskunde
geographia (geographia), ~ linguistic : taalgeografie
geographia (geographia), ~ social : sociale aardrijkskunde
geographia (geographia), ~ botanic : plantengeografie
geographia (geographia), ~ dialectologic : dialectgeografie
geographia (geographia), dictionario de ~ : aardrijkskundig woordenboek
geographia (geographia), manual de ~ : aardrijkskundeboek
geographia (geographia), professor de ~ : aardrijkskundeleraar
geographia (geographia), lection de ~ : aardrijkskundeles
geographo (geographo) /sub/ : aardrijkskundige, geograaf
geohydrologia (geohydrologia) /sub/ : geohydrologie
geologia (geologia) /sub/ : aardkunde, geologie
geologia (geologia), ~ structural : structurele geologie
geologia (geologia), ~ applicate : toegepaste geologie
geologia (geologia), ~ historic : historische geologie
geologia (geologia) /sub/ : geologische kenmerken van een streek
geologo (geologo) /sub/ : aardkundige, geoloog
geomantia (geomantia) /sub/ : zandstipwichelarij, geomantiek
geometra (geometra) /sub/ : meetkundige
geometra (geometra) /sub/ : landmeter
geometria (geometria) /sub/ : meetkunde, geometrie
geometria (geometria), ~ del spatio : stereometrie
geometria (geometria), ~ plan : vlakke meetkunde, planimetrie
geometria (geometria), ~ analytic : analytische meetkunde
geometria (geometria), ~ descriptive : beschrijvende meetkunde
geometria (geometria), ~ projective : projectieve meetkunde
geometria (geometria), ~ metric : metrische meetkunde
geometria (geometria), ~ euclidian : euclidische meetkunde
geometria (geometria), ~ non-euclidian : de niet-euclidische meetkunde
geometria (geometria), ~ differential : differentiële meetkunde
geometria (geometria), ~ riemannian : elliptische meetkunde
geomorphologia (geomorphologia) /sub/ : geomorfologie
geomorphologo (geomorphologo) /sub/ : geomorfoloog
geophage (geophage) /adj/ : aarde-etend
geophagia (geophagia) /sub/ : het eten van aarde, geofagie
geophago (geophago) /sub/ : aardeter, geofaag
geophono (geophono) /sub/ : geofoon
geophyto (geophyto) /sub/ : BOTANICA geofyt, overblijvende plant
geopolitic, theorias (theorias) ~ : geopolitieke theorieën
geostationari, orbita (orbita) ~ : geostationaire baan
geostrategia (geostrategia) /sub/ : geostrategie
geothermal, energia (energia) ~ : aardwarmte als energiebron
geothermia (geothermia) /sub/ : aardwarmte
geothermia (geothermia) /sub/ : geothermie (deel van de geofysica)
geothermic, energia (energia) ~ : aardwarmte als energiebron
geothermometro (geothermometro) /sub/ : geothermometer
gerbera (gerbera) /sub/ : BOTANICA gerbera
geriatria (geriatria) /sub/ : geriatrie
germanium (germanium) /sub/ : CHIMIA germanium
germanomania (germanomania) /sub/ : germanomanie
germanophilia (germanophilia) /sub/ : pro-Duitse gezindheid
germanophilo (germanophilo) /sub/ : iemand die Duits gezind is
germanophobe (germanophobe) /adj/ : anti-Duits
germanophobia (germanophobia) /sub/ : anti-Duitse gezindheid, germanofobie
germanophobo (germanophobo) /sub/ : iemand die anti-Duits gezind is
germanophono (germanophono) /sub/ : Duitssprekende
gerontocratia (gerontocratia) /sub/ : bewind van bejaarde lieden, gerontocratie
gerontologia (gerontologia) /sub/ : gerontologie
gerontologo (gerontologo) /sub/ : gerontoloog
gerontophilia (gerontophilia) /sub/ : gerontofilie
gerontophilo (gerontophilo) /sub/ : gerontofiel
gerontopsychiatria (gerontopsychiatria) /sub/ : gerontopsychiatrie
gerontopsychologia (gerontopsychologia) /sub/ : gerontopsychologie
geyser (geyser) /sub/ : geiser
geyser (geyser), ~ de banio : badgeiser
gigametro (gigametro) /sub/ : gigameter
gigante, littera (littera) ~ : reuzenletter
gigantesc, litteras (litteras) ~ : reuzenletters
gigantomachia (gigantomachia) /sub/ : strijd van de reuzen tegen de goden, gigantomachie
gigantomania (gigantomania) /sub/ : gigantomanie
gigantomano (gigantomano) /sub/ : gigantomaan
gilet, ~ antiballas (antiballas) : kogelvrij vest
gin, distilleria (distilleria)/fabrica de ~ : jeneverstokerij
gingibre , bibita (bibita) al ~ : gemberdrank
gingivitis (gingivitis) /sub/ : MEDICINA tandvleesontsteking, gingivitis
girar, ~ al dext (dext)(e)ra : rechtsaf slaan
girar, ~ circum (circum) un axe/sur un pivot : om een as draaien
girar, le terra gira circum (circum) le sol : de aarde draait om de zon
giration, periodo (periodo) de ~ : omwentelingstijd
glacial, periodo (periodo)/epocha (epocha) ~ : ijstijd
glacial, deposito (deposito) ~ : glaciale afzetting
glaciari, epocha (epocha)/periodo (periodo) ~ : ijstijd
glaciari, vallea (vallea)/valle ~ : gletsjerdal
glaciari, deposito (deposito) ~ : glaciale afzetting
glacie, hockey (A) super (super) ~ : ijshockey
glacie, sport (A) super (super) ~ : ijssport
glacie, festa super (super) ~ : ijsfeest
glacie, surfar super (super) ~ : ijssurfen
glaciologia (glaciologia) /sub/ : gletsjerkunde, glaciologie
glaciologo (glaciologo) /sub/ : gletsjerkundige
glaciologo (glaciologo) /sub/ : s. glaciologo (glaciologo), glaciologista
gladiolo (gladiolo) /sub/ : BOTANICA gladiool
glomerate, dactylis (dactylis) ~ : kropaar
gloria, apice (apice)/apogeo (apogeo)/summitate de su ~ : hoogtepunt van zijn roem
gloria, epocha (epocha)/periodo (periodo)/tempore de ~ : glorietijd
glorificar, le poesia (poesia) de Homero ha glorificate le heroes (heroes) del guerra troian : God loven
gloriola (gloriola) /sub/ : ijdele roem, ijdelheid, verwaandheid
glossitis (glossitis) /sub/ : MEDICINA tongontsteking, glossitis
glossographia (glossographia) /sub/ : glossografie, studie der glossen
glossographo (glossographo) /sub/ : glossograaf
glossolalia (glossolalia) /sub/ : RELIGION glossolalie, het spreken in tongen
glossomania (glossomania) /sub/ : glossomanie
glossopharyngee (glossopharyngee) /adj/ : MEDICINA tongkeel...
glossopharyngee (glossopharyngee), nerf ~ : nervo glossopharyngee
glossoplegia (glossoplegia) /sub/ : MEDICINA glossoplegie
glossotomia (glossotomia) /sub/ : MEDICINA glossotomie, verwijdering van tong(delen)
glotta,glottis (glottis) /sub/ : ANATOMIA stemspleet, glottis
glotta,glottis (glottis), colpo de ~ : tongslag
glottitis (glottitis) /sub/ : MEDICINA stemspleetontsteking
glottochronologia (glottochronologia) /sub/ : glottochronologie
glottogonia (glottogonia) /sub/ : glottogonie
glottologia (glottologia) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA glottologie, taalkunde, linguïstiek
glottologo (glottologo) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA glottoloog, taalkundige, linguïst
glucinum (glucinum) /sub/ : CHIMIA beryllium
glucometro (glucometro) /sub/ : suikerweger
glucoseria (glucoseria) /sub/ : glucosefabriek
gluglu (gluglu) /sub/ : geklok (van fles, van kalkoen, etc.)
gluglu (gluglu), facer ~ : klokken (bij het uitschenken van vloeistof), klokken (van kalkoen, etc.)
gluten (gluten) /sub/ : gluten, plantevezelstof
gluttonia (gluttonia) /sub/ : gulzigheid, schrokkerigheid, vraatzucht
glycemia (glycemia) /sub/ : MEDICINA bloedsuikerspiegel, glycemie
glyceria, ~ maritime (maritime) : kweldergras
glycogenese (glycogenese) (-esis) /sub/ : glycogenese (suikervorming)
glycogeno (glycogeno) /sub/ : BIOCHIMIA glycogeen, spiersuiker
glycolyse (glycolyse) (-ysis) /sub/ : BIOCHIMIA glycolyse, glucoseafbraak
glycyphago (glycyphago) /sub/ : ZOOLOGIA
glycyphago (glycyphago), ~ domestic : huismijt
glyptographia (glyptographia) /sub/ : glyptografie
glyptographo (glyptographo) /sub/ : glyptograaf
gnathologia (gnathologia) /sub/ : gnatologie
gnomologia (gnomologia) /sub/ : gnomologie
gnoseologia (gnoseologia) /sub/ : PHILOSOPHIA gnoseologie, ken(nis)leer, denkleer, noëtiek
gnoseologia (gnoseologia), ~ del pensata grec : gnoseologie van het Griekse denken
gnoseologia (gnoseologia), ~ kantian/de Kant : gnoseologie van Kant
gnosis (gnosis) /sub/ : RELIGION gnosis, gnostiek, gnosticisme
gnostic, theoria (theoria) ~ : gnostische theorie
gnostic, heresia (heresia) ~ : gnostische ketterij
goal, le ballon passa super (super) le ~ : de bal gaat over het doel
goliardic, poesia (poesia) ~ : vaganten/goliardenpoëzie
goliardic, periodo (periodo) ~ de Maerlant : Maerlants vagantische periode
goliardo, poesia (poesia) del ~s : poëzie van de goliarden/vaganten
gonade (gonade) /sub/ : ANATOMIA geslachtsklier, gonade
goniographo (goniographo) /sub/ : goniograaf
goniometria (goniometria) /sub/ : MATHEMATICA goniometrie
goniometria (goniometria), ~ azimuthal : azimutale goniometrie
goniometro (goniometro) /sub/ : goniometer, hoekmeter, hoekmeetinstrument
gonophoro (gonophoro) /sub/ : ANATOMIA gonofoor (drager der voortplantingsorganen)
gonorrhea (gonorrhea) /sub/ : gonorrhoe, druiper
governamental, organos (organos) ~ : regeringsorganen
governamental, crise/crisis (crisis) ~ : regeringscrisis
governamento, organo (organo) de ~ : regeringsoorgaan
governamento, crise/crisis (crisis) de ~ : regeringscrisis, kabinetscrisis
gracile, eriophoro (eriophoro) ~ : slank wollegras
gracilicaule (gracilicaule) /adj/ : BOTANICA met slanke stengel
gradation /sub/ : RHETORICA climax (climax)
gradiente, methodo (methodo) de ~ : gradiëntenmethode
gradiente, microphono (microphono) de ~ : gradiëntmicrofoon
grado (I), ~ Celsius (Celsius) : graad Celsius
graduate, thermometro (thermometro) ~ : thermometer met schaalverdeling
graffo, ~ de organo (organo) : orgaantransplantatie
graminivoro (graminivoro) /sub/ : graseter
graminologia (graminologia) /sub/ : graminologie
graminologo (graminologo) /sub/ : graminoloog
gramma-atomo (gramma-atomo) /sub/ : gramatoom
grammatologia (grammatologia) /sub/ : grammatologie
grammophono (grammophono) /sub/ : grammofoon
grammophono (grammophono), motor de ~ : grammofoonmotor
granamita (granamita) /sub/ : oudtante
granata, ~ a/de phosphoro (phosphoro) : fosforgranaat
grandor, posseder un ver ~ de anima (anima) : ware grootheid bezitten
granivoro (granivoro) /sub/ : zaadeter, zaadetende vogel
granotypia (granotypia) /sub/ : granotypie
granulometria (granulometria) /sub/ : granulometrie
granulometric, analyse (analyse) (-ysis) ~ : granulometrische analyse
grape-fruit, cortice (cortice) de ~ : grapefruitschil
graphia (graphia) /sub/ : schrijfwijze, grafie, spelling, schriftbeeld
graphia (graphia), ~ phonetic : fonetische spelling
graphia (graphia), ~ traditional : traditionele schrijfwijze
grapho, theoria (theoria) del ~s : theorie der grafen
graphologia (graphologia) /sub/ : grafologie, schriftkunde
graphologic, analyse (analyse) (-ysis)/expertise (F) ~ : schriftexpertise
graphologo (graphologo) /sub/ : grafoloog, schriftkundige
graphomania (graphomania) /sub/ : grafomanie
graphomano (graphomano) /sub/ : grafomaan
graphometro (graphometro) /sub/ : grafometer, hoekmeter, graadboog
graphotherapia (graphotherapia) /sub/ : grafotherapie
grasse, characteres (characteres) ~ : vette letters
grassia, ~ de butyro (butyro) : botervet
grate, le visita (visita) me esserea (esserea) ~ : het bezoek zou me niet onwelgevallig zijn
gratiola (gratiola) /sub/ : BOTANICA genadekruid, galkruid
gratis (gratis) /adv/ : gratis, kosteloos, voor niets, om niet
gratis (gratis), viagiar ~ : gratis/vrij reizen
gratis (gratis), esser nutrite ~ : vrije kost hebben
gratuite (gratuite) /adj/ : gratis, kosteloos, belangeloos
gratuite (gratuite), entrata ~ : vrije toegang
gratuite (gratuite), inseniamento ~ : kosteloos onderwijs
gratuite (gratuite), viage ~ : lift
gratuite (gratuite), exemplar ~ : presentexemplaar
gratuite (gratuite), monstra ~ : gratis monster
gratuite (gratuite), supplemento ~ : gratis bijvoegsel
gratuite (gratuite), information ~ : kosteloze informatie
gratuite (gratuite), assistentia ~ : gratis hulp
gratuite (gratuite), avantia ~ : renteloos voorschot
gratuite (gratuite), assistentia/adjuta judiciari/juridic ~ : kosteloze rechtsbijstand
gratuite (gratuite), litigar gratuitemente : kosteloos procederen
gratuite (gratuite) /adj/ : ongegrond, ongemotiveerd, uit de lucht gegrepen
gratuite (gratuite), accusation ~ : ongegronde beschuldiging
gratuite (gratuite), assertion ~ : onbewezen bewering
gratuite (gratuite), hypothese (hypothese) (-esis) ~ : uit de lucht gegrepen veronderstelling
gratuite (gratuite), gesto ~ : loos gebaar
gratuite (gratuite), supponer un cosa gratuitemente : iets zonder voldoende gronden veronderstellen
gratulation, littera (littera) de ~ : felicitatiebrief
gratulation, visita (visita) de ~ : felicitatiebezoek
gratulatori, littera (littera) ~ : felicitatiebrief
gratulatori, visita (visita) ~ : felicitatiebezoek
gravar (I), machina (machina) a/de ~ : graveermachine
gravar (II), le peso grava super (super) le colonnas : het gewicht drukt op de zuilen
gravar (II), le responsabilitate grava super (super) su spatulas : de verantwoordelijkheid rust op zijn schouders
grave, maladia (maladia) ~ : ernstige ziekte
gravidic, toxemia (toxemia) ~ : zwangerschapsvergiftiging
graviditate, periodo (periodo) de ~ : zwangerschapsperiode
graviditate, toxemia (toxemia) de ~ : zwangerschapsvergiftiging
gravimetria (gravimetria) /sub/ : gravimetrie, zwaartekrachtmeting
gravimetro (gravimetro) /sub/ : gravimeter, zwaartekrachtmeter
gravitar, le corpores celeste gravita circum (circum)/circa lor axes : de hemellichamen wentelen om hun assen
grecomania (grecomania) /sub/ : graecomanie
grecomaniaco (grecomaniaco) /sub/ : graecomaan
grecomano (grecomano) /sub/ : graecomaan
grecophono (grecophono) /sub/ : iemand die Grieks spreekt
grecoroman, periodo (periodo) ~ : Grieks-Romeinse perio-de
gregari, spirito (spirito) ~ : kuddegeest
grevillea (grevillea) /sub/ : BOTANICA
grevillea (grevillea), ~ robuste : kamereik
grillia, microphono (microphono) a ~ : roostermicrofoon
grillia, rostir carne super (super) le ~ : vlees op het rooster braden
grippal, virus (virus) ~ : griepvirus
grippe, epidemia (epidemia) de ~ : griepepidemie
grisu (grisu) /sub/ : mijngas
grisu (grisu), explosion de ~ : mijngasontploffing
grisumetro (grisumetro) /sub/ : mijngasdetector
grosseria (grosseria) /sub/ : grofheid, ruwheid
grossier, idea (idea) ~ : vaag idee
grosso, le ~ del armea (armea) : het gros/de hoofdmacht van het leger
grottologia (grottologia) /sub/ : grottologie
gruppo, ~ de armeas (armeas) : legergroep
gruppo, photo(graphia (graphia)) de ~ : groepsfoto
guanteria (guanteria) /sub/ : handschoenenfabriek
guanteria (guanteria) /sub/ : handschoenenzaak/winkel
guanto, ~ de gumma/cauchu (cauchu) : gummi/rubberhandschoen
guarda-agulias (guarda-agulias) /sub/ : wisselwachter
guardaboscos (guardaboscos) /sub/ : boswachter
guardaboves (guardaboves) /sub/ : ZOOLOGIA koereiger
guardacolpos (guardacolpos) /sub/ : stootrand, stootkussen, bumper
guardacostas (guardacostas) /sub/ : kustwacht, kustwachter
guardacostas (guardacostas) /sub/ : kustbewakingsschip
guardadica (guardadica)(s) /sub/ : dijkwachter
guardafrenos (guardafrenos) /sub/ : FERROVIA remmer
guarda-infantes (guarda-infantes) /sub/ : kinderjuffrouw
guardalineas (guardalineas) /sub/ : FERROVIA lijnopzichter, baanopzichter, lijnwachter
guardalineas (guardalineas) /sub/ : SPORT lijnrechter, grensrechter
guardamobiles (guardamobiles) /sub/ : meubelbewaarplaats
guardasigillos (guardasigillos) /sub/ : zegelbewaarder
guardavia (guardavia) /sub/ : baanwachter
guardavia (guardavia), casa de ~ : baanwachterswoning
guardiano, angelo (angelo) ~ : schutsengel
guastar, ~ energia (energia) : energie verspillen
guerra, ~ naval/maritime (maritime) : oorlog ter zee
guerra, victima (victima) de ~ : oorlogsslachtoffer
guerra, orphano (orphano) de ~ : oorlogswees
guerra, economia (economia) de ~ : oorlogseconomie
guerra, debita (debita) de ~ : oorlogsschuld
guerra, poesia (poesia) de ~ : oorlogspoëzie
guerra, psychose (-osis (-osis)) del ~ : oorlogspsychose
guerrier, heroe (heroe) ~ : krijgsheld, oorlogsheld
guerrier, character (character) ~ : krijgshalftigheid
guida, ~ ferroviari/de ferrovia (ferrovia) : spoorboekje
guida, ~ del telephono (telephono) : telefoongids
guida, numero (numero) ~ : richtgetal
guidalineas (guidalineas) /sub/ : lijnenblad, transparant
guidar, ~ le visitantes in un museo (museo) : de bezoekers in een museum rondleiden
guidate, visita (visita) ~ : rondleiding
Guinea (Guinea)  /{gi}/ : Guinee
Guinea (Guinea) , Golfo de ~ : Golf van Guinee
Guinea (Guinea) , gallina de ~ : parelhoen
Guinea (Guinea) , guinea : guinje (munt)
gulash (gulash) /sub/ : goelasj
gurgite (gurgite) /sub/ : afgrond, kloof, draaikolk, maalstroom
gurgite (gurgite) /sub/ : keel, strot, hals, krop (van vogel)
gurgite (gurgite), inflammation del ~ : keelontsteking
gurgite (gurgite), haber un bolla/nodo in le ~ : een brok in de keel hebben
gurgite (gurgite), haber le ~ sic : een droge keel hebben
gurgite (gurgite), mal de ~ : keelpijn
gustation, organos (organos) del ~ : smaakorganen
gusto, organo (organo) del ~ : smaakorgaan
gusto, perdita (perdita) de ~ : smaakverlies
gustometria (gustometria) /adj/ : gustometrie
gustose, un anecdota (anecdota) ~mente contate : een sma-kelijk vertelde anekdote
guttiferas (guttiferas) /sub/ : BOTANICA guttiferae
gymnopode (gymnopode) /adj/ : ZOOLOGIA naaktvoetig
gyneceo (gyneceo) /sub/ : ANTIQUITATE gynaeceum, vrouwenvertrek, vrouwenverblijf
gynecocratia (gynecocratia) /sub/ : gynecocratie, vrouwenheerschappij, vrouwenregering
gynecolatra (gynecolatra) /sub/ : vrouwenvereerder
gynecolatria (gynecolatria) /sub/ : vrouwenverering
gynecologia (gynecologia) /sub/ : gynecologie, leer der vrouwenziekten
gynecologic, maladia (maladia) ~ : vrouwenziekte
gynecologic, chirurgia (chirurgia) ~ : gynecologische chirurgie
gynecologo (gynecologo) /sub/ : gynecoloog, vrouwenarts
gynecomastia (gynecomastia) /sub/ : MEDICINA gynaecomastie (abnormale borstomvang bij mannen)
gynophoro (gynophoro) /sub/ : BOTANICA gynofoor
gypseria (gypseria) /sub/ : gipsfabriek
gypso, masca/mascara (mascara) de ~ : gipsmasker
gypsophila (gypsophila) /sub/ : BOTANICA gipskruid
gypsophila (gypsophila), ~ paniculate : bruidssluier, sluierkruid
gypsophila (gypsophila), ~ mural : gaffelsteng
gyrobussola (gyrobussola) /sub/ : gyrokompas
gyromantia (gyromantia) /sub/ : gyromantie
gyrometro (gyrometro) /sub/ : draaisnelheidsmeter, gyrometer
gyroscopic, compasso/bussola (bussola) ~ : gyroscopisch kompas, tolkompas
gyrostato (gyrostato) /sub/ : gyrostaat
gyrovage (gyrovage) /adj/ : zwervend
gyrovage (gyrovage) /adj/ : PRESENTE DE haber
habile, puero (puero) ~ : behendige jongen
habito (habito) /sub/ : kleren, kledij, kleding, klederdracht
habito (habito), ~ de lucto : rouwkleding
habito (habito), ~ de hiberno : winterkleding
habito (habito), ~ de marinero : matrozenpak
habito (habito), ~ de festa : feestkleding
habito (habito), ~ de gala : galakostuum
habito (habito), in ~ de ceremonia : in vol ornaat
habito (habito) /sub/ : priesterkleed, monnikspij, habijt
habito (habito), ~ sacerdotal : priesterkleed
habito (habito), ~ monachal : monnikengewaad
habito (habito), le ~ non face le monacho (monacho) : men moet niet naar de schijn oordelen
habito (habito), prender le ~ : priester/monnik worden
habito (habito), jectar le ~ : de kap over de haag smijten, uit de (klooster)orde treden
habito (habito) /sub/ : gewoonte, routine
habito (habito), ~ fixe : vaste gewoonte
habito (habito), ~ inveterate : ingekankerde gewoonte
habito (habito), prender/adoptar/acquirer un ~ : een gewoonte aannemen
habito (habito), (un cosa) se transforma in ~ : er treedt gewoontevorming op
habitual, bireria (bireria) ~ : stamkroeg
habituar, ~ se al idea (idea) del morte : aan het idee van de dood wennen
Hades (Hades) /sub/ : Hades
hafnium (hafnium) /sub/ : CHIMIA hafnium
hagiographia (hagiographia) /sub/ : hagiografie, levensbeschrijving van heiligen
hagiographo (hagiographo) /sub/ : hagiograaf, schrijver van heiligenlevens
hagiolatria (hagiolatria) /sub/ : heiligenverering
hagiologia (hagiologia) /sub/ : hagiologie
hagiologo (hagiologo) /sub/ : hagioloog
hahnium (hahnium) /sub/ : CHIMIA hahnium (element 105)
hairon, ~ cineree (cineree) : blauwe reiger, aalreiger
halito (halito) /sub/ : adem(haling)
halito (halito), ~ fresc : frisse adem
halito (halito), ~ infecte : stinkende adem
halito (halito), ~ vital/del vita : levensadem
halito (halito), de longe ~ : van lange adem
halito (halito), suffocar le ~ : de adem benemen
halito (halito), perder ~ : buiten adem raken
halito (halito), retener le ~ : de adem inhouden
halito (halito), reprender ~ : weer op adem komen
halito (halito), toto de un ~ : in één adem
halito (halito), curte de ~ : kortademig
halito (halito), foras (foras) de/sin ~ : ademloos, buiten adem
halito (halito), ille ha un mal ~ : hij ruikt uit zijn mond
halitose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA halitose, slechte/stinkende adem
hallelujah (hallelujah)  /{ja}/ : (h)alleluja
hallucinatori, psychose (-osis (-osis)) ~ : hallucinatorische psychose
hallucinogeno (hallucinogeno) /sub/ : hallucinerend middel, tripmiddel, hallucinogeen
hallucinose (-osis (-osis)) /sub/ : hallucinose
halochimia (halochimia) /sub/ : CHIMIA halochemie
halochromia (halochromia) /sub/ : CHIMIA halochromie
halogeno (halogeno) /sub/ : CHIMIA halogeen
halographia (halographia) /sub/ : zoutbeschrijving
halomantia (halomantia) /sub/ : waarzeggerij d.m.v. zouten
halometria (halometria) /sub/ : zoutmeting (bepaling van de hoeveelheid zout in een oplossing)
halometro (halometro) /sub/ : zoutmeter, halometer
halophyte (halophyte) /adj/ : BOTANICA zoutminnend
halophyto (halophyto) /sub/ : zoutminnende plant, zoutplant
haloplancton (haloplancton) /sub/ : haloplankton, zoutwaterplankton
halterophilia (halterophilia) /sub/ : gewichtheffen
halterophilia (halterophilia), practicar le ~ : aan gewichtheffen doen
halterophilo (halterophilo) /sub/ : gewichtheffer
halto, dicer ~ al energia (energia) nuclear : nee tegen de kernenergie zeggen
hamadryade (hamadryade) /sub/ : HISTORIA boomnimf, bosnimf, hamadryade
hamadryas (hamadryas) /sub/ : ZOOLOGIA mantelbaviaan
hamamelis (hamamelis) /sub/ : BOTANICA toverhazelaar, hamamelis
hamburger (hamburger) /sub/ : CULINARI hamburger
hamburger (hamburger), ~ al caseo : kaasburger
hamster (hamster) /sub/ : hamster
hamster (hamster), ~ (de pelle) dorate : goudhamster
hanca, arthritis (arthritis) del ~ : ontsteking van het heupgewricht
haplographia (haplographia) /sub/ : haplografie (schrijffout)
haplolalia (haplolalia) /sub/ : haplolalie
haptonomia (haptonomia) /sub/ : haptonomie
haptonomo (haptonomo) /sub/ : haptonoom
haquenea (haquenea) /sub/ : hakkenei, telganger
hardite, spirito (spirito) ~ : onverschrokken geest
harmonia (harmonia) /sub/ : overeenstemming, harmonie (anque MUSICA)
harmonia (harmonia), ~ de colores : harmonie van kleuren
harmonia (harmonia), ~ del contrarios : harmonie der tegendelen
harmonia (harmonia), ~ del proportiones : evenwicht in de verhoudingen
harmonia (harmonia), viver in perfecte ~ : in perfecte harmonie leven
harmonia (harmonia), viver in bon ~ con : in goede verstandhouding leven met
harmonia (harmonia), societate de ~ : harmoniegezelschap
harmonia (harmonia), musica de/pro ~ : harmoniemuziek
harmonia (harmonia), mitter in ~ duo instrumentos de musica : twee muziekinstrumenten in samenklank brengen
harmonia (harmonia) /sub/ : MUSICA harmonieleer
harmonic, analyse (analyse) (-ysis) ~ : harmonische analyse
harmonium (harmonium) /sub/ : harmonium
harpyia (harpyia)  /{ija}/ : MYTHOLOGIA harpij
haruspice (haruspice) /sub/ : HISTORIA haruspex, vogelwichelaar
hasardo, ille lassa nihil (nihil) al ~ : hij is op alles bedacht
hasch, le policia (policia) ha interceptate un grande quantitate de - : de politie heeft een grote hasjvangst gedaan
hastar, ~ se verso le exito (exito) : zich haasten naar de uitgang
haubitze, batteria (batteria) de ~s : houwitserbatterij
hebdomada (hebdomada) /sub/ : periode van zeven dagen, week
hebephrenia (hebephrenia) /sub/ : PSYCHOLOGIA hebefrenie, puberteitspsychose
hebraic (hebraic) /adj/ : Hebreeuws
hebraic (hebraic), le lege ~ : de Hebreeuwse wet
hebraic (hebraic), lingua ~ : Hebreeuwse taal
hebraic (hebraic), religion ~ : Hebreeuwse godsdienst
hebraic (hebraic), scriptura ~ : Hebreeuws schrift
hebraic (hebraic), traditiones ~ : Hebreeuwse tradities
hebraic (hebraic), Universitate Hebraic de Jerusalem : Hebreeuwse Universiteit van Jerusalem
hebree (hebree) /adj/ : Hebreeuws
hebree (hebree), populo ~ : volk van de Hebreeërs
hebree (hebree), texto ~ : Hebreeuwse tekst
hebreo (hebreo) /sub/ : Hebreeër (Israëliet, Jood)
hebreo (hebreo), Hebreo Errante : Wandelende Jood
hebreo (hebreo) /sub/ : Hebreeuws (taal)
hebreo (hebreo), ~ moderne : Ivriet
hectographo (hectographo) /sub/ : hectograaf
hectolitro (hectolitro),hl /sub/ : hectoliter
hectometro (hectometro) /sub/ : hectometer
hectopede (hectopede) /adj/ : honderdvoetig
hedera (hedera) /sub/ : BOTANICA klimop
hedera (hedera), folio de ~ : klimopblad
hedera (hedera), corona de ~ : klimopkrans/kroon
hedera (hedera), le ~ involve le querco : de klimop omstrengelt de eik
hedonista, philosophia (philosophia) ~ : hedonistische filosofie
Hegel, philosophia (philosophia) de ~ : filosofie van Hegel
hegelian, philosophia (philosophia) ~ : filosofie van Hegel
hegemonia (hegemonia) /sub/ : HISTORIA GREC hegemonie, militaire en politieke overheersing van een staat in een statenbond
hegemonia (hegemonia), Sparta aspirava al ~ super (super) tote le Grecia : Sparta streefde naar de hegemonie over heel Griekenland
hegemonia (hegemonia) /sub/ : opperheerschappij, macht, leiderschap, overwicht, hegemonie
hegemonia (hegemonia), ~ militar : militaire hegemonie
hegemonia (hegemonia), ~ economic : economische hegemonie
hegemonia (hegemonia), ~ naval : hegemonie op zee
hegemonia (hegemonia), conquirer le ~ mundial/del mundo : de wereldheerschappij veroveren
hegemonia (hegemonia), lucta pro le ~ in le mundo : strijd om de hegemonie in de wereld
hegira (hegira) /sub/ : RELIGION hegira
Helena (Helena) /sub/ : Helena
heleocharis (heleocharis) /sub/ : BOTANICA waterbies
heleocharis (heleocharis), ~ palustre : gewone waterbies
heleocharis (heleocharis), ~ multicaule (multicaule) : veelstengelige waterbies
heleocharis (heleocharis), ~ pauciflor : armbloemige waterbies
heliac (heliac) /adj/ : ASTRONOMIA schemerings..., heliakisch
helianthemo (helianthemo) /sub/ : BOTANICA zonneroosje, veldroosje
1, duple/duplice (duplice) ~ : dubbele helix
helicoide, parabola (parabola) ~ : spiraalvormige parabool
heliocentric, theoria (theoria) ~ de Copernico : heliocentrische theorie van Copernicus
heliochromia (heliochromia) /sub/ : PHOTOGRAPHIA heliochromie
heliographia (heliographia) /sub/ : heliografie
heliographo (heliographo) /sub/ : heliograaf
heliolatra (heliolatra) /sub/ : zonaanbidder
heliolatria (heliolatria) /sub/ : zonaanbidding
heliometro (heliometro) /sub/ : ASTRONOMIA heliometer
heliophobe (heliophobe) /adj/ : heliofoob
heliophobia (heliophobia) /sub/ : zonnevrees, heliofobie
heliophyto (heliophyto) /sub/ : BOTANICA heliofiet, zonneplant
Helios (Helios) /sub/ : RELIGION GREC Helios (zonnegod)
heliostato (heliostato) /sub/ : heliostaat, heliograaf
heliotherapia (heliotherapia) /sub/ : MEDICINA heliotherapie, (hoogte)zontherapie
heliothermometro (heliothermometro) /sub/ : zonnewarmtemeter
heliotrope (heliotrope) /adj/ : heliotroop
heliotypia (heliotypia) /sub/ : heliotypie
heliotypo (heliotypo) /sub/ : heliotype
helium (helium) /sub/ : CHIMIA helium
helium (helium), nucleo a ~ : heliumkern
helium (helium), spectometro (spectometro) a ~ : heliumspectrometer
Hellade (Hellade) /sub/ : Hellas
helleboro (helleboro) /sub/ : BOTANICA nieskruid, nieswortel, kerstroosje
helleboro (helleboro), ~ nigre : zwart nieskruid
helleboro (helleboro), ~ viride : wrangkruid
helleboro (helleboro), ~ fetide : stinkend nieskruid
hellenismo, le seculo de Pericles (Pericles) marcava le triumpho del ~ : hellenisme (cultuur)
hellenistic, periodo (periodo) ~ : hellenistische periode
hellenistic, le grande monarchias (monarchias) ~ : de grote hellenistische monarchieën
helminthiasis (helminthiasis) /sub/ : MEDICINA wormziekte (veroorzaakt door ingewandsworm)
helminthologia (helminthologia) /sub/ : helminthologie (leer van de ingewandswormen)
helminthologo (helminthologo) /sub/ : helmintholoog
helophyto (helophyto) /sub/ : helofiet, moerasplant
hemarthrose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA hemartrose, gewrichtsbloeduitstorting
hematemesis (hematemesis) /sub/ : MEDICINA bloedbraking, bloedspuwing, hematemesis
hematia (hematia) /sub/ : BIOLOGIA rood bloedlichaampje
hematocele (hematocele) /sub/ : MEDICINA inwendige bloeding, bloedbreuk
hematogenese (hematogenese) (-esis) /sub/ : hematogenese
hematographia (hematographia) /sub/ : MEDICINA bloedbeschrijving, hematografie
hematologia (hematologia) /sub/ : MEDICINA hematologie, leer van bloed en bloedziekten
hematologo (hematologo) /sub/ : MEDICINA hematoloog
hematophage (hematophage) /adj/ : bloedetend, bloedzuigend
hematophage (hematophage), insectos ~ : bloedetende insecten
hematophagia (hematophagia) /sub/ : hematofagie
hematophago (hematophago) /sub/ : organisme dat zich met bloed voedt, hematofaag
hematophobia (hematophobia) /sub/ : s. hematofobie, bloedvrees
hematopoiese (-esis (-esis)) /sub/ : MEDICINA bloedvorming, bloedaanmaak
hematose (-osis (-osis)) /sub/ : arterialisering, hematose
hemeralopia (hemeralopia) /sub/ : nachtblindheid
hemialgia (hemialgia) /sub/ : MEDICINA migraine, schele hoofdpijn, hemialgie, hemicranie
hemianopsia (hemianopsia) /sub/ : hemianopsie
hemicrania (hemicrania) /sub/ : MEDICINA migraine, schele hoofdpijn, hemialgie, hemicranie
hemiplegia (hemiplegia) /sub/ : MEDICINA hemiplegie, eenzijdige/enkelzijdige/halfzijdige verlamming
hemiplegia (hemiplegia), ille ha un ~ del latere dext(e)re : hij is aan de rechterkant verlamd
hemiplegic, syndrome (syndrome) ~ : hemiplegisch syndroom
hemiptero (hemiptero) /sub/ : ZOOLOGIA halfvleugelige
hemiptero (hemiptero), ~s : Halfvleugeligen, Hemiptera
hemispheric, cupola (cupola) ~ : halfbolvormige koepel
hemispherio, aliseo (aliseo) del ~ nord : noordoostpassaat
1, le prime/secunde ~ de un pentametro (pentametro) : de eerste/tweede hemistiche van een pentameter
hemitrope (hemitrope) /adj/ : hemitroop
hemitropia (hemitropia) /sub/ : hemitropie
hemochromatose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA hemochromatose
hemodialyse (hemodialyse) (-ysis) /sub/ : MEDICINA hemodialyse, nierdialyse
hemoglobinemia (hemoglobinemia) /sub/ : hemoglobinemie
hemoglobinometro (hemoglobinometro) /sub/ : hemoglobinemeter
hemoglobinopathia (hemoglobinopathia) /sub/ : MEDICINA hemoglobinopathie
hemolyse (hemolyse) (-ysis) /sub/ : MEDICINA hemolyse, bloedontleding
hemopathia (hemopathia) /sub/ : MEDICINA bloedkwaal, bloedziekte
hemophilia (hemophilia) /sub/ : hemofilie, bloederziekte
hemophiliac (hemophiliac) /adj/ : Vide: hemophile
hemophiliaco (hemophiliaco) /sub/ : Vide: hemophilo (hemophilo)
hemophilo (hemophilo) /sub/ : hemofiliepatiënt, bloeder
hemophobia (hemophobia) /sub/ : hemofobie, hematofobie, bloedvrees
hemoptyse (hemoptyse) (-ysis) /sub/ : MEDICINA bloedspuwing, bloedhoest, hemoptyse
hemorrhagia (hemorrhagia) /sub/ : MEDICINA bloeding, hemorragie
hemorrhagia (hemorrhagia), ~ cerebral : hersenbloeding
hemorrhagia (hemorrhagia), ~ gastric/stomachal/del stomacho (stomacho) : maagbloeding
hemorrhagia (hemorrhagia), ~ nasal : neusbloeding, bloedneus
hemorrhagia (hemorrhagia), ~ interne : inwendige bloeding
hemorrhagia (hemorrhagia), ~ subcutanee : onderhuidse bloeding
hemorrhagia (hemorrhagia), ~ arterial : slagaderlijke bloeding
hemorrhagia (hemorrhagia), ~ labial : lipbloeding
hemorrhagia (hemorrhagia), ~ pulmonar : longbloeding
hemorrhagia (hemorrhagia), ~ buccal : mondbloeding
hemorrhagia (hemorrhagia), ~ splenic : miltbloeding
hemorrhagia (hemorrhagia), ~ vaginal : vaginale bloeding, vloeiing
hemorrhagia (hemorrhagia), arrestar le ~ : de bloeding tot staan brengen
hemostase (hemostase) (-asis) /sub/ : MEDICINA bloedstolling, hemostase, bloedstelping
hemostatic, medicamento/pharmaco (pharmaco)/remedio ~ : bloedstelpend middel
hemostato (hemostato) /sub/ : MEDICINA bloedstelpend middel
hendecagono (hendecagono) /sub/ : MATHEMATICA elfhoek
hendecasyllabe (hendecasyllabe) /adj/ : LITTERATURA elflettergrepig
hendecasyllabe (hendecasyllabe), verso ~ : elflettergrepige versregel
hendecasyllabo (hendecasyllabo) /sub/ : LITTERATURA elflettergrepige versregel
hendiadys (hendiadys) /sub/ : LITTERATURA hendiadys
Henrico (Henrico) /sub/ : Hendrik
hepatalgia (hepatalgia) /sub/ : MEDICINA hepatalgie, pijn aan de lever
hepate (hepate) /sub/ : ANATOMIA lever
hepate (hepate), maladia (maladia) del ~ : leverziekte
hepate (hepate), inflammation del ~ : leverontsteking
hepate (hepate), atrophia (atrophia) del ~ : leveratrofie
hepate (hepate), lobo de ~ : leverkwab
hepate (hepate), color de ~ : leverkleur
hepate (hepate), de color de ~ : leverkleurig
hepatic, cirrhose (-osis (-osis)) ~ : levercirrose
hepatic, maladia (maladia) ~ : leverkwaal
hepatic, parenchyma (parenchyma) ~ : leverparenchym
hepatitis (hepatitis) /sub/ : MEDICINA hepatitis, leverontsteking
hepatitis (hepatitis), ~ viral : virale hepatitis, geelzucht
hepatitis (hepatitis), ~ chronic : chronische hepatitis
hepatocele (hepatocele) /sub/ : MEDICINA leverbreuk
hepatolitho (hepatolitho) /sub/ : MEDICINA leversteen
hepatologia (hepatologia) /sub/ : MEDICINA hepatologie, leer van de leverziekten
hepatologo (hepatologo) /sub/ : MEDICINA hepatoloog
hepatomegalia (hepatomegalia) /sub/ : MEDICINA leververgroting
hepatopathia (hepatopathia) /sub/ : MEDICINA hepatopathie
hepatotherapia (hepatotherapia) /sub/ : MEDICINA hepatotherapie
heptagono (heptagono) /sub/ : MATHEMATICA zevenhoek, heptagon
heptametre (heptametre) /adj/ : zevenvoetig
heptametre (heptametre), verso ~ : zevenvoetig vers
heptametro (heptametro) /sub/ : LITTERATURA heptameter, zevenvoetige versregel
heptarchia (heptarchia) /sub/ : HISTORIA heptarchie, heerschappij van de zeven
heptasyllabe (heptasyllabe) /adj/ : LITTERATURA zevenlettergrepig
heptasyllabo (heptasyllabo) /sub/ : LITTERATURA zevenlettergrepige versregel
heracleo (heracleo) /sub/ : BOTANICA bereklauw
herba, ~s febrifuge (febrifuge) : koortskruiden
herbivoro (herbivoro) /sub/ : ZOOLOGIA planteneter, herbivoor
herboristeria (herboristeria) /sub/ : kruidenwinkel, drogisterij
Hercules (Hercules) /sub/ : Hercules
Hercules (Hercules), Columnas/Colonnas de : Zuilen van Hercules
Hercules (Hercules), massa de ~ : herculesknots
hereditari, monarchia (monarchia) ~ : erfelijk koningschap
hereditari, inimico (inimico) ~ : erfvijand
hereditari, maladia (maladia) ~ : familiekwaal
hereditari, prince/principe (principe) ~ : erfprins, erfvorst
hereditari, debita (debita) ~ : erfschuld
hereditari, syphilis (syphilis) ~ : hereditaire syfilis
hereditari, maladias (maladias) ~ : erfelijke kwalen
hereditari, characteres (characteres) ~ : erfelijke kenmerken
heredosyphilis (heredosyphilis) /sub/ : MEDICINA aangeboren syfilis
heresia (heresia) /sub/ : ketterij, dwaalleer, valse leer, heresie
heresia (heresia), ~ pelagian : pelagiaanse ketterij
heresia (heresia), ~ nestorian : nestoriaanse ketterij
heresia (heresia), esser suspecte de ~ : verdacht worden van ketterij
heresia (heresia), processo de ~ : ketterproces
heresia (heresia), le edictos contra le ~ : de plakkaten tegen de ketters
heresia (heresia), abjurar le ~ : de ketterij afzweren
heresiologia (heresiologia) /sub/ : studie van de ketterij, heresiologie
heresiologia (heresiologia) /sub/ : de ketterij betreffend
heresiologo (heresiologo) /sub/ : kenner van de ketterij, heresioloog
heri, ~ vespera (vespera)/vespere : gisteravond
hermeneutic, methodos (methodos) ~ : hermeneutische methoden
Hermes (Hermes) /sub/ : RELIGION GREC Hermes
HermesTrismegisto (HermesTrismegisto) /sub/ : Hermes Trismegistus
hermetic, poesia (poesia) ~ : moeilijk toegankelijk/hermetische poëzie
hermetic, philosophia (philosophia) ~ : hermetische filosofie
herniotomia (herniotomia) /sub/ : MEDICINA breukoperatie
Herodiade (Herodiade) /sub/ : Herodias
heroe (heroe) /sub/ : held
heroe (heroe), ~ del mar : zeeheld
heroe (heroe), ~ del aere (aere) : luchtheld
heroe (heroe), ~ guerrier/de guerra : krijgsheld, oorlogsheld
heroe (heroe), ~ romanesc : romanheld
heroe (heroe), sanguine de ~ : heldenbloed
heroe (heroe), virtute de ~ : heldendeugd
heroe (heroe), fama de ~ : heldenroem
heroe (heroe), facer le ~ : de held uithangen
heroe (heroe) /sub/ : ANTIQUITATE heros, halfgod
heroic (heroic) /adj/ : heldhaftig, helden...
heroic (heroic), epocha (epocha) ~ : heldentijdperk
heroic (heroic), morte ~ : heldendood
heroic (heroic), spirito (spirito) ~ : heldengeest
heroic (heroic), saga ~ : heldensage
heroic (heroic), acto ~ : heldendaad
heroic (heroic), anima (anima) ~ : heldenziel
heroic (heroic), remedio ~ : paardenmiddel
heroic (heroic), mesuras ~ : draconische maatregelen
heroina (heroina) (I) /sub/ : heldin
heroina (heroina) (II) /sub/ : PHARMACIA heroïne
heroina (heroina) (II), traffico del ~ : heroïnehandel
heroina (heroina) (II), prostituta/puta/putana de ~ : heroïnehoer
heroina (heroina) (II), overdose (A) de ~ : overdosis heroïne
heroina (heroina) (II), linea de ~ : heroïnelijn
heroina (heroina) (II), syringa/injector de ~ : heroïnespuit
heroina (heroina) (II), prender ~ : heroïne gebruiken
heroinomania (heroinomania) /sub/ : heroïnegebruik
heroinomano (heroinomano) /sub/ : heroïnegebruiker
herpete (herpete) /sub/ : MEDICINA herpes
herpete (herpete), ~ zoster : gordelroos
herpete (herpete), ~ labial : lipuitslag, koortsuitslag
herpete (herpete), ~ genital : herpes genitalis
herpete (herpete), ~ facial : herpes facialis
herpetic, virus (virus) ~ : herpesvirus
herpetologia (herpetologia)(I) /sub/ : MEDICINA herpetologie, studie van herpes
herpetologia (herpetologia)(II) /sub/ : ZOOLOGIA herpetologie, leer van de kruipende dieren
herpetologo (herpetologo) /sub/ : herpetoloog
herpocaule (herpocaule) /adj/ : BOTANICA met kruipende stengels
hesperis (hesperis) /sub/ : BOTANICA damastbloem
Hespero (Hespero) /sub/ : ASTRONOMIA Hesperus, avondster
heterochromia (heterochromia) /sub/ : heterochromie
heteroclite (heteroclite) /adj/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA onregelmatig verbogen (woord)
heteroclite (heteroclite) /adj/ : wisselend, bont, gevariëerd, ongelijk(soortig), uiteenlopend, niet bij elkaar passend, heterocliet
heteroclite (heteroclite), parolas ~ : onsamenhangende woorden
heteroclite (heteroclite), confusion ~ : mengelmoes
heteroclite (heteroclite), un societate ~ : een bont gezelschap
heteroclito (heteroclito) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA onregelmatig verbogen woord
heteroclito (heteroclito) /sub/ : zonderling/vreemd/bizar ding of persoon
heterocyclic, composito (composito) ~ : heterocyclische verbinding
heterodonte, mammiferos (mammiferos) ~ : heterodonte zoogdieren
heterodoxia (heterodoxia) /sub/ : onrechtzinnigheid, heterodoxie
heterodoxia (heterodoxia), ~ religiose : religieuze heterodoxie
heterodoxia (heterodoxia), ~ politic : politieke heterodoxie
heterodoxia (heterodoxia), esser accusate de ~ : van onrechtzinnigheid beschuldigd worden
heterodyne (heterodyne) /adj/ : RADIO heterodyne
heterodyne (heterodyne), receptor ~ : heterodyne ontvanger
heterodyne (heterodyne), unda ~ : heterodynegolf
heterodyne (heterodyne), generator ~ : heterodyne generator
heterogame (heterogame) /adj/ : BIOLOGIA heterogaam
heterogamia (heterogamia) /sub/ : BIOLOGIA heterogamie, voortplanting door mannelijke én vrouwelijke gameten
heterogeneitate, ~ de methodos (methodos) : ongelijksoortigheid van methoden
heterogenese (heterogenese) (-esis) /sub/ : heterogenesis
heterolyse (heterolyse) (-ysis) /sub/ : CHIMIA heterolyse
heteronome (heteronome) /adj/ : heteronoom
heteronome (heteronome), ethica ~ : hete-ronome ethiek
heteronomia (heteronomia) /sub/ : PHILOSOPHIA heteronomie
heteronomia (heteronomia), ~ del voluntate : heteronomie van de wil
heteronomia (heteronomia) /sub/ : gebrek aan autonomie
heteronyme (heteronyme) /adj/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA MEDICINA heteroniem, ongelijknamig
heteronyme (heteronyme), diplopia (diplopia) ~ : gekruiste diplopie
heteronymo (heteronymo) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA heteronym
heterophonia (heterophonia) /sub/ : MUSICA heterofonie (afwijking van de eenstemmigheid)
heterophyllia (heterophyllia) /sub/ : BOTANICA heterofyllie
heteroplastia (heteroplastia) /sub/ : MEDICINA heteroplastiek, heterotransplantatie
heteropteros (heteropteros) /sub/ : ZOOLOGIA wantsen, heteroptera
heterosporia (heterosporia) /sub/ : BOTANICA heterosporie
heterosyllabe (heterosyllabe) /adj/ : heterosyllabisch
heterosynapse (-apsis (-apsis)) /sub/ : BIOLOGIA heterosynapse
heterotaxia (heterotaxia) /sub/ : heterotaxie
heterotrophe (heterotrophe) /adj/ : BIOLOGIA heterotroof
heterotrophe (heterotrophe), nutrition ~ : heterotrofe voeding
heterotrophe (heterotrophe), organismos ~ : hete-rotrofe organismen
heterotrophia (heterotrophia) /sub/ : BIOLOGIA heterotrofie
heterotrophic /adj/ : Vide: heterotrophe (heterotrophe)
heuristic, methodo (methodo) ~ : heuristische methode
heuristic, hypothese (hypothese) (-esis) ~ : heuristische hypothese
hevea (hevea) /sub/ : BOTANICA hevea, rubberboom
hexadecime (hexadecime) /adj/ : hexadecimaal
hexadecime (hexadecime), systema/numeration ~ : zestientallig stelsel
hexagonal, testa/capite (capite) ~ : zeskante kop
hexagono (hexagono) /sub/ : zeshoek, hexagon
hexagono (hexagono), ~ regular : regelmatige zeshoek
hexametre (hexametre) /adj/ : LITTERATURA zesvoetig, hexametrisch
hexametre (hexametre), verso ~ : zesvoetige versregel
hexametro (hexametro) /sub/ : LITTERATURA hexameter, zesvoetige versregel
hexapode (hexapode) /adj/ : ZOOLOGIA zespotig
hexapodo (hexapodo) /sub/ : ZOOLOGIA insekt met zes poten
hexastylo (hexastylo) /sub/ : ARTE DE CONSTRUER zuilengang met zes zuilen
hexasyllabe (hexasyllabe) /adj/ : LITTERATURA zeslettergrepig
hexasyllabo (hexasyllabo) /sub/ : LITTERATURA zeslettergrepig vers
hibernal, vespere/vespera (vespera) ~ : winteravond
hiberno, vespera (vespera)/vespere de ~ : winteravond
hiberno, habito (habito)/vestimentos de ~ : winterkleding
hierarchia (hierarchia) /sub/ : hiërarchie, priesterregering
hierarchia (hierarchia) /sub/ : hiërarchie, rangorde, rangschikking, classificering (naar waarde(ring))
hierarchia (hierarchia), grados de ~ : treden van de hiërarchie
hierarchia (hierarchia), ~ militar : militaire hiërarchie
hierarchia (hierarchia), ~ del poter : gezagspatroon
hierarchia (hierarchia), ~ de professiones : beroepshiërarchie
hierocratia (hierocratia) /sub/ : POLITICA priesterheerschappij, hierocratie
hierologia (hierologia) /sub/ : hiërologia
hieromantia (hieromantia) /sub/ : hiëromantie
hindu (hindu) /adj/ : Hindoes
hindu (hindu) /sub/ : Hindoe
hipparchia (hipparchia) /sub/ : HISTORIA hipparchie
hippiatria (hippiatria) /sub/ : paardenartsenijkunde, hippiatrie
Hippocrate (Hippocrate) /sub/ : Hippocrates
hippodromo (hippodromo) /sub/ : renbaan (voor paarden), hippodroom
hippolitho (hippolitho) /sub/ : MEDICINA steen/gruis in de ingewanden van een paard
hippologia (hippologia) /sub/ : paardenkennis, paardenstudie, hippologie
hippologo (hippologo) /sub/ : hippoloog, paardenkenner
hippophae (hippophae) /sub/ : BOTANICA duindoorn
hippophage (hippophage) /adj/ : paardenvlees etend
hippophagia (hippophagia) /sub/ : het eten van paardenvlees
hippophago (hippophago) /sub/ : paardenvleeseter
hippophilo (hippophilo) /sub/ : paardenvriend
hippopotamo (hippopotamo) /sub/ : ZOOLOGIA nijlpaard
hippopotamo (hippopotamo), pelle de ~ : nijlpaardenhuid
hippopotamo (hippopotamo), carne de ~ : nijlpaardenvlees
hirpice (hirpice) /sub/ : AGRICULTURA eg
hirpice (hirpice), ~ a discos : schijveneg
hispanophilia (hispanophilia) /sub/ : spaansgezindheid
hispanophilo (hispanophilo) /sub/ : spaansgezinde
hispanophobe (hispanophobe) /adj/ : spaansvijandig
hispanophobia (hispanophobia) /sub/ : anti-Spaanse gezindheid
hispanophobo (hispanophobo) /sub/ : iemand die anti-Spaans gezind is
histochimia (histochimia) /sub/ : histochemie
histogenese (histogenese) (-esis) /sub/ : BIOLOGIA weefselvorming, histogenese
histogenia (histogenia) /sub/ : BIOLOGIA histogenie, histogenese, weefselvorming
histographia (histographia) /sub/ : BIOLOGIA histografie
histographo (histographo) /sub/ : BIOLOGIA histograaf
histologia (histologia) /sub/ : BIOLOGIA histologie, weefselleer
histologo (histologo) /sub/ : histoloog
histolyse (histolyse) (-ysis) /sub/ : histolyse, vernietiging van levend weefsel
histomorphologia (histomorphologia) /sub/ : histomorfologie
histonomia (histonomia) /sub/ : histonomie
histopathologia (histopathologia) /sub/ : histopathologie
histophysiologia (histophysiologia) /sub/ : histofysiologie
histoplasmose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA histoplasmose
historadiographia (historadiographia) /sub/ : historadiografie
historia, ~ maritime (maritime) : zeegeschiedenis
historic, methodo (methodo) ~ : historische methode
historiographia (historiographia) /sub/ : geschiedschrijving, historiografie
historiographia (historiographia), ~ juridic : juridische historiografie
historiographia (historiographia), ~ del Revolution Francese : geschiedschrijving van de Franse Revolutie
historiographo (historiographo) /sub/ : historiograaf (aangestelde geschiedschrijver)
historiologia (historiologia) /sub/ : historiologie, geschiedkunde
historiologo (historiologo) /sub/ : historioloog, geschiedkundige
hittita, epigraphia (epigraphia) ~ : Hittitische epigrafie
hockey, torneo (torneo) de ~ : hockeytoernooi
hockey, ~ super (super) glacie : ijshockey
hodographo (hodographo) /sub/ : PHYSICA, MATHEMATICA hodograaf, snelheidskromme
hodologia (hodologia) /sub/ : hodologie
hodometria (hodometria) /sub/ : afstandsmeting, hodometrie
hodometro (hodometro) /sub/ : afstandsmeter, wegmeter, passenteller, hodometer
hodonymo (hodonymo) /sub/ : hodoniem
holmium (holmium) /sub/ : CHIMIA holmium
holocephalo (holocephalo) /sub/ : draakvis
hologame (hologame) /adj/ : hologaam
hologamia (hologamia) /sub/ : BIOLOGIA hologamie
hologenese (hologenese) (-esis) /sub/ : hologenese
holographe (holographe) /adj/ : holografisch
holographe (holographe), testamento ~ : eigenhandig geschreven/holografisch testament
holographia (holographia) /sub/ : holografie
holographia (holographia), ~ in colores : kleurenholografie
holographo (holographo) /sub/ : holograaf
holomorphia (holomorphia) /sub/ : holomorfie
holonome (holonome) /adj/ : holonoom
holonomia (holonomia) /sub/ : holonomie
hom(e)othermia (othermia) /sub/ : BIOLOGIA homeothermie, warmbloedigheid
homalographia (homalographia) /sub/ : ANATOMIA homalografie
homaro (homaro) /sub/ : ZOOLOGIA kreeft
homaro (homaro), ~ terrestre : landkreeft
homaro (homaro), ~ vulgar : zeekreeft
homaro (homaro), cocktail (A) de ~s : kreeftcocktail
homaro (homaro), pisca de ~s : kreeftenvisserij
homaro (homaro), piscator de ~s : kreeftenvisser
homaro (homaro), pincia(s) de ~ : kreeftenschaar
homaro (homaro), pata de ~ : kreeftenpoot
homaro (homaro), salata de ~ : kreeftensla
homaro (homaro), suppa de ~s : kreeftensoep
homaro (homaro), sandwich (A) al ~ : kreeftenbroodje
homaro (homaro), pastata de ~s : kreeftenpastei
homaro (homaro), carne de ~ : kreeftenvlees
homaro (homaro), sauce (F) al/de ~s : kreeftensaus
homaro (homaro), ragout (F) de ~s : kreeftenragoût
homeopathe (homeopathe) /sub/ : MEDICINA homeopaat
homeopathia (homeopathia) /sub/ : MEDICINA homeopathie
homeopathic, pharmacia (pharmacia) ~ : homeopathische apotheek
homeopathic, dose/dosis (dosis) ~ : homeopathische dosis
homeostase (-asis (-asis)) /sub/ : BIOLOGIA homeostase, zelfregulering
homilia (homilia) /sub/ : homilie, kanselrede, preek
homine, ~ de litteras (litteras) : letterkundige
homine, ~ de character (character) : man van karakter
homochromia (homochromia) /sub/ : ZOOLOGIA homochromie, het bezit van schutkleuren
homogame (homogame) /adj/ : BOTANICA homogaam, tweeslachtig
homogamia (homogamia) /sub/ : BOTANICA homogamie
homogamic /adj/ : Vide: homogame (homogame)
homogene, catalyse (catalyse) (-ysis) ~ : homogene katalyse
homogenee, phenomenos (phenomenos) ~ : gelijkaardige verschijnselen
homographe (homographe), parolas ~ : homografische woorden
homographia (homographia) /sub/ : MATHEMATICA LINGUISTICA E GRAMMATICA homografie
homographia (homographia), ~ de duo phonemas diverse : homografie van twee verschillende fonemen
homographic, phenomenos (phenomenos) ~ : homografische verschijnselen
homographo (homographo) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA homograaf (woord dat hetzelfde gespeld wordt als een ander)
homologe (homologe),  serie ~ : homologe reeks
homologia (homologia) /sub/ : homologie
homologia (homologia), ~ de organos (organos) : homologie van organen
homolyse (homolyse) (-ysis) /sub/ : CHIMIA homolyse
homomorphia (homomorphia) /sub/ : homomorfie
homonyme (homonyme) /adj/ : gelijkluidend (met)
homonyme (homonyme), nostre nomines es ~, ma nos non es parentes : onze namen zijn gelijkluidend, maar we zijn geen familie
homonyme (homonyme) /adj/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA homoniem (met)
homonymia (homonymia) /sub/ : gelijknamigheid
homonymia (homonymia) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA homonymie
homonymo (homonymo) /sub/ : naamgenoot
homonymo (homonymo), ille es tu ~ : dat is een naamgenoot van je
homonymo (homonymo) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA homoniem
homophilia (homophilia) /sub/ : homofilie, homoseksualiteit
homophilo (homophilo) /sub/ : homofiel, homoseksueel
homophone, syllabas (syllabas) ~ : homofone lettergrepen
homophonia (homophonia) /sub/ : (LINGUISTICA E GRAMMATICA MUSICA) homofonie, gelijkluidendheid
homophonia (homophonia), ~ de duo signos del alphabeto : homofonie van twee tekens van het alfabet
homophonia (homophonia), le rima es un ~ : het rijm is een homofonie
homophono (homophono) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA homofoon
homoplastia (homoplastia) /sub/ : MEDICINA homoplastiek, homotransplantatie
homopteros (homopteros) /sub/ : ZOOLOGIA gelijkvleugeligen, cicade-achtigen, plantenluizen
homothermia (homothermia) /sub/ : PHYSICA homothermie (warmte-evenwicht)
homothetia (homothetia) /sub/ : MATHEMATICA homothetie
homotopia (homotopia) /sub/ : MATHEMATICA homotopie
Honduras (Honduras) /sub/ : Honduras
honor, codice (codice) de ~ : erecode
honor, debita (debita) de ~ : ereschuld
honor, conviva/hospite (hospite) de ~ : eregast
honor, render le ultime (ultime) ~es : de laatste eer bewijzen
hora, su ultime (ultime) ~ : zijn laatste uur
hora, a ultime (ultime) ~ : te(r) elfder ure
hordeina (hordeina) /sub/ : CHIMIA hordeïne (proteïne in gerst)
hordeo, ~ maritime (maritime) : zeegerst
horizonte, isto es foris (foris)/foras (foras) de nostre ~ : dat ligt buiten onze gezichtseinder/ons gezichtsveld
hormonogenese (hormonogenese) (-esis) /sub/ : hormonogenese, hormonenvorming
hormonologia (hormonologia) /sub/ : MEDICINA hormonologie
hormonotherapia (hormonotherapia) /sub/ : MEDICINA hormoonbehandeling/kuur
horologier, industria (industria) ~ : klokkenindustrie
horologieria (horologieria) /sub/ : klokkenmakerij, uurwerkindustrie
horologieria (horologieria) /sub/ : klokkenwinkel, horlogewinkel
horologieria (horologieria) /sub/ : tijdmechanisme
horologieria (horologieria), ~ de precision : precisieuurwerk
horologieria (horologieria), bomba a ~ : tijdbom
horoscopo (horoscopo) /sub/ : horoscoop
horoscopo (horoscopo), ~ de nascentia : geboortehoroscoop
horoscopo (horoscopo), ~ favorabile : gunstige horoscoop
horoscopo (horoscopo), tirar/facer le ~ de un persona : iemands horoscoop trekken
horoscopo (horoscopo), consultar/leger su ~ : zijn horoscoop raadplegen
horror, camera (camera) de ~es : griezelkamer
horror, isto me da fremitos (fremitos) de ~ : ik griezel ervan
hosophobia (hosophobia) /sub/ : smetvrees
hospitalitate, gratias (gratias) pro le ~ : bedankt voor de gastvrijheid
hospite (hospite) /sub/ : gastheer
hospite (hospite), pais ~ : gastland
hospite (hospite) /sub/ : herbergier, waard
hospite (hospite) /sub/ : gast (in hotel, etc.)
hospite (hospite), ~ de honor : eregast
hospite (hospite), ~ indesirate : ongewenste gast
hospite (hospite), ~ de ultime (ultime) hora : late gast
hostelleria (hostelleria) /sub/ : hotelwezen, hotelbedrijf
hostelleria (hostelleria), schola de ~ : hotel(vak)school
hosteria (hosteria) /sub/ : herberg, hotel
hotel, ~ de prime categoria (categoria) : eerste klas hotel
hotel, camera (camera) de ~ : hotelkamer
hoteleria (hoteleria) /sub/ : hotelwezen, hotelbedrijf
hoteleria (hoteleria), schola de ~ : hotel(vak)school
human, anima (anima) ~ : mensenziel
human, pulice (pulice) ~ : mensenvlo
humano, nihil (nihil) del ~ le es alien : niets menselijks is hem vreemd
humero (humero) /sub/ : schouder
humero (humero), movimento de ~ : schouderbeweging
humero (humero), luxation del ~ : ontwrichting van de schouder
humero (humero), osso del ~ : schouderblad
humero (humero), articulo del ~ : schoudergewricht
humero (humero), largor del ~ : schouderbreedte
humero (humero), altor de ~ : schouderhoogte
humero (humero), fractura de ~ : schouderbreuk
humero (humero), gambon de ~ : schouderham
humero (humero), clausura super (super) le ~ : schoudersluiting
humero (humero), sacco de ~ : schoudertas
humero (humero), con (le) ~s large : breedgeschouderd
humero (humero), levar/altiar le ~s : de schouders ophalen
humero (humero) /sub/ : ANATOMIA opperarmbeen
humero (humero), testa/capite (capite) del ~ : gewrichtskop van het opperarmbeen
humidifuge (humidifuge) /adj/ : vochtwerend
humor, ~ e ironia (ironia) : humor en ironie
Hungaria (Hungaria) /sub/ : Hongarije
hungaro (hungaro) /sub/ : Hongaar
hungaro (hungaro) /sub/ : Hongaars (taal)
hyades (hyades) /sub/ : ASTRONOMIA hyaden, regensterren
hyades (hyades) /sub/ : MYTHOLOGIA beeknimfen
Hyades (Hyades) /sub/ : Hyades
hyalographia (hyalographia) /sub/ : het glasschilderen, hyalografie
hyalographo (hyalographo) /sub/ : instrument waarmee men op glas schildert, hyalograaf
hyalographo (hyalographo) /sub/ : persoon die op glas schildert
hyalotypia (hyalotypia) /sub/ : glasdruk
hydarthrose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA gewrichtswaterzucht, hydarthrose
hydatitis (hydatitis) /sub/ : MEDICINA blaaswormziekte
hydrangea (hydrangea),hydrangea (hydrangea) /sub/ : BOTANICA hydrangea (soort hortensia)
hydraulic, energia (energia) ~ : waterkracht
hydraulic, machina (machina) ~ : hydraulische machine
hydraulic, organo (organo) ~ : hydraulisch orgel, waterorgel
hydremia (hydremia) /sub/ : MEDICINA bloedverdunning, hydremie
hydric, energia (energia) ~ : waterkracht
hydrobiologia (hydrobiologia) /sub/ : hydrobiologie
hydrobiologo (hydrobiologo) /sub/ : hydrobioloog
hydrocarburo, composito (composito) de ~ : koolwaterstofverbinding
hydrocele (hydrocele) /sub/ : MEDICINA waterbreuk, hydrocele
hydrocele (hydrocele), ~ bilateral : tweezijdige waterbreuk
hydrocephalia (hydrocephalia) /sub/ : MEDICINA hersenwaterzucht, hoofdwaterzucht, hydrocefalie
hydrocephalo (hydrocephalo) /sub/ : MEDICINA waterhoofd, hydrocefalus, hydrocefaal
hydrocharis (hydrocharis) /sub/ : BOTANICA kikkerbeet
hydrochimia (hydrochimia) /sub/ : hydrochemie
hydrodynamic, analogia (analogia) ~ : hydrodynamische analogie
hydroecologia (hydroecologia) /sub/ : hydro-ecologie
hydroeconomia (hydroeconomia) /sub/ : hydro-economie
hydroelectric, energia (energia) ~ : hydro-elektrische energie, waterkracht
hydroenergia (hydroenergia) /sub/ : waterkracht
hydrofuge (hydrofuge) /adj/ : vochtwerend, waterafstotend, waterdicht
hydrofuge (hydrofuge), additivo ~ : waterafstotende toevoeging
hydrofuge (hydrofuge), membrana ~ : waterdicht membraan
hydrofuge (hydrofuge), strato ~ : waterdichte laag
hydrogastria (hydrogastria) /sub/ : MEDICINA hydrogastrie, maaguitzetting
hydrogeno (hydrogeno) /sub/ : CHIMIA waterstof
hydrogeno (hydrogeno), molecula de ~ : waterstofmolecuul
hydrogeno (hydrogeno), ion de ~ : waterstofion
hydrogeno (hydrogeno), isotopo (isotopo) de ~ : waterstofisotoop
hydrogeno (hydrogeno), composito (composito) de ~ : waterstofverbinding
hydrogeno (hydrogeno), ponte de ~ : waterstofbrug
hydrogeno (hydrogeno), acceptor de ~ : waterstofacceptor
hydrogeno (hydrogeno), exponente de ~ : waterstofexponent
hydrogeno (hydrogeno), spectro de ~ : waterstofspectrum
hydrogeno (hydrogeno), nucleo de ~ : waterstofkern
hydrogeno (hydrogeno), bomba a/de ~ : waterstofbom
hydrogeno (hydrogeno), cylindro de ~ : waterstofcilinder
hydrogeno (hydrogeno), concentration del iones de ~ : waterstofionenconcentratie
hydrogeologia (hydrogeologia) /sub/ : hydrogeologie
hydrographia (hydrographia) /sub/ : hydrografie, waterbeschrijving
hydrographia (hydrographia), ~ de Europa : hudrografie van Europa
hydrographic, atlas (atlas) ~ : stroomatlas
hydrographo (hydrographo) /sub/ : hydrograaf
hydrolitho (hydrolitho) /sub/ : CHIMIA hydroliet, calciumhydride
hydrologia (hydrologia) /sub/ : hydrologie, waterkunde
hydrologia (hydrologia), ~ fluvial : potamologie
hydrologia (hydrologia), ~ lacustre : limnologie
hydrologia (hydrologia), ~ stochastic : stochastische hydrologie
hydrologic, atlas (atlas) ~ : hydrologische atlas
hydrologic, analyse (analyse) (-ysis) ~ : hydrologische analyse
hydrologo (hydrologo) /sub/ : hydroloog
hydrolyse (hydrolyse) (-ysis) /sub/ : CHIMIA hydrolyse
hydromachina (hydromachina) /sub/ : hydraulische machine
hydromantia (hydromantia) /sub/ : waarzeggerij uit het water
hydrometria (hydrometria) /sub/ : hydrometrie, watermeetkunde
hydrometro (hydrometro) /sub/ : hydrometer, vochtweger, areometer, watermeter
hydronephrose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA hydronefrose, waterzaknier
hydronymia (hydronymia) /sub/ : naamkunde van waterlopen
hydropatha (hydropatha) /sub/ : waterdokter
hydropathia (hydropathia) /sub/ : MEDICINA hydropathie, watergeneeskunde, waterkuur
hydroperoxydo (hydroperoxydo) /sub/ : CHIMIA hydroperoxyde
hydrophilo (hydrophilo) /sub/ : ZOOLOGIA watertor
hydrophobe (hydrophobe) /adj/ : waterafstotend, hydrofoob
hydrophobia (hydrophobia) /sub/ : MEDICINA watervrees, hydrofobie
hydrophobia (hydrophobia) /sub/ : CHIMIA hydrofobie
hydrophobic /adj/ : Vide: hydrophobe (hydrophobe)
hydrophobo (hydrophobo) /sub/ : MEDICINA iemand die aan watervrees lijdt
hydrophono (hydrophono) /sub/ : hydrofoon, onderwatermicrofoon
hydrophono (hydrophono), ~ de linea : lijnvormige hydrofoon
hydrophyto (hydrophyto) /sub/ : BOTANICA hydrofyt
hydropisia (hydropisia) /sub/ : MEDICINA waterzucht, hydrop(i)sie, hydropisme, hydrops
hydropisia (hydropisia), ~ subcutanee : huidwaterzucht
hydropisia (hydropisia), ~ abdominal : buikwaterzucht
hydropisia (hydropisia), ~ pulmonar : longwaterzucht
hydrorrhea (hydrorrhea) /sub/ : MEDICINA watervloed
hydrotherapia (hydrotherapia) /sub/ : MEDICINA hydrotherapie, watergeneeskunde
hydrothorace (hydrothorace) /sub/ : MEDICINA borstwaterzucht, hydrothorax
hydrotimetria (hydrotimetria) /sub/ : hardheidsmeting (van water)
hydrotimetro (hydrotimetro) /sub/ : hardheidsmeter (voor water)
hydroxydo (hydroxydo) /sub/ : CHIMIA hydroxyde
hydroxydo (hydroxydo), ~ de calcium : calciumhydroxyde
hydroxylo (hydroxylo) /sub/ : CHIMIA hydroxylgroep
hyemal, eranthis (eranthis) ~ : winterakoniet
hyetometro (hyetometro) /sub/ : regenmeter
hygiaphono (hygiaphono) /sub/ : hygiafoon
hygiene (hygiene) /sub/ : hygiëne, gezondheidsleer
hygiene (hygiene) /sub/ : hygiëne, zindelijkheid
hygiene (hygiene), mesuras de ~ : gezondheidsmaatregelen
hygiene (hygiene), ~ buccal/del bucca : mondverzorging
hygiene (hygiene), ~ dentari : gebitsverzorging
hygiene (hygiene), ~ corporal : lichaamshygiëne, lichaamsverzorging
hygiene (hygiene), ~ mental : geestelijke hygiëne, geestelijke gezondheidszorg
hygiene (hygiene), ~ scholar : schoolhygiëne
hygiene (hygiene), ~ sportive : sporthygiëne
hygiene (hygiene), prescriptiones de ~ : hygiënische voorschriften
hygrographo (hygrographo) /sub/ : hygrograaf
hygrologia (hygrologia) /sub/ : hygrologie (leer der luchtvochtigheid)
hygrometria (hygrometria) /sub/ : hygrometrie
hygrometro (hygrometro) /sub/ : hygrometer, vocht(igheids)meter
hygrometro (hygrometro), ~ capillar/a capillo : haarhygrometer
hygrometro (hygrometro), ~ a condensation : dauwpunthygrometer, condensatiehygrometer
hygrophobe (hygrophobe) /adj/ : waterafstotend, hygrofoob
hygrophoro (hygrophoro) /sub/ : BOTANICA
hygrophoro (hygrophoro), ~ nivee : sneeuwzwammetje
hygrophyto (hygrophyto) /sub/ : BOTANICA vochtplant
hygroscopia (hygroscopia) /sub/ : vochtmeting, hygrometrie
hymeneo (hymeneo) /sub/ : huwelijk, echt
Hymeneo (Hymeneo) /sub/ : MYTHOLOGIA Hymen (huwelijksgod)
hymenopteros (hymenopteros) /sub/ : ZOOLOGIA hymenoptera, vliesvleugeligen
hymnographia (hymnographia) /sub/ : hymnografie
hymnographo (hymnographo) /sub/ : hymnendichter
hymnologia (hymnologia) /sub/ : hymnologie
hymnologo (hymnologo) /sub/ : hymnoloog
hyperacusia (hyperacusia) /sub/ : MEDICINA overgevoeligheid voor geluiden
hyperalgesia (hyperalgesia) /sub/ : MEDICINA hyperalgesie, verhoogde pijngewaarwording
hyperalgia (hyperalgia) /sub/ : MEDICINA hyperalgie, overgevoeligheid voor pijn
hyperbaton (hyperbaton) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA hyperbaton, woordverplaatsing, inversie
hyperbola (hyperbola) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA hyperbool
hyperbola (hyperbola) /sub/ : MATHEMATICA hyperbool
hyperbola (hyperbola), ~ oblique : hyperbola oblique
hyperbola (hyperbola), ~ equilatere : hyperbool met rechthoekige asymptoten
hyperbola (hyperbola), axe transverse de un ~ : transversale as van een hyperbool
hyperchlorhydria (hyperchlorhydria) /sub/ : MEDICINA hyperchlorhydrie
hypercomplexe, numeros (numeros) ~ : hypercomplexe getallen
hyperdulia (hyperdulia) /sub/ : CATHOLICISMO hoogste verering (voor de Heilige Maagd)
hyperemia (hyperemia) /sub/ : MEDICINA hyper(a)emie, bloedaandrang, congestie
hyperesthesia (hyperesthesia) /sub/ : MEDICINA hyperesthesie, overgevoeligheid
hypergenese (hypergenese) (-esis) /sub/ : BIOLOGIA reuzengroei
hyperglobulia (hyperglobulia) /sub/ : MEDICINA hyperglobulie
hyperglycemia (hyperglycemia) /sub/ : MEDICINA suikerziekte
hyperglycemia (hyperglycemia) /sub/ : hyperglycaemie (te hoge bloedsuikerspiegel)
hypermenorrhagia (hypermenorrhagia) /sub/ : MEDICINA overmatige menstruatiebloeding, hypermenorroe
hypermetamorphose (-osis (-osis)) /sub/ : hypermetamorfose
hypermetria (hypermetria) /sub/ : hypermetrie
hypermetric, verso ~ : hypermetrisch vers, hypermetro (hypermetro)
hypermetro (hypermetro) /sub/ : hypermetrisch vers
hypermetrope (hypermetrope) /adj/ : verziend, hypermetroop
hypermetropia (hypermetropia) /sub/ : MEDICINA verziendheid, hypermetropie
hypermetropo (hypermetropo) /sub/ : verziende
hypermnesia (hypermnesia) /sub/ : PSYCHOLOGIA hypermnesie
hyperonymo (hyperonymo) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA hyperoniem
hyperonymo (hyperonymo), "animal" es le ~ de "vacca" : "dier" is het hyperoniem van "koe"
hyperpepsia (hyperpepsia) /sub/ : MEDICINA hyperpepsie
hyperplas(t)ic, phenomeno (phenomeno) ~ : verschijnsel van hyperplasie
hyperplasia (hyperplasia) /sub/ : BIOLOGIA reuzengroei, hyperplasie
hyperpyrexia (hyperpyrexia) /sub/ : hyperpyrexie, sterk verhoogde lichaamstemperatuur
hypersecretion, ~ lacrimal/de lacrimas (lacrimas) : overvloedige traanafscheiding
hypersomniac (hypersomniac) /adj/ : MEDICINA aan slaapzucht lijdend
hypersomniaco (hypersomniaco) /sub/ : MEDICINA patiënt die aan slaapzucht lijdt
hypertensive, medicamento/pharmaco (pharmaco) ~ : bloeddrukverhogend middel, hypertensivum, vasocompressor
hyperthermia (hyperthermia) /sub/ : MEDICINA hoge koorts, hyperthermie
hypertonia (hypertonia) /sub/ : MEDICINA hypertonie, verhoogde druk, tonus, spanning
hypertrophia (hypertrophia) /sub/ : BIOLOGIA BOTANICA hypertrofie, vergroting, reuzengroei
hypertrophia (hypertrophia), ~ cardiac (cardiac)/del corde : hartvergroting
hypertrophia (hypertrophia), ~ del prostata : prostaatvergroting
hypertrophia (hypertrophia), ~ compensatori : compensatorische hypertrofie
hypertrophic, phenomenos (phenomenos) ~ : hypertrofische verschijnselen
hypertrophic, organo (organo) ~ : opgezwollen orgaan
hypervitaminose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA hypervitaminose
hypnologia (hypnologia) /sub/ : hypnologie
hypnologo (hypnologo) /sub/ : hypnoloog
hypnopedia (hypnopedia) /sub/ : hypnopedie
hypnophobia (hypnophobia) /sub/ : hypnofobie
hypnose (-osis (-osis)) /sub/ : hypnose, hypnotische slaap
hypnotherapia (hypnotherapia) /sub/ : hypnotherapie, slaaptherapie
hypnotic, lethargia (lethargia) ~ : hypnotische lethargie
hypoacusia (hypoacusia) /sub/ : MEDICINA hardhorendheid, hardhorigheid, hypoacusie
hypoalgesia (hypoalgesia) /sub/ : hypalgesie, verminderde gevoeligheid voor pijn
hypoalgesia (hypoalgesia) /sub/ : adj. caloriearm
hypoalgesia (hypoalgesia), dieta ~ : caloriearm dieet
hypochondria (hypochondria) /sub/ : MEDICINA hypochondrie, zwaarmoedigheid
hypochondriac (hypochondriac) /adj/ : MEDICINA hypochondrisch, zwaarmoedig
hypochondriac (hypochondriac) /adj/ : ANATOMIA betrekking hebbend op de helft van de onderbuik
hypochondriac (hypochondriac), region ~ : onderribbestreek
hypochondriaco (hypochondriaco) /sub/ : MEDICINA hypochonder, zwaarmoedig mens
hypochrome, anemia (anemia) ~ : hypochrome anemia (anemia)
hypochromia (hypochromia) /sub/ : MEDICINA hypochromie
hypocrisia (hypocrisia) /sub/ : hypocrisie, huichelarij, schijnheiligheid
hypocrita (hypocrita) /sub/ : hypocriet, huichelaar, schijnheilige, veinzer
hypocrita (hypocrita), facer le ~ : huichelen
hypocrita (hypocrita) /adj/ : hypocriet, huichelachtig, schijnheilig
hypodermose (-osis (-osis)) /sub/ : hypodermose, onderhuids parasitisme
hypogee (hypogee) /adj/ : BOTANICA onderaards, ondergronds, hypogeïsch
hypogee (hypogee), radices ~ : ondergronds wortels
hypogeo (hypogeo) /sub/ : onderaards graf(gewelf), onderaardse grafkelder, hypogeum
hypogeo (hypogeo), ~ egyptian : Egyptisch hypogeum
hypoglycemia (hypoglycemia) /sub/ : MEDICINA hypoglycaemie, te lage bloedsuikerspiegel
hyponymia (hyponymia) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA hyponymie
hyponymo (hyponymo) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA hyponiem
hypophyse (hypophyse) (-ysis) /sub/ : ANATOMIA hypofyse, hersenaanhangsel
hypospadia (hypospadia) /sub/ : MEDICINA hypospadie
hypostase (hypostase) (-asis) /sub/ : RELIGION PHILOSOPHIA hypostase, zelfstandigheid
hypostase (hypostase) (-asis) /sub/ : MEDICINA hypostase (bloedophoping in laag gelegen lichaamsdeel)
hypostase (hypostase) (-asis) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA hypostase, klasseverhuizing
hypostylo (hypostylo) /sub/ : dmv zuilen geschraagd bouwwerk
hypotaxis (hypotaxis) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA hypotaxis, onderschikking
hypothalamo (hypothalamo) /sub/ : ANATOMIA hypothalamus (onderdeel van de tussenhersenen)
hypotheca, prender un ~ super (super) un casa : een hypotheek nemen op een huis
hypotheca, prestar moneta super (super) ~ : geld op hypotheek geven
hypothecari, debita (debita) ~ : hypotheekschuld
hypothecari, littera (littera)/schedula/titulo ~ : pandbrief
hypothenar (hypothenar) /sub/ : pinkmuis
hypothermia (hypothermia) /sub/ : MEDICINA hypothermie, "koude koorts", onderkoeling
hypothermia (hypothermia), suffrer ~ : onderkoeld raken
hypothese (hypothese) (-esis) /sub/ : hypothese, (ver)onderstelling, aanneming
hypothese (hypothese) (-esis), ~ determinista : deterministische hypothese
hypothese (hypothese) (-esis), ~ gratuite (gratuite) : uit de lucht gegrepen veronderstelling
hypothese (hypothese) (-esis), partir del ~ que : van de veronderstelling uitgaan dat
hypothetic, un responsa a iste littera (littera) pare ~ : een antwoord op deze brief schijnt onzeker
hypothymia (hypothymia) /sub/ : MEDICINA hypothymie
hypotonia (hypotonia) /sub/ : MEDICINA PHYSICA hypotonie, bloeddrukverlaging
hypotrophia (hypotrophia) /sub/ : BIOLOGIA hypotrofie, onvoldoende groei
hypotypose (-osis (-osis)) /sub/ : hypotypose, levendige beschrijving
hypovitaminose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA hypovitaminose, vitaminetekort
hypoxemia (hypoxemia) /sub/ : MEDICINA hypoxemie, verminderd zuurstofgehalte in het bloed
hyppuris (hyppuris) /sub/ : BOTANICA
hyppuris (hyppuris), ~ vulgar : lidsteng
hypsochromia (hypsochromia) /sub/ : blauwverschuiving
hypsographia (hypsographia) /sub/ : hypsografie, hypsografische beschrijving
hypsometria (hypsometria) /sub/ : hoogtemeting, hypsometrie
hypsometro (hypsometro) /sub/ : PHYSICA hoogtemeter, hypsometer
hysterectomia (hysterectomia) /sub/ : MEDICINA hysterectomie, baarmoederextirpatie, het verwijderen van de baarmoeder
hysterese (-esis (-esis)) /sub/ : PHYSICA hysterese
hysterese (-esis (-esis)), cyclo de ~ : hysteresecyclus
hysteria (hysteria) /sub/ : hysterie
hysteria (hysteria), accesso/attacco de ~ : hysterische aanval
hysteria (hysteria), ~ collective : massahysterie
hysterographia (hysterographia) /sub/ : hysterografie, röntgenogram van de baarmoeder
hysterologia (hysterologia) /sub/ : hysterologie
hysterotomia (hysterotomia) /sub/ : hysterotomie, baarmoedersnede
hysterotomia (hysterotomia), ~ abdominal : keizersnede
iambic, trimetro (trimetro) ~ : jambische trimeter
iatrochimia (iatrochimia) /sub/ : iatrochemie
iberis (iberis) /sub/ : BOTANICA scheefbloem, iberis
ibice (ibice) /sub/ : ZOOLOGIA steenbok
ibidem (ibidem) /adv/ : terzelfder plaats, op de aangehaalde plaats, aldaar, ibidem
ibis (ibis) /sub/ : ZOOLOGIA ibis, nijlreiger, koereiger
icaro (icaro) /sub/ : MYTHOLOGIA Icarus
ichthyographia (ichthyographia) /sub/ : ichthyografie
ichthyolitho (ichthyolitho) /sub/ : versteende vis, ichthyoliet
ichthyologia (ichthyologia) /sub/ : viskunde, ichthyologie
ichthyologo (ichthyologo) /sub/ : viskundige, ichthyoloog
ichthyophage (ichthyophage) /adj/ : ZOOLOGIA visetend
ichthyophagia (ichthyophagia) /sub/ : THEATRO het zich voeden met vis, visvoeding
ichthyophago (ichthyophago) /sub/ : ZOOLOGIA viseter, ichthyofaag
ichthyophobia (ichthyophobia) /sub/ : ichthyofobie
ichthyose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA ichthyose, schubbige uitslag, visschubbenziekte, visschubuitslag
iconographia (iconographia) /sub/ : beeldbeschrijving, iconografie
iconographia (iconographia) /sub/ : verzameling van prenten (van een bepaalde persoon), iconografie
iconographo (iconographo) /sub/ : iconograaf, beeldenbeschrijver
iconolatra (iconolatra) /sub/ : beeldenvereerder, beeldenaanbidder
iconolatria (iconolatria) /sub/ : beeldenverering, beeldendienst, iconolatrie
iconologia (iconologia) /sub/ : verklaring en beschrijving der beelden, beeldenleer, iconologie
iconologo (iconologo) /sub/ : iconoloog
iconometro (iconometro) /sub/ : PHOTOGRAPHIA iconometer, raamzoeker
iconostase (iconostase) (-asis) /sub/ : iconostase
ictero (ictero) /sub/ : MEDICINA geelzucht, icterus
ictero (ictero), ~ gravidic : zwangerschapsgeelzucht
ictus (ictus) /sub/ : MEDICINA stoot, ictus, aanval
ictus (ictus), ~ apoplectic : attaque, beroerte
ictus (ictus) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA ictus, heffing
ictus (ictus), verso con quatro ~es : versregel met vier heffingen
ictus (ictus) /sub/ : (pron pers het
ictus (ictus) /sub/ : (pron dem dat
ictus (ictus), ~ es, i.e. : dat wil zeggen
idea (idea) /sub/ : idee, gedachte, begrip, voorstelling, opvatting
idea (idea), le ~ del justitia : de idee van het recht
idea (idea), association de ~s : gedachtenassociatie
idea (idea), confusion de ~s : begripsverwarring
idea (idea), ordine de ~s : gedachtengang
idea (idea), currente de ~s : gedachtenstroom
idea (idea), movimento de ~s : geestesstroming
idea (idea), conformitate de ~s : geestverwantschap
idea (idea), association de ~s : ideeënassociatie
idea (idea), battalia/lucta/querela de ~s : ideeënstrijd
idea (idea), cassa de ~s : ideeënbus
idea (idea), ~ fixe : idee fixe, dwanggedachte, dwangvoorstelling
idea (idea), ~ essential/fundamental : kerngedachte
idea (idea), ~ erronee : wanbegrip
idea (idea), ~ felice : gelukkig idee
idea (idea), ~s avantiate : geavanceerde denkbeelden
idea (idea), non haber ~ de un cosa : geen begrip van iets hebben
idea (idea), adoptar un ~ : een idee overnemen
idea (idea), facer se/formar se un ~ de : zich een idee vormen van
idea (idea), cambiar de ~ : van gedachte veranderen
idea (idea), dar un ~ a un persona : iemand op een idee brengen
idea (idea), tante testas/capites (capites), tante ~s : zoveel hoofden, zoveel zinnen
idea (idea) /sub/ : idee, plan, inval
idea (idea), cassa a ~s : ideeënbus
idealista, philosophia (philosophia) ~ : idealistische filosofie
idear, ~ un nove methodo (methodo) : een nieuwe methode bedenken
idem (idem) /adv/ : idem, eveneens
identic, geminos (geminos) ~ : identieke tweelingen
identificar, ~ le causas de un phenomeno (phenomeno) : de oorzaken van een verschijnsel onderkennen
identification, numero (numero) de ~ : identificatienummer
identitate, photo(graphia (graphia)) de ~ : pasfoto
identitate, crise/crisis (crisis) de ~ : identiteitscrisis
ideographia (ideographia) /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA beeldschrift, ideografie, begrippenschrift
ideologia (ideologia) /sub/ : PHILOSOPHIA ideologie, begripsleer, ideeënleer
ideologia (ideologia) /sub/ : politieke theorie, ideologie
ideologia (ideologia), ~ marxista : marxistische ideologie
ideologia (ideologia), ~ liberal : liberale ideologie
ideologia (ideologia), ~ de gruppo : groepsideologie
ideologia (ideologia), conflicto de ~s : ideologisch conflict
ideologo (ideologo) /sub/ : ideoloog
idiopathia (idiopathia) /sub/ : idiopathie (niet met een andere samenhangende ziekte)
idiopathic, maladia (maladia) ~ : idiopathische ziekte
idiosyncrasia (idiosyncrasia) /sub/ : idiosyncrasie, persoonlijke eigenaardigheid/gesteldheid/neiging, etc.
idiotia (idiotia) /sub/ : MEDICINA idiotie, diepe zwakzinnigheid
idiotia (idiotia) /sub/ : stompzinnigheid
idiotypo (idiotypo) /sub/ : idiotype
idolatra (idolatra) /sub/ : afgodendienaar
idolatra (idolatra), converter le ~s al christianismo : de afgodendienaren bekeren tot het christendom
idolatra (idolatra) /adj/ : afgodisch
idolatra (idolatra), populos ~ : afgodische volken
idolatra (idolatra), cultos ~ : afgodische cultussen
idolatra (idolatra) /adj/ : FIGURATE verzot (op), idolaat (van)
idolatria (idolatria) /sub/ : afgodendienst, afgoderij, afgodische verering
idolatria (idolatria), practicar le ~ : afgoderij bedrijven
idolo (idolo) /sub/ : afgod, idool, afgodsbeeld
idolo (idolo), templo de ~s : afgodentempel
idolo (idolo), ~ pop (A) : popidool
idolo (idolo), ~ del juvenes/del teenagers (A) : tieneridool
idolo (idolo), venerar/adorar le ~s : de afgoden vereren/aanbidden
idoneitate, ~ de un methodo (methodo) : geschiktheid van een methode
igitur (igitur) /adv/ : dan, dus, derhalve, bijgevolg
igloo  /{iglu (iglu)}/ : igloo, sneeuwhut
ignicola (ignicola) /sub/ : vuuraanbidder
ignifere, spirito (spirito) ~ : vuurgeest
ignifuge (ignifuge) /adj/ : brandwerend, brandvrijmakend
ignifuge (ignifuge), materia ~ : brandwerende stof
ignifuge (ignifuge), color ~ : vuurbestendige verf
ignifugo (ignifugo) /sub/ : brandwerend middel
ignivome (ignivome) /adj/ : vuurbrakend, vuurspuwend
ignivoro (ignivoro) /sub/ : vuureter
ikebana (ikebana) /sub/ : ikebana (Japanse bloemsierkunst)
ileitis (ileitis) /sub/ : MEDICINA kronkeldarmontsteking, ileïtis
ileotomia (ileotomia) /sub/ : MEDICINA ileotomie
iliac (iliac) /adj/ : ANATOMIA darmbeen..., iliacaal
iliac (iliac), osso ~ : darmbeen
iliac (iliac), fossa ~ : darmbeenholte
iliac (iliac), vena ~ : heupader
ilice (ilice) /sub/ : BOTANICA hulst
ilice (ilice), bacca/fructo de ~ : hulstbes
illegitime (illegitime) /adj/ : onwettig, ongeoorloofd, illegitiem
illegitime (illegitime), acto ~ : onrechtmatige daad
illegitime (illegitime), matrimonio/maritage ~ : onwettig huwelijk
illegitime (illegitime) /adj/ : JURIDIC onecht, buitenechtelijk
illegitime (illegitime), infante ~ : buitenechtelijk kind
illegitime (illegitime), filio ~ : buitenechtelijke zoon
illicite (illicite) /adj/ : ongeoorloofd, onwettig, verboden, clandestien
illicite (illicite), importation ~ : illegale invoer
illicite (illicite), chassator {sj} ~ : stroper
illicite (illicite), chassar {sj} illicitemente : stropen
illicite (illicite), methodos (methodos) ~ : ongeoorloofde methoden
illicite (illicite), medios ~ : ongeoorloofde middelen
illicite (illicite), commercio ~ : verboden handen
illicite (illicite), exercitio ~ del medicina : onbevoegde uitoefening van de geneeskunde
illicite (illicite), action ~ : onrechtmatige handeling
illimitate, credito (credito) ~ : onbepaald/onbeperkt krediet
illustre, compania (compania) ~ : illuster gezelschap
illustrissime (illustrissime) /adj/ : allerdoorluchtigst
imaginari, maladia (maladia) ~ : ingebeelde ziekte
imaginari, numero (numero) ~ : imaginair getal
imaginative, spirito (spirito) ~ : vindingrijke geest
imboscada, attraher le inimico (inimico) in un ~ : de vijand in een hinderlaag lokken
imbroliamento, ~ de ideas (ideas) : een stel verwarde ideeën
imbuer, esser imbuite de un idea (idea) : geheel van een idee vervuld zijn
immaterialitate, ~ del anima (anima) : onstoffelijkheid van de ziel
immedicabile, maladia (maladia) ~ : ongeneeslijke ziekte
immersion, thermometro (thermometro) a/de ~ : immersiethermometer
immobilitate, le theoria (theoria) copernican del ~ del sol al centro del universo : onbeweeglijkheid, bewegingsloosheid, roerloosheid
immolar, ~ un victima (victima) : een slachtoffer offeren
immortal, le anima (anima) es ~ : de ziel is onsterfelijk
immortalitate, ~ del anima (anima) : onsterfelijkheid van de ziel
immunde, spirito (spirito) ~ : onreine geest
immunditia, deposito (deposito)/cumulo de ~s : (vuilnis)belt
immunobiologia (immunobiologia) /sub/ : immunobiologie
immunochimia (immunochimia) /sub/ : immunochemie
immunologia (immunologia) /sub/ : immunologie
immunologo (immunologo) /sub/ : immunoloog
immunopathia (immunopathia) /sub/ : MEDICINA immunopathie
immunotherapia (immunotherapia) /sub/ : immunotherapie, immunogene therapie
impacchettar, ~ mercantias (mercantias)/merces : goederen inpakken
impacto, crater (crater) de ~ : inslagkrater
impar, numero (numero) ~ : 1. oneven nummer, 2. oneven getal
impar, organo (organo) ~ : ongepaard orgaan
imparisyllabe (imparisyllabe) /adj/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA ongelijklettergrepig, bij de verbuiging één of meer lettergrepen meer hebbend
imparisyllabe (imparisyllabe), substantivos ~ : ongelijklettergrepige woorden
imparisyllabic /adj/ : Vide: imparisyllabe (imparisyllabe)
impartial, judice (judice) ~ : onpartijdige rechter
impartialitate, ~ de un judice (judice) : onpartijdigheid van een rechter
impastatori, machina (machina) ~ : kneedmachine
impedantia, ~ de curte circuito (circuito) : kortsluitimpedantie
imperiose, character (character) ~ : heerszuchtig karakter
impermeabile, ~ al aere (aere) : luchtdicht
impetigo (impetigo) /sub/ : MEDICINA impetigo (huidontsteking met korstvorming), huiduitslag, krentenbaard
impeto (impeto) /sub/ : beweegkracht, drijfkracht, stuwkracht, stoot, aandrift, impuls
impeto (impeto), ~ del vento : beweegkracht van de wind
impie (impie) /adj/ : goddeloos, godslasterlijk
impie (impie), parolas ~ : godslasterlijke taal
impie (impie), action ~ : goddeloze daad
implacabile, inimico (inimico) ~ : onverzoenlijke vijand
implacabilitate, le ~ de un inimico (inimico) : de onverzoenlijkheid van een vijand
implantologia (implantologia)  /sub/ : implantologie
implicar, ~ in un scandalo (scandalo) : in een schandaal betrekken
implicite (implicite) /adj/ : impliciet, stilzwijgend
implicite (implicite), voluntate ~ : onuitgesproken wil
implicite (implicite), condition ~ : impliciete/stilzwijgende voorwaarde
implumate, nostre amicos (amicos) ~ : onze gevederde vrienden
imponer, ~ un limite (limite) : een limiet stellen
importabile, mercantias (mercantias)/merces ~ : goederen die kunnen worden ingevoerd
importar, il me importa multissimo (multissimo) : er is mij veel aan gelegen
importation, credito (credito) de ~ : importkrediet
importun, visita (visita) ~ : ongelegen bezoek
imposto, ~ super (super) salarios : loonbelasting
imposto, ~ super (super) le receptas : inkomstenbelasting
imposto, ~ super (super) le venditas (venditas) : omzetbelasting
imposto, ~ super (super) le dividendo : dividendbelasting
imposto, ~ super (super) le valor adjungite, I.V.A. : B.T.W.
imposto, limite (limite) del ~s : belastinggrens
impovrir, le crise/crisis (crisis) agricole/agricultural ha impovrite le campania : arm maken, verarmen
impracticabile, methodo (methodo) ~ : onbruikbare methode
impracticabile, idea (idea) ~ : onbruikbaar idee
imprecise, ideas (ideas) ~ : vage ideeën
impresentabile, un littera (littera) ~ : een brief die zo niet kan
impression, littera (littera) de ~ : drukletter
imprevisibile, hic le tempore es semper (semper)/sempre ~ : het weer is hier altijd onvoorspelbaar
imprimeria (imprimeria) /sub/ : drukkerij
imprimeria (imprimeria), ~ de jornales : krantendrukkerij
imprimeria (imprimeria), ~ de libros : boekdrukkerij
imprimeria (imprimeria), ~ de musica : muziekdrukkerij
imprimeria (imprimeria), pressa de ~ : drukpers
imprimeria (imprimeria), tinta de ~ : drukinkt
imprimeria (imprimeria), character (character) de ~ : drukletter
imprimeria (imprimeria), rolo de ~ : drukrol/wals
imprimeria (imprimeria), technica de ~ : druktechniek
imprimeria (imprimeria) /sub/ : boekdrukkunst
imprimeria (imprimeria), invention del ~ : uitvinding van de boekdrukkunst
imprimitos, invio (invio) de ~ : drukwerkzending
improbabile, hypothese (hypothese) (-esis) ~ : onwaarschijnlijke hypothese
improbabilitate, ~ de un hypothese (hypothese) (-esis) : onwaarschijnlijkheid van een hypothese
improbe (improbe) /adj/ : oneerlijk, onrechtschapen, slecht
impugnar (I), ~ un these (-esis (-esis)) : een stelling aanvechten
inaccentuate, syllaba (syllaba) ~ : onbeklemtoonde lettergreep
inamovibile, judice (judice) ~ : onafzetbare rechter
inapplicabile, methodo (methodo) ~ : niet toepasbare methode
incandescente, cathodo (cathodo) ~ : gloeikathode
incantate, prince/principe (principe) ~ : toverprins
incapacitate, lege general super (super) le ~ de travalio/de labor : algemene arbeidsongeschiktheidswet
incarnar, le diabolo (diabolo) incarnate : de baarlijke duivel
incassamento, credito (credito) de ~ : incassokrediet
incastrar, bulon a testa/capite (capite) incastrate : verzonken bout
incendio, compania (compania) de assecurantia contra ~s : brandverzekeringsmaatschappij
incendio, polissa (polissa) de ~ : brandpolis
incider (I), ~ un arbore a cauchu (cauchu) : een rubberboom insnijden
incircular, un cordon del policia (policia) ha incirculate le casa : een politiecordon heeft het huis omsingeld
incisar, ~ le cortice (cortice) de un arbore : de bast van een boom insnijden
incision, un ~ in le digito (digito) : een jaap in de vinger
inclemente, judice (judice) ~ : onverbiddelijke rechter
inclinate, ir le testa/capite (capite) ~ : met gebogen hoofd lopen
inclination, ~ del testa/capite (capite) : knik(je) (met het hoofd)
inclinometro (inclinometro) /sub/ : inclinometer, hellingmeter
includer, ~ in le vendita (vendita) : op de koop toegeven
includer, ~ un factura in un littera (littera) : een factuur bij een brief insluiten
inclusive, le jovedi proxime (proxime) ~ : a.s. donderdag meegerekend
inclusive, usque al pagina (pagina) quatro ~ : tot en met bladzijde vier
incoercibile, ira/cholera (cholera) ~ : onbedwingbare woede
incognita (incognita) /sub/ : MATHEMATICA onbekende
incognita (incognita), equation a duo ~s : vergelijking met twee onbekenden
incognite (incognite) /adj/ : onbekend
incognite (incognite), causas ~ : onbekende oorzaken
incognite (incognite), autor ~ : onbekende auteur
incognite (incognite),  grandor ~ : onbekende grootheid
incognite (incognite), tumba del Soldato Incognite : graf van de Onbekende Soldaat
incognito (incognito) /sub/ : incognito
incognito (incognito), conservar/guardar/mantener le ~ : onbekend willen blijven, het incognito bewaren
incognito (incognito), viagiar ~ : incognito reizen
incommensurabile, numeros (numeros) ~ : onmeetbare getallen
incommode (incommode) /adj/ : onhandig, ongemakkelijk, onpraktisch, lastig (te hanteren)
incommode (incommode) /adj/ : oncomfortabel, ongerieflijk, ongemakkelijk
incommode (incommode), in un postura/position ~ : in een ongemakkelijke houding
incommode (incommode), esser sedite incommodemente : ongemakkelijk zitten
incommode (incommode), esser in un situation ~ : in een ongunstige positie verkeren
incompatibile, characteres (characteres) ~ : strijdige/(te) uiteenlopende karakters
incompetente, le judice (judice) se ha declarate ~ : de rechter heeft zich onbevoegd verklaard
incomplete, skeleto (skeleto) incompletemente ossificate : onvolledig verbeend skelet
incondite (incondite) /adj/ : (van literair produkt) onverzorgd, verward, slordig
incondite (incondite), stilo ~ : warrige stijl
inconditional, prestar su appoio (appoio) ~ a un persona : iemand onvoorwaardelijk steunen
inconfirmate, credito (credito) ~ : ongeconfirmeerd krediet
inconsistente, theoria (theoria) ~ : niet consistente theorie
inconstante, character (character) ~ : onstandvastig/trouweloos karakter
inconveniente, un pauco/poco plus de modestia non esserea (esserea) ~ pro te : wat meer bescheidenheid zou je niet misstaan
incorporal, le anima (anima) es ~ : de ziel is onstoffelijk
incorporalitate, ~ del anima (anima) : onstoffelijkheid van de ziel
incorporar, camera (camera) con exposimetro (exposimetro) incorporate : camera met ingebouwde belichtingsmeter
incorporee, le anima (anima) es ~ : de ziel is onstoffelijk
incorporeitate, ~ del anima (anima) : onstoffelijkheid van de ziel
incorrecte, termino (termino) ~ : onjuiste term
incorrigibile, hypocrita (hypocrita) ~ : aartshuichelaar
incorrupte, judice (judice) ~ : onomkoopbare rechter
incorruptibile, judice (judice) ~ : onomkoopbare rechter
incorruptibilitate, ~ de un judice (judice) : integriteit van een rechter
incredibile, numero (numero) ~ de errores : ongelofelijk aantal fouten
incrementar, ~ le volumine de venditas (venditas) : de omzet vergroten
incubation, periodo (periodo) de ~ de un maladia (maladia) contagiose : incubatieperiode van een besmettelijke ziekte
incubo (incubo) /sub/ : incubus, nachtduivel
incubo (incubo) /sub/ : nachtmerrie, (bij uitbr.) drukkende last, zorg
incurabile, maladia (maladia)/morbo ~ : ongeneeslijke ziekte
incurabilitate, ~ de un maladia (maladia) : ongeneeslijkheid van een ziekte
indecise, character (character) ~ : besluiteloos karakter
indefendibile, these/thesis (thesis) ~ : onhoudbare stelling
indefense, victima (victima) ~ : weerloos slachtoffer
indemonstrabile, hypothese (hypothese) (-esis) ~ : onbewijsbare hypothese
indemonstrate, ille se basa super (super) hypotheses (hypotheses) ~ : hij baseert zich op onbewezen hypothesen
indesiderate, visita (visita) ~ : ongewenst bezoek
indesirate, hospite (hospite) ~ : ongewenste gast
indeterminabile, periodo (periodo) ~ : onbepaalde periode
index (index) /sub/ : Vide: indice (indice)
India, Compania (Compania) del ~s Oriental : Oostindische Compagnie
India, Compania (Compania) del ~s Occidental : Westindische Compagnie
Indianapolis (Indianapolis) /sub/ : Indianapolis
indicar, le thermometro (thermometro) indica 30 grados : de thermometer wijst 30 graden aan
indicative, signo ~ de un morbo/maladia (maladia) : aanwijzing voor het bestaan van een ziekte
indicator, ~ del horas de marea (marea)/del mareas : getijtafel
indice (indice) /sub/ : wijsvinger
indice (indice) /sub/ : wijzer, naald
indice (indice) /sub/ : index, inhoudsopgave, klapper, register
indice (indice), ~ alphabetic : alfabetisch register
indice (indice) /sub/ : index (lijst van verboden boeken voor katholieken)
indice (indice), mitter/poner al ~ : op de index plaatsen
indice (indice) /sub/ : SCIENTIFIC index(cijfer), cijfer, coëfficiënt, percentage, getal
indice (indice), ~ colorimetric del hemoglobina : kleurindex van hemoglobine
indice (indice), ~ del precios : prijsindex
indice (indice), ~ cephalic/cranian : schedelindex
indice (indice), ~ facial : gelaatsindex
indice (indice), ~ de refraction : brekingsindex
indice (indice), ~ del costos del vita : index van de kosten van levensonderhoud
indice (indice), ~ de octano : octaangetal
indice (indice), ~ de color : kleurindex
indice (indice), ~ ponderate : gewogen index
indice (indice), ~ Dow Jones : Dow Jones index
indice (indice), ~ de audientia : kijkcijfer
indice (indice) /sub/ : MATHEMATICA index, subscript, wortelexponent
indice (indice), a ~ n : a index n
indicer, ~ un referendum (referendum) : een referendum uitschrijven
indicio, non le minime (minime) ~ de : geen spoor van
indigena (indigena) /sub/ : inlander, inboorling
indigena (indigena), population de ~s : inboorlingenbevolking
indigena (indigena), quartiero de ~s : inboorlingenwijk
indigena (indigena) /adj/ : inheems, inlands, autochtoon
indigena (indigena), plantas ~ : inheemse planten
indigena (indigena), population ~ : inheemse bevolking
indigena (indigena), puera (puera) ~ : inlands meisje
indigena (indigena), productos ~ : inlandse produkten
indigena (indigena), lingua ~ : inheemse taal
indigena (indigena), derecto ~ : inlands recht
indigeste, iste poesia (poesia) es ~ : die poëzie is zware kost
indignate, littera (littera) ~ : boze brief
indigo (indigo) /sub/ : indigo (verfstof)
indigo (indigo) /sub/ : indigo (kleur)
indigo (indigo) /sub/ : indigo (plant)
indigo (indigo), folio de ~ : indigoblad
indigo (indigo), flor de ~ : indigobloem
indigo (indigo), plantation de ~ : indigoplantage
indigo (indigo), plantator de ~ : indigoplanter
indigo (indigo), cultura de ~ : indigocultuur
indisciplina, spirito (spirito) de ~ : bandeloze geest
indisciplinabile, character (character) ~ : onhandelbaar karakter
indisposite (indisposite) /adj/ : onwel, niet lekker, misselijk, onpasselijk
indisposite (indisposite), ille se senti ~ : hij voelt zich niet lekker
indisposite (indisposite) /adj/ : misnoegd, ontstemd, onwelwillend
indisposite (indisposite), esser ~ contra un persona : onwelwillend tegenover iemand staan
indissociabile, ~ de su epocha (epocha) : tijdgebonden
indium (indium) /sub/ : CHIMIA indium
individual, camera (camera) ~ : éénpersoonskamer
indivisibile, numero (numero) ~ : ondeelbaar getal
indivisibilitate, ~ de un numero (numero) : ondeelbaarheid van een getal
indoeuropee (indoeuropee) /adj/ : Indo-Europees
indoeuropee (indoeuropee), linguas ~ : Indo-Europese talen
indoeuropee (indoeuropee), phonetica ~ : Indo-Europe-se fonetiek
indoeuropee (indoeuropee), morphologia (morphologia) ~ : Indo-Europese morfologie
indoeuropeo (indoeuropeo) /sub/ : Indo-Europeaan
indolentia, ~ de character (character) : traagheid van karakter
indologia (indologia) /sub/ : indologie
indomabile, character (character) ~ : onverzettelijk karakter
indo-malay (indo-malay) /sub/ : Indomaleis
inductive, methodo (methodo) ~ : inductieve methode
inductive, applicar le methodo (methodo) ~ : inductief te werk gaan
indulgente, judice (judice) ~ : welwillende rechter
indulgentia, littera (littera) de ~ : aflaatbrief
industria, ~ de cauchu (cauchu) : rubberindustrie
industrial, epocha (epocha) ~ : industrieel tijdperk/tijdvak
industrialisar, le region circum (circum) Rotterdam es multo industrialisate : rondom Rotterdam is veel industrie
inedite (inedite) /adj/ : onuitgegeven, niet gepubliceerd
inedite (inedite), correspondentia ~ : onuitgegeven correspondentie
inedite (inedite) /adj/ : ongeredigeerd, ongewijzigd uitgegeven, ongeannoteerd
inequivoc (inequivoc) /adj/ : ondubbelzinnig, ontwijfelbaar
inequivoc (inequivoc), in terminos (terminos) ~ : in niet mis te verstane bewoordingen
inerte, helium (helium) es chimicamente ~ : helium is chemisch inert
inexhauribilitate, le ~ de vostre energia (energia) : de onuitputtelijkheid van uw energie
inexigibile, debita (debita) ~ : onopvorderbare schuld
inexigibilitate, ~ de un debita (debita) : onopvorderbaarheid van een schuld
inexorabile, judice (judice) ~ : onverbiddelijke rechter
inexorabile, le maladia (maladia) evolve inexorabilemente verso le morte : zich onverbiddelijk tonen, zich niet laten verbidden
inexperimentate, photographo (photographo) ~ : fotograaf zonder ervaring
inexplicabile, phenomeno (phenomeno) ~ : onverklaarbaar verschijnsel
inexplicate, phenomeno (phenomeno) ~ : onverklaard verschijnsel
inexplicate, le catastrophe (catastrophe) remane/resta ~ : de ramp blijft onopgehelderd
inextricabile, dedalo (dedalo) ~ de camminos/vias : onontwarbare wirwar van wegen
infallibile, methodo (methodo) ~ : onfeilbare methode
infallibile, le papa es ~ quando ille parla ex cathedra (cathedra) : de paus is onfeilbaar wanneer hij ex cathedra spreekt
infamar, ~ un juvena (juvena) : een meisje haar eer ontnemen
infante, ~ illegitime (illegitime) : buitenechtelijk kind
infante, capite (capite)/testa de ~ : kinderhoofd
infante, judice (judice) del ~s : kinderrechter
infante, numero (numero) de ~s : kindertal
infanteria (infanteria) /sub/ : MILITAR infanterie
infanteria (infanteria), regimento de ~ : infanterieregiment
infanteria (infanteria), battalion de ~ : infanteriebataljon
infanteria (infanteria), brigada de ~ : infanteriebrigade
infanteria (infanteria), caserna de ~ : infanteriekazerne
infanteria (infanteria), ~ aeroportate : luchtinfanterie
infanteria (infanteria), soldato de ~ : infanterist
infantia, amico (amico) de ~ : jeugdvriend
infantil, anima (anima) ~ : kinderziel
infantil, paralyse (paralyse) (-ysis) ~ : kinderverlamming
infarcto, ~ cardiac (cardiac) : hartinfarct
infecte, halito (halito) ~ : stinkende adem
infectiose, maladia (maladia) ~ : infectieziekte
infective, maladia (maladia) ~ : besmettelijke ziekte
infelicissime (infelicissime) /adj/ : doodongelukkig
helse steen (, machina (machina) ~ : helse machine
inferno, ruito/fracasso/strepito (strepito) de ~ : hels kabaal
inferno, le antecamera (antecamera)/antesala del ~ : het voorportaal van de hel
infertile, spirito (spirito) ~ : steriele geest
infiltration, ~ anisotrope (anisotrope) : anisotrope kwel
infiltrometro (infiltrometro) /sub/ : infiltratiemeter
infime (infime) /adj/ : gering, uiterst klein, miniem, zeer laag
infime (infime), detalio ~ : minuscuul detail
infime (infime), differentia ~ : miniem verschil
infime (infime), quantitate ~ : uiterst kleine hoeveelheid
infinite, numero (numero) ~ : oneindig getal
infinitesime (infinitesime) /adj/ : ontzettend klein, minuscuul, miniem, zeer gering
infirmeria (infirmeria) /sub/ : ziekenhuis, ziekenzaal, ziekenboeg
inflammation, ~ del retina (retina) : netvliesontsteking
inflammation, ~ del hepate (hepate)/ficato (ficato) : leverontsteking
inflammatori, maladia (maladia) ~ : ziekte die met ontstekingen gepaard gaat
inflexibile, character (character) ~ : onbuigzaam karakter
inflexion, salutar de un legier ~ del testa/capite (capite) : groeten met een hoofdknikje
infliger, ~ perditas (perditas) : verliezen toebrengen
influentiabile, spirito (spirito) ~ : beïnvloedbare geest
influenza, epidemia (epidemia) de ~ : griepepidemie
influenza, virus (virus) de ~ : influenzavirus
influer, ~ super (super) un persona : iemand beïnvloeden
influer, ~ super (super) un cosa : van invloed zijn op iets
informatic, pirateria (pirateria) ~ : computerkraak
information, theoria (theoria) de ~ : informatietheorie
informative, littera (littera) ~ : nieuwsbrief
informator, ~ del policia (policia) : informant van de politie
infrarubie, photographia (photographia) ~ : infraroodfotografie
infrarubie, spectroscopia (spectroscopia) ~ : infraroodspectroscopie
infrarubie, tomographia (tomographia) ~ : infraroodtomografie
infrequente, phenomeno (phenomeno) ~ : zeldzaam verschijnsel
infringer, ~ un tabu (tabu) : een taboe schenden
ingenieria (ingenieria) /sub/ : engeneering, techniek
ingenieria (ingenieria), ~ mechanic : werktuigbouwkunde
ingenieria (ingenieria), ~ naval : scheepsbouwkunde
ingenieria (ingenieria), ~ hydraulic : waterbouwkunde
ingenieria (ingenieria), ~ chimic : chemische techniek
ingenieria (ingenieria), ~ genetic : genetische manipulatie
ingenieria (ingenieria), obra de ~ : kunstwerk
ingenue, reguardar/mirar ingenuemente circa/circum (circum) se : onbevangen om zich heen kijken
ingrassar, ~ un machina (machina) : een machine smeren
inhalator, ~ de oxygeno (oxygeno) : zuurstofmasker
inharmonia (inharmonia) /sub/ : gebrek aan harmonie/overeenstemming
inhospite (inhospite) /adj/ : onherbergzaam
inhospite (inhospite), loco ~ : onherbergzaam oord
inimic (inimic) /adj/ : vijandig
inimic (inimic), armea (armea) ~ : vijandelijk leger
inimic (inimic), offensiva ~ : vijandelijk offensief
inimic (inimic), lineas ~ : vijandelijke linies
inimic (inimic), invasion ~ : vijandelijke invasie
inimic (inimic), avion ~ : vijandelijk vliegtuig
inimic (inimic), intentiones ~ : vijandige bedoelingen
inimic (inimic) /adj/ : schadelijk
inimico (inimico) /sub/ : vijand
inimico (inimico), ~ mortal : doodsvijand, aartsvijand
inimico (inimico), ~ hereditari : erfvijand
inimico (inimico), ~ del populo : volksvijand
inimico (inimico), ~ potente/forte : machtige vijand
inimico (inimico), repeller/repulsar le ~ : de vijand terugdringen
inimico (inimico), jectar se/lancear se/precipitar se super (super) le ~ : zich op de vijand storten
inimico (inimico), complotar con le/esser de conniventia con le/esser de accordo con le ~ : het met de vijand houden
inique, judice (judice) ~ : zeer onrechtvaardige rechter
initial, littera (littera) ~ : beginletter
initial, periodo (periodo) ~ : beginperiode
initiativa, spirito (spirito) de ~ : ondernemingsgeest
injustificate, dubitas (dubitas) ~ : ongerechtvaardigde twijfels
innate, ideas (ideas) ~ : ingeschapen denkbeelden
innobilir, le pardono innobili le anima (anima) : vergiffenis veredelt de ziel
inobservabile, phenomeno (phenomeno) ~ : niet waar te nemen verschijnsel
inocular, ~ un virus (virus) a un persona : een virus op iemand overdragen
inope (inope) /adj/ : hulpeloos, machteloos
inope (inope) /adj/ : arm, behoeftig, berooid, verstoken
inopportun, visita (visita) ~ : ongelegen bezoek
inopportunitate, ~ de un visita (visita) : het ongelegen komen van een bezoek
inorganic, chimia (chimia) ~ : anorganische scheikunde
inquietante, phenomeno (phenomeno) ~ : onrustbarend verschijnsel
inquisitorial, judices (judices) ~ : inquisitierechters
inricchimento, ~ del spirito (spirito) : verrijking van de geest
inricchimento, ~ de uranium (uranium) : uraniumverrijking
inricchir, ~ uranium (uranium) : uranium verrijken
insalubre, aere (aere) ~ : ongezonde lucht
insanabile, maladia (maladia) ~ : ongeneeslijke ziekte
inscripte, polygono (polygono) ~ : ingeschreven veelhoek, koordenveelhoek
inscripte, pentagono (pentagono) ~ : ingeschreven vijfhoek, koordenvijfhoek
inscriptibile, le polygonos (polygonos) regular es ~ in un circumferentia : GEOMETRIA inschrijfbaar
insectifere, 1 BOTANICA ophrys (ophrys) ~ : vliegenorchis
insectifuge (insectifuge) /adj/ : insektenwerend
insectifugo (insectifugo) /sub/ : insektenwerend middel, insectifugum
insectivoro (insectivoro) /sub/ : insekteneter, insektivoor
insectologia (insectologia) /sub/ : insektenkunde, insektologie, entomologie
insectologo (insectologo) /sub/ : insektenkenner, insektenkundige, insektoloog, entomoloog
inseniamento, ~ gratuite (gratuite) : kosteloos onderwijs
inseniamento, methodo (methodo) de ~ : onderwijsmethode
inseparabile, amicos (amicos) ~ : onafscheidbare vrienden
inseparabilitate, ~ de duo amicos (amicos) : onafscheidelijkheid van twee vrien-den
insidiose, morbo/maladia (maladia) ~ : verraderlijke/sluipende ziekte
insilage, methodo (methodo) de ~ : inkuilmethode
insimul (insimul) /adv/ : samen, met elkaar, bij elkaar, tegelijk
insimul (insimul), toto ~ : alles bij elkaar
insimul (insimul), totes ~ : met z'n allen
insimul (insimul), star ~ : bij elkaar staan
insimul (insimul), mitter ~ : bijeenbrengen, verzamelen
insimul (insimul), viver ~ : samenwonen
insimul (insimul), dormir ~ : met elkaar slapen
insimul (insimul) /sub/ : (samenhangend) geheel, totaliteit, alles te zamen
insimul (insimul), ~ coherente : samenhangend geheel
insimul (insimul), photo(graphia (graphia)) de ~ : overzichtsfoto
insimul (insimul), ~ de punctos : puntverzameling
insimul (insimul), theoria (theoria) del ~es : verzamelingenleer
insimul (insimul) /sub/ : ensemble (anque MUSICA), gezelschap, groep
insimul (insimul), ~ de musica de camera : kamermuziekensemble
insimul (insimul) /sub/ : MUSICA samenspel, samenzang
insimul (insimul) /sub/ : pak, kostuum
insociabile, haber un character (character) ~ : niet gemakkelijk in de omgang zijn
insolite (insolite) /adj/ : ongewoon, vreemd, ongebruikelijk
insolite (insolite), facto ~ : ongewoon feit
insolite (insolite), comportamento/conducta ~ : vreemd gedrag
insolite (insolite), qualcosa de ~ : iets bijzonders
insomniac (insomniac) /adj/ : slapeloos
insomniaco (insomniaco) /sub/ : lijder aan slapeloosheid
inspector, ~ de assecurantias/de un compania (compania) de assecurantia : inspecteur bij een verzekeringsmaatschappij
inspirar, ~ antipathia (antipathia) : antipathie opwekken
instabile, character (character) ~ : wankelmoedig karakter
instabile,  composito (composito) ~ : onstabiele verbinding
instabilitate, ~ de un character (character) : onstandvastigheid van een karakter
installation, ~ de un machina (machina) a lavar : plaatsing van een wasmachine
installation, ~ de radar (radar) : radarinstallatie
instantanee, photo(graphia (graphia)) ~ : momentopname, snapshot
instantia, in ultime (ultime) ~ : in laatste instantie
instinctive, aversion/antipathia (antipathia) ~ : instinctieve/gevoelsmatige afkeer
instituer, ~ un persona herede (herede) : iemand als erfgenaam benoemen
institution, ~ de credito (credito) : kredietinstelling
instituto, ~ de sinologia (sinologia) : sinologisch instituut
instruction, judice (judice) de ~ : rechter van instructie, onderzoeksrechter
instructor, (judice (judice)) ~ : rechter van instructie, rechter-commissaris
insubornabile, judice (judice) ~ : onomkoopbare rechter
insufficientia, ~ cardiac (cardiac)/del corde : hartzwakte
insulinotherapia (insulinotherapia) /sub/ : MEDICINA insulinetherapie
insulto, ~ epileptic/de epilepsia (epilepsia) : epileptisch insult
insulto, ~ apoplectic/de apoplexia (apoplexia) : apoplectisch insult
insustenibile, these/thesis (thesis) ~ : onhoudbare stelling
insustenibilitate, ~ de un these/thesis (thesis) : onhoudbaarheid van een stelling
intacte, iste vitreria (vitreria) ha arrivate ~ : dat glaswerk is behouden aangekomen
integral, le integral del symphonias (symphonias) de Beethoven : de complete symfonieën van Beethoven
integral, cosinus (cosinus) ~ : integraalcosinus
integre (integre) /adj/ : volledig, ongeschonden, geheel, gaaf
integre (integre), lacte ~ : volle melk
integre (integre), hora ~ : vol uur
integre (integre), le die ~ : de ganse/hele dag
integre (integre), durante jornatas ~ : dagen aaneen
integre (integre), publicar un articulo integremente : een artikel onverkort publiceren
integre (integre) /adj/ : integer, onkreukbaar, rechtschapen, onomkoopbaar
integre (integre), politico ~ : onkreukbare politicus
integre (integre), judice (judice) ~ : onkreukbare rechter
intelligentia, haber ~ con le inimico (inimico) : in geheime verstandhouding staan met de vijand
intender, ~ nihil (nihil) de nihil (nihil) : er niets van kunnen begrijpen, ergens geen touw aan vast kunnen knopen
intenibile, these/thesis (thesis) ~ : onhoudbare stelling
intenibilitate, ~ de un these/thesis (thesis) : onhoudbaarheid van een stelling
intensitometro (intensitometro) /sub/ : intensitometer
inter (inter) /prep/ : tussen
inter (inter), B es ~ A e C : B staat tussen A en C
inter (inter), ~ celo e terra : tussen hemel en aarde
inter (inter) /prep/ : te midden van, onder
inter (inter), ~ altere cosas : onder anderen
interactive, robot (robot) ~ : interactieve robot
intercalar, ille sapeva ~ anecdotas (anecdotas) amusante in su discurso : hij wist in zijn rede vermakelijke anecdotes in te weven
intercalation, ~ de un syllaba (syllaba) : tussenvoeging van een lettergreep
intercambio, ~ de mercantias (mercantias)/merces : goederenverkeer
interceptar, ~ un littera (littera) : een brief onderscheppen
interceptar, ~ le telephono (telephono) : de telefoon aftappen
interceptar, ~ le communicationes del inimico (inimico) : de vijand beluisteren
interceptar, le policia (policia) ha interceptate un grande quantitate de hasch : de politie heeft een grote hasjvangst gedaan
intercession, per ~ de Maria (Maria) : op voorspraak van Maria
intercurrente, maladias (maladias) ~ : intercurrente ziekten
interdependente, phenomenos (phenomenos) ~ : verschijnselen die samenhangen
interdiction, ~ de exoperos (exoperos) : stakingsverbod
interdisciplinari, character (character) ~ del recerca(s) : interdisciplinair karakter van het onderzoek
interdum (interdum) /adv/ : somtijds, soms
interdum (interdum) /adv/ : voor enige tijd
interdum (interdum) /adv/ : ondertussen
interesse, ~ composite : niet gemeende belangstelling (belangstelling)
interesse, ~ simple/simplice (simplice) : enkelvoudige interest
interesse, ~ composite (composite)/componite : samengestelde interest, rente op rente
interesse, debita (debita) sin ~ : renteloze schuld
interesse, perdita (perdita) de ~ : renteverlied
interesse, garantia (garantia) de ~ : rentegarantie
intereuropee (intereuropee) /adj/ : intereuropees
intereuropee (intereuropee), commission ~ : intereuropese commissie
intereuropee (intereuropee), cooperation ~ : intereuropese samenwerking
interferential, spectrographo (spectrographo) ~ : interferentiespectrograaf
interferometria (interferometria) /sub/ : PHYSICA interferentiemeting, interferometrie
interferometria (interferometria), ~ holographic : holografische interferometrie
interferometro (interferometro) /sub/ : PHYSICA interferometer
interferometro (interferometro), ~ acustic : akoestische interferometer
interglacial, periodo (periodo) ~ : interglaciaal, tussenijstijd
intergruppo, ~ del linguas minoritari in le parlamento europee (europee) : intergroep
interim (interim) /adv/ : ondertussen, intussen, onderwijl
interim (interim) /sub/ : interim, tussentijd, overgangsperiode, overbruggingstijd
interim (interim), in le ~ : ondertussen
interim (interim), ministro ad ~ : minister ad interim
interime (interime) /adj/ : tijdelijk, waarnemend
interime (interime), personal ~ : tijdelijk personeel
interime (interime) /adj/ : tussentijds
interime (interime), dividendo ~ : interimdividend
interime (interime), balancio ~ : tussenbalans
interime (interime), producto ~ : tussenprodukt
interime (interime), governamento ~ : tussenregering
interindividual, psychologia (psychologia) ~ : psychologie van de intermenselijke relaties
interior, pagina (pagina) ~ : binnenpagina
interlope (interlope) /adj/ : illegaal, zwart, smokkel...
interlope (interlope), commercio ~ : zwarte handel, sluikhandel
interlope (interlope), nave ~ : smokkelschip
intermediari, epocha (epocha) ~ : tussenperiode, overgangstijd
intermedie, epocha (epocha) ~ : tussenperiode, overgangstijd
intermittente, exopero (exopero) ~ : prikactie
intermittente, essugavitros (essugavitros) ~ : ruitewisser met interval
interne, organo (organo) ~ : inwendig orgaan
interne, hemorrhagia (hemorrhagia) ~ : inwendige bloeding
interpretation, in terminos (terminos) foras (foras) de tote mal ~ : in niet mis te verstane bewoordingen
interprete (interprete) /sub/ : verklaarder, uitlegger
interprete (interprete), ~ del biblia : bijbelverklaarder
interprete (interprete), ~ de sonios : droomuitlegger
interprete (interprete) /sub/ : vertolker, uitbeelder
interprete (interprete) /sub/ : tolk
interprete (interprete), ~ simultanee : simultaan tolk
interprete (interprete), ~ quadrilingue : tolk in vier talen
interprete (interprete), schola/academia de ~s : tolkenschool
interprete (interprete), ager como ~ : als tolk optreden
interprisa, spirito (spirito) de ~ : ondernemingsgeest
interpsychologia (interpsychologia) /sub/ : interpsychologie
interrogar, le policia (policia) interroga un teste ocular : de politie ondervraagt een ooggetuige
interstitial, atomo (atomo) ~ : interstitieel atoom
intertanto, ~ io poterea (poterea) haber lo facite jam tres vices : ik had het onderhand drie keer zelf kunnen doen
intervention, gratias (gratias) a vostre ~ : door uw toedoen
intervention, ~ del policia (policia) : politieoptreden/ingrijpen
intestinal, maladia (maladia) ~ : ingewandsziekte
intestinal, maladia (maladia) ~ : darmziekte
intestinal, tuberculose (-osis (-osis)) ~ : darmtuberculose
intestinal, paralyse (paralyse) (-ysis) ~ : darmverlamming
intestinal, dolor/algia (algia) ~ : ingewandspijn
intime (intime) /adj/ : innerlijk, in het binnenste
intime (intime), conviction ~ : innerlijke overtuiging
intime (intime), vita ~ : gemoedsleven, innerlijk leven
intime (intime) /adj/ : intiem, vertrouwelijk
intime (intime), amico (amico) ~ : boezemvriend
intime (intime), amica (amica) ~ : boezemvriendin
intime (intime), amicitate ~ : boezemvriendschap
intime (intime), relation ~ : intieme/nauwe relatie
intime (intime), conversation ~ : vertrouwelijk gesprek
intime (intime), repasto ~ : intiem etentje
intime (intime), conversation ~ : intiem gesprek
intime (intime), angulo ~ : intiem hoekje
intime (intime), jornal ~ : dagboek
intime (intime), esser ~ con un persona : intiem zijn met iemand, vertrouwelijk met iemand omgaan
intimidation, methodo (methodo) de ~ : intimidatiemethode
intimidatori, littera (littera) ~ : intimiderende brief
intolerante, spirito (spirito) ~ : onverdraagzame geest
intoxication, ~ per monoxydo (monoxydo) de carbon : kolendampvergiftiging
intra, ~ le terminos (terminos) del lege : binnen de perken van de wet
intra, ~ un radio de dece kilometros (kilometros) : binnen een straal van tien kilometer
intra-atomic, energia (energia) ~ : intra-atomaire energie
intracardiac (intracardiac) /adj/ : MEDICINA intracardiaal
intracardiac (intracardiac), injection ~ : intracardiale injectie
intransigente, character (character) ~ : onverzettelijk karakter
intransitive, empleo (empleo) ~ : onovergankelijk gebruik
intrepide, heroe (heroe) ~ : onverschrokken held
intrepiditate, ~ de un heroe (heroe) : onverschrokkenheid van een held
intrigar, iste poesia (poesia) me intriga : dat gedicht intrigeert me
intrinsec (intrinsec) /adj/ : wezenlijk, innerlijk, intrinsiek
intrinsec (intrinsec), importantia ~ de un facto : wezenlijk belang van een feit
intrinsec (intrinsec), valor ~ de un moneta : intrinsieke waarde van een munt
intrinsec (intrinsec), viscositate ~ : intrinsieke viscositeit
intrinsec (intrinsec), semiconductor ~ : intrinsieke halfgeleider
intrinsec (intrinsec), factor ~ : intrinsieke factor
introduction, littera (littera) de ~ : aanbevelingsbrief
introito (introito) /sub/ : RELIGION intredezang, introïtus
introspective, psychologia (psychologia) ~ : introspectieve psychologie
intuitive, methodo (methodo) ~ : intuïtieve methode
intus (intus) /adv/ : binnen, van binnen
intus (intus) /adv/ : naar binnen
inundar, vallea (vallea) inundate : dat dat onder water staat
inundation, le ~ se extende super (super) decenas de kilometros quadrate : overstromingen veroorzaken
inutilisabile, un vetule machina (machina) ~ : een oude onbruikbare machine
invariante, theoria (theoria) del ~s : invariantentheorie
invasion, ~ inimic (inimic) : vijandelijke invasie
invasion, ~ de culices (culices)/de mosquitos : muggenplaag
inveloppe, ~ de un littera (littera) : envelop van een brief
inveloppe, ~ de reinvio (reinvio) : retourenvelop
inveloppe, le corpore es le ~ del anima (anima) : het lichaam is het stoffelijk omhulsel van de ziel
invendite, mercantias (mercantias) ~ : onverkochte goederen
invenenar, ~ un bibita (bibita) : een drank vergiftigen
inventario, numero (numero) de ~ : inventarisnummer
invention, spirito (spirito) de ~ : vindingrijke geest
inventor, ~ del imprimeria (imprimeria) : uitvinder van de boekdrukkunst
inverificabile, hypothese (hypothese) (-esis) ~ : niet te verifiëren hypothese
inversion, symmetria (symmetria) del ~ : inversiesymmetrie
investigation, methodo (methodo) de ~ : methode van onderzoek
investimento, credito (credito) de ~ : investeringskrediet
inviar, ~ un littera (littera) : een brief (ver)sturen
invincibile, armea (armea) ~ : onoverwinnelijk leger
invio (invio) /sub/ : het (ver)zenden, verzending, het (ver)sturen
invio (invio), modo de ~ : verzendingswijze
invio (invio), ~ per via maritime (maritime) : verzending per schip, verscheping
invio (invio) /sub/ : zending, pakje
invio (invio), ~ postal : postzending
invio (invio), ~ assortite/a vista : zichtzending
invio (invio), ~ urgente : spoedzending
invio (invio), ~ de fructos : zending fruit
invio (invio), reciper un ~ : een zending binnenkrijgen
invio (invio), completar le ~ de un cosa : iets nazenden
invitato, nos expecta nostre ~s iste vespera (vespera)/vespere : wij verwachten onze gasten vanavond
involucro (involucro) /sub/ : BOTANICA omwindsel
involucro (involucro), ~ floral : bloemomwindsel
involucro (involucro), ~ de un inflorescentia : omwindsel van een bloeiwijze
involution, maladia (maladia) de ~ : involutieziekte
invulnerabilitate, ~ de Achilles (Achilles) : de onkwetsbaarheid van Achilles
io (io) /pron pers/ : ik
iodido, ~ de kalium (kalium) : kaliumjodide, joodkalium
iodo, composito (composito) de ~ : jodiumverbinding
iodo, oxydo (oxydo) de ~ : jodiumoxide
iodometria (iodometria) /sub/ : CHIMIA jodometrie
ion (ion) /sub/ : PHYSICA ion
ion (ion), ~ negative : negatief ion, anion
ion (ion), ~ positive : positief ion, kation
ion (ion), ~ hydrogene : waterstofion
ion (ion), ~ atomic : atoomion
ion (ion), ~es polymere : polymere ionen
ion (ion), emission de ~es : ionenemissie
ion (ion), theoria (theoria) del ~es : ionentheorie
ion (ion), (ex)cambiator de ~es : ionenwisselaar
ion (ion), concentration de ~es : ionenconcentratie
ion (ion), equilibrio de ~es : ionenevenwicht
ion (ion), reaction de ~es : ionenreactie
ion (ion), antagonismo de ~es : ionenantagonisme
ion (ion), transporto de ~es : ionentransport
ion (ion), nube de ~es : ionenwolk
ionic, microphono (microphono) ~ : ionenmicrofoon
ionic, theoria (theoria) ~ : ionentheorie
ionisation, ~ multiple (multiple) : meervoudige ionisatie
ionisation, energia (energia) de ~ : ionisatie-energie
ionisation, camera (camera) de ~ : ionisatiekamer/vat
ionium (ionium) /sub/ : CHIMIA ionium (ionium) (element 90)
ionometria (ionometria) /sub/ : ionometrie
ionometro (ionometro) /sub/ : ionometer
ionophono (ionophono) /sub/ : ionofoon
Iphigenia (Iphigenia) /sub/ : MYTHOLOGIA Iphigenie
irascibile, character (character) ~ : opvliegend karakter, driftkop
iridectomia (iridectomia) /sub/ : MEDICINA irisverwijdering, iridectomie
iridic, composito (composito) ~ : iridiumverbinding
iridium (iridium) /sub/ : CHIMIA iridium
iridium (iridium), composito (composito) de ~ : iridiumverbinding
iridotomia (iridotomia) /sub/ : MEDICINA irisverwijdering, iridotomie
iris (iris) /sub/ : MYTHOLOGIA Iris
iris (iris) /sub/ : regenboog
iris (iris) /sub/ : ANATOMIA iris (van het oog), regenboogvlies
iris (iris), diaphragma ~ : irisdiafragma
iris (iris), obturator a/de iris : kringsluiter
iris (iris) /sub/ : BOTANICA iris, lis
iris (iris), ~ fetidissime : stinkende lis
iris (iris), ~ germanic : duitse lis
iris (iris), ~ florentin : florentijnse lis
iris (iris), ~ pallide : bleke lis
iritis (iritis) /sub/ : MEDICINA regenboogvliesontsteking, iritis
ironia (ironia) /sub/ : PHILOSOPHIA ironie
ironia (ironia), ~ socratic : Socratische ironie
ironia (ironia) /sub/ : ironie, spot
ironia (ironia), ~ mordente : bijtende spot
ironia (ironia), ~ amar : bittere ironie
ironia (ironia), ~ del sorte : ironie van het lot
irrational, numero (numero) ~ : irrationeel/onmeetbaar getal
irreconciliabile, inimico (inimico) ~ : onverzoenlijke vijand
irrecovrabile, debitas (debitas) ~ : ininbare schulden
irrecuperabile, debitas (debitas) ~ : oninbare schulden
irrecusabile, judice (judice) ~ : onwraakbare rechter
irreducibile, oxydo (oxydo) ~ : niet reduceerbaar oxyde
irreducibilitate, ~ de un oxydo (oxydo) : niet-reduceerbaarheid van een oxyde
irregular, polygono (polygono) ~ : onregelmatige veelhoek
irreparabile, perdita (perdita) ~ : onherstelbaar verlies
irreproducibile, un photo(graphia (graphia)) ~ : een niet reproduceerbare foto
irresolute, character (character) ~ : besluiteloos/aarzelend karakter
irrigation, periodo (periodo) de ~ : irrigatieperiode
irrite (irrite) /adj/ : JURIDIC ongeldig
irruption, ~es del barbaros (barbaros) : invallen der barbaren
isallobaro (isallobaro) /sub/ : METEO isallobaar (lijn tussen gelijke drukveranderingen)
isatis (isatis), 1 BOTANICA ~ tinctori : wede
ischemia (ischemia) /sub/ : MEDICINA ischemie, plaatselijke bloedeloosheid
ischemic, necrose  (-osis (-osis)) ischemic : ischemische necrose
isiac (isiac) /adj/ : ANTIQUITATE Isis...
isiac (isiac), mysterios ~ : Isismysteriën
isiaco (isiaco) /sub/ : Isispriester
islamologo (islamologo) /sub/ : islamkenner, islamoloog
isobaro (isobaro) /sub/ : METEO GEOLOGIA isobaar
isochrono (isochrono) /sub/ : isochroon
isoclino (isoclino) /sub/ : PHYSICA GEOLOGIA isocline
isodynamia (isodynamia) /sub/ : isodynamie
isogame (isogame) /adj/ : BIOLOGIA isogaam
isogamia (isogamia) /sub/ : BIOLOGIA isogamie
isolamento, camera (camera) de ~ : isolatiekamer
isomeria (isomeria) /sub/ : PHYSICA, CHIMIA isomerie
isomeria (isomeria), ~ nuclear : kernisomerie
isomero (isomero) /sub/ : isomeer
isometria (isometria) /sub/ : isometrie
isonomia (isonomia) /sub/ : CHIMIA gelijke kristallisatiewijze
isophylle (isophylle) /adj/ : BOTANICA met gelijke bladen, gelijkbladerig
isophylle (isophylle), campanula ~ : ster van Bethlehem
isopode (isopode) /sub/ : ZOOLOGIA gelijke poten hebbend
isoscelia (isoscelia) /sub/ : GEOMETRIA gelijkbenigheid
isoscelia (isoscelia), ~ de un triangulo : gelijkbenigheid van een driehoek
isostasia (isostasia) /sub/ : GEOLOGIA isostasie
isosyllabe (isosyllabe) /adj/ : met een gelijk aantal lettergrepen
isothermia (isothermia) /sub/ : isothermie
isotonia (isotonia) /sub/ : PHYSICA, BIOLOGIA isotonie
isotope (isotope) /adj/ : CHIMIA, PHYSICA isotopisch, isotopen...
isotope (isotope), spin (A) ~ : isotopische spin, isospin
isotope (isotope), separation ~ : isotopenscheiding
isotopic, analyse (analyse)  (-ysis) ~ : isotopische analyse
isotopo (isotopo) /sub/ : CHIMIA PHYSICA isotoop
isotopo (isotopo), separation del ~s : isotopenscheiding
isotopo (isotopo), ~ radioactive : radioactieve isotoop
isotopo (isotopo), ~ stabile : stabiele isotoop
isotopo (isotopo), ~ del uranium (uranium) : uraniumisotoop
isotopo (isotopo), ~ del carbon : koolstofisotoop
isotropia (isotropia) /sub/ : PHYSICA, MATHEMATICA isotropie
israelo-arabe (israelo-arabe) /adj/ : Israelisch-Arabisch
italic, littera (littera)/character (character) ~ : cursiefletter, italiek
italophono (italophono) /sub/ : Italiaans sprekende
item (item) /adv/ : op dezelfde wijze, evenzo, en ook
item (item) /sub/ : onderdeel, bestanddeel, (programma)punt, item
item (item), ~ pro memoria : memoriepost
iterative, methodo (methodo) ~ : iteratieve methode
itero (itero) /adv/ : weer, opnieuw, nog eens
itero (itero), ~ e ~ : nog eens en nog eens, steeds opnieuw
ithyphallia (ithyphallia) /sub/ : ithyfallie
jacer, ~ exanime (exanime) al solo : dood op de grond liggen
janissaro (janissaro) /sub/ : HISTORIA janitsaar (Turkse soldaat)
Jano, capite (capite)/testa de ~ : Januskop
janta, freno al/super (super) le ~ : velgrem
Japhet (Japhet) /sub/ : BIBLIA Jafet
japhetic, theoria (theoria) ~ : jafetische theorie
japoneseria (japoneseria) /sub/ : japonaiserie, japannerie
jardineria (jardineria) /sub/ : (het) tuinieren
jasione (jasione) /sub/ : BOTANICA
jasione (jasione), ~ maritime (maritime)/montan : zandblauwtje
jectar, ~ in aere (aere) : in de lucht gooien
jectar, ~ se super (super) le inimico (inimico) : zich op de vijand storten
jectar, ~ le confusion in le spiritos (spiritos) : verwarring zaaien in de geesten
jecto, ~ de aere (aere) : luchtstraal
Jehovah (Jehovah) /sub/ : RELIGION Jehova
Jehovah (Jehovah), testes de ~ : Jehova's getuigen
jelosia (jelosia) /sub/ : jaloezie, afgunst
jelosia (jelosia), esser devorate de ~ : door afgunst verteerd worden
jentaculo, camera (camera)/lecto con ~ : logies met ontbijt
jentar, camera (camera) con ~ : logies met ontbijt
Jeremia (Jeremia) /sub/ : BIBLIA Jeremia
jeremiade (jeremiade) /sub/ : jeremiade, jammerklacht, geklaag, klaagzang
Jericho (Jericho) /sub/ : Jericho
jeton, ~ de telephono (telephono) : telefoonmunt
joco, foris (foris) de/foras (foras) de ~ : buitenspel
jocular,  on non debe ~ con un troppo grande numero (numero) de bollas : goochelen met cijfers
joculeria (joculeria) /sub/ : het jongleren, het goochelen, gegoochel
Johannes (Johannes) /sub/ : Johannes
joieleria (joieleria) /sub/ : juweliersvak
joieleria (joieleria) /sub/ : juwelierszaak
joieleria (joieleria) /sub/ : juwelierswerk
joieleria (joieleria) /sub/ : handel in juwelen
joker (joker) /sub/ : joker
joker (joker), jocar al ~ : jokeren
Jonas (Jonas) /sub/ : Jonas
jornal, ~ del vespera (vespera)/vespere : avondblad
jornal, photo(graphia (graphia)) de ~ : krantefoto
jornata, viver su ultime (ultime) ~s : in zijn laatste dagen zijn
jornata, durante ~s integre (integre) : dagen achtereen
jorno, ~ del ultime (ultime) judicio/judicamento : dag des oordeels
jorno, sanctos del ultime (ultime) ~s : heiligen der laatste dagen
Josue (Josue) /sub/ : Jozua
jovedi (jovedi) /sub/ : donderdag
jovedi (jovedi), Jovedi Sancte : Witte Donderdag
jubileo (jubileo) /sub/ : jubelfeest (Joods feest)
jubileo (jubileo) /sub/ : CATHOLICISMO jubeljaar, jubilee
jubileo (jubileo) /sub/ : gouden jubileum
jubilo (jubilo) /sub/ : uitgelaten vreugde, jubel
jubilo (jubilo), ambiente de ~ : jubelsfeer, jubelstemming
jubilo (jubilo), critos de ~ : gejuich
Judas (Judas) /sub/ : BIBLIA Judas (schrijver van de brief in het N.T.)
Judas (Judas) /sub/ : BIBLIA Judas (Judas Iscariot)
Judas (Judas), basio/osculo de ~ : judaskus
Judas (Judas), rolo de ~ : judasrol
Judas (Judas), riso de ~ : judaslach
Judas (Judas) /sub/ : (verraderlijk mens) judas
Judea (Judea) /sub/ : Judea
judee (judee) /adj/ : joods
judee (judee), populo ~ : jodendom, joodse volk
judee (judee), cemeterio ~ : jodenkerkhof
judee (judee), quartiero ~ : jodenbuurt/wijk/hoek
judee (judee), fide ~ : jodengeloof
judee (judee), infante ~ : jodenkind
judeo (judeo) /sub/ : jood
judeo (judeo), persecution del ~s : jodenvervolging
judeo (judeo), question del ~s : jodenvraagstuk
judicamento, le ultime (ultime) ~ : het laatste oordeel
judicamento, le jorno del ultime (ultime) ~ : dag des oordeels
judicar, ~ un cosa secundo su meritos (meritos) : een zaak op zijn merites beoordelen
judice (judice) /sub/ : rechter
judice (judice), ~ de instruction : onderzoeksrechter, rechtercommissaris
judice (judice), ~ civil : burgerlijke rechter
judice (judice), ~ criminal : strafrechter
judice (judice), ~ militar : militaire rechter
judice (judice), ~ conciliator/de pace : vrederechter
judice (judice), ~ pro infantes : kinderrechter
judice (judice), ~ inferior : lagere rechter
judice (judice), ~ superior : hogere rechter
judice (judice), ~ supreme : Opperste Rechter (God)
judice (judice), ~ impartial : onpartijdige rechter
judice (judice), ~ auster : gestrenge rechter
judice (judice), comparer ante le ~ : voor de rechter verschijnen, terechtstaan
judice (judice), recurrer al ~ : naar de rechter gaan/stappen
judice (judice), justificar se ante le ~ : zich voor de rechter verantwoorden
judice (judice), le ~ le ha declarate culpabile : de rechter heeft hem schuldig verklaard
judice (judice), esser ~ in su proprie causa, esser su proprie ~ : rechter in eigen zaak zijn
judice (judice) /sub/ : arbiter, scheidsrechter, beoordelaar
judice (judice) /sub/ : BIBLIA richter
judice (judice), ~s : Richteren (bijbelboek)
judicial, vendita (vendita) ~ : gerechtelijke verkoop
judiciari, vendita (vendita) ~ : gerechtelijke verkoop
judicio, ~ ultime (ultime)/final : laatste oordeel
judicio, le die del ultime (ultime) ~ : de jongste dag
jugular, ~ un morbo/maladia (maladia) : een ziekte stuiten
jujutsu (jujutsu) /sub/ : jiujitsu
julio, monarchia (monarchia) de ~ : julimonarchie
junco, ~ maritime (maritime)/glauc : zeerus
junction, ~ de cauchu (cauchu) : rubberpakking
juncto, ~ del genu (genu)/geniculo : kniegewricht
junctura, ~ del digitos (digitos) : knokkels
junctura, ~ del genu (genu)/geniculo : kniegewricht
junipero (junipero) /sub/ : BOTANICA jeneverbes (struik)
junipero (junipero), baca de ~ : jeneverbes (vrucht)
Jupiter (Jupiter) /sub/ : RELIGION ROMAN Jupiter
Jupiter (Jupiter) /sub/ : ASTRONOMIA Jupiter
jurar, ~ super (super) le biblia : een eed op de bijbel afleggen
jurassic, periodo (periodo) ~ : jura(tijd)
jurate, inimico (inimico) ~ : gezworen vijand
jurate, judice (judice) non ~ : onbeëdigde rechter
juridic, philosophia (philosophia) ~ : rechtsfilosofie
juridic, linguage/terminologia (terminologia) ~ : rechtstaal, wetstaal
juridic, termino (termino) ~ : rechtsterm
justessa, le ~ de un hypothese (hypothese)  (-esis) : de juistheid van een hypothese
justificar, ~ se ante le judice (judice) : zich voor de rechter verantwoorden
justificate, dubita (dubita) ~ : gerechtvaardigde twijfel
justitia, le idea (idea)/concepto del ~ : de idee van het recht
juvene, esser ~ de spirito (spirito) : jong van geest zijn
juvenil, poesia (poesia) ~ : jeugdvers
juventute, amico (amico) de ~ : jeugdvriend
juventute, amica (amica) de ~ : jeugdvriendin
juventute, poesia (poesia) de ~ : jeugdvers
juxtaposition /sub/ : LINGUISTICA E GRAMMATICA asyndeton (asyndeton)
kalium (kalium) /sub/ : CHIMIA kalium
kalium (kalium), composito (composito) de ~ : kaliumverbinding
kalium (kalium), sal de ~ : kaliumzout
kalium (kalium), carbonato de ~ : kaliumcarbonaat
kalium (kalium), chlorato de ~ : kaliumchloraat
kalium (kalium), permanganato de ~ : kaliumpermanganaat
Kampuchea (Kampuchea)  /{tsj}/ : Cambodja
kanguru (kanguru) /sub/ : ZOOLOGIA kangoeroe
kantian, philosophia (philosophia) ~ : kanti-aanse filosofie
kapok (kapok) /sub/ : kapok
kapok (kapok), fibra de ~ : kapokvezel
kapok (kapok), cossino con ~ : kapokkussen
kapok (kapok), matras con ~ : kapokmatras
kapok (kapok), oleo de ~ : kapokolie
kapok (kapok), granas de ~ : kapokpitten
karate (karate) /sub/ : SPORT karate
karstic, topographia (topographia) ~ : karsttopografie
kasher, paneteria (paneteria) ~ : koosjere bakker(ij)
kayak (kayak) /sub/ : kajak
keratitis (keratitis) /sub/ : MEDICINA hoornvliesontsteking, keratitis
kératose /sub/ : MEDICINA keratose  (-osis (-osis))
kératotomie /sub/ : MEDICINA keratotomia (keratotomia)
kermes (kermes) /sub/ : ZOOLOGIA schildluis
kermes (kermes) /sub/ : BOTANICA kermes-eik
kermes (kermes) /sub/ : HISTORIA kermes, karmozijn
kilocaloria (kilocaloria) /sub/ : kilocalorie
kilogrammetro (kilogrammetro) /sub/ : kilogrammeter
kilolitro (kilolitro), kl /sub/ : kiloliter
kilometro (kilometro), km /sub/ : kilometer
kilometro (kilometro), km, ~ quadrate, km2 : vierkante kilometer
kilovoltampere (kilovoltampere) /sub/ : kilovoltampère
klaxon (klaxon) /sub/ : claxon
klaxon (klaxon), sonar le ~ : claxonneren, toeteren
klaxon (klaxon), colpo de ~ : druk op de claxon
kleptomania (kleptomania) /sub/ : kleptomanie
kleptomano (kleptomano) /sub/ : kleptomaan
klystron (klystron) /sub/ : PHYSICA klystron, inhaalbuis
kremlinologia (kremlinologia) /sub/ : kremlinologie
kremlinologo (kremlinologo) /sub/ : kremlinoloog
krypton (krypton) /sub/ : CHIMIA krypton
la , Io la scribe un littera (littera) : ik schrijf haar een brief
la (la)(b)danum /sub/ : CHIMIA ladanum
labaro (labaro) /sub/ : labarum, standaard, vaandel, (R.K.) wimpelvlag
labial, herpete (herpete) ~ : lippenuitslag, koortsuitslag
labial, hemorrhagia (hemorrhagia) ~ : lipbloeding
labial, microphono (microphono) ~ : lipmicrofoon
labilitate, ~ de un composito (composito) chimic : onstabiliteit van een chemische verbinding
labio, leger super (super) le ~ : liplezen
labio, ~s de un tubo de organo (organo) : lippen van een orgelpijp
labor, visita (visita) de ~ : werkbezoek
labor, lege general super (super) le incapacitate de ~ : algemene arbeidsongeschiktheidswet
labor, camera (camera)/cabinetto de ~ : werkkamer
labor, visita (visita) de ~ : werkbezoek
labor, methodo (methodo) de ~ : werkmethode
laboratorio, ~ cryogenic/de cryologia (cryologia) : laboratorium voor koudetechniek
laboratorio, ~ chimic/de chimia (chimia) : scheikundig laboratorium
laboratorio, test (A)/experimento/essayo (essayo)/prova/proba de ~ : laboratoriumproef
labyrintho /sub/ : ZOOLOGIA labyrinthodonte, stegocephalo (stegocephalo)
labyrinthologia (labyrinthologia) /sub/ : labyrintologie
labyrinthologo (labyrinthologo) /sub/ : labyrintoloog
labyrinthose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA labyrintose
lacai (lacai) /sub/ : lakei
lacrima (lacrima) /sub/ : traan
lacrima (lacrima), ~s de crocodilo : krokodilletranen
lacrima (lacrima), ~s de allegressa/de gaudio/joia : vreugdetranen
lacrima (lacrima), valle/vallea (vallea) de ~s : tranendal
lacrima (lacrima), torrente/riviera de ~s : riviera de lacrimas
lacrima (lacrima), plorar ~s amar : bittere tranen wenen
lacrima (lacrima), versar ~s : tranen storten/plengen
lacrima (lacrima), (e)rumper in ~s : in tranen uitbarsten
lacrima (lacrima), siccar se le ~s : zijn tranen drogen
lacrima (lacrima), reprimer/continer su ~s : zijn tranen inhouden
lacrima (lacrima), rider a transverso su ~s : lachen door zijn tranen heen
lacrima (lacrima), hypersecretion de ~s : overvloedige traanafscheiding
lacrima (lacrima) /sub/ : druppel (van boomsap)
lacrima (lacrima), ~ del vinia : hars van wijnstok
lacte, ~ de butyro (butyro) : karnemelk
lacteria (lacteria) /sub/ : melkfabriek, zuivelfabriek, zuivelbedrijf
lacteria (lacteria), productos de ~ : zuivelprodukten
lacteria (lacteria) /sub/ : melkwinkel, zuivelhandel
lacticolor (lacticolor) /adj/ : BOTANICA melkkleurig, melkwit
lactodensimetro (lactodensimetro) /sub/ : lactodensimeter
lactometro (lactometro) /sub/ : melkweger, melkmeter
lactone (lactone) /sub/ : CHIMIA lacton (een ester)
lactoscopia (lactoscopia) /sub/ : lactoscopie
lactuca, testa/capite (capite) de ~ : krop sla
lacunar, amnesia (amnesia) ~ : lacunaire amnesie
lacunose, amnesia (amnesia) ~ : lacunaire amnesie
lacustre, hydrologia (hydrologia) ~ : limnologie
ladano (ladano) /sub/ : (aromatische hars uit de citrusroos) ladanum
lagopede (lagopede) /sub/ : ZOOLOGIA
lagopede (lagopede), ~ blanc : sneeuwhoen
lagotrice (lagotrice) /sub/ : ZOOLOGIA wolaap
laic (laic) /adj/ : leke(n)..., wereldlijk
laic (laic), moral ~ : lekenmoraal
laic (laic), stato ~ : lekenstand
laic (laic), ordine ~ : lekenorde
laic (laic), apostolato ~ : lekenapostolaat
laic (laic), soror ~ : lekenzuster
laic (laic), breviario ~ : lekenbrevier
laic (laic) /adj/ : neutraal, zonder kerkelijke binding, niet-confessioneel
laic (laic), inseniamento ~ : lekenonderwijs
laic (laic), schola ~ : lekenschool
laico (laico) /sub/ : leek
laico (laico), breviario pro ~s : lekenbrevier
laico (laico), communitate de ~s : lekenbroederschap
laico (laico), publico de ~s : lekenpubliek
lalophobia (lalophobia) /sub/ : MEDICINA lalofobie, spreekvrees
lamentation, ~es de Jeremia (Jeremia) : klaagliederen van Jeremia
lamina (lamina) /sub/ : (dun) plaatje, blad (metaal), folie
lamina (lamina), ~ de cupro : koperblad
lamina (lamina), ~ de aciero : staalblik, dun staalplaat
lamina (lamina), ~ bimetallic : bimetaal
lamina (lamina), argento in ~s : zilverblik
lamina (lamina) /sub/ : BIOLOGIA lamina
lamina (lamina) /sub/ : BOTANICA vlakke gedeelte van een blad
lamina (lamina) /sub/ : lemmet (van mes), kling, blad
lamina (lamina), ~ de serra : zaagblad
lamina (lamina), ~ de resorto : veerblad
lamina (lamina), resorto a ~s : bladveer
lamina (lamina), ~ de rasorio : scheermesje
laminectomia (laminectomia) /sub/ : MEDICINA laminectomie
lampada (lampada) /sub/ : lamp
lampadophoro (lampadophoro) /sub/ : HISTORIA GREC fakkeldrager
lampisteria (lampisteria) /sub/ : lampenwinkel
lana, tinctureria (tinctureria) de ~ : wolververij
lanceabile, un producto facilemente ~ super (super) le mercato : een produkt dat gemakkelijk op de markt is te brengen
lanceabombas (lanceabombas) /sub/ : MILITAR bomwerper, mortier
lanceaflammas (lanceaflammas) /sub/ : MILITAR vlammenwerper
lanceagranatas (lanceagranatas) /sub/ : MILITAR granaatwerper
lanceaminas (lanceaminas) /sub/ : MILITAR mijnenwerper
lanceamissiles (lanceamissiles) /sub/ : MILITAR afschietinrichting voor geleide projectielen
lancear, ~ un anathema (anathema) : een vloek uitspreken, vervloeken
lancear, ~ se super (super) le inimico (inimico) : zich op de vijand storten
lanceatorpedos (lanceatorpedos) /sub/ : MILITAR torpedo(lanceer)buis
lanceola (lanceola) /sub/ : BOTANICA lancetvormig blad
lanceolate, calamagrostis (calamagrostis) ~ : pluimriet, pluimstruisriet
laneria (laneria) /sub/ : wollen stoffenfabricage
laneria (laneria) /sub/ : wollen goederen, wolgoed, wollen kledingstukken
lanthano,lanthanium (lanthanium) /sub/ : CHIMIA lanthaan, lanthanium
Laos (Laos) /sub/ : Laos
laparoscopia (laparoscopia) /sub/ : MEDICINA laparoscopie
laparotomia (laparotomia) /sub/ : MEDICINA buiksnede, buikopening, laparotomie
lapidation, ~ de un adultera (adultera) : steniging van een echtbreekster
lapislazuli (lapislazuli) /sub/ : lapis lazuli, lazuursteen, lazuliet, natuurlijk ultramarijn
larice (larice) /sub/ : BOTANICA lariks, lork
larice (larice), plantation de ~s : lariksaanplanting
larice (larice), resina de ~ : larikshars
larice (larice), ligno de ~ : larixhout, lorkehout
larice (larice), de ligno de ~ : larikshouten
larix (larix) /sub/ : BOTANICA lariks, lork
larix (larix), ligno de ~ : larikshout, lorkehout
larix (larix), de ligno de ~ : larikshouten
larix (larix), resina de ~ : larikshars
larva, ~ de pulice (pulice) : vlooielarve
larvate, appendicitis (appendicitis) ~ : gemaskeerde blindedarmontsteking
larvate, maladia (maladia) ~ : sluipende ziekte
larynge, paralyse (paralyse)  (-ysis) del ~ : strottenhoofdverlamming
laryngectomia (laryngectomia) /sub/ : MEDICINA laryngectomie wegneming van het strottenhoofd
laryngitis (laryngitis) /sub/ : MEDICINA strottenhoofdontsteking, laryngitis
laryngographo (laryngographo) /sub/ : MEDICINA laryngograaf
laryngologia (laryngologia) /sub/ : MEDICINA laryngologie (kennis van de keel)
laryngologo (laryngologo) /sub/ : keelarts, laryngoloog
laryngophono (laryngophono) /sub/ : keelmicrofoon
laryngoscopia (laryngoscopia) /sub/ : MEDICINA laryngoscopie (onderzoek van het strottenhoofd met de keelspiegel)
laryngostenose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA laryngostenose, larynxvernauwing
laryngotomia (laryngotomia) /sub/ : MEDICINA laryngotomie, insnijding van het strottenhoofd
laser, ~ a diodo (diodo) : diodelaser
laser, geodimetro (geodimetro) ~ : lasergeodimeter
laserotherapia (laserotherapia) /sub/ : MEDICINA behandeling met laserstralen
lastex (lastex) /sub/ : lastex, (weefsel van) rubbergaren
latente, energia (energia) ~ : latente energie
latente, morbo/maladia (maladia) ~ : sluimerende kwaal
latentia, periodo (periodo) de ~ : latente periode (van een ziekte)
lateral, galeria (galeria) ~ : zijgalerij
latex (latex) /sub/ : latex
latex (latex), cemento al ~ : latexcement
latex (latex), color al ~ : latexverf
lathrea (lathrea) /sub/ : BOTANICA schubwortel
lathyro (lathyro) /sub/ : BOTANICA lathyrus
lathyro (lathyro), ~ odorate : pronkerwit
lathyro (lathyro), ~ pratense : veldlathyrus
latifolie, orchis (orchis) ~ : venusbloem
latifolie, eriophoro (eriophoro) ~ : breed wollegras
latipede (latipede) /v/ : ZOOLOGIA met brede voeten, breedvoetig
latoneria (latoneria) /sub/ : koperslagerij
latria (latria) /sub/ : RELIGION aanbidding, verering
laudano (laudano) /sub/ : PHARMACIA laudanum, opiumtinctuur
laudative, parlar de un persona in terminos (terminos) ~ : zich lovend over iemand uitlaten
lauree (lauree) /adj/ : gelauwerd, bekroond
lauree (lauree), testa/capite (capite) ~ : met lauwerkrans getooid hoofd
lavage, ~ del stomacho (stomacho) : maagspoeling
lavamanos (lavamanos) /sub/ : wastafeltje, wasstel, lampetkom met lampetkan
lavanderia (lavanderia) /sub/ : wasserij, wasinrichting
lavanderia (lavanderia), ~ de un hospital : wasserij van een ziekenhuis
lavanderia (lavanderia), ~ automatic : wasserette
lavaplattos (lavaplattos) /sub/ : afwasbak
lavaplattos (lavaplattos), 2 : afwasmachine, vaatwasmachine
lavar, machina (machina) a/de ~ : wasmachine
lavavitros (lavavitros) /sub/ : glazenwasser
lawrencium (lawrencium) /sub/ : CHIMIA lawrencium
laxicaule (laxicaule) /adj/ : BOTANICA slapstengelig
Lazaro (Lazaro) /sub/ : BIBLIA Lazarus
Lazaro (Lazaro), le parabola (parabola) de ~ : de gelijkenis van Lazarus
lazuli (lazuli) /sub/ : lapis lazuli, lazuursteen, lazuliet, natuurlijke ultramarijn
le , Io le scribe un littera (littera) : Ik schrijf hem een brief
leccar, ~ se le digitos (digitos) : zijn vingers aflikken
lector, ~ phonographic/de phonographo (phonographo)/de pick-up (A) : pick-up-element
lectura, methodo (methodo) de ~ : leesmethode
leder, le balla ha ledite organos (organos) vital : de kogel heeft vitale organen verwond
legasthenia (legasthenia) /sub/ : legasthenie, leeszwakte
lege, ~ maritime (maritime) : scheepvaartwet
lege, ~ de Moses (Moses) : Mozaïsche wet, wet van Mozes
lege, ~ judaic (judaic) : joodse wet
lege, secundo le littera (littera) del ~ : naar de letter van de wet
lege, poner extra le ~/foris (foris) del ~ : buiten de wet stellen
lege, esser extra le/foris (foris) del ~ : buiten de wet staan
legenda, ~ de un photo(graphia (graphia)) : onderschrift bij een foto
legendari, heroe (heroe) ~ : legendarische held
legier, cavalleria (cavalleria) ~ : lichte cavallerie
legier, pastisseria (pastisseria) ~ : luchtig gebak
legier, femina (femina) de mores ~ : vrouw van lichte zeden
legifero (legifero) /sub/ : wetgever
legion, numero (numero) de ~ : legioennummer
legionari, morbo/maladia (maladia) ~ : legionairsziekte, veteranenziekte (soort longontsteking)
legionario, morbo/maladia (maladia) de ~ : legionairsziekte, veteranenziekte (soort longontsteking)
legislation, ~ maritime (maritime) : zeerecht
legislative, assemblea (assemblea) ~ : wetgevende vergadering
legitime (legitime) /adj/ : legitiem, wettig, echt
legitime (legitime), infante ~ : wettig kind
legitime (legitime), principe (principe)/soverano ~ : wettige vorst
legitime (legitime), matrimonio/maritage ~ : wettig huwelijk
legitime (legitime), conjuge (conjuge)/spo(n)so ~ : wettige echtgenoot
legitime (legitime), proprietate ~ : wettige eigendom
legitime (legitime), ration ~ : legitieme reden
legitime (legitime), quota ~ : legitieme portie
legitime (legitime) /adj/ : gewettigd, rechtmatig, gegrond, gerechtvaardigd
legitime (legitime), ~ defensa : zelfverdediging
legitime (legitime), revindicationes ~ : rechtmatige eisen
legitime (legitime), proprietario ~ : rechtmatige eigenaar
lente, ~ biconcave (biconcave)/biconvexe : dubbelholle/dubbelbolle lens
lentor, ~ de spirito (spirito) : geestelijke traagheid
leon, testa/capite (capite) de ~ : leeuwenkop
Leonidas (Leonidas) /sub/ : Leonidas
leonin, capite (capite)/testa ~ : leeuwenkop
leontiasis (leontiasis) /sub/ : MEDICINA leontiasis
leonuro(cardiac (cardiac)) /sub/ : BOTANICA hartgespan
lepidolitho (lepidolitho) /sub/ : MINERALOGIA lepidoliet
lepidopteros (lepidopteros) /sub/ : ZOOLOGIA lepidoptera, schubvleugelige insekten, vlinders
leprologia (leprologia) /sub/ : leprologie, lepra-onderzoek
leprologo (leprologo) /sub/ : lepraspecialist
leproseria (leproseria) /sub/ : leprozerie, leprozenhuis, verpleeginrichting voor melaatsen
leptocaule (leptocaule) /adj/ : BOTANICA dunstengelig, dunstelig
leptophylle (leptophylle) /adj/ : BOTANICA fijnbladig, dunbladig
leptorrhinia (leptorrhinia) /sub/ : ZOOLOGIA het hebben van een spitse bek/snavel
leptospadice (leptospadice) /adj/ : BOTANICA met dunne kolf
leptospirose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA leptospirose, melkerskoorts
leptospirose (-osis (-osis)), ~ ictero-hemorrhagic (ictero-hemorrhagic) : ziekte van Weil
les , io les scribe un littera (littera) : ik schrijf hun een brief
Lesbos (Lesbos) /sub/ : GEOGRAPHIA Lesbos
lethal, dose/dosis (dosis) ~ : dodelijke dosis
lethargia (lethargia) /sub/ : lethargie, verdoving, gevoelloosheid, soort bewusteloosheid
lethargia (lethargia), ~ hypnotic : hypnotische lethargie
lethargia (lethargia) /sub/ : onverschilligheid, ongeïnteresseerdheid, lethargie
lethologia (lethologia) /sub/ : MEDICINA lethologie
leucemia (leucemia) /sub/ : MEDICINA leukemie, bloedkanker
leucemia (leucemia), ~ es un cancere del sanguine : leukemie is een kanker van het bloed
leucemia (leucemia), ~ acute : acute leukemie
leucocaule (leucocaule) /adj/ : BOTANICA witstengelig, witstelig
leucocytose (-osis (-osis)) /sub/ : MEDICINA leukocytose
leucodermia (leucodermia) /sub/ : MEDICINA leukodermie
leucophylle (leucophylle) /adj/ : BOTANICA witbladig
leucorrhea (leucorrhea) /sub/ : MEDICINA witte vloed, leukorree
leucotomia (leucotomia) /sub/ : MEDICINA leukotomie
levapneumaticos (levapneumaticos) /sub/ : bandenlichter
levar, ~ le ancora (ancora) : het anker lichten/ophalen
levar, ~ le masca/mascara (mascara) : zijn ware aard tonen
levar, ~ le spatulas/humeros (humeros) : de schouders ophalen
levar, ~ un tabu (tabu) : een taboe doorbreken
levar, ~ un armea (armea) : een leger op de been brengen
leve (II), spatula/humero (humero) ~ : linkerschouder
levogyr, sucro/saccharo (saccharo) ~ : linksdraaiende suiker
lexicographia (lexicographia) /sub/ : lexicografie, het samenstellen van woordenboeken
lexicographia (lexicographia), ~ medieval : middeleeuwse lexicografie
lexicographia (lexicographia), ~ moderne : moderne lexicografie
lexicographic, methodos (methodos) ~ : lexicografische methoden
lexicographo (lexicographo) /sub/ : lexicograaf, woordenboekschrijver
lexicologia (lexicologia) /sub/ : lexicologie
lexicologo (lexicologo) /sub/ : lexicoloog
Lias (Lias) /sub/ : GEOLOGIA Lias
Libano (Libano) /sub/ : Libanon (land)
Libano (Libano) /sub/ : Libanon (gebergte)
Libano (Libano), cedros del ~ : ceders van de Libanon
liber (liber) /sub/ : BOTANICA bastweefsel
liberal, idea (idea) ~ : onbekrompen/ruime opvatting
liberation, armea (armea) de ~ : bevrijdingsleger
liberation, theologia (theologia) de ~ : bevrijdingstheologie
libertate, ~ del spirito (spirito) : geestesvrijheid
libra, signo/symbolo (symbolo) del ~ : pondteken
libreria (libreria) /sub/ : bibliotheek, boekerij
libreria (libreria) /sub/ : boekhandel, boekwinkel
libreria (libreria), ~ scholar : schoolboekhandel
libreria (libreria), libreria-papirer (libreria-papirer)ia (ia) : kantoorboekhandel
librium (librium) /sub/ : PHARMACOLOGIA librium
librium (librium), prender ~ : librium slikken
libro, ~ pro pueras (pueras) : meisjesboek
libro, ~ pro pueros (pueros) : jongensboek
libro, vendita (vendita) de ~s : boekenverkoping
libyc (libyc) /adj/ : Libisch
lichenologia (lichenologia) /sub/ : BOTANICA lichenologie, leer der korstmossen
licite (licite), medio ~ : geoorloofd middel
lienteria (lienteria) /sub/ : MEDICINA buikloop, diarrhee
liga, ~ arabe (arabe) : Arabische Liga
ligno, deposito (deposito) de ~ : houtstek
ligno, gasogeno (gasogeno) de carbon de ~ : houtgasgenerator
limar, machina (machina) a/de ~ : vijlmachine
limes (limes) /sub/ : HISTORIA limes, mark, grensgewest
liminar, phenomenos (phenomenos) ~ : grensverschijnselen
liminar, epistola (epistola) ~ : voorrede in briefvorm
liminar, pagina (pagina) ~ : respectblad
limitar, io me limitara (limitara) a dicer que : laat ik volstaan met te zeggen dat
limitate, spirito (spirito) ~ : beperkte geest
limitate, credito (credito) ~ : beperkt krediet
limitate, possibilitates de vendita (vendita) ~ : beperkte afzetmogelijkheden
limite (limite) /sub/ : grens, grensscheiding, limiet (anque MATHEMATICA), beperking, grenslijn
limite (limite), ~ de etate : leeftijdsgrens
limite (limite), ~ salarial : inkomensgrens, loongrens
limite (limite), passar le ~s de : de grenzen overschrijden van
limite (limite), transpassar/exceder tote le ~s : alle perken te buiten gaan
limite (limite), esser al ~ de su fortias : aan het eind van zijn krachten zijn
limite (limite), fixar/imponer un ~ : een limiet stellen
limite (limite), cognoscer su ~s : zijn grenzen kennen
limite (limite), restar/remaner intra le ~s : binnen de perken blijven
limite (limite), sin ~s : grenzeloos, onbegrensd, onbeperkt
limite (limite), velocitate ~ : maximumsnelheid
limite (limite), zona ~ : grenszone/gebied
limite (limite), caso ~ : grensgeval
limite (limite), precio ~ : limietprijs, uiterste prijs
limite (limite), data ~ : deadline
limite (limite), data ~ de vendita (vendita) : uiterste verkoopdatum
limite (limite), ~ del boscos/del (zona del) arbores/del vegetation arborescente/del vegetation arboree : boomgrens
limite (limite), ~ de etate : leeftijdsgrens
limite (limite), ~ de audibilitate : gehoorgrens
limite (limite), ~ de gelo : vorstgrens
limite (limite), ~ del nives : sneeuwgrens
limite (limite), ~ inferior : ondergrens
limite (limite), ~ superior : bovengrens
limite (limite), inter (inter) certe ~s : tussen zekere grenzen
limite (limite), il ha un ~ pro toto, toto ha su ~s/un ~ : alles heeft zijn grenzen
limitrophe (limitrophe) /adj/ : aangrenzend, grens...
limitrophe (limitrophe), paises ~ : aangrenzende landen
limitrophe (limitrophe), stato ~ : randstaat
limitrophe (limitrophe), fluvio ~ : grensrivier
limitrophe (limitrophe), rivo ~ : grensbeek
limitrophe (limitrophe), provincia ~ : grensprovincie
limitrophe (limitrophe), communa ~ : randgemeente
limitrophe (limitrophe), populo ~ : grensvolk
limitrophe (limitrophe), ~ de : vlakbij
limnanthemo (limnanthemo) /sub/ : BOTANICA watergentiaan